Volgend jaar is het 25 jaar geleden dat zijn naam synoniem werd van een arrest dat het voetbal helemaal op zijn kop zette. Weinig mensen weten nog dat Jean-Marc Bosman als jonge voetballer een toptalent was, een vaste waarde in de nationale jeugdploegen.

Jean-Marc Bosman: 'Als kind telde alleen voetbal. Dat speelde ik van 's morgens tot 's avonds op een plein in Cointe, met mijn vrienden. Ze noemden me Bobby Charlton. 'Bobby' was mijn bijnaam. Op mijn tiende nam mijn vader, een fervent supporter van Standard, me mee om bij die club een aansluitingskaart te tekenen. Ik weet nog dat hij tegen die secretaris zei: 'u zal nog van mijn zoon horen', en dat die man opmerkte: 'mijnheer, velen voelen zich geroepen, maar slechts weinigen zijn uitverkoren.'

'In bijna alle toernooien won ik de beker voor de beste speler. Vanaf de scholieren, de U15, werd ik opgeroepen voor de nationale ploeg. Elke woensdag reed ik samen met Benoît Thans, hét talent van Club Luik, naar de Heizel. Met de Uefa-juniores speelde ik 24 wedstrijden. Ik heb een EK meegemaakt in Finland, en één in Engeland, met Marc van der Linden en Pascal Plovie. In mijn tweede jaar bij de juniores speelde ik samen met Marc Degryse die een jaar jonger was. Julien Labeau was onze bondscoach. Die had een boontje voor mij.'

Meester van eigen lot

Op 3 februari 2020 starten de opnames van een film over het leven van Jean-Marc Bosman. Het wordt een programma dat gemaakt wordt door het Britse BT Sport. De bedoeling is dat de voormalige Franse international David Ginola bekenden uit Bosmans verleden gaat interviewen: zijn moeder, Fréderic Waseige, Benoît Thans....Het wordt de aanzet tot 25 jaar Bosman-arrest, een terugblik van wat voor en na die 15e december 1995 gebeurde.

Wat zeg je op de opmerking van veel mensen die beweren dat jij het voetbal kapot hebt gemaakt?

'Ik heb het voetbal niet kapot gemaakt, ik heb het rijk gemaakt. Je n'ai pas tué le foot, le l'ai rendu riche. Dankzij mij verdienen de clubs miljoenen euro's. Ik heb ze de magische formule gegeven. Ze hebben mijn arrest omgedraaid. Het is nu puur kapitalisme geworden. Ze zouden de rode loper voor me moeten uitgooien, omdat ze dankzij mij zo veel verdienen, maar ik ben nergens welkom. Zij verdienen miljarden, en ik leef in armoede.

'Wat nu gebeurt, was niet mijn bedoeling. Ik vroeg enkel het vrij verkeer voor Europese voetballers. De meeste bonden hebben iedereen vrije toegang gegeven. Twee jaar slechts zijn de spelers die eind contract waren echt vrij geweest, van 1995 tot 1997. Vanaf dan hebben de clubs en de federaties zich herpakt.'

'Voetballers hebben het nu qua verloning beter, maar ze zijn net als toen geen meester van hun eigen lot. Spelers worden nu op jonge leeftijd weggekocht bij hun ouders, met de bedoeling ze later met veel winst door te verkopen. Vijfennegentig procent van de voetballers, de allergrootste sterren uitgezonderd, kiest niet waar ze naartoe gaan. De clubs bepalen dat, net als in mijn tijd.'

Kennen de jonge spelers je nog?

'Nee. Ooit nam manager Paul Stefani me mee naar een Europese wedstrijd van PSV. Nadien bracht hij me in contact met Dries Mertens die toen nog in Eindhoven speelde en die in die wedstrijd indruk had gemaakt op mij. Als je zo voortdoet, zal je nog hoog geraken, zei ik hem. Achteraf zei men mij dat hij geen idee had wie ik was.'

Ze verdienen allemaal miljoenen dankzij jou, maar niemand heeft je nog bedankt de laatste decennia?

'Nee. Op één keer na. Op een dag krijg ik telefoon van een mevrouw die ik niet ken die me vraagt naar mijn rekeningnummer. Haar zoon had net een mooi profcontract gekregen bij PSG en zij vond dat dat ook mijn verdienste was, en ze wilde me een som doorstorten. Ik geloofde het eerst niet. Ze heette Veronique Rabiot, de mama en manager van haar zoon Adrien die inderdaad mee speelde bij PSG. Ze hebben toen 10.000 euro op mijn rekening gestort en zijn me hier komen opzoeken.'

Lees het volledige interview met Jean-Marc Bosman in onze Plus-zone of in Sport/Voetbalmagazine van woensdag 11 december.

