Op 20 mei brengt de Nederlandse omroep NOS een documentaire over het sprookje dat KV Mechelen 30 jaar beleefde, onder de titel 'De wraak van Aad' . In afwachting wil Aad de Mos nog eens terugblikken op die dagen, maar ook zijn mening geven over de ploegen die nog in aanmerking komen voor de Belgische titel, een paar dagen voor dit seizoen afgefloten wordt. Al is er nog iets dat hem dwarszit (zie kader).

Wat is je van dat Europees avontuur met KV Mechelen het meest bijgebleven?

AAD DE MOS: 'Het unieke van voor het eerst deel te nemen aan de Europabeker. We waren onszelf nog volop aan het ontdekken. Na de eerste wedstrijd in de eerste ronde, tegen Dinamo Boekarest, zei hun trainer, Mircea Lucescu: 'De winnaar van dit duel zou wel eens de finale kunnen halen.' Daar was ik erg verbaasd over, en de spelers ook, maar hij kreeg wel gelijk. Mijn uitgangspunt was simpel: als we thuis de nul hielden, was het goed. Omdat we op verplaatsing altijd scoorden met Eli Ohana, die een geweldige speler was.'

Mocht ik Leko geweest zijn, ik had Horvath er niet uit gehaald.

Aad de Mos

Maar je gebruikte hem niet altijd. En hij had het daar héél moeilijk mee.

DE MOS: 'Omdat je maar drie buitenlanders mocht opstellen in de competitie. Ik heb het in het begin een keer geprobeerd zonder Graeme Rutjes, om Eli te laten spelen, samen met Piet den Boer en Erwin Koeman. Maar met Lei Clijsters en Yves De Greef werkte dat niet. Rutjes was de professor. Als er problemen waren op het veld, loste hij die op. Tactisch was hij het brein.'

Heeft die prestatie van Mechelen je destijds verbaasd?

DE MOS: 'Ja. Wij wisten toen nog niet dat we zo sterk waren. Uit de waardering van de internationale pers bleek dat later wel. En uit het feit dat we het jaar daarop ook bijna de finale haalden. We werden er toen in de halve finale uitgeschopt door Sampdoria. Het was, naast de vier buitenlanders, een team met Belgen die bij hun vorige clubs tussen wal en schip hingen en op rancune speelden. Joachim Benfeld was de lieveling van het publiek, maar op zijn positie was Koeman in potentie veel beter. Mechelen had twee vedetten: Eli die de meest onwaarschijnlijke goals maakte, en Michel Preud'homme die alle ballen pakte.'

Het was een goed samengesteld team.

DE MOS: 'Alle spelers waren meester op hun positie. Ik had vooraf ook een half jaar de tijd om goed uit te kijken. Op de Bosuil zag ik veel ploegen passeren: Antwerp was het stadion dat het dichtst bij mijn toenmalige woonplaats, Den Haag, lag. Zo merkte ik bij RWDM een paar jonge binken op: Alain De Nil en Paul De Mesmaeker, bij Harelbeke Pascal De Wilde, bij Waterschei Lei Clijsters. Na het eerste seizoen hebben we het elftal nog versterkt met twee ontbrekende puzzelstukjes: Wim Hofkens en Eli Ohana.'

Je zat er erg kort op. Dat waren ze bij Mechelen en in België niet gewend.

DE MOS: 'Als je iets wil bereiken, mag er geen verslapping zijn. Bij Ajax, waar ik vandaan kwam, was succes normaal, en was iedereen gewend om elkaar scherp te houden. Bij Mechelen hebben we de voorwaarden gecreëerd om succesvol te zijn, door de voetballers te verplichten in de buurt te komen wonen, waardoor we elkaar ook vaak buiten het voetbal zagen. Privé gingen de spelers erg goed met elkaar om. Je ziet dat ook bij Real Madrid, dat die spelers elkaar mogen. Ons succes kwam vooral voort uit de intrinsieke motivatie van voetballers die op de drempel stonden van de internationale doorbraak. Erwin Koeman zou met Oranje meedoen op het EK 1988, Clijsters presteerde met de Rode Duivels sterk op het WK 1990 en Michel werd op het WK 1994 uitgeroepen tot beste doelman van de wereld. Als je zoveel prijzen wint op zo'n korte tijd, heb je wel inhoud. Het was een sprookje. Maar we waren wél een bont gezelschap, een hele open club, ook naar de pers toe.'

Dertig jaar later zit Mechelen diep. Hoe komen ze daaruit?

DE MOS: 'Het transferbeleid is van levensbelang. Ze moeten zo snel mogelijk weer een team smeden. Je kan in de winterstop geen negen nieuwe spelers halen. Dat is zelfmoord voor de kleedkamer. Als je drie trainers haalt in één seizoen, ben je als leidinggevende minstens medeverantwoordelijk voor de degradatie. Dennis van Wijk kan die opdracht aan, als hij korte lijntjes houdt met de voetbalmensen die er nog steeds veel verstand van hebben, zoals Fi Vanhoof.'

Aad de Mos won in 1988 Europacup II als coach van KV Mechelen. Pol De Mesmaecker, Erwin Koeman, Lei Clijsters, Pascal De Wilde en Eli Ohana vieren mee., belgaimage
Aad de Mos won in 1988 Europacup II als coach van KV Mechelen. Pol De Mesmaecker, Erwin Koeman, Lei Clijsters, Pascal De Wilde en Eli Ohana vieren mee. © belgaimage

De visie van Club

Intussen nadert de competitie zijn einde. Anderhalf jaar geleden zei je dat je, als je voetballiefhebber was, een abonnement zou nemen bij het AA Gent van Hein Vanhaezebrouck. Had je dit jaar als liefhebber ergens een abonnement willen kopen?

