Ze ontmoetten elkaar al eerder, Jean-Michel Saive en Roberto Martínez, onder meer toen de coach van de Rode Duivels kampioenen uit andere disciplines uitnodigde om hun ervaringen te delen met de spelers van de nationale ploeg.

Martínez: 'In een individuele sport heb je je talent en je niveau, maar de vijf procent extra die het verschil maken om een echt grote overwinning binnen te halen, die zitten in het hoofd. In jezelf geloven, je emoties controleren: die zaken maken dat je er komt. Daarom had ik atleten uit andere sporttakken uitgenodigd, ik wilde dat ze bij mijn spelers kwamen praten over hun parcours en hun mentale weerbaarheid. Ik inviteerde Jean-Michel, Nafi Thiam, de familie Borlée, paralympische atleten. De manier waarop Michel helemaal alleen nummer één van de wereld werd, dat is super interessant en kan ook voetballers inspireren.'

Jean-Michel, wanneer je het oefencomplex in Tubeke ziet en alle faciliteiten die voetballers krijgen, moet je toch dromen? Dat staat ver van de camionette met bureau om je huiswerk op te maken waarmee je ouders je rondreden toen je jong was.

Jean-Michel Saive: 'Ik geef toe dat ik een beetje moet lachen als ik een kleedkamer zie waar alles klaar staat voor de spelers. De schoenen, de outfit op een haakje voor elke kast. Soms denk ik dat je hen geen dienst bewijst door hen zo te bedienen. Ik moest alleen mijn plan trekken en dat heeft me veel bijgebracht. Het heeft me geholpen om zelf de energie te vinden om de Fransen te verslaan, de Duitsers, de Zweden, de Chinezen. Als ik zelf mijn racket en mijn uitrusting niet in orde maakte, ging niemand het in mijn plaats doen.

'Voetballers worden niet verplicht om na te denken, er hangt ook te veel geld rond. Ook in andere sporten zijn er jongens die hun voeten niet meer op de grond hebben. Ik praat niet over de spelers van de nationale ploeg, want zij zitten nog op een ander niveau, maar in de clubs overdrijft men.'

Roberto Martínez: 'Ik ben niet helemaal akkoord. De tegenstanders hebben dezelfde faciliteiten, dus het is normaal dat je je aanpast. Vergeet niet dat een profvoetballer een lange weg moet afleggen om te komen waar hij staat, hij heeft jaren gekend waarbij hij niet op die manier verwend werd. Als je prof wordt, wil dat zeggen dat je alles gedaan hebt, alle opofferingen. Of je nu voetballer, basketter of tennisser bent, voor mij is het noodzakelijk dat je ondersteund wordt.

'Ze moeten zich met veel zaken bezighouden, zaken die we vaak onderschatten. Een voetballer van 20 of 22 jaar die 10 miljoen volgers heeft op de sociale media, denk je dat dat eenvoudig is? Hij wordt door iedereen beoordeeld. Het is de prijs die je betaalt, maar het is niet eenvoudig. Het blijven mensen, dat vergeten we wel eens. Er zijn voetballers die compleet depressief zijn, ook al beleven ze hun kinderdroom, dat is een paradox. Hun carrière is kort, dus moet je hen toestaan om zich op het essentiële te focussen: het spel.'

Lees het volledige dubbelinterview in onze Plus-zone of in Sport/Voetbalmagazine van woensdag 18 maart.

Ze ontmoetten elkaar al eerder, Jean-Michel Saive en Roberto Martínez, onder meer toen de coach van de Rode Duivels kampioenen uit andere disciplines uitnodigde om hun ervaringen te delen met de spelers van de nationale ploeg.Martínez: 'In een individuele sport heb je je talent en je niveau, maar de vijf procent extra die het verschil maken om een echt grote overwinning binnen te halen, die zitten in het hoofd. In jezelf geloven, je emoties controleren: die zaken maken dat je er komt. Daarom had ik atleten uit andere sporttakken uitgenodigd, ik wilde dat ze bij mijn spelers kwamen praten over hun parcours en hun mentale weerbaarheid. Ik inviteerde Jean-Michel, Nafi Thiam, de familie Borlée, paralympische atleten. De manier waarop Michel helemaal alleen nummer één van de wereld werd, dat is super interessant en kan ook voetballers inspireren.'Jean-Michel, wanneer je het oefencomplex in Tubeke ziet en alle faciliteiten die voetballers krijgen, moet je toch dromen? Dat staat ver van de camionette met bureau om je huiswerk op te maken waarmee je ouders je rondreden toen je jong was.Jean-Michel Saive: 'Ik geef toe dat ik een beetje moet lachen als ik een kleedkamer zie waar alles klaar staat voor de spelers. De schoenen, de outfit op een haakje voor elke kast. Soms denk ik dat je hen geen dienst bewijst door hen zo te bedienen. Ik moest alleen mijn plan trekken en dat heeft me veel bijgebracht. Het heeft me geholpen om zelf de energie te vinden om de Fransen te verslaan, de Duitsers, de Zweden, de Chinezen. Als ik zelf mijn racket en mijn uitrusting niet in orde maakte, ging niemand het in mijn plaats doen. 'Voetballers worden niet verplicht om na te denken, er hangt ook te veel geld rond. Ook in andere sporten zijn er jongens die hun voeten niet meer op de grond hebben. Ik praat niet over de spelers van de nationale ploeg, want zij zitten nog op een ander niveau, maar in de clubs overdrijft men.'Roberto Martínez: 'Ik ben niet helemaal akkoord. De tegenstanders hebben dezelfde faciliteiten, dus het is normaal dat je je aanpast. Vergeet niet dat een profvoetballer een lange weg moet afleggen om te komen waar hij staat, hij heeft jaren gekend waarbij hij niet op die manier verwend werd. Als je prof wordt, wil dat zeggen dat je alles gedaan hebt, alle opofferingen. Of je nu voetballer, basketter of tennisser bent, voor mij is het noodzakelijk dat je ondersteund wordt. 'Ze moeten zich met veel zaken bezighouden, zaken die we vaak onderschatten. Een voetballer van 20 of 22 jaar die 10 miljoen volgers heeft op de sociale media, denk je dat dat eenvoudig is? Hij wordt door iedereen beoordeeld. Het is de prijs die je betaalt, maar het is niet eenvoudig. Het blijven mensen, dat vergeten we wel eens. Er zijn voetballers die compleet depressief zijn, ook al beleven ze hun kinderdroom, dat is een paradox. Hun carrière is kort, dus moet je hen toestaan om zich op het essentiële te focussen: het spel.' Lees het volledige dubbelinterview in onze Plus-zone of in Sport/Voetbalmagazine van woensdag 18 maart.