De Poolse bondscoach, Czeslaw Michniewicz, een ex-doelman, is 49 jaar maar je zou hem makkelijk vijftien jaar ouder schatten. Na de zege tegen de Belgen steekt hij in de catacomben van het Mapei Stadium van Emilia-Romagna, zijn discours af in het Pools. Hij doet zijn tactisch relaas, vertelt hoe hij de wedstrijd beleefde, hoe fier hij is, hoe sterk het Belgisch team wel niet was (met complimenten aan het adres van Isaac Mbenza, Dodi Lukebakio en Francis Amuzu). Maar Michniewicz legt ook uit dat hij sinds de lottrekking in december de tijd had om verschillende tactische scenario's uit te werken, in de wetenschap dat het team van Johan Walem in staat is om verschillende systemen uit te werken. Hij verlaat de zaal met een highfive met een Poolse journalist.

Als je niet kan winnen, doe dan tenminste extra ervaring op dit niveau op.

Johan Walem

Zijn quasi monoloog duurt bijna twintig minuten. Dan is het de beurt aan Johan Walem die, verrassend genoeg, goed gehumeurd lijkt te zijn. Geen frustratie, geen nervositeit te bespeuren, alleen: ontgoocheling. Uit beide kampen klonk de dagen voor de wedstrijd hetzelfde discours: dit was de match die niet verloren mocht worden. De sleutelmatch, voor de wedstrijden tegen de twee tenoren uit de groep, Spanje en thuisland Italië. Maar de match die niet mocht verloren worden, werd verloren.

Zinho Vanheusden

Door de nederlaag tegen Polen is België verplicht zijn volgende twee confrontaties te winnen. 'We wisten dat het een belangrijke afspraak was, we moeten alleen boos zijn op onszelf', besloot Walem. 'De eerste 25 minuten waren erg goed, en we kenden een opleving in de laatste tien minuten. Maar op dit niveau volstaat het niet om 35 of 40 minuten goed te zijn.'

Maar dé belangrijkste vraag van de avond was: hoe zwaar woog de afwezigheid door van Zinho Vanheusden? Zondagavond moesten er namelijk op verdedigend vlak keuzes gemaakt worden, en dat waren vaak de verkeerde. In zijn beleefde antwoord liet Walem vermoedelijk niet het achterste van zijn tong zien. 'Excuses zijn gemaakt om er gebruik van te maken, maar daar wil ik me er niet mee van af maken. Als trainer kan je het risico op fouten niet beperken tot nul, je moet accepteren dat die er zijn, en de risicofactor proberen zo laag mogelijk te houden. In een groot toernooi is de foutenmarge een stuk kleiner dan in een reeks van tien voorrondewedstrijden. Vandaag betaalden we dat cash.'

Johan Walem: 'Onze ploeg moet nog groeien.', belgaimage
Johan Walem: 'Onze ploeg moet nog groeien.' © belgaimage

Na nog geen uur wedstrijd hing de schaduw van Zinho Vanheusden en Landry Dimata al over de Belgische ploeg. Voor hij op het vliegtuig naar Italië stapte, had Walem al gewaarschuwd: 'In de voorbereidingswedstrijden hadden we telkens een quasi intacte selectie. Maar nu mis ik twee titularissen die bijna alles gespeeld hebben, en die niet om het even wie zijn. Achteraan Zinho Vanheusden missen en vooraan Landry Dimata, dat is echt een zwaar verlies.'

Polen moest niet eens dominant zijn om meer goals te maken dan de Belgen. Dat was nog het meest frustrerende. Bij momenten was de centrale as achterin kaas met gaten, en dat volstond voor de Polen om het verschil te maken.

Vooraf wist Walem dat hij achteraan het meest riskeerde. Dat was al duidelijk sinds het wegvallen van Vanheusden. In de laatste vier kwalificatiematchen werd Vanheusden centraal achterin vastgekoppeld aan Wout Faes. In die matchen incasseerde België geen enkele goal, het duo Faes-Vanheusden vormde een perfect geoliede machine. Faes, een niet onverdienstelijk verdediger maar ook geen topper, groeide een aantal procenten naast iemand met de klasse van Vanheusden.