DE MOS: 'Ja. Bij Club Brugge en Standard. Standard vind ik het leukst om te zien, hoe ze de tegenstander naar de keel pakken en hoog druk zetten.'

Waarom wordt Club Brugge ondanks de thuisnederlaag tegen Anderlecht volgens jou toch kampioen?

DE MOS: 'Omdat ze veel goals maken, spectaculair gespeeld hebben, en Ivan Leko na Athene goed de omschakeling maakte en gedurfde beslissingen nam die gelukkig voor hem werkten, zoals Lior Refaelov op de bank zetten. Dat moet goed uitpakken, anders heb je grote problemen in de kleedkamer en met de fans. Het systeem paste ook bij de spelers. Die konden uitvoeren wat hij van ze eiste. Als je spelers je niet begrijpen, heb je een probleem.

Bij die doelman van Standard denk ik soms nog wel eens: ben jij de keeper van Mexico?

Aad de Mos

'Hij nam wel twee vreemde beslissingen. Ik had die keeper, Ethan Horvath, er niet uit gehaald. En Marvelous Nakamba had ik er nooit uitgezet voor Jordy Clasie. Maar verder vind ik hem een goeie coach. Dat had ik niet verwacht. Leko heeft me verrast. Die instap moet je maar kunnen maken na Preud'homme. Met hem hebben Bart Verhaeghe en Vincent Mannaert een gedurfde maar goeie keuze gemaakt. Zo zie je dat visie en keuzes bovenin toch wel belangrijk zijn ( toen het interview plaatsvond, had Bart Verhaeghe zijn uitspraken nog niet gedaan, nvdr). Het begint aan de top. Rommelt het daar, dan rommelt het ook in de kleedkamer. Is het aan de top rustig en is er visie, dan voelt een coach dat er steun en duidelijkheid is. Dat spelers niet, als ze een keer teleurgesteld zijn, een keer achter langs kunnen gaan en medestanders krijgen.'

Zou dit, als ze het halen, de titel van Leko zijn?

DE MOS: 'Van héél Club Brugge, van Mannaert en Verhaeghe, van Leko. Het is een collectief kampioenschap: de goals kwamen overal vandaan. Achterin hebben ze altijd de goeie bezetting gevonden. Brandon Mechele, die onder Preud'homme geen kans kreeg, kwam weer tot rust.

'Het is een goed team, al blijft het internationaal subtop. België en Nederland zijn een beetje het Denemarken van vroeger geworden. Je kunt er goed scouten om de ontbrekende schakels voor je team te halen, maar het is wel allemaal subtop. Van het kaliber van de generatie die het nu doet bij de Rode Duivels, hebben we er geen meer. Edmilson Jr.is goed bezig, maar moet het eerst nog een seizoentje bewijzen. StefanoDenswil en Hans Vanaken kunnen in de middenmoot in de Premier League of de Bundesliga mee in een ploeg die dominant voetbalt. Het enige probleem is: pikken ze er de handelingssnelheid op?'

Heeft Club het beste middenveld van België?

DE MOS: 'Het meest uitgebalanceerde. Met eentje die de bal kan afpakken, ééntje die kan pendelen, en met Vanaken de man die beslissend kan zijn met de laatste pass.'

Heeft Ruud Vormer je verrast?

DE MOS: 'Hij heeft me zeer verrast. Komende van Feyenoord had ik niet verwacht dat hij zo goed zou functioneren in België. Zijn probleem was dat Feyenoord twee dezelfde types had, en dat Ronald Koeman koos voor Clasie, de man van de club. Dan ben je al gauw tweede keus. Goed gescout was dat van Club, als je elders de krenten uit de pap haalt.'

Was Vormer het type speler dat jij 30 jaar geleden naar KV Mechelen gehaald zou hebben?

DE MOS: 'Oh ja. Een liefhebber en een winnaar. Er staat een goeie kop op. Traptechniek én een werker. Dominant in zijn positie.'

De mentaliteit van Sá Pinto

Vind je Ricardo Sá Pinto een goeie trainer?

DE MOS: 'Ik vind hem een goeie peoplemanager. Je moet hem nemen zoals hij is. Als speler zocht hij de bondscoach al eens op in het hotel en gaf hem klop omdat die hem niet opstelde. Sterk vind ik de inhoud van het spel. Daar kan je niet naast kijken als kenner: hoe hij de spelers neerzet, zijn winnaarsmentaliteit overbrengt en de wedstrijden wint die hij moet winnen.'

Moet Standard Preud'homme halen?

DE MOS: 'De vraag is: is het verstandig om Preud'homme te halen als Standard tweede wordt en ze Champions League halen? Het zou wel verstandig zijn als Michel technisch directeur zou worden en Sá Pinto trainer blijft. Maar ik zou een jaar wachten. Sá Pinto weet zijn spelers wel te raken, heeft een goeie veldbezetting. Zijn principes bevallen me. Ik heb in mijn leven al zoveel voetbal gezien dat ik wel eens iets laat passeren wat niet hoeft voor mij. Maar als er bij onze tv-zender in Nederland in het aanbod een match van Standard zit, pak ik hem. Die stopper, die is ongelofelijk. Edmilson verbaast me, na STVV had ik dit niet van hem verwacht. Van Mehdi Carcela wist je dat hij dit kon. Maar bij die doelman denk ik soms wel eens: ben jij de keeper van Mexico?'