Volgend jaar is het 25 jaar geleden dat zijn naam synoniem werd van een arrest dat het voetbal helemaal op zijn kop zette. Weinig mensen weten nog dat Jean-Marc Bosman als jonge voetballer een toptalent was, een vaste waarde in de nationale jeugdploegen.Jean-Marc Bosman: 'Als kind telde alleen voetbal. Dat speelde ik van 's morgens tot 's avonds op een plein in Cointe, met mijn vrienden. Ze noemden me Bobby Charlton. 'Bobby' was mijn bijnaam. Op mijn tiende nam mijn vader, een fervent supporter van Standard, me mee om bij die club een aansluitingskaart te tekenen. Ik weet nog dat hij tegen die secretaris zei: 'u zal nog van mijn zoon horen', en dat die man opmerkte: 'mijnheer, velen voelen zich geroepen, maar slechts weinigen zijn uitverkoren.''In bijna alle toernooien won ik de beker voor de beste speler. Vanaf de scholieren, de U15, werd ik opgeroepen voor de nationale ploeg. Elke woensdag reed ik samen met Benoît Thans, hét talent van Club Luik, naar de Heizel. Met de Uefa-juniores speelde ik 24 wedstrijden. Ik heb een EK meegemaakt in Finland, en één in Engeland, met Marc van der Linden en Pascal Plovie. In mijn tweede jaar bij de juniores speelde ik samen met Marc Degryse die een jaar jonger was. Julien Labeau was onze bondscoach. Die had een boontje voor mij.'Op 3 februari 2020 starten de opnames van een film over het leven van Jean-Marc Bosman. Het wordt een programma dat gemaakt wordt door het Britse BT Sport. De bedoeling is dat de voormalige Franse international David Ginola bekenden uit Bosmans verleden gaat interviewen: zijn moeder, Fréderic Waseige, Benoît Thans....Het wordt de aanzet tot 25 jaar Bosman-arrest, een terugblik van wat voor en na die 15e december 1995 gebeurde.Wat zeg je op de opmerking van veel mensen die beweren dat jij het voetbal kapot hebt gemaakt?'Ik heb het voetbal niet kapot gemaakt, ik heb het rijk gemaakt. Je n'ai pas tué le foot, le l'ai rendu riche. Dankzij mij verdienen de clubs miljoenen euro's. Ik heb ze de magische formule gegeven. Ze hebben mijn arrest omgedraaid. Het is nu puur kapitalisme geworden. Ze zouden de rode loper voor me moeten uitgooien, omdat ze dankzij mij zo veel verdienen, maar ik ben nergens welkom. Zij verdienen miljarden, en ik leef in armoede.'Wat nu gebeurt, was niet mijn bedoeling. Ik vroeg enkel het vrij verkeer voor Europese voetballers. De meeste bonden hebben iedereen vrije toegang gegeven. Twee jaar slechts zijn de spelers die eind contract waren echt vrij geweest, van 1995 tot 1997. Vanaf dan hebben de clubs en de federaties zich herpakt.' 'Voetballers hebben het nu qua verloning beter, maar ze zijn net als toen geen meester van hun eigen lot. Spelers worden nu op jonge leeftijd weggekocht bij hun ouders, met de bedoeling ze later met veel winst door te verkopen. Vijfennegentig procent van de voetballers, de allergrootste sterren uitgezonderd, kiest niet waar ze naartoe gaan. De clubs bepalen dat, net als in mijn tijd.'Kennen de jonge spelers je nog?'Nee. Ooit nam manager Paul Stefani me mee naar een Europese wedstrijd van PSV. Nadien bracht hij me in contact met Dries Mertens die toen nog in Eindhoven speelde en die in die wedstrijd indruk had gemaakt op mij. Als je zo voortdoet, zal je nog hoog geraken, zei ik hem. Achteraf zei men mij dat hij geen idee had wie ik was.'Ze verdienen allemaal miljoenen dankzij jou, maar niemand heeft je nog bedankt de laatste decennia?'Nee. Op één keer na. Op een dag krijg ik telefoon van een mevrouw die ik niet ken die me vraagt naar mijn rekeningnummer. Haar zoon had net een mooi profcontract gekregen bij PSG en zij vond dat dat ook mijn verdienste was, en ze wilde me een som doorstorten. Ik geloofde het eerst niet. Ze heette Veronique Rabiot, de mama en manager van haar zoon Adrien die inderdaad mee speelde bij PSG. Ze hebben toen 10.000 euro op mijn rekening gestort en zijn me hier komen opzoeken.'Lees het volledige interview met Jean-Marc Bosman in onze Plus-zone of in Sport/Voetbalmagazine van woensdag 11 december.