De juiste vervanger vinden was een van de kopzorgen waar Walem mee zat sinds de aankondiging van de operatie van de Standardverdediger, wat meteen diens forfait voor het EK betekende. Voor de twee centrale plaatsen achterin bleven over: Wout Faes, Rocky Bushiri, Elias Cobbaut en Sebastiaan Bornauw. De laatste match van Vanheusden met de beloften dateert al van maart, een vriendschappelijk treffen tegen Denemarken. Toen de verdediger bij de rust in de kleedkamer bleef, leidde België met 0-2. Na 90 minuten stond het 3-2 voor Denemarken. Die dag was Vanheusdens vervanger, Eupenverdediger Bushiri, niet echt top. Een paar dagen voor de afreis naar Italië kreeg Bornauw zijn kans, maar tegen Frankrijk was ook hij niet op de afspraak (3-0 voor Frankrijk). Daardoor wist België al voor het aan het EK begon waar het schoentje knelde. Om de Polen af te stoppen, koos de bondscoach uiteindelijk voor Cobbaut. Maar opnieuw slikten de jonge Rode Duivels drie tegengoals. Ook al probeerde hij zondagavond nog een lachje te tonen, toch klonk Walem bitter toen hij analyseerde: 'De eerste goal van de Polen was een fase zoals we ze op training zo vaak hebben ingeoefend. Ik herhaal altijd hetzelfde in zo'n situatie: het centrum niet opengooien. Maar het gebeurde toch. We wisten ook dat de Polen sterk zijn op vrije trappen en stilstaande fases. En wat gebeurt er? Op hun eerste corner krijgen we een goal tegen. Dat is frustrerend om te zien. Dat doelpunt sneed ons helemaal de adem af. Op zulke fases moet mijn ploeg nog groeien.'

Met Dimata erbij hadden de jonge Duivels waarschijnlijk niet verloren van Polen.

A-team

En dan was er nog het probleem voorin, door de afwezigheid van Landry Dimata. Als de Italianen en de andere watchers van dit toernooi hem nog niet kenden, kennen ze hem nu wel, dankzij het officiële toernooiprogramma, dat blijkbaar lang van tevoren afgesloten werd. De Anderlechtspeler staat er op de pagina die aan België gewijd is aangegeven als The one to watch, in het oog te houden, dus. Er staat dat Dimata 'een van de meest gegeerde spelers is op de internationale markt', en dat hij 'alle kwaliteiten bezit om een aanvaller van internationaal niveau te worden.'

Alleen kan dat in dit toernooi niet gecheckt worden, wegens een forfait vooraf.

Toegegeven: Dimata was een van de sterkhouders in de kwalificatieronde, met zeven goals. Toen de Belgen in de laatste rechte lijn zaten, met vier matchen waarin ze niet mochten falen wilden ze de kwalificatie niet op het spel zetten, was Dimata op de afspraak. In de twee duels tegen Hongarije scoorde hij drie keer, om vervolgens nog twee doelpunten te maken in de beslissende match in en tegen Zweden. 'Nochtans verliep onze samenwerking in het begin stroef', haalt Walem nog eens aan. 'Hij dacht te veel aan zichzelf, maar eens hij in zijn hoofd die knop had omgedraaid, werd hij onze meest efficiënte spits.'

Daardoor had zijn forfait dezelfde impact voorin als het wegvallen van Vanheusden achteraan. Met Dimata erbij hadden de jonge Duivels waarschijnlijk niet verloren van Polen. De statistieken gaven aan dat de Belgen zondag achttien kansen kregen. Achttien, dat leek Walem wel wat veel, 'maar ik zag in de eerste helft wel vier enorme kansen, en na de rust evenveel. Terwijl we uiteindelijk slechts twee keer scoorden. Op een groot toernooi moet je de kansen die je krijgt benutten, anders hang je. Polen was minder vaak gevaarlijk, maar zij scoren wel drie keer.'