Heins handschrift

Je was bij Gent een fan van Hein Vanhaezebrouck. Ben je dat nog altijd?

DE MOS: 'Je bent als trainer maar net zo goed als je materiaal. Bij Gent was Heins materiaal geweldig, van de keeper tot Laurent Depoitre in de spits. Het was altijd genieten, Heins handschrift zat erin. Alleen garandeert dat niet dat het bij een andere club ook lukt.'

Had hij niet van Gent naar Anderlecht mogen gaan?

DE MOS: 'Elke ambitieuze trainer in België wil naar Anderlecht. Ik had het ook gedaan in Heins plaats. Nu het zeker lijkt dat hij blijft, kan hij straks zijn handschrift misschien wat meer kwijt in dat team.'

Was de erfenis van René Weiler te zwaar? Heeft hij de malaise bij Anderlecht nog gecamoufleerd, of net groter gemaakt met zijn manier van spelen?

DE MOS: 'Hij heeft aan de internationale normen voldaan. Real Madrid zie je ook wel eens zo spelen, maar je hebt bij Anderlecht de romantici die denken dat ze nog in de tijd van Marc Degryse en Luc Nilis of Jan Mulder en Rob Rensenbrink leven. Dat is al lang niet meer het geval. Ik hoorde ook weinig klachten over Weiler vanuit de kleedkamer. Het waren de media en de fans die niet tevreden waren. Hij deed wel een aantal ongelukkige uitspraken. Als je de Champions League niet belangrijk vindt, of zegt dat je weinig waarde hecht aan het imago van de club, terwijl dat net erg belangrijk is... Ze hadden ook pech met de loting, twee keer tegen PSG in topvorm, en tegen Bayern, met dat geval met SvenKums.'

Vond jij dat een goeie zet?

DE MOS: 'Ik vind dat het moet kunnen, eens iets proberen, daar een speler zetten met goeie voeten. Maar als de eerste bal er meteen overheen gaat en de twee stoppers staan te slapen, is dat voer voor critici die hem buiten willen. Later krijg je dan iemand die het vak niet kent maar direct gaat roepen dat hij maar twintig minuten nodig heeft om zijn handtekening te zetten. Nicolás Frutos moest eigenlijk tegen zichzelf in bescherming genomen worden en gaat tegen Celtic met vijf verdedigers spelen, omdat hij bang is. Dan is de poppenkast al helemaal uitgespeeld. Ga er dan maar aan staan, ook al heet je Hein Vanhaezebrouck.'

Aad de Mos: 'Herman Van Holsbeeck heeft Anderlecht aan successen geholpen en is een fantastische manager geweest.', belgaimage
Aad de Mos: 'Herman Van Holsbeeck heeft Anderlecht aan successen geholpen en is een fantastische manager geweest.' © belgaimage

De tenen van Stanciu

Vorig jaar speelde Lukasz Teodorczyk alles kapot.

DE MOS: 'Dat was meer casinogeluk. Zie je vaker bij een speler die ergens aankomt, in de flow alles kapot speelt, om daarna niets meer te brengen.'

Zou jij graag een spits als Teodorczyk in je selectie hebben?

DE MOS: 'Nee. Omdat hij geen goeie voeten heeft. Dat is geen spits voor Anderlecht. Ik wilde graag Marc Van der Linden. Daar mocht wel iemand bij die een breekijzer was, die heb je soms nodig, maar niet als eerste aanvaller. Ik heb liever een voetballende spits.'

Ze hadden toch een fantastisch middenveld, maar wat is er met Kums aan de hand?

DE MOS: 'Je komt in een andere hiërarchie terecht. Als je drie trainers gehad hebt, moet je met zijn allen in dienst van het elftal gaan voetballen, en niet proberen te laten zien hoe goed jij bent. Dat is het verraderlijke bij Anderlecht, dat ze te veel voor zichzelf gaan spelen om te laten zien dat ze goed genoeg zijn om bij die club te spelen. Dat overdreven waarmaken moet Kums niet doen. Dat moet spontaan gebeuren, niet geforceerd.'

De vraag is: is Dendoncker zo goed als iedereen denkt dat hij is? Ik denk dat hij niet zo goed is.

Aad de Mos

Je was fan van Adrien Trebel. Ben je dat nog steeds?

DE MOS: 'Ja. Heel goeie speler, met een fantastische linkervoet, die goed tussen de linies speelt, verdedigend goed kijkt wat er gebeurt en daar iets kan rechtzetten. Kan een bal zomaar naar de andere kant verleggen.'

Een man in wie jij erg geloofde, is intussen in alle stilte vertrokken: Nicolae Stanciu.

DE MOS: 'Wat een ontgoocheling. Wat hij in twee tenen had, hebben anderen niet in tien tenen. Ook in de Champions League zag ik hem ineens een pass geven die ik tevoren in 88 minuten van die anderen niet had gezien. Maar dan moet je hem ook gebruiken op zijn beste positie en hem zodanig het vertrouwen geven dat hij dat ook kan uitvoeren. Bij Sparta Praag speelt hij wél de pannen van het dak.'

Had jij graag met Stanciu gewerkt?

