Walter Dingemans is een van de eerste trainers die bij Germinal Beerschot met de jonge Nainggolan kan werken. "We gaven elke speler een individueel evaluatierapport. Ik heb dat van Radja er nog eens bijgenomen en wat ik me meende te herinneren, klopt ook: hij is dezelfde als vroeger. Er staat letterlijk: Radja is iemand die met veel karakter, lef en zelfvertrouwen voetbalt en zijn plaats in de ploeg opeist. Hij is heel sterk in de balrecuperatie en vervolgt steeds met een goede actie naar voren toe. Qua puur talent viel in die tijd vooral Moussa Dembélé enorm op. Radja was een zeer goede jeugdspeler, maar het was minder duidelijk of hij het ging maken. Hij scoorde op vele onderdelen wel heel goed en was zeker bij de betere spelers van zijn leeftijdscategorie", herinnert Dingemans zich.

Tomahawktackle

Een van de grote troeven van de jonge Nainggolan is diens polyvalentie. Aanvankelijk wordt hij door Dingemans op de 6 of de 8 ingezet, maar later gebruikt Germinal Beerschot hem ook op andere posities, onder meer op de 10.

Vincenzo Verhoeven, tegenwoordig speler van Beerschot-Wilrijk, voetbalde in het begin van dit millennium meermaals aan de zijde van Radja Nainggolan en werd geleidelijk aan een vriend. "Ik ben een jaar ouder, maar Radja mocht soms in onze leeftijdscategorie meespelen - een reeks hoger, dus. Zijn optredens bij ons bleven wel relatief beperkt, want de lichting van 1987 had ook een deftig ploegje. Jan Vertonghen, Moussa Dembélé,... Maar we trainden wel heel vaak samen en hoorden ook constant goede dingen over Radja. Je ziet ook nu nog steeds dat hij vroeger dikwijls als spelmaker speelde. Radja is geen zuivere verdedigende middenvelder die het balletje afpakt en gewoon weer inlevert. Hij kan wel wat meer dan dat."

Marc Noé, een van de lesgevers van Nainggolan aan de Topsportschool in Merksem, gaat nog een beetje verder wat Radja's polyvalentie betreft: "Je kon hem werkelijk op elke positie zetten, zelfs op linksachter. Hij deed het overal uitstekend omdat hij zo'n goed inzicht had. Hij had toen reeds een goed schot en - opvallend voor een eerder kleine speler - een meer dan behoorlijk kopspel." Verhoeven vult aan: "Hij was op jonge leeftijd ook al zeer goed tweevoetig en had een snelle, strakke pass in de voeten." Die tomahawktackle waarover nu zoveel gepraat wordt, valt in die periode niet op. "Dat zal hij in Italië geleerd hebben", lacht de aanvaller.

Geen brave jongen

"Je wist altijd wat je aan hem had en dat charmeerde me", aldus Noé. Niet alleen op een voetbalveld, ook op school. "Ik weet nog dat hij op de eerste dag op de Topsportschool samen met negentig andere kinderen aan het eten was. Ineens hoorde ik directeur Frans Van den Wijngaert roepen: 'Awel, motje, eet gij thuis oek zo?' Hij doelde op Radja, die nogal aan het schrokken was. Het was muisstil, want niemand durfde iets te zeggen als Frans zijn stem verhief", lacht Noé. "Maar Radja antwoordde doodleuk: 'Ja, ik doe dat thuis ook.'

"Helaas gaan zulke jongens vaak verloren in het jeugdvoetbal, omdat veel trainers een voorkeur hebben voor de brave, volgzame spelers. Sommige coaches hadden het dan ook best moeilijk met Radja, maar dat vond hij niet zo belangrijk. Hij had maar één doel: voetballer worden en er alles aan doen om daarin te slagen."

Philippe Crols

Sport/Voetbalmagazine
© Sport/Voetbalmagazine

Lees de hele reportage over Radja Nainggolan in Sport/Voetbalmagazine van 12 november.

