Jules Van Cleemput (23) is het type profvoetballer dat elke club in de rangen wil. Supporters zijn dol op zijn onverdroten inzet, zijn gedurfde tackles en enthousiaste raids op de flank. Trainers koppelen daar zijn positieve, collectieve gedrag in de kleedkamer en zijn werkijver op training aan. Ploegmaats waarderen zijn gevoel voor humor en camaraderie.
...

Jules Van Cleemput (23) is het type profvoetballer dat elke club in de rangen wil. Supporters zijn dol op zijn onverdroten inzet, zijn gedurfde tackles en enthousiaste raids op de flank. Trainers koppelen daar zijn positieve, collectieve gedrag in de kleedkamer en zijn werkijver op training aan. Ploegmaats waarderen zijn gevoel voor humor en camaraderie. Kortom, Sporting Charleroi deed een koopje door de rechtsachter begin oktober, vlak voor het sluiten van de zomermercato, voor amper één miljoen euro weg te halen bij KV Mechelen. Malinwacoach Wouter Vrancken baalde dan ook toen hij Van Cleemput zag vertrekken, ook al werd die al maanden door het jonge talent Issa Kabore uit de basiself gehouden. Een Vlaming die in het Zwarte Land gaat voetballen: het gebeurt eerder uitzonderlijk. In de voorbije twintig jaar maakten enkel Tony Herreman (2001-2003), Karel Geraerts (2014-2016) en Tim Smolders (2006-2009) de beweging naar de Henegouwse industriestad. Deze zomer kwam Gentenaar Amine Benchaib over van Lokeren. Jules Van Cleemput, geboren en getogen in Antwerpen, volgt nu in hun spoor. Bijna tot zijn eigen verbazing: 'Mechelen stond open voor een transfer - mits het juiste bedrag betaald werd - omdat ze Kabore nog een jaar konden huren van Manchester City en het geld wel konden gebruiken. Dat had Frank Lagast ( CEO van KV Mechelen, nvdr) me deze zomer laten weten in een eerlijk gesprek met mijn vader en mijn grootvader, die voor mij als makelaar optreden. 'Ik wilde niet zomaar weg bij Mechelen, waar ik me nog altijd goed voelde na twee jaren in de jeugd en vijf jaren in de A-kern. Op vrijdag 2 oktober, tegen Antwerp, mocht ik plots invallen en leverde ik een assist. Een dag later kreeg ik mijn vroegere makelaar aan de lijn die me vertelde dat Mehdi Bayat me meteen wilde spreken. Daaruit bleek dat Charleroi mij al lang volgde. Ze konden heel specifieke wedstrijdsituaties aanduiden, zelfs uit oefenduels.'Wat was je eerste gedachte toen je hoorde van de concrete interesse van Charleroi? Jules Van Cleemput: 'Ik redeneerde dat het sportief een stap vooruit zou zijn, bij een club die de voorbije jaren steeds meestreed aan de top. Al moet ik toegeven dat ik meteen ook dacht aan de praktische zaken: waar ga ik wonen? Ga ik mijn vrienden en ouders nog genoeg zien? Vanuit Mechelen stond ik op een kwartiertje in Antwerpen. Heel vaak ging ik na training een koffietje drinken in het centrum of sprak ik af met vrienden. Ik ben een gewoontedier. In Charleroi kende ik niets of niemand, ik zat alleen op mijn appartement in Waterloo. Ik heb het even moeilijk gehad, vooral in november, toen ook de resultaten wat tegenvielen en er kritiek kwam van supporters. 'Ik heb in mijn carrière al tegenslagen gekend, onder andere met twee zware blessures, ik weet ondertussen hoe ik moet terugvechten. Maar toch heb ik recent veel gehad aan de gesprekken met mijn moeder, die me leerde relativeren. Want in feite ben ik een gevoelige mens, die nogal snel twijfelt. Mijn moeder wees me erop dat Charleroi me niet voor niets een contract had geboden. Dat is wat Mehdi ook duidelijk aangaf bij de besprekingen: dat ik als titularis werd gehaald. Als het was om op de bank te zitten, kon ik beter bij Mechelen blijven, waar ik alles en iedereen kende. Ik koos voor het sportieve plan dat ze hier met mij hebben. 