Voor Vanheusden en Dimata had dit toernooi een laboratorium moeten zijn met het oog op de A-ploeg. Dat waren Walem en Roberto Martínez een aantal weken geleden overeengekomen. Als ze een sterk EK speelden, zouden de deuren van de A-ploeg voor hen opengaan. Martínez, die ook in Emilia-Romagna was, bevestigde daar: 'Ik verwachtte veel van Vanheusden, ik vind dat hij klaar is om in de A-kern opgenomen te worden. Dimata volgde ik al toen hij nog bij Oostende voetbalde. Ik ben hem blijven volgen bij Wolfsburg. Sindsdien heeft hij aan maturiteit gewonnen. Ook hij staat dicht bij een selectie voor de A-ploeg.' Het zijn vermoedelijk de enige twee spelers uit de hele beloftenselectie die aanspraak mogen maken op een nakende selectie.

Omschakeling

Flashback naar het Mapei Stadium, de dag voor de match. De Poolse en Italiaanse journalisten zijn onder de indruk van de preview van Johan Walem, die zich tijdens de persconferentie uitdrukt in vier talen: Frans, Nederlands, Engels en Italiaans. Het lijkt alsof hij een match van twee keer niets verwacht. Op de vraag 'of hij niet vreest dat de Polen de Belgen de bal zullen laten terwijl België toch eerder een counterploeg heeft', geeft hij geen duidelijk antwoord. De vraag steekt hem, dat is duidelijk.

Dit beloftenteam doet denken aan de Rode Duivels van Marc Wilmots net voor Euro 2016, toen iedereen het er ongeveer over eens was dat het een echte counterploeg was, op zijn best in de snelle omschakeling. Als ze zelf het spel moesten maken, liep het nog wel eens vast. Pas wanneer de tegenstander de match in handen nam, werd alles makkelijker met een paar spelers die snel de omschakeling konden maken. 'We spelen een soort afwachtend voetbal, om dan snel om te schakelen. Als we dat doen, gaat het erg snel', gaf Walem een paar dagen voor het toernooi aan.

De Poolse technische staf was niet dom en niet blind. Wanneer hun bondscoach na de match aangaf dat hij sinds de lottrekking zijn tactische werk had gemaakt, doelde hij ongetwijfeld op dat aspect. De jonge Duivels voelen zich in hun sas in hun thuisbasis Leuven, maar op een hoger niveau en in andere omstandigheden liggen de zaken minder eenvoudig, zelfs tegen minder sterke tegenstanders. Omdat ze dan bijna gedwongen worden om de match te controleren.

Terwijl ze zich beter voelen op verplaatsing, waar ze mogen reageren, en niet zelf moeten ageren. Het verklaart ook enkele sterke prestaties, zoals een uitzege in Turkije, in Hongarije en in Zweden. Ook vriendschappelijk maakten ze het meeste indruk buiten de eigen grenzen, in Nederland (1-4-winst) en uit bij Italië (0-1).

Meteen wordt duidelijk wat de opdracht is in de komende twee wedstrijden tegen Spanje en Italië. België mag zich vanaf nu... niet meer thuis voelen in Italië.

Gezocht: goalgetter

'De Polen voetbalden in hun eigen stijl', was de perfecte samenvatting van wat Walem zei over de wedstrijd. Vrij vertaald: ze hebben ons goed liggen gehad. Misschien was er vooraf sprake van te veel enthousiasme, misschien zelfs naïviteit. België drukte in de aanvangsfase Polen weg, waarom moest het dan die goeie aanpak onderweg bijsturen?

De kansen waren er, en er kwamen er steeds meer, maar de afwerking was niet op niveau. Met een pure goalgetter in vorm was de match al eerder gespeeld geweest in het voordeel van de Belgen. Toch? 'Na 25 minuten had het 3-0 of 4-0 kunnen staan', gaf Walem toe.