Walter Dingemans is een van de eerste trainers die bij Germinal Beerschot met de jonge Nainggolan kan werken. "We gaven elke speler een individueel evaluatierapport. Ik heb dat van Radja er nog eens bijgenomen en wat ik me meende te herinneren, klopt ook: hij is dezelfde als vroeger. Er staat letterlijk: Radja is iemand die met veel karakter, lef en zelfvertrouwen voetbalt en zijn plaats in de ploeg opeist. Hij is heel sterk in de balrecuperatie en vervolgt steeds met een goede actie naar voren toe. Qua puur talent viel in die tijd vooral Moussa Dembélé enorm op. Radja was een zeer goede jeugdspeler, maar het was minder duidelijk of hij het ging maken. Hij scoorde op vele onderdelen wel heel goed en was zeker bij de betere spelers van zijn leeftijdscategorie", herinnert Dingemans zich. Een van de grote troeven van de jonge Nainggolan is diens polyvalentie. Aanvankelijk wordt hij door Dingemans op de 6 of de 8 ingezet, maar later gebruikt Germinal Beerschot hem ook op andere posities, onder meer op de 10. Vincenzo Verhoeven, tegenwoordig speler van Beerschot-Wilrijk, voetbalde in het begin van dit millennium meermaals aan de zijde van Radja Nainggolan en werd geleidelijk aan een vriend. "Ik ben een jaar ouder, maar Radja mocht soms in onze leeftijdscategorie meespelen - een reeks hoger, dus. Zijn optredens bij ons bleven wel relatief beperkt, want de lichting van 1987 had ook een deftig ploegje. Jan Vertonghen, Moussa Dembélé,... Maar we trainden wel heel vaak samen en hoorden ook constant goede dingen over Radja. Je ziet ook nu nog steeds dat hij vroeger dikwijls als spelmaker speelde. Radja is geen zuivere verdedigende middenvelder die het balletje afpakt en gewoon weer inlevert. Hij kan wel wat meer dan dat." Marc Noé, een van de lesgevers van Nainggolan aan de Topsportschool in Merksem, gaat nog een beetje verder wat Radja's polyvalentie betreft: "Je kon hem werkelijk op elke positie zetten, zelfs op linksachter. Hij deed het overal uitstekend omdat hij zo'n goed inzicht had. Hij had toen reeds een goed schot en - opvallend voor een eerder kleine speler - een meer dan behoorlijk kopspel." Verhoeven vult aan: "Hij was op jonge leeftijd ook al zeer goed tweevoetig en had een snelle, strakke pass in de voeten." Die tomahawktackle waarover nu zoveel gepraat wordt, valt in die periode niet op. "Dat zal hij in Italië geleerd hebben", lacht de aanvaller."Je wist altijd wat je aan hem had en dat charmeerde me", aldus Noé. Niet alleen op een voetbalveld, ook op school. "Ik weet nog dat hij op de eerste dag op de Topsportschool samen met negentig andere kinderen aan het eten was. Ineens hoorde ik directeur Frans Van den Wijngaert roepen: 'Awel, motje, eet gij thuis oek zo?' Hij doelde op Radja, die nogal aan het schrokken was. Het was muisstil, want niemand durfde iets te zeggen als Frans zijn stem verhief", lacht Noé. "Maar Radja antwoordde doodleuk: 'Ja, ik doe dat thuis ook.' "Helaas gaan zulke jongens vaak verloren in het jeugdvoetbal, omdat veel trainers een voorkeur hebben voor de brave, volgzame spelers. Sommige coaches hadden het dan ook best moeilijk met Radja, maar dat vond hij niet zo belangrijk. Hij had maar één doel: voetballer worden en er alles aan doen om daarin te slagen."Philippe CrolsLees de hele reportage over Radja Nainggolan in Sport/Voetbalmagazine van 12 november.