Van de ene kust naar de andere. Twee jaar zag Kamal Sowah (21) zijn familie, die in Accra, Ghana woont, niet terug. De schuld van de pandemie en een lang voetbalseizoen. Toen het vorige afgelopen was, ging hij niet direct van OHL naar huis, maar passeerde hij eerst nog in Leicester City, de ploeg met wie hij een contract had. Vanop de eerste rij maakte hij de winst mee van Tielemans en co in de finale van de FA Cup. Pas daarna kreeg hij groen licht voor een zomer aan de Goudkust van Afrika. Na een tijd van genieten en vervolgens overleggen over waar zijn sportieve toekomst zou liggen, ruilde hij de Atlantische kust in voor die aan de Noordzee. Knokke-Heist wordt straks zijn uitvalsbasis.
...

Van de ene kust naar de andere. Twee jaar zag Kamal Sowah (21) zijn familie, die in Accra, Ghana woont, niet terug. De schuld van de pandemie en een lang voetbalseizoen. Toen het vorige afgelopen was, ging hij niet direct van OHL naar huis, maar passeerde hij eerst nog in Leicester City, de ploeg met wie hij een contract had. Vanop de eerste rij maakte hij de winst mee van Tielemans en co in de finale van de FA Cup. Pas daarna kreeg hij groen licht voor een zomer aan de Goudkust van Afrika. Na een tijd van genieten en vervolgens overleggen over waar zijn sportieve toekomst zou liggen, ruilde hij de Atlantische kust in voor die aan de Noordzee. Knokke-Heist wordt straks zijn uitvalsbasis. Blij om terug aan de kust te leven? Kamal Sowah: ( lacht luidop) 'Zeer blij! Al heb ik hier nog niet veel van de omgeving gezien, vrees ik, bij gebrek aan een definitieve stek. Ik leef nog op hotel, omdat ik nog een paar dingen moet checken. Huizen, appartementen. Ik denk dat ik voor een huis ga kiezen. Iets meer ruimte en privacy. Ik woon nog alleen, maar we zijn bezig met het in orde maken van de papieren van mijn broer. Dan kan hij hier wat wedstrijden van mij komen volgen.'Hoe was je zomer? Sowah: 'Druk. Na het einde van het seizoen bij Leuven ben ik nog een week naar Engeland getrokken, de aanloop naar de finale van de FA Cup meegemaakt ook. Ik was blij dat ze die wonnen, de teleurstelling rond het missen van de Champions League kwam hard aan. Ik zat in de tribune op Wembley. Fantastisch. De jongens zien aankomen in het stadion, zien winnen, het feest nadien... Crazy. Pas daarna trok ik naar Ghana. Iedereen was super blij me te zien, door covid was ik bijna twee jaar lang niet terug kunnen gaan.' Herkenden ze jou nog? Sowah: 'Nog net. ( lacht) Het was een heel speciale vakantie. Veel intenser dan anders, merkte ik.' Hoe moet ik me dat voorstellen: Sowah met vakantie in Ghana. Sowah: 'De hele tijd rond lopend. Familie bezoeken, oude vrienden opzoeken. Terug naar de wijk waar ik opgroeide. De mensen die er nog wonen, hebben me vroeger veel gesteund en zijn altijd blij als ze me zien. Dus maak ik elke keer als ik in het land ben, tijd voor hen vrij. Mensen zien lachen, vind ik een fantastisch gevoel.' Organiseren ze feestjes? Sowah: 'Voetbalwedstrijdjes. Altijd. Ik doe dan mee. Echt rustig is het nooit, maar dat vind ik niet erg. Ik neem altijd een pak bagage mee en deel spullen uit. De steun die ik van hen krijg is enorm. Ik merk het niet altijd live, omdat ik ver weg woon, maar zie het wel passeren op sociale media. Dan is het leuk om tijdens bezoekjes iets terug te doen.' Zijn zo'n wedstrijdjes niet gevaarlijk voor blessures? Sowah: 'Neen. De jongens weten: dat is een prof, die mag je niet hard aanpakken. Als we spelen tegen andere gemeenschappen, wijzen mijn ploegmaats daar altijd op. Blijf uit zijn buurt, pak hem niet hard aan. ( lacht) Soms zijn die wedstrijdjes voor het