DE MOS: 'Heel zeker. Ik hou van zulke spelers. Met Trebel en Leander Dendoncker in zijn rug, of in een ruit met Kums had dat gekund. Met backs die goed op kunnen komen. Maar Anderlecht had dit jaar geen verdediging. Het was rommelig allemaal. En dan heb je er eentje die zijn verdedigende werk niet deed en alleen maar liep: Henry Onyekuru. Maar in de Belgische competitie moet je ook je verdedigende werk doen en zien waar andere mensen vrij staan. Intrinsiek ben ik niet kapot van hem, ik zou hem nooit gehaald hebben. José Izquierdo heeft meer kwaliteiten. Bij een beetje trainer die kijk op het spelletje heeft, komt Onyekuru niet aan de bak. Hij moet een heel goeie makelaar gehad hebben.'

Moet Dendoncker mee naar het WK, na een moeilijk seizoen?

DE MOS: 'Is Dendoncker wel zo goed als iedereen zegt?'

De vraag stellen, is ze beantwoorden.

DE MOS: 'Ik denk niet dat hij zo goed is. En 38 miljoen euro is hij zeker niet waard. Top ben je als Manchester City of Chelsea komt. In zijn interessewereld gaat het om Crystal Palace en Watford. Dat is niet de top.'

Kan hij nog top worden?

DE MOS: 'Nee. Hij heeft geen bijzondere techniek, oogt altijd een beetje houterig. Youri Tielemans heeft het al moeilijk in het buitenland. Ik zou zulke jongens altijd het advies geven: niet te vroeg weggaan. Kijk naar de teleurstellingen in het buitenland. Er zijn er veel achter op een ezel teruggekomen. Tielemans had naar een club moeten gaan waar hij meer zou spelen. Hij heeft zich te veel laten leiden door het geld. Terwijl geld vanzelf komt als je goed bent. Je moet ook kijken wat er achter zo'n club zit. Is een trainer echt geïnteresseerd in je?'

Mist Anderlecht Sofiane Hanni?

DE MOS: 'Ik vond Hanni geen sympathieke speler, met zijn wegwerpgebaren naar medemaats. Zijn lichaamstaal gaf altijd aan dat hij zichzelf beter vond dan de andere spelers. Ik zag hem ook wel eens wegwerpgebaren maken naar de bank. Dat is er zo één die denkt dat ie beter is dan hij in werkelijkheid is.'

Marc Coucke

Is Herman Van Holsbeeck schuldig voor wat bij paars-wit verkeerd liep?

DE MOS: 'Er zijn momenten dat elke trainer, voorzitter, technisch directeur alleen komt te staan. Op zo'n moment krijg je alle drek over je heen. Ik heb Van Holsbeeck leren kennen als een gentleman, iemand die visie heeft en dag en nacht voor de club gewerkt heeft. Hij heeft Anderlecht aan successen geholpen en is een fantastische manager geweest.'

Wat verwacht je van Coucke?

DE MOS: 'Een subtopper is wat anders dan een topclub. Als je wil dat het snel gaat, kan je wel eens van een koude kermis thuiskomen. Dat heeft zijn tijd nodig, en tijd hebben deze mensen niet. Ondanks het feit dat ze alles kunnen kopen, zijn bepaalde dingen in het voetbal niet te koop: intuïtie, bijvoorbeeld.'

Welke raad zou je hem geven?

DE MOS: 'Goed managen naar de binnenkant en dat ook goed meedelen aan de buitenwacht. Geen valse verwachtingen creëren bij de buitenwereld, geen druk zetten op het sportieve. Doet hij dat wel, en het lukt niet, gaan er weer slachtoffers vallen.'

Hebben Gent en Genk je ontgoocheld?

DE MOS: 'Ja. Gent geeft op goeie momenten niet thuis. Van Philippe Clement verwacht ik veel. Ik wist dat hij visie heeft en een heel grote invloed had op Preud'homme. In de bekerfinale had ik iets speciaals van hem verwacht, maar zijn spelers waren doorgedraaid, die konden niet één bal goed doorspelen. Het probleem bij Genk is een slechte opbouw van achteruit, ze krijgen die bal niet op het middenveld. Het zijn beesten van verdedigers, maar als er een klein beetje druk komt, zijn ze meteen in paniek. Roeslan Malinovski en Alejandro Pozuelo vind ik wel geweldige voetballers. Het rommelt ook te veel in de leiding, en bij de supporters die zich belangrijker voelen dan de leiding van de club. Die hebben het idee dat zij de dienst uit kunnen maken.'

Kan Gert Verheyen een toptrainer worden?

DE MOS: 'Het trainersvak is een ervaringsvak. Hij komt nu in de omgekeerde wereld. Voortaan wordt hij be- en veroordeeld door analisten. Ik ben benieuwd of hij daar mentaal tegen opgewassen is. Hij zal wel schrikken, dat hij door een vergrootglas bekeken wordt.

Je kent Verheyen nog van in je tijd bij Anderlecht. Waarom is hij daar niet geslaagd als speler?

DE MOS: 'Het publiek had het niet voor hem, maar voor mij was hij een zeer dankbare speler, die op zijn positie al het werk deed wat van hem gevraagd werd, verdedigend en aanvallend. Terwijl anderen wel eens hun mannetje lieten lopen. De eerste keer dat we ons plaatsten voor de Champions League, in die dubbele testwedstrijd tegen PSV, speelde hij twee fantastische matchen tegen Jan Heintze. Die schakelde hij 95 minuten uit, blessuretijd inbegrepen. Het werkvoetbal van Club paste beter bij hem. Hij was zeer betrouwbaar, dat zal hij als coach ook zijn.'

