De evolutie van het voetbal betekende voor de offensieve sector lange tijd: minder, minder, minder. Sinds het WM-systeem met vijf aanvallers is het gewicht van de voorlijn steeds afgenomen. Dat culmineerde in de collectieve controle die Pep Guardiola bij Barça neerzette in de finale van de wereldbeker voor clubs tegen Santos in december 2011, toen hij een ploeg opstelde met vier verdedigers en zes middenvelders.
...

De evolutie van het voetbal betekende voor de offensieve sector lange tijd: minder, minder, minder. Sinds het WM-systeem met vijf aanvallers is het gewicht van de voorlijn steeds afgenomen. Dat culmineerde in de collectieve controle die Pep Guardiola bij Barça neerzette in de finale van de wereldbeker voor clubs tegen Santos in december 2011, toen hij een ploeg opstelde met vier verdedigers en zes middenvelders. Binnen die omwenteling zijn er natuurlijk ook blijvende bastions, clubs waar de aanvaller een cultstatus verwerft, vaak zelfs in duo-uitvoering. Zo is er Inter, waar Romelu Lukau en Lautaro Martínez de traditie van Ronaldo en Ivan Zamorano voortzetten. En in België is er Standard, waar de Hel van Sclessin kookt en het publiek de spitsen graag het vuur in ziet duiken. Het moet dan ook een bron van frustratie geweest zijn dat de Rouches onder Philippe Montanier vaak met een valse 9 speelden, bij gebrek aan goeie oplossingen in de aanval. Dat was evenwel vóór de komst van João Klauss. De Braziliaan blonk al uit in alle mogelijke systemen. Alleen, of aan de zijde van de kleinere Jackson Muleka, die wel meer aanwezig is in de backlijn. Wanneer ze allebei spelen, trekt de Congolees de verdedigers naar zich toe, waardoor Klauss meer tussen de lijnen kan lopen, soms zelfs vrij laag. Het is zijn favoriete bezigheid, die beter werkt met z'n tweeën, zodat afhaken niet gelijkstaat aan de aanval onbemand laten. João Klauss heeft de schouders van een vaste nummer 9, maar de benen van iemand die graag zwerft. Hij is in staat om de bal te komen kapen op de rand van de grote rechthoek en diepte te zoeken op de flank. Scouts die de Braziliaan goed bestudeerd hebben, vergelijken hem dan ook vaak met de beste Laurent Depoitre. In de lucht is hij minder dominant, maar zijn techniek is voortreffelijk. Klauss heeft vooral een breder gamma aan goals. Bij de vijf doelpunten in ruim drie maanden van de speler die wordt uitgeleend door Hoffenheim, zitten een droge knal vanop afstand tegen Zulte Waregem, een subtiele lob tegen Seraing, een opportunistische afwerking tegen OHL en twee onhoudbare kopballen tegen Genk en Charleroi. Dat alles met de flair van een man die de indruk geeft alles een stuk sneller dan de anderen te zien. Je moet immers niet de snelste zijn, al je maar snel weet waar je naartoe wilt.