De ene wedstrijd wint het van Anderlecht, de volgende verlaat het met lege handen het veld tegen Zulte Waregem. Standard wordt vanouds door de bookmakers beschouwd als 'een slechte gok', want het valt zelden in te schatten wat er allemaal borrelt in het binnenste van de vulkaan. Zelfs het zangerige accent van een Igor de Camargo is niet bij machte om de pil te verzachten. 'Het is een beetje het probleem van de topclub die nooit wint', vat de Braziliaanse Belg samen, die in het verleden nochtans twee keer landskampioen werd in het rood-witte shirt. 'Dat is volgens mij de oorzaak van de explosieve aard van de club. Qua infrastructuur is alles aanwezig opdat het zou marcheren, maar het marcheert niet.'

Wanneer een stuk speelgoed kapot is, wordt het vervangen. Dat is een pak lastiger wanneer het gaat om een historisch stuk. Zoals Standard er een is, getuige daarvan de tien landstitels, acht Belgische bekers en de (verloren) finale van de Europabeker voor bekerwinnaars in 1982. Ook een getuige daarvan is Yves Leterme. 'Ik heb bij Standard het voetbal ontdekt in een periode dat het op sociaaleconomisch vlak niet gemakkelijk was. In het begin van de jaren 80 was het somberheid troef rond Sclessin. De staalsector, met Cockerill Sambre, ging fors achteruit en er waren veel sociale problemen. Ook op institutioneel vlak was het niet evident. En te midden van dat alles had je Standard.'

Leterme was minder opportunistisch dan andere politici, die zich aan het eind van denilliesin de wandelgangen van Standard rondliepen om gezien te worden, maar stond niettemin veraf van hetgeen de identiteit van zijn favoriete club uitmaakt - de identiteit tenminste zoals Mehdi Carcela die ziet, de man die 304 keer uitkwam voor de Rouches (een record). 'Elke ploeg heeft zijn waarden en karakter, maar in het publiek van Sclessin vind je normaal gezien alleen pure mensen. Hier is niks kunstmatigs, alles is levensecht. Dat heb ik nooit zo gevoeld bij Benfica of Olympiacos. Pas op, daar zijn ze ook wat gek, maar het is een ander gevoel. Hier zul je in de tribunes geen architect of dokter aantreffen. Nu ja, er zal er hier of daar wel eens een zijn, maar onze basis is het werkvolk. Sclessin dat zijn 30.000 zorgverleners, mensen die aan het front staan, die 's nachts werken. Die zich voluit geven.'

Lees meer getuigenissen over het kolkende karakter van Standard deze maand in Sport/Voetbalmagazine of in onze Plus-zone.

De ene wedstrijd wint het van Anderlecht, de volgende verlaat het met lege handen het veld tegen Zulte Waregem. Standard wordt vanouds door de bookmakers beschouwd als 'een slechte gok', want het valt zelden in te schatten wat er allemaal borrelt in het binnenste van de vulkaan. Zelfs het zangerige accent van een Igor de Camargo is niet bij machte om de pil te verzachten. 'Het is een beetje het probleem van de topclub die nooit wint', vat de Braziliaanse Belg samen, die in het verleden nochtans twee keer landskampioen werd in het rood-witte shirt. 'Dat is volgens mij de oorzaak van de explosieve aard van de club. Qua infrastructuur is alles aanwezig opdat het zou marcheren, maar het marcheert niet.'Wanneer een stuk speelgoed kapot is, wordt het vervangen. Dat is een pak lastiger wanneer het gaat om een historisch stuk. Zoals Standard er een is, getuige daarvan de tien landstitels, acht Belgische bekers en de (verloren) finale van de Europabeker voor bekerwinnaars in 1982. Ook een getuige daarvan is Yves Leterme. 'Ik heb bij Standard het voetbal ontdekt in een periode dat het op sociaaleconomisch vlak niet gemakkelijk was. In het begin van de jaren 80 was het somberheid troef rond Sclessin. De staalsector, met Cockerill Sambre, ging fors achteruit en er waren veel sociale problemen. Ook op institutioneel vlak was het niet evident. En te midden van dat alles had je Standard.'Leterme was minder opportunistisch dan andere politici, die zich aan het eind van denilliesin de wandelgangen van Standard rondliepen om gezien te worden, maar stond niettemin veraf van hetgeen de identiteit van zijn favoriete club uitmaakt - de identiteit tenminste zoals Mehdi Carcela die ziet, de man die 304 keer uitkwam voor de Rouches (een record). 'Elke ploeg heeft zijn waarden en karakter, maar in het publiek van Sclessin vind je normaal gezien alleen pure mensen. Hier is niks kunstmatigs, alles is levensecht. Dat heb ik nooit zo gevoeld bij Benfica of Olympiacos. Pas op, daar zijn ze ook wat gek, maar het is een ander gevoel. Hier zul je in de tribunes geen architect of dokter aantreffen. Nu ja, er zal er hier of daar wel eens een zijn, maar onze basis is het werkvolk. Sclessin dat zijn 30.000 zorgverleners, mensen die aan het front staan, die 's nachts werken. Die zich voluit geven.'Lees meer getuigenissen over het kolkende karakter van Standard deze maand in Sport/Voetbalmagazine of in onze Plus-zone.