Wanneer Junya Ito neerstrijkt in Limburg in januari 2019, kan niemand bevroeden dat de Japanner de sleutel zal zijn om de poort naar de titel te openen. In de play-offs moet KRC Genk het immers zonder Alejandro Pozuelo doen, de maestro is dan al vertrokken naar de andere kant van de Atlantische Oceaan.
...

Wanneer Junya Ito neerstrijkt in Limburg in januari 2019, kan niemand bevroeden dat de Japanner de sleutel zal zijn om de poort naar de titel te openen. In de play-offs moet KRC Genk het immers zonder Alejandro Pozuelo doen, de maestro is dan al vertrokken naar de andere kant van de Atlantische Oceaan. Bij Genk geeft Ito meteen diepgang aan het spel. Zijn verticaliteit dwingt de verdedigers van de tegenstanders om achteruit te gaan, bang als ze zijn van het vooruitzicht om een mes in de rug te krijgen. Dat heeft tezelfdertijd het voordeel dat er ruimte tussen de linies ontstaat, waar Leandro Trossard en Roeslan Malinovski zich vrij in kunnen bewegen en zo het verhaal van de titel schrijven. Ito is zeker niet de belangrijkste speler van de Limburgers, maar hij laat de anderen toe om nog meer te schitteren. In de zomer krijgt het verhaal een nieuwe wending. Wanneer een paar sterkhouders vertrekken, moet Genk zich heruitvinden. Bijna tegen zijn natuur, zo dachten we toen, moet Ito zich nu tussen de lijnen bewegen, in het gezelschap van Ally Samatta, die zich daar duidelijk niet op zijn gemak voelt. De Japanner moet dat doen omdat Ianis Hagi daar niet in slaagt. De komst van Hannes Wolf verandert niet veel: de positie van Ito blijft eerder aanleunen tegen het centrum dan tegen de zijlijn. De supersonische Japanner laat dan definitief zijn sprinterskostuum voor wat het is om een offensieve middenvelder op zijn Duits te worden: op de plaatsen die de tegenstander het meest pijn doen, daar voert hij een dribbel uit of vraagt hij de bal diep. Omdat elke nieuwe trainer de Japanner nóg belangrijker lijkt te maken voor de ploeg dan zijn voorganger, haalt Junya Ito, samen met Théo Bongonda, zijn voordeel uit de korte passage van Jess Thorup. De Deen installeert een 3-4-2-1 die ook door zijn opvolger John van den Brom gehanteerd wordt. De Nederlander is slim genoeg om niet te gaan morrelen aan een formule die werkt. In dat systeem opereren Ito en Bongonda tussen de lijnen en tasten ze het veld af in de breedte op zoek naar een plaats waar ze het verschil kunnen maken. Hoewel hij zijn initiële rol van pure flankspeler definitief heeft afgegooid, zoekt de Japanner bij gelegenheid die zone nog weleens op. Kwestie van de linksachter te verrassen met een run in de diepte en ons er nog eens even aan te herinneren dat hij een van de beste voorzetten van het land in de voeten heeft.