Een half uur na affluiten werd al duidelijk dat hij zijn conclusies had getrokken uit wat gebeurd was, met het oog op de volgende twee matchen: 'Misschien moeten we proberen doen wat de Polen tegen ons gedaan hebben. Minder kansen afdwingen maar winnen. Daar hebben we de specifieke kwaliteiten voor. En als we toch moeten verliezen tegen Spanje, laat het ons dan op een mooie manier doen. We krijgen een unieke kans om ons te tonen tegen een topland. Als je er niet kan van winnen, doe dan tenminste de nodige ervaring op, dat is ook het doel van een toernooi zoals dit.'

Dion Cools heeft defensief afgezien, maar maakte wel het tweede doelpunt van de Belgen., belgaimage
Dion Cools heeft defensief afgezien, maar maakte wel het tweede doelpunt van de Belgen. © belgaimage
De Poolse bondscoach, Czeslaw Michniewicz, een ex-doelman, is 49 jaar maar je zou hem makkelijk vijftien jaar ouder schatten. Na de zege tegen de Belgen steekt hij in de catacomben van het Mapei Stadium van Emilia-Romagna, zijn discours af in het Pools. Hij doet zijn tactisch relaas, vertelt hoe hij de wedstrijd beleefde, hoe fier hij is, hoe sterk het Belgisch team wel niet was (met complimenten aan het adres van Isaac Mbenza, Dodi Lukebakio en Francis Amuzu). Maar Michniewicz legt ook uit dat hij sinds de lottrekking in december de tijd had om verschillende tactische scenario's uit te werken, in de wetenschap dat het team van Johan Walem in staat is om verschillende systemen uit te werken. Hij verlaat de zaal met een highfive met een Poolse journalist. Zijn quasi monoloog duurt bijna twintig minuten. Dan is het de beurt aan Johan Walem die, verrassend genoeg, goed gehumeurd lijkt te zijn. Geen frustratie, geen nervositeit te bespeuren, alleen: ontgoocheling. Uit beide kampen klonk de dagen voor de wedstrijd hetzelfde discours: dit was de match die niet verloren mocht worden. De sleutelmatch, voor de wedstrijden tegen de twee tenoren uit de groep, Spanje en thuisland Italië. Maar de match die niet mocht verloren worden, werd verloren. Zinho VanheusdenDoor de nederlaag tegen Polen is België verplicht zijn volgende twee confrontaties te winnen. 'We wisten dat het een belangrijke afspraak was, we moeten alleen boos zijn op onszelf', besloot Walem. 'De eerste 25 minuten waren erg goed, en we kenden een opleving in de laatste tien minuten. Maar op dit niveau volstaat het niet om 35 of 40 minuten goed te zijn.' Maar dé belangrijkste vraag van de avond was: hoe zwaar woog de afwezigheid door van Zinho Vanheusden? Zondagavond moesten er namelijk op verdedigend vlak keuzes gemaakt worden, en dat waren vaak de verkeerde. In zijn beleefde antwoord liet Walem vermoedelijk niet het achterste van zijn tong zien. 'Excuses zijn gemaakt om er gebruik van te maken, maar daar wil ik me er niet mee van af maken. Als trainer kan je het risico op fouten niet beperken tot nul, je moet accepteren dat die er zijn, en de risicofactor proberen zo laag mogelijk te houden. In een groot toernooi is de foutenmarge een stuk kleiner dan in een reeks van tien voorrondewedstrijden. Vandaag betaalden we dat cash.' Na nog geen uur wedstrijd hing de schaduw van Zinho Vanheusden en Landry Dimata al over de Belgische ploeg. Voor hij op het vliegtuig naar Italië stapte, had Walem al gewaarschuwd: 'In de voorbereidingswedstrijden hadden we telkens een quasi intacte selectie. Maar nu mis ik twee titularissen die bijna alles gespeeld hebben, en die niet om het