'Het bezoek van Club Brugge is van kapitaal belang voor het einde van ons seizoen. Mocht ik kunnen kiezen, dan zou ik het liefst tien keer na elkaar tegen hen willen spelen.' Vincent Kompany hield zich niet in toen hij moest vooruitblikken op de topper van afgelopen zondag. Hij liet zich zelfs verleiden tot een jolige metafoor toen het over de gemiddelde lengte van de Bruggelingen ging. 'Het zijn meestal de kleinste bevers die de grootste bomen doen omvallen.'
...

'Het bezoek van Club Brugge is van kapitaal belang voor het einde van ons seizoen. Mocht ik kunnen kiezen, dan zou ik het liefst tien keer na elkaar tegen hen willen spelen.' Vincent Kompany hield zich niet in toen hij moest vooruitblikken op de topper van afgelopen zondag. Hij liet zich zelfs verleiden tot een jolige metafoor toen het over de gemiddelde lengte van de Bruggelingen ging. 'Het zijn meestal de kleinste bevers die de grootste bomen doen omvallen.' De trainer van paars-wit was ervan overtuigd dat de afspraak tegen Club Brugge beslissend zou zijn in de race naar de top vier en play-off 1. En hij had er alle reden toe: paradoxaal genoeg voelt het Anderlecht van Kompany zich meer op zijn gemak tegen de kanjers van de reeks dan tegen de ploegen van een lagere rang (zie tabel). Anderlecht gaf vaak punten weg in zijn duels met teams die zich onderaan het klassement bevinden - herinner u de 2 op 6 tegen RE Mouscron en de 1 op 6 tegen KAS Eupen - maar in de topwedstrijden kon het wel de klus klaren. Dit Anderlecht kan zijn ware potentieel maar etaleren wanneer de tegenstander mee wil voetballen en niet alles dichtgooit. De mannen van Kompany voelen zich beter in hun sas tegen het Genk van John van den Brom en het Oostende van Alexander Blessin dan tegen gevechtseenheden die in de loopgraven blijven liggen. Het is geen toeval dat Anderlecht twee keer uitpakte met een zogenaamde referentiewedstrijd wanneer Genk de tegenpartij was. Maar de laatste weken slaagden ze er ook in om de verdedigingsmuren van hun vijanden neer te halen, iets waar ze het lastig mee hadden tijdens het eerste deel van het seizoen. Op het veld van Antwerp volgde onlangs de climax en dat is een teken dat de ploeg zich verder blijft ontwikkelen. Met een trainer die de juiste oplossingen aanreikt op de juiste momenten kan het elftal alleen nog verder doorgroeien. De dagen voor de clash tegen Club Brugge werd Anderlecht in verschillende media veroordeeld en terechtgewezen. Er werd geopperd dat Club Brugge vertrokken was voor een jarenlange dominantie en er steeg kritiek op over de tekortkomingen van Kompany en zijn manschappen. Dat al deze uitspraken de ego's van de spelers had aangetast, werd duidelijk tijdens het vieren van de winning goal. Voor aanvang van de topduels tegen Antwerp en Club Brugge waren er twijfels over de kwalificatiekansen van Anderlecht voor play-off 1. Tien dagen later wordt Anderlecht gezien als een serieuze kandidaat voor de tweede plaats die toegang geeft tot de voorrondes van de Champions League. Kortom: één wedstrijd heeft alles op zijn kop gezet. Al was er deze keer geen sprake van een referentiewedstrijd. Club Brugge nam vanaf de aftrap het heft in handen en heeft zijn nederlaag te danken aan enkele catastrofale minuten. Anderlecht speelde met een chirurgische precisie en was zo efficiënt dat het niet eens hoefde te domineren om te winnen. Maar in tegenstelling tot de heenwedstrijd in oktober, toen Kompany de ploeg net had overgenomen van Frank Vercauteren, deden de Brusselaars deze keer wel goed mee. Na die meelijwekkende vertoning in Jan Breydel had niemand zich kunnen inbeelden dat Anderlecht een quasi perfect rapport zou kunnen voorleggen tegen de toppers. De ploeg kreeg de afgelopen maanden een serieuze groeischeut en Kompany liet zijn soms naïeve ingrepen die in het verleden punten hadden gekost achterwege. Anderlecht neemt bijvoorbeeld minder risico's bij de opbouw