plezier, veel vaker zijn dat liefdadigheidswedstrijdjes. Geld inzamelen voor het goeie doel.' Ga je later via een stichting een en ander in een gestructureerd hulpformat gieten? Sowah: 'Ik doe dat nu al. Mijn makelaar, ik en wat vrienden in Ghana zijn aan het onderzoeken hoe we een fonds kunnen opzetten om mensen te helpen die het nodig hebben. Welke projecten we kunnen steunen.' De academie waar je leerde voetballen droeg de naam: the right to dream. Hoe sta je tegenover dat soort opleidingen? Maken ze dromen waar? Sowah: 'Ik had er goeie dagen, maar ook slechte; moeilijke. Ik was één van de vijf spelers die een selectieprocedure van duizenden voetballers overleefde. Dat was het goeie. Het mindere was dat ik op die academie met de eigenaars ook dingen meemaakte die lastig waren om te accepteren. Zaken die niet pasten bij mijn waarden als mens. Er zijn ook donkere kanten aan het leven daar. Je bent nog een kind en als je geen sterk overlevingsinstinct hebt en je focus niet houdt, kan het ontsporen. Ik zou niet durven zeggen dat ze me hielpen om te raken waar ik nu ben. Veel mensen kennen die donkere kant niet. De manier waarop ze je soms behandelden, de straffen die je kreeg... zo verboden ze ons om tijdens de week onze telefoon te gebruiken, ik kon dus niet naar huis bellen. Soms sloegen ze ons ook. Ik was ook niet de makkelijkste, ik durfde neen zeggen en tegen hen ingaan. Dat zorgde soms voor problemen.'De academie is nu in handen van de City-groep las ik. Sowah: 'Dat samenwerkingsakkoord is inmiddels verbroken. De eigenaar van de academie is eigenaar van een Deense club: Nordsjaelland.' Veel Ghanese voetballers wijken uit naar Scandinavië. Worden jullie in die richting gepusht? Sowah: 'Ja. Dat waren ze ook met mij van plan. Er was een periode waarin ze niet meer in mijn talent geloofden. Daarna speelde ik wat tornooien, en zagen ze: oh, misschien heeft die jongen het toch in zich. Vervolgens wilden ze me verplichten om een contract te tekenen voor ik bij de nationale ploeg van Ghana zou komen. Bij de U17. Ik zei: 'Neen, ik heb geen contract nodig om bij de nationale ploeg te komen.' Toen begonnen de problemen. 'Jij moet naar Nordjsaelland', zeiden ze. Ik antwoordde dat ik dat niet wilde waarop me werd verteld dat wanneer ik weigerde, we niet meer konden samenwerken. Ik ben toen een tijd geschorst en mocht niet meer trainen met de groep. Gelukkig hadden mensen van Leicester, tegen wie we in Engeland hadden gevoetbald, me al opgemerkt en kwam alles nog goed. Anderzijds: de opleiding was wel goed wat betreft het schoolgedeelte en het voetbal. En mij kregen ze niet klein, ik was sterk genoeg. Maar dat geldt niet voor elk kind. Ik vond dat geen manier om met kinderen van acht, negen, tien jaar om te gaan.' Stel, je was geen voetballer geworden. Welk plan had je moeder voor jou? Sowah: 'Dokter of zo. Zij wilde dat ik naar de VS zou gaan, om daar te studeren. Maar dat was het laatste waar ik aan dacht. Voetbal zou het worden. Barcelona was in die tijd mijn favoriete club.' Voor Messi? Sowah: 'Voor iedereen. Messi, Xavi, Ronaldinho... ' Hoe volgde je het Europese voetbal? Sowah: 'Soms thuis, vaak op café. Als kind liepen we de hele tijd rond.' Joseph Akpala vertelde me ooit dat hij als kind in Nigeria zot werd van stroomonderbrekingen tijdens belangrijke voetbalwedstrijden. Sowah: 'Zeer herkenbaar. ( lacht) Ik herinner me ook zulke momenten. Dan was het altijd rushen, op zoek naar iemand met een telefoon en een goeie verbinding, om daar verder te kijken. Zalige tijden, om daar aan terug te denken en te vergelijken met de luxe hier. Dit is een heel andere