Toen de Koninklijke Belgische Voetbalbond in juli, na het ontslag van Marc Wilmots, op zoek moest naar een nieuwe bondscoach voor de Rode Duivels, ging de meeste media-aandacht naar In The Pocket. Het Gentse softwarebedrijf hield een pleidooi om de bondscoach te vervangen door een computerprogramma. Voor beter gebruik van data om beslissingen in het voetbal te ondersteunen, valt veel te zeggen. De aanstelling van Roberto Martínez is in dat opzicht veelbelovend.
...

Toen de Koninklijke Belgische Voetbalbond in juli, na het ontslag van Marc Wilmots, op zoek moest naar een nieuwe bondscoach voor de Rode Duivels, ging de meeste media-aandacht naar In The Pocket. Het Gentse softwarebedrijf hield een pleidooi om de bondscoach te vervangen door een computerprogramma. Voor beter gebruik van data om beslissingen in het voetbal te ondersteunen, valt veel te zeggen. De aanstelling van Roberto Martínez is in dat opzicht veelbelovend. In 2013 publiceerden Chris Anderson en David Sally met The Numbers Game een interessant boek over de datarevolutie in het voetbal. Eén van hun helden is de toenmalige manager van Wigan. Die 'kleine' club speelde tussen 2005 en 2013 in de Premier League. Parameters als toeschouwersaantallen, spelerssalarissen en winst in acht genomen, had Wigan elk seizoen liefst 95% kans om te degraderen. Maar Wigan werd in 2010 en 2011 zestiende, in 2012 vijftiende, en degradeerde pas in 2013, mét de FA Cup. De manager van Wigan vertrok daarop naar Everton. Die manager was Roberto Martínez.Een gedetailleerde analyse wees uit dat Martínez met beperkte middelen 'guerillavoetbal' speelde. Op basis van data-analyse begreep hij wat zijn spelers objectief deden. Hij organiseerde zijn elftal zodanig dat het snel kon counteren, kon scoren via vrije trappen, en van ver op doel kon trappen. Wigan was onder Martínez onvoorspelbaar en flexibel, omdat hij focuste op spelvormen waarin het team snel en eenvoudig kon hergroeperen. Daarom ook scoorde Wigan zelden uit corners: dat zou de spelers verplichten uit hun ideale stelling te komen. Bij Everton werd elke speler gemeten en geanalyseerd op het vlak van techniek, tactiek, fysiek en psychologie. Martínez gebruikte inzichten van zijn data-analisten om matchen voor te bereiden, spelers te scouten en aan te trekken, en de tactiek bij te sturen.Wat rondom ons gebeurt in de wereld, is het gevolg van veel meer dan wat we kunnen observeren. Beslissingen op basis van intuïtie zijn daardoor vatbaar voor vooringenomenheid en cognitieve illusies. Het gebruik van statistiek en data-analyse laat niet enkel toe om beslissingen te controleren en te objectiveren, maar ook om een complexere werkelijkheid te onderzoeken. Wat niet onmiddellijk observeerbaar is, kan met data-analyse toch worden gevisualiseerd.Met correcte analyses en met de juiste interpretatie kan statistiek helpen om een complexe realiteit beter te begrijpen, te beschrijven en gerichter toekomstige uitkomsten te voorspellen. De context speelt daarbij een belangrijke rol. Toen Sir Alex Ferguson Jaap Stam in 2001 van Manchester United naar Lazio liet vertrekken, onderbouwde hij die keuze met statistieken: Stam tackelde minder. Maar wie zich goed positioneert, moet minder tackelen. Stam speelde nog drie goede seizoenen. Ferguson noemde het één van de grootste vergissingen uit zijn carrière. Zonder context blijven veel statistieken eerder zinloos: het is wel data, maar geen inzicht. Data-analyse zal daarom niet zomaar de trainer kunnen vervangen. Wel kan data-analyse vanuit een gerichte probleemstelling statistieken op een correcte manier interpreteren en beslissingen ondersteunen. Op