Met de terugkeer van Union naar de hoogste afdeling wordt onze competitie volgend seizoen verrijkt met traditie. De Brusselaars zijn na Anderlecht en Club Brugge nog altijd de club met de meeste titels, al werden die (elf) kampioenschappen behaald voor de Tweede Wereldoorlog.
...

Met de terugkeer van Union naar de hoogste afdeling wordt onze competitie volgend seizoen verrijkt met traditie. De Brusselaars zijn na Anderlecht en Club Brugge nog altijd de club met de meeste titels, al werden die (elf) kampioenschappen behaald voor de Tweede Wereldoorlog. Het is de vraag wat Union anno 2021 nog in beweging kan krijgen. De club wordt door zijn belabberde infrastructuur geremd in zijn expansie. Je kan bijvoorbeeld amper sponsors ontvangen en commerciële mogelijkheden exploiteren. Het in het Dudenpark gelegen stadion is te klein en er zijn geen uitbreidingsmogelijkheden. Er is bijvoorbeeld maar één overdekte tribune en die is beschermd monument, net zoals het Dudenpark. De enige vernieuwingswerken die de afgelopen jaren werden gedaan, en waarvoor Union tussen 2016 en 2018 naar de Heizel uitweek, zijn de modernisering van de zitjes achter de twee doelen. Union is een prachtige, charmante club, uit Sint-Gillis, waar een flink deel van het uitgaansleven in Brussel zich afspeelt. Maar de vraag is of je deze vereniging ingebed krijgt in de huidige gemeenschap. Toen de van STVV overgekomen Philippe Bormans in de zomer van 2018 als CEO van Union begon, kreeg hij meteen af te rekenen met de onvrede van een aantal buurtbewoners die erover klaagden dat ze op wedstrijddagen hun auto niet voor hun huis konden parkeren. In wezen is de situatie amper veranderd. Na 48 jaar promoveerde Union weer naar eerste klasse, maar het draagt de sporen van het verleden nog altijd met zich mee en ademt volop geschiedenis uit. Toen het twee jaar geleden in de kwart- en halve finale van de beker tegen respectievelijk KRC Genk en KV Mechelen speelde, kon de maximale capaciteit van het Joseph Mariënstadion niet worden benut. Bepaalde delen van het stadion werden door de brandweer om veiligheidsredenen zelfs gesloten. En Union Sint-Gillis kan nog altijd niet trainen in een accommodatie in het Brussels gewest. Het moet daarvoor naar Lier. Als een tornado raasde Union dit seizoen in 1B over iedere tegenstand, nadat het de afgelopen jaren in deze reeks ook al de meest getalenteerde ploeg was. Het voetbal was altijd naar voren georiënteerd, ondanks het beeld van defensieve trainer dat Felice Mazzu met zich meesleept. Union maakte 57 doelpunten in 23 matchen en incasseerde er slechts 20. Het is de vrucht van een uitstekende politiek sinds de Britse gokmiljonair Tony Bloom de club in mei 2018 in handen nam. Er werden uitstekende transfers gedaan, onder meer via een datasysteem dat Bloom hanteert. Daar was zijn voorganger, Jürgen Baatzsch, niet in geslaagd, al probeerde die de club eigentijdser te verpakken. Onder meer door voor en na de wedstrijd cheerleaders te laten optreden. Het gaf de oubollige club zowaar een sexy gehalte. Union behield door de jaren heen en ook in roerige tijden een zekere sympathie van vooral Franstalig Brussel. Het heeft zijn imago van cultclub altijd behouden. Maar met sympathie alleen bereik je in het voetbal weinig. Hoeveel sponsors zullen in de toekomst bereid zijn zich aan deze club, gezien de beperkingen, te binden? Op hoeveel toeschouwers zal Union volgend seizoen, als corona hopelijk tot het verleden hoort, kunnen rekenen? Is het niet te beperkt in de wetenschap dat de supporters, in tegenstelling met bijvoorbeeld Anderlecht, amper uit de provincie komen? Moet er voor topmatchen naar een ander stadion worden uitgeweken? De promotie van Union zit vol vraagtekens. Het lijkt de bedoeling te zijn het budget op termijn naar vijftien miljoen euro op te drijven, maar er zal veel creativiteit en inventiviteit nodig zijn om dat te bereiken. Nu de sportieve fundamenten er staan, begint het werk pas.