wereld.' Toen je vakantie erop zat, keerde je terug naar Leicester. Sowah: 'Het was mijn bedoeling daar een plaats af te dwingen in de A-kern. Ik begon mee te trainen en speelde een paar oefenwedstrijden tegen Burton, Wycombe en QPR. Toen ik aan kwam, nam Brendan Rodgers me apart. Hij vertelde dat hij me zou observeren en dat ze dan een beslissing zouden nemen: bij de A-ploeg blijven, of opnieuw uitgeleend worden.' Had je het gevoel dat je het niveau aankon? Sowah: 'Ik voelde dat ik progressie maakte en dat het wel kon lukken, als ik wat tijd kreeg. Ik voelde veel respect ook, maar nog niet dat ik dicht bij de A-ploeg stond. De coaches zegden me dat er nog werk was, maar dat zegt elke coach. ( lacht) Hier ook.' Op welke posities speelden ze je uit? Sowah: 'In de eerste match op de rechtervleugel. In de tweede als linksachter. In Leuven deed ik dat ook al een keer, tegen KRC Genk. Daarna werd ik weer rechtsmidden, om te eindigen in het centrum. Tegen QPR speelde ik als nummer acht. Ik had het gevoel dat ze deden zoals Marc Brys in Leuven. Overal proberen. Mij maakte het niet uit. Als je jong bent, wil je gewoon voetballen, waar ook. Overal kan je leren. 'Toen volgde de evaluatie. Blijven was geen optie; ik werd beter uitgeleend, vonden ze. Ze stelden wat ploegen voor op een niveau lager in Engeland en er waren wat opties, hoorde ik. Daarop ben ik mensen gaan raadplegen. Mijn broer, mijn makelaar, vrienden die close zijn. Ik vond het Championship een goeie competitie, maar voor mij niet de beste optie. Ik dacht dat het beter zijn om terug naar het vasteland te keren. België, Nederland, Duitsland misschien. Dat heb ik met de club besproken. En toen was het wachten op ploegen waar ik mezelf iets meer zou kunnen tonen.' Je kon kiezen voor een nieuwe uitleenbeurt, maar het werd een definitieve transfer. Wiens keuze was dat? Sowah: 'De mijne. Ik heb me verzet tegen lenen, omdat ik daar na drie jaar genoeg van had. Ik wilde naar een club die ik mijn thuis kon noemen. Altijd heen en weer was ik beu. Als je wordt geleend, ben je de speelbal van verschillende partijen. Wie definitief wordt verkocht, maakt deel uit van de plannen van een club. Dat wilde ik.' Wat is voor jou de attractieve kant van de Belgische Jupiler Pro League? Sowah: 'Vorig seizoen had ik het gevoel dat iedereen van iedereen kon winnen en dat de strijd bovenaan heel open was. Dat trok me aan. Daarnaast vond ik Club Brugge een logische volgende stap in mijn carrière. Niet direct te hoog, maar wel hoger dan OHL. Een ploeg met heel veel ambities en goeie werkomstandigheden waarin ik beter kan worden. Ook belangrijk: ik kende het hier al. De ploegen, de tegenstanders, de wedstrijden van Club Brugge.' Spreek je ook al wat Nederlands? Sowah: ( lacht) 'Neen, sorry. Alles kwijt. Nederlands is zo moeilijk. In Leuven leerde ik wel wat Frans, van Mercier en Henry. ' Speelde het feit dat Club Brugge in de Champions League voetbalt ook een rol? Sowah: 'Een belangrijke zelfs. Dat is toch een platform waarop elke jonge voetballer zich wil laten zien. Dat het uiteindelijk PSG, Manchester City en Leipzig werd na de loting... daar kun je alleen van dromen.' Ga je starstruck zijn? Sowah: 'Afwachten. Naar een treffen met Messi kijk ik wel uit; van dat soort jongens leer je veel. Ik heb veel beelden van hem gezien, maar ook van Mbappé. ' Vind je het achteraf bekeken jammer dat je niet al een hele voorbereiding met Club kon meemaken? Sowah: 'Uiteraard was dat makkelijker geweest voor de integratie, maar ik had de tijd nodig bij Leicester, om een goeie beslissing te nemen. Mijn voordeel is dat ik Club al vrij