'Het deed ook deugd dat zowel de coach als het bestuur mij heel erg bleef steunen. Charleroi blijkt een warme club. Door het grauwe imago van de stad wordt de club daaraan gelinkt, ten onrechte. Het voelt hier als één grote familie, met Nadine, die als een mama voor iedereen zorgt, maar ook met een voorzitter die elke dag aanwezig is en met alle spelers een hartelijk contact onderhoudt.' Een clubpreses die ook voorzitter is van de Belgische voetbalbond, maakt dat indruk op een jonge voetballer? Van Cleemput: 'Ja, van bij het eerste gesprek. Mehdi is een moderne businessman, maar ook een correcte en aangename mens. Iemand die weet waarmee hij bezig is en hoe hij mensen moet aanpakken. Dat hij zich als niet-Belg kon opwerken tot bondsvoorzitter zegt genoeg over zijn kwaliteiten. Hij heeft bepaalde connecties, waardoor spelers van Charleroi naar interessante clubs kunnen, zoals mijn voorganger Maxime Busi die naar Parma verhuisde. Dus dat zit wel ergens in het achterhoofd, maar in de eerste plaats moet ik me hier bewijzen bij Charleroi.' Betekent deze overstap ook dat je anders gaat denken over je carrière als profvoetballer? Van Cleemput: 'Bij Mechelen zat ik een comfortzone, maar als je progressie wil boeken, moet je ambitieus durven zijn en stappen durven zetten. Vorige winter was er al eens interesse - van Keulen en Mainz dacht ik - maar toen liep ik een zware blessure op ( een gescheurde enkelpees, nvdr). Na de zomer voelde ik me groeien bij Mechelen, Charleroi kwam op het perfecte moment.' Heb je jezelf bij Charleroi al als sfeermaker kunnen tonen? Van Cleemput: 'Neen, ik kijk nog even de kat uit de boom. Er is de taal natuurlijk - ook al spreek ik wel wat Frans, geleerd in mijn jaartje bij Standard in de jeugd -, maar je wil ook niet met een grote mond binnenkomen; dat had ik zelf niet graag wanneer nieuwelingen zo bij Mechelen verschenen.' Je hebt dus je Irish tale nog niet ten beste gegeven? Van Cleemput: ( lacht) 'Neen. Bij Mechelen werd dat een vast moment in de kleedkamer na een overwinning... en vorig seizoen wonnen we veel, hè. Dat ritueel is twee jaar geleden ontstaan in Knokke, waar we na het seizoen verzamelden om de beker en promotie te vieren. Seth De Witte had me dat filmpje getoond en aangemoedigd om het ook eens te proberen. ( geef Irish tale in op YouTube en je weet waarover het gaat, nvdr) Ik ben op een stoel gaan staan en heb de hele groep toegesproken - uiteraard nadat we al iets gedronken hadden.' Zoals je aangeeft, is het niet je eerste avontuur over de taalgrens. Bij de U15 speelde je al eens een jaar voor Standard. Hoe ben je daar beland? Van Cleemput: 'Standard had een goede jeugdacademie, veel jonge talenten verhuisden naar daar. Het was een grote stap, van het ouderlijke nest naar het internaat, maar ik heb er veel geleerd. We kregen er bij de jeugd al linietrainingen en voor de verdedigers werd die gegeven door Eric Deflandre. Ik was als verdediger nog heel impulsief toen, maar hij leerde me het belang van je lijn houden, of je lichaamspositie ten opzichte van bal en tegenstander. Na een jaar ben ik vertrokken omdat ze me echt als back zagen en ik nog middenvelder wilde blijven; ik wilde scoren en belangrijk zijn.' ( lacht) Kan je het Charleroigevoel al vatten, of voel je je daarvoor nog te veel Vlaming in Wallonië? Van Cleemput: 'Er leeft een gevoel van 'wij tegen de rest', net als bij Mechelen. Ze doen het hier al jaren goed en toch wordt daar niet echt veel erkenning aan gegeven. Maar daar halen ze hier ook motivatie uit. Hard werken en altijd voluit gaan. Ook vanuit de supporters voel je dat. Ze gaan hier ook wel ludiek om met dat grijze, grauwe beeld van de club en stad.' Zijn er ploegmaats die al indruk maakten op jou? Van Cleemput: 'De anciens zijn heel collegiaal, ondanks hun staat van dienst, met Guillaume Gillet rijd ik bijvoorbeeld samen naar de training. En dan zijn er spelers als Ali Gholizadeh, waarvan