die manier kunnen er nieuwe inzichten ontstaan om spelers te beoordelen op hun prestatie, kunnen trainingsprogramma's objectiever geëvalueerd worden, kunnen spelsystemen aangepast worden na een grondige analyse van de tactiek van de tegenstander, en kan de relatie tussen club en zijn supporters beter begrepen en versterkt worden. Het Europese voetbal kent enkele opvallende succesverhalen. Tijdens het WK in Brazilië werkte Duitsland samen met softwaregigant SAP om spelers- en speldata van camerabeelden te analyseren tijdens en na de wedstrijden. De cruciale succesparameter bleek de balcirculatiesnelheid. Ook de plotse opgang van de bescheiden Deense club Midtjylland in 2014 was op data-analyse gestoeld: ze kochten 'ondergewaardeerde' spelers op basis van algoritmen, en hadden een erg succesvolle statistische benadering van vrije trappen. In de Premier League hebben intussen alle teams data-analisten in dienst - en topclubs als Manchester City en Liverpool zelfs een hele batterij. Engelse teams investeren ook massaal in contracten met data-leveranciers. Wedstrijden worden opgedeeld in wel 3000 datapunten, spelersbewegingen in tienden van seconden. Data wordt gebruikt voor wedstrijdvoorbereidingen en coaching, voor jeugdopleiding en scouting, voor transfers en blessurepreventie. Eén van de terugkerende punten van kritiek op Marc Wilmots was zijn (in de conservatieve voetbalwereld niet ongewone) vasthouden aan dingen doen zoals ze altijd zijn gedaan. De focus in zijn voetbalvisie lag op inzet, teamgeest en discipline. Martínez zal wellicht wel trainen op stilstaande fasen. In elk geval zal er een objectievere reden zijn voor een bepaalde benadering. Martínez heeft de staf grotendeels bedankt voor bewezen diensten - behalve analist Herman De Landtsheer, die extra ondersteuning krijgt met Moussa El Habchi.Martínez is geen purist. Hij beseft dat de meeste statistieken zinloos zijn. Hij gelooft ook in de kracht van psychologie als succesfactor, en de beperkte mogelijkheden van data op dat vlak. Maar hij weet dat wie tussen de ruis dat ene signaal kan vinden, een patroon dat voorspellingen toelaat, een duidelijk competitief voordeel heeft. Als er op dit moment een haalbare trainerBelgië de voetbalmoderniteit in kan tillen, dan hij. Daarnaast kan de aanstelling van Martínez ook een game changer zijn voor de Belgische competitie. Het gebruik van data om beslissingen te ondersteunen, staat in de Pro League nog in de kinderschoenen. Abonnementen van data-providers vinden nauwelijks aftrek, veel statistici staan er nog niet op de payroll. Toch is België een prima proefopstelling voor data als competitief voordeel.Ten eerste is het play-offsysteem perfect geschikt voor een datagedreven benadering: zestien ploegen die elk tweemaal tegen elkaar spelen, vormen een relevante dataset. Analyses en inzichten uit die eerste 240 wedstrijden zijn meteen toepasbaar op de dertig wedstrijden tussen de zes beste ploegen in Play-off I.Ten tweede zullen de grootste doorbraken niet bij de rijkste clubs van de wereld gebeuren. Daar is de afhankelijkheid van de marginale opbrengst van inzichten uit data kleiner. Geldgebrek is een prima glijmiddel voor vernieuwing. Belgische topploegen kunnen zich geen vergissingen van een paar miljoen euro permitteren. Ten derde staan we intussen met de rug tegen de muur. De habitat van de Belgische ploegen is de Europa League, de Europese tweede klasse. Wie niet (financieel) sterk is, kan zich daar bij neerleggen, of kan slim zijn. En voor wie slim wil zijn, kan innovatie met data een inhaalbeweging faciliteren.Alexander Van Caeneghem en Maarten De Schryver