Kevin Vandendriessche: 'Eerlijk gezegd was er aanvankelijk toch wat bezorgdheid, misschien zelfs wat angst. Dat is niet zo abnormaal: als er een nieuwe coach komt, weet je dat de regels gaan veranderen. Het was bovendien een Duitser en dan komen automatisch bepaalde clichés in je gedachten naar boven. Ik dacht bijvoorbeeld dat we als gekken moesten gaan lopen.'

François Marquet: 'Ik had ook vooroordelen over de Duitse manier van werken en dacht evenzeer dat we elke ochtend zouden beginnen met een stevige bosloop. Dat hebben we uiteindelijk niet vaak gedaan en wanneer het toch gebeurde, was het zeker niet om ons kapot te rennen. Als we lopen, is dat met intervallen en op een atletiekpiste. Mentaal is het een opsteker als je weet dat je er na minder dan een uur vanaf zult zijn.'

Marquet: 'Het is zijn verdienste dat hij begreep dat wij, voetballers, ons niet langer dan 30 minuten kunnen concentreren... ( lacht) De theoretische uitleg duurt dan ook niet lang. Hij toont ons concreet wat hij verlangt, maar al snel gaan we over tot de praktische oefening ervan. Een kwaliteit van hem is ook dat hij zijn oefeningen altijd weet aan te passen aan de kwaliteiten en gebreken van zijn spelers.'

Arthur Theate: 'Juist, van zodra hij iets opmerkt dat hij kan verbeteren bij iemand, een punt waarop iemand progressie kan maken, schakelt hij. Hij beschikt over een groot arsenaal aan oefeningen waar iedereen bij gebaat is.'

Vandendriessche: 'De oefeningen duren zelden lang, maar zijn heel intensief. Heel de tijd herhaalt hij: 'Pressing! Pressing!' Op dat vlak laat hij ons niet gerust, want het maakt deel uit van zijnbasics. Soms was dat wel vervelend, moet ik toegeven, vooral in het begin. Ja, we trainden vaak met de bal, maar we bleven toch wat op onze honger zitten. Dan zeiden we na de training: verdorie, nu hebben we geen enkele keer op doel geschoten.'

Brecht Capon: 'Mijn probleem is dat ik niet zoveel speel. Het is bovendien niet gemakkelijk om op training te bewijzen dat ik beter ben dan anderen. We spelen immers weinig onderlinge wedstrijdjes.'

Dankzij Blessin besef ik dat KV Oostende een springplank kan worden voor mijn carrière.'

Maxime D'Arpino

Theate: 'Ja, onderlinge wedstrijden kunnen onze trainer maar weinig schelen. Hij laat zijn principes niet los. Wat hem interesseert, is pressing. Je krijgt de indruk dat hij opgejaagde beesten van ons wil maken.'

Capon: 'De voorbereiding liep niet van een leien dakje. We verloren bijvoorbeeld een oefenwedstrijd van Union. Een ervaren groep zou op zo'n moment misschien beginnen te twijfelen, maar enthousiaste jongeren laten hun hoofd niet zo gemakkelijk hangen. Ze geloofden in het project van de trainer, waarschijnlijk omdat die erin geslaagd was om in hun hoofd te kruipen. Een jongere is veel kneedbaarder, flexibeler dan een oudere speler.'

Vandendriessche: 'Dat klopt. Ik weet niet of een andere groep, met andere spelers, zo goed zou blijven meewerken als wij na ons - laat het me zo noemen - moeilijke seizoensbegin.'

Maxime D'Arpino: 'Toen ik hier tekende, werd in Frankrijk gezegd dat ik een stap achteruit zette, dat ik in een kleine competitie tegen de degradatie ging vechten. Maar Gauthier Ganaye heeft me kunnen overtuigen dat er veel zou veranderen bij Oostende. Hij zei me ook dat ik mijn contract niet zou uitdienen, dat deze club een formidabele springplank zou worden voor mijn carrière. Ik had mijn twijfels, maar dankzij de aanwezigheid van Alexander Blessin besef ik dat het mogelijk is.'

