450 minuten, is dat te weinig om te overtuigen? Begin februari werd hij in het bad van de Belgische eerste klasse gegooid op het veld van Charleroi. Sindsdien liet Wouter Vrancken Issa Kaboré niet meer uit zijn basiself tot het (voortijdige) einde van het seizoen.

Vier dagen na zijn vuurdoop houdt de rechtsachter uit Burkina Faso Jérémy Doku in bedwang en lokt hij zelfs de uitsluiting van de wonderboy van Neerpede uit. Klassiek voor Kaboré, wiens vinnigheid en moeilijk te lezen bewegingen de tegenstander vaak in de fout dwingen. Met 1,87 uitgelokte fouten per wedstrijd doet Kaboré zelfs beter dan Clinton Mata (1,57), Alessio Castro Montes (1,56) en Aurélio Buta (1,35).

Het is dan ook met de bal aan de voet dat de Burkinees indruk maakt. Als hij oprukt is dat vaak al slalommend, aangezien hij 6,2 dribbels per wedstrijd probeert, waarvan er 49 procent lukken. Dat is een zegen voor een ploeg als KV Mechelen. In België dribbelt van alle backs alleen Jordan Botaka, vaak in een offensievere rol want beschermd door een driemansverdediging, meer dan hij.

Vaak botsen backs op hun limieten als ze de vijandige helft naderen. Niet zo Kaboré: hij is in staat om buitenom te gaan of om naar binnen te snijden en dan steun te zoeken bij een middenvelder of een aanvaller. Zo wordt hij snel een belangrijke pion in de ploeg: hij ontvangt 24 passes per match, probeert er 4 richting de helft van de tegenstander en geeft ook 6 voorzetten per match. Met dat laatste is hij de meest actieve in eerste klasse na de Gentse linksachter Milad Mohammadi.

Op zijn negentiende heeft Kaboré dus al een rijk offensief palet, maar ook verdedigend is hij efficiënt. Van de gemiddeld 10,9 een-tegen-eenduels die hij uitvecht per wedstrijd wint hij 55 procent. Dat is een percentage waarmee hij net onder de beste backs uit de competitie staat, die meestal tussen de 60 en 65 procent zitten. Maar er is nog veel progressie mogelijk. De tijd is in zijn voordeel, en dat heeft Manchester City goed begrepen.

450 minuten, is dat te weinig om te overtuigen? Begin februari werd hij in het bad van de Belgische eerste klasse gegooid op het veld van Charleroi. Sindsdien liet Wouter Vrancken Issa Kaboré niet meer uit zijn basiself tot het (voortijdige) einde van het seizoen. Vier dagen na zijn vuurdoop houdt de rechtsachter uit Burkina Faso Jérémy Doku in bedwang en lokt hij zelfs de uitsluiting van de wonderboy van Neerpede uit. Klassiek voor Kaboré, wiens vinnigheid en moeilijk te lezen bewegingen de tegenstander vaak in de fout dwingen. Met 1,87 uitgelokte fouten per wedstrijd doet Kaboré zelfs beter dan Clinton Mata (1,57), Alessio Castro Montes (1,56) en Aurélio Buta (1,35).Het is dan ook met de bal aan de voet dat de Burkinees indruk maakt. Als hij oprukt is dat vaak al slalommend, aangezien hij 6,2 dribbels per wedstrijd probeert, waarvan er 49 procent lukken. Dat is een zegen voor een ploeg als KV Mechelen. In België dribbelt van alle backs alleen Jordan Botaka, vaak in een offensievere rol want beschermd door een driemansverdediging, meer dan hij.Vaak botsen backs op hun limieten als ze de vijandige helft naderen. Niet zo Kaboré: hij is in staat om buitenom te gaan of om naar binnen te snijden en dan steun te zoeken bij een middenvelder of een aanvaller. Zo wordt hij snel een belangrijke pion in de ploeg: hij ontvangt 24 passes per match, probeert er 4 richting de helft van de tegenstander en geeft ook 6 voorzetten per match. Met dat laatste is hij de meest actieve in eerste klasse na de Gentse linksachter Milad Mohammadi. Op zijn negentiende heeft Kaboré dus al een rijk offensief palet, maar ook verdedigend is hij efficiënt. Van de gemiddeld 10,9 een-tegen-eenduels die hij uitvecht per wedstrijd wint hij 55 procent. Dat is een percentage waarmee hij net onder de beste backs uit de competitie staat, die meestal tussen de 60 en 65 procent zitten. Maar er is nog veel progressie mogelijk. De tijd is in zijn voordeel, en dat heeft Manchester City goed begrepen.