even wie zijn. Achteraan Zinho Vanheusden missen en vooraan Landry Dimata, dat is echt een zwaar verlies.' Polen moest niet eens dominant zijn om meer goals te maken dan de Belgen. Dat was nog het meest frustrerende. Bij momenten was de centrale as achterin kaas met gaten, en dat volstond voor de Polen om het verschil te maken. Vooraf wist Walem dat hij achteraan het meest riskeerde. Dat was al duidelijk sinds het wegvallen van Vanheusden. In de laatste vier kwalificatiematchen werd Vanheusden centraal achterin vastgekoppeld aan Wout Faes. In die matchen incasseerde België geen enkele goal, het duo Faes-Vanheusden vormde een perfect geoliede machine. Faes, een niet onverdienstelijk verdediger maar ook geen topper, groeide een aantal procenten naast iemand met de klasse van Vanheusden. De juiste vervanger vinden was een van de kopzorgen waar Walem mee zat sinds de aankondiging van de operatie van de Standardverdediger, wat meteen diens forfait voor het EK betekende. Voor de twee centrale plaatsen achterin bleven over: Wout Faes, Rocky Bushiri, Elias Cobbaut en Sebastiaan Bornauw. De laatste match van Vanheusden met de beloften dateert al van maart, een vriendschappelijk treffen tegen Denemarken. Toen de verdediger bij de rust in de kleedkamer bleef, leidde België met 0-2. Na 90 minuten stond het 3-2 voor Denemarken. Die dag was Vanheusdens vervanger, Eupenverdediger Bushiri, niet echt top. Een paar dagen voor de afreis naar Italië kreeg Bornauw zijn kans, maar tegen Frankrijk was ook hij niet op de afspraak (3-0 voor Frankrijk). Daardoor wist België al voor het aan het EK begon waar het schoentje knelde. Om de Polen af te stoppen, koos de bondscoach uiteindelijk voor Cobbaut. Maar opnieuw slikten de jonge Rode Duivels drie tegengoals. Ook al probeerde hij zondagavond nog een lachje te tonen, toch klonk Walem bitter toen hij analyseerde: 'De eerste goal van de Polen was een fase zoals we ze op training zo vaak hebben ingeoefend. Ik herhaal altijd hetzelfde in zo'n situatie: het centrum niet opengooien. Maar het gebeurde toch. We wisten ook dat de Polen sterk zijn op vrije trappen en stilstaande fases. En wat gebeurt er? Op hun eerste corner krijgen we een goal tegen. Dat is frustrerend om te zien. Dat doelpunt sneed ons helemaal de adem af. Op zulke fases moet mijn ploeg nog groeien.' En dan was er nog het probleem voorin, door de afwezigheid van Landry Dimata. Als de Italianen en de andere watchers van dit toernooi hem nog niet kenden, kennen ze hem nu wel, dankzij het officiële toernooiprogramma, dat blijkbaar lang van tevoren afgesloten werd. De Anderlechtspeler staat er op de pagina die aan België gewijd is aangegeven als The one to watch, in het oog te houden, dus. Er staat dat Dimata 'een van de meest gegeerde spelers is op de internationale markt', en dat hij 'alle kwaliteiten bezit om een aanvaller van internationaal niveau te worden.' Alleen kan dat in dit toernooi niet gecheckt worden, wegens een forfait vooraf. Toegegeven: Dimata was een van de sterkhouders in de kwalificatieronde, met zeven goals. Toen de Belgen in de laatste rechte lijn zaten, met vier matchen waarin ze niet mochten falen wilden ze de kwalificatie niet op het spel zetten, was Dimata op de afspraak. In de twee duels tegen Hongarije scoorde hij drie keer, om vervolgens nog twee doelpunten te maken in de beslissende match in en tegen Zweden. 'Nochtans verliep onze samenwerking in het begin stroef', haalt Walem nog eens aan. 