Of hij niet verbaasd is dat hij als trainer zo zijn stempel drukt? We vroegen het Philippe Clement toen hij een maand of zes geleden de redactie van Sport/Voetbalmagazine bezocht. De Genkse trainer hoefde over het antwoord geen seconde an te denken: hij wist wat hij met een groep kon doen en was niet verrast over het parcours dat hij aflegde. Clement klonk zelfverzekerd. Maar zeker niet verwaand.

Veel in deze maatschappij heeft te maken met perceptie. Soms lijkt die belangrijker dan inhoud. Terwijl het natuurlijk omgekeerd moet zijn. De sportwereld vormt daarop geen uitzondering.

Philippe Clement was als voetballer nooit iemand met diepgaande bespiegelingen. Heel anders dan bijvoorbeeld Franky Van der Elst of Lorenzo Staelens in wie je door de heldere en zeer analytische manier waarover ze over voetbal praatten toekomstige (top)trainers zag. Clement bleek altijd een positivo. Dat wilde wel eens irriteren. Hij hield zich in interviews op de vlakte.

Als assistent van Michel Preud'homme deed hij dat al helemaal. Hij leek helemaal op dezelfde golflengte te zitten als zijn trainer. Toen die uit de dug-out stoof na een arbitrale beslissing die hij aanvocht, veerde Clement mee recht. Al even wild gesticulerend als Preud'homme. Het was een bizar beeld. Want het botste met zijn karakter.

Inhoud is belangrijker dan perceptie, de sportwereld vormt daarop geen uitzondering.

Niets valt er nu nog van deze Philippe Clement te zien. Als hoofdtrainer is hij helemaal open gebloeid en perfect in balans met zichzelf. Hij frappeert ook door zeer goede analyses. Omdat hij nu, zo zei hij die dag op de redactie, de verantwoordelijkheid draagt. En als dusdanig vrijuit mag praten. Dat deed Clement al bij Waasland-Beveren. Op persconferenties gaf hij een inkijk in zijn manier van werken en wees hij op de pijnpunten die er nog waren. Hij zweefde niet na een overwinning, hij zat al evenmin in zak en as na een nederlaag. Bij KRC Genk is die attitude niet veranderd. Clement geeft zichzelf naar buiten geen enkel compliment. De vraag of KRC Genk nu voor de titel gaat ontwijkt hij.

Bovendien zegt hij dat hij liever trainer is dan voetballer. Dat hoor je niet vaak. Maar hij krijgt er een kick van om spelers beter te maken, om bijvoorbeeld een vorig seizoen tobbende voetballer als Ally Samatta tegen de mening van velen in vertrouwen te geven, omdat hij onder de indruk was van de verbetenheid waarop de spits op training werkte. Clement doet dat met een mengeling van vaderlijke bezorgdheid en kordaatheid. Hij gelooft heel hard in interactie met de spelers en is heel duidelijk in zijn communicatie. En hij weet dat tact en psychologie meer dan ooit bij zijn vak horen. En rust. Daarom was er van zijn kant amper gejammer te horen tijdens de hele saga rond Alejandro Pozuelo. Clement zocht oplossingen en knutselde een middenveld in elkaar dat evenwichtiger is. En zeker even efficiënt.

Opvallend bij Philippe Clement is dat hij zijn ploeg relatief snel op zijn kompas laat varen. Dat was bij Waasland-Beveren zo en dat is nu bij KRC Genk niet anders. Van te veel trainers is de houdbaarheidsdatum beperkt. Ze fleuren op en doven uit. Het moeilijkste in dit vak is om een lijn uit te tekenen en die door te trekken. Over een langere termijn.

Het wordt, ongeacht of KRC Genk nu kampioen wordt of niet, de volgende uitdaging voor Clement. Het laat zich aanzien dat de Limburgers een aantal steunpilaren zullen verliezen. Gaat Clement dat risico aan of bezwijkt hij voor de lokroep van andere clubs, bijvoorbeeld van Club Brugge?

Belangrijk in een trainerscarrière is dat je precies kan inschatten op welk moment je de juiste horde neemt. Ook wat dat betreft heeft Philippe Clement tot dusver nog geen stap overgeslagen. Een teken van intelligentie en zelfkennis. En vooral dat laatste is niet zo vanzelfsprekend in een wereldje met veel zelfoverschatting.

