Twee al bij voorbaat gekwalificeerde Belgische clubs op de loting voor de Champions League en Europa League in Monaco. Het illustreert pijnlijk duidelijk de internationale afkalving van het Belgische clubvoetbal. Zelfs simpele Europese tegenstanders zijn op dit moment een maat te groot. Er is op alle niveaus een schrijnend gebrek aan kwaliteit. Hoe kan het dat trainers er niet in slagen op het juiste moment een herkenbaar systeem in de ploeg te slijpen, dat er zo gemakkelijk goals worden weggeven en dat het vaak aan felheid ontbreekt?
...

Twee al bij voorbaat gekwalificeerde Belgische clubs op de loting voor de Champions League en Europa League in Monaco. Het illustreert pijnlijk duidelijk de internationale afkalving van het Belgische clubvoetbal. Zelfs simpele Europese tegenstanders zijn op dit moment een maat te groot. Er is op alle niveaus een schrijnend gebrek aan kwaliteit. Hoe kan het dat trainers er niet in slagen op het juiste moment een herkenbaar systeem in de ploeg te slijpen, dat er zo gemakkelijk goals worden weggeven en dat het vaak aan felheid ontbreekt? Vooral Ivan Leko maakte vorige week een slechte beurt. Hij paste in Athene een veldbezetting aan die hij voor Club Brugge als ideaal beschouwde en haast verheerlijkte. Maar niet alleen dat is de reden van de wrange uitschakeling. Sommige spelers slenterden over het veld. Toch zijn er die via een transfer een stap hogerop willen zetten. Gek gemaakt door managers die leven met eurotekens in de ogen. Het is een kwaal die steeds grotere afmetingen aanneemt. Daar kan je moeilijk de trainer verantwoordelijk voor stellen. De wanhopig naar excuses zoekende Ivan Leko zei in Athene dat zijn spelers het te mooi wilden doen. Maar de Kroaat weet dat dit eigenlijk prietpraat is. Zondag zag hij dat Club Brugge, met weer het vroegere systeem, zich toch weer oprichtte tegen Standard. Spelers zeiden achteraf dat ze erin waren geslaagd een knop om te draaien. Dat is wel het minste wat je kan verwachten. Het blijft verbijsterend dat rijkelijk betaalde voetballers steeds weer op hun plichten moeten worden gewezen. Anderlechtmanager Herman Van Holsbeeck had het na de verloren match tegen STVV over een manco aan inzet. Terwijl het erop leek dat juist die met de clubcultuur verweven kwaal door René Weiler was gebannen. Maar dan word je kampioen, ebt de concentratie weg en vervallen spelers in gemakzucht. Ook AA Gent en Club Brugge maakten het na het kampioenschap mee. Het is niet de enige reden waarom Anderlecht zo moeizaam uit de startblokken schoot. Langzamerhand moet ook René Weiler zichzelf in vraag stellen, al zegt hij vreemd genoeg zich geen zorgen te maken en straalt hij niet de minste ongerustheid uit. De Zwitser toonde ruggengraat door de zwalpende Leander Dendoncker voor de wedstrijd op AA Gent uit de selectie te laten, maar hij krijgt zijn ploeg niet aan het voetballen, je ziet geen vaste patronen. Het is de vraag hoe lang je dan nog rugdekking krijgt, zeker als supporters, zoals zondag in Gent, luid beginnen te mopperen. Die herkenbaarheid is er wel bij AA Gent, waar het leven nu weer in een gewone plooi valt. Veel gepalaver was er na de tegenvallende resultaten, de club leek wel een praatcafé. Tot het tot een intern gesprek kwam dat eerder kennelijk niet mogelijk leek. Dat Hein Vanhaezebrouck achteraf sprak over mensen die tweespalt probeerden te zaaien is wel heel erg vreemd. Soms doe je er ook als trainer goed aan je bescheiden en nederig op te stellen. Dat trainers zich de enige verantwoordelijke noemen voor wat er gebeurt, hoor je niet vaak. Ricardo Sá Pinto deed het bij Standard na het 4-0-verlies op Club Brugge. De Portugees lijkt zich voorlopig geen zorgen te moeten maken: Sá Pinto doorsturen zou wel zwaar gezichtsverlies zijn voor de mensen die hem hebben aangesteld en snakken naar stabiliteit. Intussen blijft Antwerp gloriëren. Een slecht beleid werd er de club aangewreven omdat er pas drie maanden na het binnenhalen van de titel werk werd gemaakt van transfers. Vragen waren er ook over de komst van Lucianio D'Onofrio en Laszlo Bölöni. Nu staat er een stevig blok dat weliswaar geen sprankelend maar wel zeer efficiënt voetbal brengt. Gesteund door een hondstrouwe aanhang. Dat is eigenlijk nog het meest frappante: zelfs bij een achterstand blijven de supporters met een haast ontroerende hartstocht achter hun ploeg staan.