Rode Duivels: nog geen stap verder

Op het komende WK heeft Aad de Mos geen goed oog in de prestaties van de Rode Duivels. 'Als Roberto Martínez zijn systeem blijft spelen, hoeven we niet eens te gaan. Dan kan je beter thuis blijven. Elk middenveld dat met drie speelt, speelt je helemaal dronken. Marouane Fellaini, Kevin De Bruyne en Axel Witsel kunnen dat niet belopen. Dat hebben we tegen Mexico én tegen Japan gezien. Ook de mensen aan de buitenkant zijn een probleem. Thomas Meunier is aan de rechtse kant de beste opbouwende man, maar zodra hij moet verdedigen, holala... Naar voor tegen de kleintjes is dat geen probleem, maar zodra je uitkomt tegen een ploeg die gelijk is aan jou of die sterker is, kom je rechts tekort met Meunier en links met YannickCarrasco. Dat Martínez maar doet wat ik direct zou doen: samenzitten met Thibaut Courtois, Vincent Kompany, Eden Hazard en De Bruyne en bespreek het, samen met ThierryHenry.'

Zou hij Radja Nainggolan meenemen? 'Ja. Speelt altijd bij mij. De enige speler die zich in de heenmatch op Liverpool bij Roma kon handhaven qua handelingssnelheid. Wees blij dat die eens een sigaretje rookt, dat die een pintje drinkt, dan ben je van die dooie boel af. Ik praat regelmatig met Kevin Strootman, zijn ploegmaat bij AS Roma. Die zegt: er is geen betere speler dan hij. Onbegrijpelijk als België hem niet meeneemt.'

Is de conclusie dan dat de Rode Duivels uiteindelijk geen stap verder staan dan onder MarcWilmots? 'Ja. Ze hebben allemaal valse wedstrijden gespeeld, die niets opleveren.'