Of hij niet verbaasd is dat hij als trainer zo zijn stempel drukt? We vroegen het Philippe Clement toen hij een maand of zes geleden de redactie van Sport/Voetbalmagazine bezocht. De Genkse trainer hoefde over het antwoord geen seconde an te denken: hij wist wat hij met een groep kon doen en was niet verrast over het parcours dat hij aflegde. Clement klonk zelfverzekerd. Maar zeker niet verwaand. Veel in deze maatschappij heeft te maken met perceptie. Soms lijkt die belangrijker dan inhoud. Terwijl het natuurlijk omgekeerd moet zijn. De sportwereld vormt daarop geen uitzondering. Philippe Clement was als voetballer nooit iemand met diepgaande bespiegelingen. Heel anders dan bijvoorbeeld Franky Van der Elst of Lorenzo Staelens in wie je door de heldere en zeer analytische manier waarover ze over voetbal praatten toekomstige (top)trainers zag. Clement bleek altijd een positivo. Dat wilde wel eens irriteren. Hij hield zich in interviews op de vlakte. Als assistent van Michel Preud'homme deed hij dat al helemaal. Hij leek helemaal op dezelfde golflengte te zitten als zijn trainer. Toen die uit de dug-out stoof na een arbitrale beslissing die hij aanvocht, veerde Clement mee recht. Al even wild gesticulerend als Preud'homme. Het was een bizar beeld. Want het botste met zijn karakter. Niets valt er nu nog van deze Philippe Clement te zien. Als hoofdtrainer is hij helemaal open gebloeid en perfect in balans met zichzelf. Hij frappeert ook door zeer goede analyses. Omdat hij nu, zo zei hij die dag op de redactie, de verantwoordelijkheid draagt. En als dusdanig vrijuit mag praten. Dat deed Clement al bij Waasland-Beveren. Op persconferenties gaf hij een inkijk in zijn manier van werken en wees hij op de pijnpunten die er nog waren. Hij zweefde niet na een overwinning, hij zat al evenmin in zak en as na een nederlaag. Bij KRC Genk is die attitude niet veranderd. Clement geeft zichzelf naar buiten geen enkel compliment. De vraag of KRC Genk nu voor de titel gaat ontwijkt hij. Bovendien zegt hij dat hij liever trainer is dan voetballer. Dat hoor je niet vaak. Maar hij krijgt er een kick van om spelers beter te maken, om bijvoorbeeld een vorig seizoen tobbende voetballer als Ally Samatta tegen de mening van velen in vertrouwen te geven, omdat hij onder de indruk was van de verbetenheid waarop de spits op training werkte. Clement doet dat met een mengeling van vaderlijke bezorgdheid en kordaatheid. Hij gelooft heel hard in interactie met de spelers en is heel duidelijk in zijn communicatie. En hij weet dat tact en psychologie meer dan ooit bij zijn vak horen. En rust. Daarom was er van zijn kant amper gejammer te horen tijdens de hele saga rond Alejandro Pozuelo. Clement zocht oplossingen en knutselde een middenveld in elkaar dat evenwichtiger is. En zeker even efficiënt. Opvallend bij Philippe Clement is dat hij zijn ploeg relatief snel op zijn kompas laat varen. Dat was bij Waasland-Beveren zo en dat is nu bij KRC Genk niet anders. Van te veel trainers is de houdbaarheidsdatum beperkt. Ze fleuren op en doven uit. Het moeilijkste in dit vak is om een lijn uit te tekenen en die door te trekken. Over een langere termijn. Het wordt, ongeacht of KRC Genk nu kampioen wordt of niet, de volgende uitdaging voor Clement. Het laat zich aanzien dat de Limburgers een aantal steunpilaren zullen verliezen. Gaat Clement dat risico aan of bezwijkt hij voor de lokroep van andere clubs, bijvoorbeeld van Club Brugge? Belangrijk in een trainerscarrière is dat je precies kan inschatten op welk moment je de juiste horde neemt. Ook wat dat betreft heeft Philippe Clement tot dusver nog geen stap overgeslagen. Een teken van intelligentie en zelfkennis. En vooral dat laatste is niet zo vanzelfsprekend in een wereldje met veel zelfoverschatting.