vanachter uit. Toen hij de sportieve teugels in handen kreeg, huiverde Kompany bij het idee dat er lange ballen naar voren werden getrapt. Intussen beseft hij dat zo'n lange bal soms de beste optie is om te verhinderen dat een gevaarlijke situatie uit de hand zou lopen. De romantiek is een beetje uit het elftal verdwenen, maar de benadering van Kompany blijkt wel de juiste te zijn. Een ander frappante tegenstrijdigheid bij Anderlecht is de stevigheid van de verdedigende linie. Nochtans gaven de eerste indicaties aan dat de verdediging niet zou standhouden. Niet het minst omdat potentiële titularissen als Elias Cobbaut en Hannes Delcroix lang out waren/zijn door fysieke ongemakken. Daarnaast kreeg het team te maken met een ontelbaar aantal herschikkingen en twijfelgevallen. Er waren spelers die weken aan een stuk het volle vertrouwen kregen van Kompany en van de ene dag op de andere uit de basisploeg verdwenen. Of ze legden de omgekeerde weg af. Amir Murillo, Kemar Lawrence, Bogdan Michajlitsjenko en Killian Sardella liepen zelfs de twee trajecten af. En er was het geval Timon Wellenreuther. Met de bal aan de voet is de Duitser nog steeds geen baken van rust en hij maakte enkele beginnersfouten die tot puntenverlies leidden. Hoewel hij al maanden tussen de palen staat, heeft Wellenreuther moeite om de nalatenschap van Hendrik Van Crombrugge te beheren. De moeilijke zoektocht naar een basisploeg weerspiegelde zich ook in het indrukwekkende aantal van 36 spelers die sinds de zomer gebruikt werden. Op dat vlak deed Anderlecht het veel 'beter' dan Antwerp (31), Club Brugge (29), KRC Genk (26) en KV Oostende (24). Ondanks al die tegenvallers incasseerde enkel Club Brugge minder doelpunten dan de Brusselaars. Peter Verbeke moest meteen kleur bekennen: na een lowcost zomermercato, waarin minder dan vijf miljoen werd uitgegeven, zouden er in de winter nog minder middelen voorhanden zijn om de ploeg te versterken. In feite was er nul euro beschikbaar en daardoor was de sportieve baas van Anderlecht verplicht om enkele spotgoedkope transacties te verrichten. De mercato werd uiteindelijk een mix van risicovolle uitleenbeurten van spelers die hun slabakkende carrière opnieuw wilden lanceren of op zoek waren naar een extra prikkel. Achteraf gezien had de club zich die kleine investeringen kunnen besparen, want geen enkele speler die er in de winter bijkwam heeft iets kunnen toevoegen aan de ploeg. De sprankelende Abdoulay Diaby van bij Club Brugge verscheen nog niet op het appel en intussen begrijpt iedereen waarom hij bij Getafe overbodig was geworden. Diaby speelde nog geen enkele volledige wedstrijd voor Anderlecht - zelfs niet in de bekermatchen tegen Union of Cercle Brugge - en zijn aandeel bleef beperkt tot een doelpunt. Zondag mocht hij in blessuretijd invallen tegen Club Brugge om tijdswinst te boeken. Die futiele invalbeurt staat symbool voor de miserie waarin de Malinees verzeild is geraakt. Eind mei wacht hem wellicht een retourverzending naar zijn moederclub Sporting Portugal. Een vijftigtal Bundesligawedstrijden en een plaats in de kern van Denemarken. Met die adelbrieven kwam Jacob Bruun Larsen in januari overwaaien vanuit Duitsland. Hij wilde bij Anderlecht zijn triestige eerste seizoenshelft bij Hoffenheim uitwissen en hij was verondersteld om de flanken een boost te geven. De Deen kwam in bijna elke wedstrijd in actie, maar hij toonde zich weinig tot niet productief. Net als bij Diaby stevent de huurperiode van Larsen af op een mislukking. Ook Majeed Ashimeru kon nog niet helemaal overtuigen. Hij kwam naar Anderlecht omdat hij te broos was voor het niveau van Red Bull Salzburg en hij heeft nog niet kunnen tonen dat hij helemaal klaar is om te ontbolsteren in de Jupiler Pro League. De transfers die in januari gerealiseerd werden, zijn alles behalve een succes en bij Anderlecht mogen ze vooral blij zijn dat het amper iets heeft gekost.