Hein en Gent hebben mekaar beter gemaakt, maar beseffen dat dat proces ten einde is
...

Vorige week woensdag zat Sport/Voetbalmagazine in Gent aan tafel voor een interview met algemeen manager Michel Louwagie. De zon scheen, de fotosessie was goed verlopen en Louwagie had er zin in, na een paar moeizame weken waarin van clubwege uit amper gecommuniceerd was met de buitenwereld, zeer atypisch voor een open club als Gent. Na veel nadenken en veel intern gepraat had AA Gent vijf dagen eerder duidelijk gemaakt dat het, ongeacht de uitslag van Oostende-Gent, zou doorgaan met de trainer. Na de zege was het wachten tot de volgende puzzelstukjes weer op hun plaats zouden vallen: nog een paar goeie resultaten, en stilaan uit blessure terugkerende spelers. Dat was ook de teneur van het interview met de algemeen manager: het was moeilijk geweest, maar het vertrouwen was hersteld, en Hein Vanhaezebrouck kon zijn sportief opbouw- en herstelwerk verder zetten.Zondag rond vijf uur bleef van dat plan niets meer over. Voorzitter Ivan De Witte, Louwagie en Vanhaezebrouck zelf trokken naarmate het (verloren) duel tegen Zulte Waregem vorderde steeds bleker weg. Nog was er niets ernstigs aan de hand voor het bestuur, tot de twee sterkhouders haast uit hun stoel tuimelden toen ze de reactie van de trainer hoorden op de persconferentie na de wedstrijd. Dat hij na die wedstrijd nog eens goed moest nadenken hoe het nu verder moest, was uit de mond van de trainer die op dat moment nog alle vertrouwen genoot, zo goed als een aangekondigde afscheidsformule, en het kantelmoment voor wat te gebeuren stond.Maandag informeerde Louwagie of het geplande interview (lees hier) nog kon geannuleerd worden. Daarvoor was het al te laat, waarna de meest noodzakelijke aanpassingen werden doorgevoerd. Wie verwachtte vandaag in Sport/Voetbalmagazine te lezen hoe het verder moest bij Gent, vond die informatie niet. Duidelijk was dat men in de Gentse bestuurskamer maandagochtend absoluut nog niet wist hoe het verder moest. Uiteindelijk was het net als bij Anderlecht een week eerder niet het bestuur, maar de trainer zelf die het allemaal niet meer zag zitten. Een dag later kon de trainer niet overtuigd worden om door te gaan. Het was op, voelde iedereen aan. Moegestreden - en overtuigd dat het binnen de spelersgroep nog moeilijk om te keren viel - nam Vanhaezebrouck vanmiddag afscheid van een club die ook tot het besluit gekomen was dat deze breuk niet meer te vermijden was.Niemand op de tribunes van de Ghelamco Arena juicht het vertrek van de trainer, de enige vedette van De Gantoise, toe. Toen hij drie jaar geleden uitgekozen werd als nieuwe trainer, erfde Hein een ploeg vol twijfels, die net twee jaar naeen de schande van play-off 2 had doorlopen. Hein bracht meer dan hij beloofde, meer dan hij zelf ooit voor mogelijk zal gehouden hebben: een allereerste titel in de geschiedenis van de club, met een fantastisch dominant voetballend team zonder vedetten, dat eerst België en een jaar later Europa aangenaam verraste. Zijn methode en het vertrouwen dat hij op zijn groep overzette, maakte dat Gent niet het lelijke eendje werd in de Champions League, maar een team dat ook in het buitenland lof kreeg omwille van het lef waarmee het zich presenteerde.Alleen blijft geen enkel sprookje duren. Vorig seizoen was het allemaal al wat minder, al verdoezelde het eindresultaat nog één en ander. Dit jaar ging het van week tot week van kwaad naar erger, tot Vanhaezebrouck zelf aangaf dat het genoeg was geweest. De reacties en gezichten op de persconferfentie van vanmiddag spraken boekdelen: geen opluchting, geen woede, alleen maar ingehouden verdriet dat het zo is moest lopen. Als straks de eerste emoties verwerkt zijn bij beide partijen, zullen ze elk apart dankbaar zijn voor wat de ander hen heeft bijgebracht. Hein heeft veel aan AA Gent te danken, en AA Gent heeft op zijn beurt veel aan Hein te danken. Kortom: Hein en Gent hebben mekaar beter gemaakt, maar beseffen dat dat proces ten einde is. Een nieuwe trainer komt er voor de Buffalo's nog niet meteen aan. De kans dat die zondag al op de bank zit in het duel tussen de voorlaatste en de competitieleider (Club) is zo goed als onbestaande.