Op 20 mei brengt de Nederlandse omroep NOS een documentaire over het sprookje dat KV Mechelen 30 jaar beleefde, onder de titel 'De wraak van Aad' . In afwachting wil Aad de Mos nog eens terugblikken op die dagen, maar ook zijn mening geven over de ploegen die nog in aanmerking komen voor de Belgische titel, een paar dagen voor dit seizoen afgefloten wordt. Al is er nog iets dat hem dwarszit (zie kader). Wat is je van dat Europees avontuur met KV Mechelen het meest bijgebleven? AAD DE MOS: 'Het unieke van voor het eerst deel te nemen aan de Europabeker. We waren onszelf nog volop aan het ontdekken. Na de eerste wedstrijd in de eerste ronde, tegen Dinamo Boekarest, zei hun trainer, Mircea Lucescu: 'De winnaar van dit duel zou wel eens de finale kunnen halen.' Daar was ik erg verbaasd over, en de spelers ook, maar hij kreeg wel gelijk. Mijn uitgangspunt was simpel: als we thuis de nul hielden, was het goed. Omdat we op verplaatsing altijd scoorden met Eli Ohana, die een geweldige speler was.' Maar je gebruikte hem niet altijd. En hij had het daar héél moeilijk mee. DE MOS: 'Omdat je maar drie buitenlanders mocht opstellen in de competitie. Ik heb het in het begin een keer geprobeerd zonder Graeme Rutjes, om Eli te laten spelen, samen met Piet den Boer en Erwin Koeman. Maar met Lei Clijsters en Yves De Greef werkte dat niet. Rutjes was de professor. Als er problemen waren op het veld, loste hij die op. Tactisch was hij het brein.' Heeft die prestatie van Mechelen je destijds verbaasd? DE MOS: 'Ja. Wij wisten toen nog niet dat we zo sterk waren. Uit de waardering van de internationale pers bleek dat later wel. En uit het feit dat we het jaar daarop ook bijna de finale haalden. We werden er toen in de halve finale uitgeschopt door Sampdoria. Het was, naast de vier buitenlanders, een team met Belgen die bij hun vorige clubs tussen wal en schip hingen en op rancune speelden. Joachim Benfeld was de lieveling van het publiek, maar op zijn positie was Koeman in potentie veel beter. Mechelen had twee vedetten: Eli die de meest onwaarschijnlijke goals maakte, en Michel Preud'homme die alle ballen pakte.' Het was een goed samengesteld team. DE MOS: 'Alle spelers waren meester op hun positie. Ik had vooraf ook een half jaar de tijd om goed uit te kijken. Op de Bosuil zag ik veel ploegen passeren: Antwerp was het stadion dat het dichtst bij mijn toenmalige woonplaats, Den Haag, lag. Zo merkte ik bij RWDM een paar jonge binken op: Alain De Nil en Paul De Mesmaeker, bij Harelbeke Pascal De Wilde, bij Waterschei Lei Clijsters. Na het eerste seizoen hebben we het elftal nog versterkt met twee ontbrekende puzzelstukjes: Wim Hofkens en Eli Ohana.' Je zat er erg kort op. Dat waren ze bij Mechelen en in België niet gewend. DE MOS: 'Als je iets wil bereiken, mag er geen verslapping zijn. Bij Ajax, waar ik vandaan kwam, was succes normaal, en was iedereen gewend om elkaar scherp te houden. Bij Mechelen hebben we de voorwaarden gecreëerd om succesvol te zijn, door de voetballers te verplichten in de buurt te komen wonen, waardoor we elkaar ook vaak buiten het voetbal zagen. Privé gingen de spelers erg goed met elkaar om. Je ziet dat ook bij Real Madrid, dat die spelers elkaar mogen. Ons succes kwam vooral voort uit de intrinsieke motivatie van voetballers die op de drempel stonden van de internationale doorbraak. Erwin Koeman zou met Oranje meedoen op het EK 1988, Clijsters presteerde met de Rode Duivels sterk op het WK 1990 en Michel werd op het WK 1994 uitgeroepen tot beste doelman van de wereld. Als je zoveel prijzen wint op zo'n korte tijd, heb je wel inhoud. Het was een sprookje. Maar we waren wél een bont gezelschap, een hele open club, ook naar de pers toe.' Dertig jaar later zit Mechelen diep. Hoe komen ze daaruit? DE MOS: 'Het transferbeleid is van levensbelang. Ze moeten zo snel mogelijk weer een team smeden. Je kan in de winterstop geen negen nieuwe spelers halen. Dat is zelfmoord voor de kleedkamer. Als je drie trainers haalt in één seizoen, ben je als leidinggevende minstens medeverantwoordelijk voor de degradatie. Dennis van Wijk kan die opdracht aan, als hij korte lijntjes houdt met de voetbalmensen die er nog steeds veel verstand van hebben, zoals Fi Vanhoof.' Intussen nadert de competitie zijn einde. Anderhalf jaar geleden zei je dat je, als je voetballiefhebber was, een abonnement zou nemen bij het AA Gent van Hein Vanhaezebrouck. Had je dit jaar als liefhebber ergens een abonnement willen kopen? DE MOS: 'Ja. Bij Club Brugge en Standard. Standard vind ik het leukst om te zien, hoe ze de tegenstander naar de keel pakken en hoog druk zetten.' Waarom wordt Club Brugge ondanks de thuisnederlaag tegen Anderlecht volgens jou toch kampioen? DE MOS: 'Omdat ze veel goals maken, spectaculair gespeeld hebben, en Ivan Leko na Athene goed de omschakeling maakte en gedurfde beslissingen nam die gelukkig voor hem werkten, zoals Lior Refaelov op de bank zetten. Dat moet goed uitpakken, anders heb je grote problemen in de kleedkamer en met de fans. Het systeem paste ook bij de spelers. Die konden uitvoeren wat hij van ze eiste. Als je spelers je niet begrijpen, heb je een probleem. 'Hij nam wel twee vreemde beslissingen. Ik had die keeper, Ethan Horvath, er niet uit gehaald. En Marvelous Nakamba had ik er nooit uitgezet voor Jordy Clasie. Maar verder vind ik hem een goeie coach. Dat had ik niet verwacht. Leko heeft me verrast. Die instap moet je maar kunnen maken na Preud'homme. Met hem hebben Bart Verhaeghe en Vincent Mannaert een gedurfde maar goeie keuze gemaakt. Zo zie je dat visie en keuzes bovenin toch wel belangrijk zijn ( toen het interview plaatsvond, had Bart Verhaeghe zijn uitspraken nog niet gedaan, nvdr). Het begint aan de top. Rommelt het daar, dan rommelt het ook in de kleedkamer. Is het aan de top rustig en is er visie, dan voelt een coach dat er steun en duidelijkheid is. Dat spelers niet, als ze een keer teleurgesteld zijn, een keer achter langs kunnen gaan en medestanders krijgen.' Zou dit, als ze het halen, de titel van Leko zijn? DE MOS: 'Van héél Club Brugge, van Mannaert en Verhaeghe, van Leko. Het is een collectief kampioenschap: de goals kwamen overal vandaan. Achterin hebben ze altijd de goeie bezetting gevonden. Brandon Mechele, die onder Preud'homme geen kans kreeg, kwam weer tot rust. 