Lees alle getuigenissen over Alexander Blessin in Sport/Voetbalmagazine van 12 februari of in onze Plus-zone.

Kevin Vandendriessche: 'Eerlijk gezegd was er aanvankelijk toch wat bezorgdheid, misschien zelfs wat angst. Dat is niet zo abnormaal: als er een nieuwe coach komt, weet je dat de regels gaan veranderen. Het was bovendien een Duitser en dan komen automatisch bepaalde clichés in je gedachten naar boven. Ik dacht bijvoorbeeld dat we als gekken moesten gaan lopen.'François Marquet: 'Ik had ook vooroordelen over de Duitse manier van werken en dacht evenzeer dat we elke ochtend zouden beginnen met een stevige bosloop. Dat hebben we uiteindelijk niet vaak gedaan en wanneer het toch gebeurde, was het zeker niet om ons kapot te rennen. Als we lopen, is dat met intervallen en op een atletiekpiste. Mentaal is het een opsteker als je weet dat je er na minder dan een uur vanaf zult zijn.'Marquet: 'Het is zijn verdienste dat hij begreep dat wij, voetballers, ons niet langer dan 30 minuten kunnen concentreren... ( lacht) De theoretische uitleg duurt dan ook niet lang. Hij toont ons concreet wat hij verlangt, maar al snel gaan we over tot de praktische oefening ervan. Een kwaliteit van hem is ook dat hij zijn oefeningen altijd weet aan te passen aan de kwaliteiten en gebreken van zijn spelers.'Arthur Theate: 'Juist, van zodra hij iets opmerkt dat hij kan verbeteren bij iemand, een punt waarop iemand progressie kan maken, schakelt hij. Hij beschikt over een groot arsenaal aan oefeningen waar iedereen bij gebaat is.'Vandendriessche: 'De oefeningen duren zelden lang, maar zijn heel intensief. Heel de tijd herhaalt hij: 'Pressing! Pressing!' Op dat vlak laat hij ons niet gerust, want het maakt deel uit van zijnbasics. Soms was dat wel vervelend, moet ik toegeven, vooral in het begin. Ja, we trainden vaak met de bal, maar we bleven toch wat op onze honger zitten. Dan zeiden we na de training: verdorie, nu hebben we geen enkele keer op doel geschoten.'Brecht Capon: 'Mijn probleem is dat ik niet zoveel speel. Het is bovendien niet gemakkelijk om op training te bewijzen dat ik beter ben dan anderen. We spelen immers weinig onderlinge wedstrijdjes.'Theate: 'Ja, onderlinge wedstrijden kunnen onze trainer maar weinig schelen. Hij laat zijn principes niet los. Wat hem interesseert, is pressing. Je krijgt de indruk dat hij opgejaagde beesten van ons wil maken.'Capon: 'De voorbereiding liep niet van een leien dakje. We verloren bijvoorbeeld een oefenwedstrijd van Union. Een ervaren groep zou op zo'n moment misschien beginnen te twijfelen, maar enthousiaste jongeren laten hun hoofd niet zo gemakkelijk hangen. Ze geloofden in het project van de trainer, waarschijnlijk omdat die erin geslaagd was om in hun hoofd te kruipen. Een jongere is veel kneedbaarder, flexibeler dan een oudere speler.'Vandendriessche: 'Dat klopt. Ik weet niet of een andere groep, met andere spelers, zo goed zou blijven meewerken als wij na ons - laat het me zo noemen - moeilijke seizoensbegin.'Maxime D'Arpino: 'Toen ik hier tekende, werd in Frankrijk gezegd dat ik een stap achteruit zette, dat ik in een kleine competitie tegen de degradatie ging vechten. Maar Gauthier Ganaye heeft me kunnen overtuigen dat er veel zou veranderen bij Oostende. Hij zei me ook dat ik mijn contract niet zou uitdienen, dat deze club een formidabele springplank zou worden voor mijn carrière. Ik had mijn twijfels, maar dankzij de aanwezigheid van Alexander Blessin besef ik dat het mogelijk is.'Lees alle getuigenissen over Alexander Blessin in Sport/Voetbalmagazine van 12 februari of in onze Plus-zone.