goed ken. De meeste spelers ook. Ik weet wat de coach vorig jaar deed, hij sprak al met mij, legde dingen uit. Zo gaat het sneller.' Wat wil hij van jou? Sowah: 'Ik proef veel respect voor wat ik vorig jaar bracht. Dat wil hij ook zien. De plaats zijn we nog aan het uittesten. Op training stond ik soms aan de rechterkant, soms in het centrum. Nog niet op links. De positie is eigenlijk ook niet zo belangrijk, dat is iets bij de aftrap, of in balverlies. Daarna, in balbezit, is het lopen en variëren om het moeilijk te maken. In Leuven liet Marc ons daarin helemaal vrij. En lopen, dat kan ik als de beste. Daar hoef ik zelfs niet over na te denken. Het is de verdienste van Marc Brys dat hij dat talent bij mij naar boven haalde. Ik had zoiets van: wow, dit is echt waar ik goed in ben. Soms heb ik het gevoel dat ik kan blijven lopen. Vermoeidheid voel ik pas na de match.' Wie is fysiek het hardste: Brys of Clement? Sowah: 'Brys. Maar we zagen vorig seizoen hoe fit we waren en hoe goed het hielp. Aanvallend was onze driehoek complementair: Mercier de aangever-voetballer, ik de loper en Henry de afwerker. Het klikte ook naast het veld, ik heb nog steeds veel contact met beiden. Eigenlijk was dat straf, wat Xavier en ik deden. Wij hoefden niet eens met mekaar af te spreken wie wat zou doen. Dat ging vanzelf.' In Leuven was je zeker van te spelen, of toch de laatste twee jaar. Hier ga je om moeten kunnen gaan met roteren. Sowah: 'Ik denk dat ik nog veel moet leren en dat gaat wel lukken, vermoed ik. Het gaat om het ploegbelang, niet om individueel belang. Er zal ook andere druk zijn. Altijd moeten winnen tegen ploegen die ons niet opnieuw kampioen willen laten worden.' Je bent de duurste inkomende transfer deze zomer en een van de duurste ooit in België. Welk effect heeft dat op jou? Sowah: 'Ik besef dat iedereen met een vergrootglas mijn prestaties zal volgen: is hij zijn geld waard? Ik ga proberen daar op het veld niet aan te denken, maar ik snap dat mensen het wél zullen doen.' Hoe kwam het eigenlijk dat het wat duurde voor je in de ploeg raakte? Sowah: 'Onder de eerste coach, Nigel Pearson, was het lastig. Ik was nog te jong, denk ik. Nigel vond me een goeie speler en gaf me ook kansen, maar in die periode liepen er heel veel spelers rond in Leuven. Vaak oudere voetballers en die stonden veel verder dan ik. Ik kende hier ook niemand, het waren harde tijden. Elke minuut die ik niet op het trainingsveld stond, hing ik aan de telefoon met Ghana. Ik belde iedereen die ik kende. Maar eens ik hier ook vrienden maakte, Ampomah en co, en in Antwerpen een Ghanees restaurant ontdekte, werd het leven hier wat makkelijker. Inmiddels is Ashimeru ( Anderlecht, ook uit Accra, nvdr) er ook.' Weet jij nog wat je kocht met de eerste centen die je verdiende? Sowah: 'Een huis voor mijn ouders. ( lacht) Ze huurden toen nog en met het geld van Leicester heb ik hen in een andere wijk van de stad een huis gekocht. Voor ik het contract tekende, had ik hen dat beloofd.' Maakt dat een mens sneller volwassen, die verantwoordelijkheid voor een hele familie? Sowah: 'Ja. Daarom wil ik ook steeds betere contracten proberen te krijgen, omdat ze op mij steunen. Dan kan ik iets terug doen.' Voetballers wie dat niet of moeizaam lukt, voelen dat als een enorme druk. Sommigen verdwijnen in de illegaliteit omdat ze niet meer terug durven. Sowah: 'Klopt. Jij bent de persoon die voor iedereen moet zorgen. Falen is geen optie. In je hoofd speelt dat mee. Ook bij mij, straks op het veld. Ik moet hier presteren, iedereen kijkt mee. Het voelt alsof ik de familieoudste ben, zelfs al ben ik de jongste.'