'Het is een goed team, al blijft het internationaal subtop. België en Nederland zijn een beetje het Denemarken van vroeger geworden. Je kunt er goed scouten om de ontbrekende schakels voor je team te halen, maar het is wel allemaal subtop. Van het kaliber van de generatie die het nu doet bij de Rode Duivels, hebben we er geen meer. Edmilson Jr.is goed bezig, maar moet het eerst nog een seizoentje bewijzen. StefanoDenswil en Hans Vanaken kunnen in de middenmoot in de Premier League of de Bundesliga mee in een ploeg die dominant voetbalt. Het enige probleem is: pikken ze er de handelingssnelheid op?' Heeft Club het beste middenveld van België? DE MOS: 'Het meest uitgebalanceerde. Met eentje die de bal kan afpakken, ééntje die kan pendelen, en met Vanaken de man die beslissend kan zijn met de laatste pass.' Heeft Ruud Vormer je verrast? DE MOS: 'Hij heeft me zeer verrast. Komende van Feyenoord had ik niet verwacht dat hij zo goed zou functioneren in België. Zijn probleem was dat Feyenoord twee dezelfde types had, en dat Ronald Koeman koos voor Clasie, de man van de club. Dan ben je al gauw tweede keus. Goed gescout was dat van Club, als je elders de krenten uit de pap haalt.' Was Vormer het type speler dat jij 30 jaar geleden naar KV Mechelen gehaald zou hebben? DE MOS: 'Oh ja. Een liefhebber en een winnaar. Er staat een goeie kop op. Traptechniek én een werker. Dominant in zijn positie.' Vind je Ricardo Sá Pinto een goeie trainer? DE MOS: 'Ik vind hem een goeie peoplemanager. Je moet hem nemen zoals hij is. Als speler zocht hij de bondscoach al eens op in het hotel en gaf hem klop omdat die hem niet opstelde. Sterk vind ik de inhoud van het spel. Daar kan je niet naast kijken als kenner: hoe hij de spelers neerzet, zijn winnaarsmentaliteit overbrengt en de wedstrijden wint die hij moet winnen.' Moet Standard Preud'homme halen? DE MOS: 'De vraag is: is het verstandig om Preud'homme te halen als Standard tweede wordt en ze Champions League halen? Het zou wel verstandig zijn als Michel technisch directeur zou worden en Sá Pinto trainer blijft. Maar ik zou een jaar wachten. Sá Pinto weet zijn spelers wel te raken, heeft een goeie veldbezetting. Zijn principes bevallen me. Ik heb in mijn leven al zoveel voetbal gezien dat ik wel eens iets laat passeren wat niet hoeft voor mij. Maar als er bij onze tv-zender in Nederland in het aanbod een match van Standard zit, pak ik hem. Die stopper, die is ongelofelijk. Edmilson verbaast me, na STVV had ik dit niet van hem verwacht. Van Mehdi Carcela wist je dat hij dit kon. Maar bij die doelman denk ik soms wel eens: ben jij de keeper van Mexico?' Je was bij Gent een fan van Hein Vanhaezebrouck. Ben je dat nog altijd? DE MOS: 'Je bent als trainer maar net zo goed als je materiaal. Bij Gent was Heins materiaal geweldig, van de keeper tot Laurent Depoitre in de spits. Het was altijd genieten, Heins handschrift zat erin. Alleen garandeert dat niet dat het bij een andere club ook lukt.' Had hij niet van Gent naar Anderlecht mogen gaan? DE MOS: 'Elke ambitieuze trainer in België wil naar Anderlecht. Ik had het ook gedaan in Heins plaats. Nu het zeker lijkt dat hij blijft, kan hij straks zijn handschrift misschien wat meer kwijt in dat team.' Was de erfenis van René Weiler te zwaar? Heeft hij de malaise bij Anderlecht nog gecamoufleerd, of net groter gemaakt met zijn manier van spelen? DE MOS: 'Hij heeft aan de internationale normen voldaan. Real Madrid zie je ook wel eens zo spelen, maar je hebt bij Anderlecht de romantici die denken dat ze nog in de tijd van Marc Degryse en Luc Nilis of Jan Mulder en Rob Rensenbrink leven. Dat is al lang niet meer het geval. Ik hoorde ook weinig klachten over Weiler vanuit de kleedkamer. Het waren de media en de fans die niet tevreden waren. Hij deed wel een aantal ongelukkige uitspraken. Als je de Champions League niet belangrijk vindt, of zegt dat je weinig waarde hecht aan het imago van de club, terwijl dat net erg belangrijk is... Ze hadden ook pech met de loting, twee keer tegen PSG in topvorm, en tegen Bayern, met dat geval met SvenKums.' Vond jij dat een goeie zet? DE MOS: 'Ik vind dat het moet kunnen, eens iets proberen, daar een speler zetten met goeie voeten. Maar als de eerste bal er meteen overheen gaat en de twee stoppers staan te slapen, is dat voer voor critici die hem buiten willen. Later krijg je dan iemand die het vak niet kent maar direct gaat roepen dat hij maar twintig minuten nodig heeft om zijn handtekening te zetten. Nicolás Frutos moest eigenlijk tegen zichzelf in bescherming genomen worden en gaat tegen Celtic met vijf verdedigers spelen, omdat hij bang is. Dan is de poppenkast al helemaal uitgespeeld. Ga er dan maar aan staan, ook al heet je Hein Vanhaezebrouck.' Vorig jaar speelde Lukasz Teodorczyk alles kapot. DE MOS: 'Dat was meer casinogeluk. Zie je vaker bij een speler die ergens aankomt, in de flow alles kapot speelt, om daarna niets meer te brengen.' Zou jij graag een spits als Teodorczyk in je selectie hebben? DE MOS: 'Nee. Omdat hij geen goeie voeten heeft. Dat is geen spits voor Anderlecht. Ik wilde graag Marc Van der Linden. Daar mocht wel iemand bij die een breekijzer was, die heb je soms nodig, maar niet als eerste aanvaller. Ik heb liever een voetballende spits.' Ze hadden toch een fantastisch middenveld, maar wat is er met Kums aan de hand? DE MOS: 'Je komt in een andere hiërarchie terecht. Als je drie trainers gehad hebt, moet je met zijn allen in dienst