je soms staat te kijken hoe hij zich uit situaties dribbelt. De klik met hem is er wel, hij trekt geregeld naar binnen - net als Kaya bij Mechelen - waardoor er op de flank ruimte voor mij komt. Met Fall voor mij is dat anders, die zoekt graag zelf die ruimte. De automatismen moeten nog groeien, maar toch vind ik dat we achterin al heel matuur voetballen.' Charleroi wordt gezien als een defensieve ploeg. Is dat een thema in de kleedkamer? Van Cleemput: 'Het is een kwaliteit om, zoals ook Atlético Madrid, een goed georganiseerd blok neer te zetten waar de tegenstander niet doorkomt. Wij hebben onze twee lijnen van vier met dan nog twee spitsen die goed schuiven, dat is een sterkte en is voor een verdediger ook best aangenaam voetballen. Bij Charleroi zakken we iets meer in dan Mechelen en mikken we eerder op de omschakeling, maar dat is even waardevol.' Je wordt gezien als een echte Malinwaspeler, maar eigenlijk kom je uit een Beerschotnest. Van Cleemput: 'Wij zijn een echte Beerschotfamilie, ja, geboren en getogen in Wilrijk. Ik heb er leren voetballen, mijn vader voetbalde er en met mijn grootvader, die op het Kiel woonde, ging ik elke thuiswedstrijd kijken. Het was de tijd van Cavens, Cruz, Sterchele.... Ik ben nog met de bus meegereisd naar de Heizel voor de bekerfinale. Zulke belevenissen vergeet je nooit en daardoor zal die speciale band altijd blijven. 'Dat maakte het voor mij ook zo moeilijk toen de rivaliteit met KV Mechelen piekte in dat ene jaar dat beide clubs om promotie streden in 1B. Wij werden uitgescholden voor maffia en ik voelde veel haat tussen beide clans. Ik stond daar wat ongemakkelijk tussen. Vrienden van mij, Beerschotsupporters, slingerden me allerlei verwijten naar het hoofd. Ik vond dat oneerlijk. 'We werden beticht van matchfixing, maar ten eerste was dat dan toch heel slecht gedaan, want we degradeerden, en ten tweede stond onze titel in 1B daar toch helemaal los van? Niemand kon zeggen dat we die promotie gestolen hadden, we waren de beste ploeg in de reeks. En je mag een club ook niet afrekenen op enkel het bestuur, vind ik. Spelers, staf en supporters hadden met heel die affaire Propere Handen niets te maken.' Was die affaire dan geen thema in de kleedkamer? Van Cleemput: 'Natuurlijk stelden wij ons ook vragen. We werden door het bestuur gerustgesteld, maar even goed was dat om ons te sussen. Dieter Penninckx is toen opgestaan en is naar ons toe altijd heel correct geweest. Hij was op dat dieptepunt heel belangrijk voor KV Mechelen. Wat daarna met zijn bedrijf gebeurde, weet ik niet, en ik ken de details ook niet, dus wil ik me enkel positief over hem uitlaten.' Je band met Mechelen is nog niet doorgeknipt, je maakt nog steeds deel uit van een whatsappgroep daar, niet? Van Cleemput: 'Ja, met Van Damme, Yannick Thoelen en Hairemans heb ik nog nauw contact. Voetbal is niet enkel een job, ik vind dat je ook vriendschappen kan onderhouden. Iedereen wil natuurlijk op dat veld staan en geld verdienen, maar dat heeft mij nooit weerhouden om collectief te denken. Laurens Paulussen was bijvoorbeeld mijn rechtstreekse concurrent, maar ook met hem werd ik bevriend. Het was niet zijn fout dat ik soms op de bank zat.' De beste momenten met Mechelen heb je gemist, voor de bekerfinale en promotiefinale was je immers geblesseerd. Van Cleemput: 'Hij staat wel op mijn palmares, maar in mijn ogen heb ik die beker niet gewonnen. Ik zat gefrustreerd in de tribune... en dat doet nog altijd heel erg pijn. Hetzelfde met de promotieduels tegen Beerschot: dat zijn gebeurtenissen die je misschien maar één keer meemaakt. Maar zulke tegenslagen maken deel uit van het leven. Het gaat erom de knop om te draaien, alleen zo word je sterker. En met een positieve attitude kan je dan toch ook je steentje bijdragen in een ploeg.'