'Hij dacht te veel aan zichzelf, maar eens hij in zijn hoofd die knop had omgedraaid, werd hij onze meest efficiënte spits.' Daardoor had zijn forfait dezelfde impact voorin als het wegvallen van Vanheusden achteraan. Met Dimata erbij hadden de jonge Duivels waarschijnlijk niet verloren van Polen. De statistieken gaven aan dat de Belgen zondag achttien kansen kregen. Achttien, dat leek Walem wel wat veel, 'maar ik zag in de eerste helft wel vier enorme kansen, en na de rust evenveel. Terwijl we uiteindelijk slechts twee keer scoorden. Op een groot toernooi moet je de kansen die je krijgt benutten, anders hang je. Polen was minder vaak gevaarlijk, maar zij scoren wel drie keer.' Voor Vanheusden en Dimata had dit toernooi een laboratorium moeten zijn met het oog op de A-ploeg. Dat waren Walem en Roberto Martínez een aantal weken geleden overeengekomen. Als ze een sterk EK speelden, zouden de deuren van de A-ploeg voor hen opengaan. Martínez, die ook in Emilia-Romagna was, bevestigde daar: 'Ik verwachtte veel van Vanheusden, ik vind dat hij klaar is om in de A-kern opgenomen te worden. Dimata volgde ik al toen hij nog bij Oostende voetbalde. Ik ben hem blijven volgen bij Wolfsburg. Sindsdien heeft hij aan maturiteit gewonnen. Ook hij staat dicht bij een selectie voor de A-ploeg.' Het zijn vermoedelijk de enige twee spelers uit de hele beloftenselectie die aanspraak mogen maken op een nakende selectie. Flashback naar het Mapei Stadium, de dag voor de match. De Poolse en Italiaanse journalisten zijn onder de indruk van de preview van Johan Walem, die zich tijdens de persconferentie uitdrukt in vier talen: Frans, Nederlands, Engels en Italiaans. Het lijkt alsof hij een match van twee keer niets verwacht. Op de vraag 'of hij niet vreest dat de Polen de Belgen de bal zullen laten terwijl België toch eerder een counterploeg heeft', geeft hij geen duidelijk antwoord. De vraag steekt hem, dat is duidelijk. Dit beloftenteam doet denken aan de Rode Duivels van Marc Wilmots net voor Euro 2016, toen iedereen het er ongeveer over eens was dat het een echte counterploeg was, op zijn best in de snelle omschakeling. Als ze zelf het spel moesten maken, liep het nog wel eens vast. Pas wanneer de tegenstander de match in handen nam, werd alles makkelijker met een paar spelers die snel de omschakeling konden maken. 'We spelen een soort afwachtend voetbal, om dan snel om te schakelen. Als we dat doen, gaat het erg snel', gaf Walem een paar dagen voor het toernooi aan. De Poolse technische staf was niet dom en niet blind. Wanneer hun bondscoach na de match aangaf dat hij sinds de lottrekking zijn tactische werk had gemaakt, doelde hij ongetwijfeld op dat aspect. De jonge Duivels voelen zich in hun sas in hun thuisbasis Leuven, maar op een hoger niveau en in andere omstandigheden liggen de zaken minder eenvoudig, zelfs tegen minder sterke tegenstanders. Omdat ze dan bijna gedwongen worden om de match te controleren. Terwijl ze zich beter voelen op verplaatsing, waar ze mogen reageren, en niet zelf moeten ageren. Het verklaart ook enkele sterke prestaties, zoals een uitzege in Turkije, in Hongarije en in Zweden. Ook vriendschappelijk maakten ze het meeste indruk buiten de eigen grenzen, in Nederland (1-4-winst) en uit bij Italië (0-1). Meteen wordt duidelijk wat de opdracht is in de komende twee wedstrijden tegen Spanje en Italië. België mag zich vanaf nu... niet meer thuis voelen in Italië.