van het elftal gaan voetballen, en niet proberen te laten zien hoe goed jij bent. Dat is het verraderlijke bij Anderlecht, dat ze te veel voor zichzelf gaan spelen om te laten zien dat ze goed genoeg zijn om bij die club te spelen. Dat overdreven waarmaken moet Kums niet doen. Dat moet spontaan gebeuren, niet geforceerd.' Je was fan van Adrien Trebel. Ben je dat nog steeds? DE MOS: 'Ja. Heel goeie speler, met een fantastische linkervoet, die goed tussen de linies speelt, verdedigend goed kijkt wat er gebeurt en daar iets kan rechtzetten. Kan een bal zomaar naar de andere kant verleggen.' Een man in wie jij erg geloofde, is intussen in alle stilte vertrokken: Nicolae Stanciu. DE MOS: 'Wat een ontgoocheling. Wat hij in twee tenen had, hebben anderen niet in tien tenen. Ook in de Champions League zag ik hem ineens een pass geven die ik tevoren in 88 minuten van die anderen niet had gezien. Maar dan moet je hem ook gebruiken op zijn beste positie en hem zodanig het vertrouwen geven dat hij dat ook kan uitvoeren. Bij Sparta Praag speelt hij wél de pannen van het dak.' Had jij graag met Stanciu gewerkt? DE MOS: 'Heel zeker. Ik hou van zulke spelers. Met Trebel en Leander Dendoncker in zijn rug, of in een ruit met Kums had dat gekund. Met backs die goed op kunnen komen. Maar Anderlecht had dit jaar geen verdediging. Het was rommelig allemaal. En dan heb je er eentje die zijn verdedigende werk niet deed en alleen maar liep: Henry Onyekuru. Maar in de Belgische competitie moet je ook je verdedigende werk doen en zien waar andere mensen vrij staan. Intrinsiek ben ik niet kapot van hem, ik zou hem nooit gehaald hebben. José Izquierdo heeft meer kwaliteiten. Bij een beetje trainer die kijk op het spelletje heeft, komt Onyekuru niet aan de bak. Hij moet een heel goeie makelaar gehad hebben.' Moet Dendoncker mee naar het WK, na een moeilijk seizoen? DE MOS: 'Is Dendoncker wel zo goed als iedereen zegt?' De vraag stellen, is ze beantwoorden. DE MOS: 'Ik denk niet dat hij zo goed is. En 38 miljoen euro is hij zeker niet waard. Top ben je als Manchester City of Chelsea komt. In zijn interessewereld gaat het om Crystal Palace en Watford. Dat is niet de top.' Kan hij nog top worden? DE MOS: 'Nee. Hij heeft geen bijzondere techniek, oogt altijd een beetje houterig. Youri Tielemans heeft het al moeilijk in het buitenland. Ik zou zulke jongens altijd het advies geven: niet te vroeg weggaan. Kijk naar de teleurstellingen in het buitenland. Er zijn er veel achter op een ezel teruggekomen. Tielemans had naar een club moeten gaan waar hij meer zou spelen. Hij heeft zich te veel laten leiden door het geld. Terwijl geld vanzelf komt als je goed bent. Je moet ook kijken wat er achter zo'n club zit. Is een trainer echt geïnteresseerd in je?' Mist Anderlecht Sofiane Hanni? DE MOS: 'Ik vond Hanni geen sympathieke speler, met zijn wegwerpgebaren naar medemaats. Zijn lichaamstaal gaf altijd aan dat hij zichzelf beter vond dan de andere spelers. Ik zag hem ook wel eens wegwerpgebaren maken naar de bank. Dat is er zo één die denkt dat ie beter is dan hij in werkelijkheid is.' Is Herman Van Holsbeeck schuldig voor wat bij paars-wit verkeerd liep? DE MOS: 'Er zijn momenten dat elke trainer, voorzitter, technisch directeur alleen komt te staan. Op zo'n moment krijg je alle drek over je heen. Ik heb Van Holsbeeck leren kennen als een gentleman, iemand die visie heeft en dag en nacht voor de club gewerkt heeft. Hij heeft Anderlecht aan successen geholpen en is een fantastische manager geweest.' Wat verwacht je van Coucke? DE MOS: 'Een subtopper is wat anders dan een topclub. Als je wil dat het snel gaat, kan je wel eens van een koude kermis thuiskomen. Dat heeft zijn tijd nodig, en tijd hebben deze mensen niet. Ondanks het feit dat ze alles kunnen kopen, zijn bepaalde dingen in het voetbal niet te koop: intuïtie, bijvoorbeeld.' Welke raad zou je hem geven? DE MOS: 'Goed managen naar de binnenkant en dat ook goed meedelen aan de buitenwacht. Geen valse verwachtingen creëren bij de buitenwereld, geen druk zetten op het sportieve. Doet hij dat wel, en het lukt niet, gaan er weer slachtoffers vallen.' Hebben Gent en Genk je ontgoocheld? DE MOS: 'Ja. Gent geeft op goeie momenten niet thuis. Van Philippe Clement verwacht ik veel. Ik wist dat hij visie heeft en een heel grote invloed had op Preud'homme. In de bekerfinale had ik iets speciaals van hem verwacht, maar zijn spelers waren doorgedraaid, die konden niet één bal goed doorspelen. Het probleem bij Genk is een slechte opbouw van achteruit, ze krijgen die bal niet op het middenveld. Het zijn beesten van verdedigers, maar als er een klein beetje druk komt, zijn ze meteen in paniek. Roeslan Malinovski en Alejandro Pozuelo vind ik wel geweldige voetballers. Het rommelt ook te veel in de leiding, en bij de supporters die zich belangrijker voelen dan de leiding van de club. Die hebben het idee dat zij de dienst uit kunnen maken.' Kan Gert Verheyen een toptrainer worden? DE MOS: 'Het trainersvak is een ervaringsvak. Hij komt nu in de omgekeerde wereld. Voortaan wordt hij be- en veroordeeld door analisten. Ik ben benieuwd of hij daar mentaal tegen opgewassen is. Hij zal wel schrikken, dat hij door een vergrootglas bekeken wordt.Je kent Verheyen nog van in je tijd bij Anderlecht. Waarom is hij daar niet geslaagd als speler? DE MOS: 'Het publiek had het niet voor hem, maar voor mij was hij een zeer dankbare speler, die op zijn positie al het werk deed wat van hem gevraagd werd, verdedigend en aanvallend. Terwijl anderen wel eens hun mannetje lieten lopen. De eerste keer dat we ons plaatsten voor de Champions League, in die dubbele testwedstrijd tegen PSV, speelde hij twee fantastische matchen tegen Jan Heintze. Die schakelde hij 95 minuten uit, blessuretijd inbegrepen. Het werkvoetbal van Club paste beter bij hem. Hij was zeer betrouwbaar, dat zal hij als coach ook zijn.'