Als het moment is aangebroken om een balans op te maken, is het belangrijk vanuit welk perspectief je de zaak bekijkt. Is het glas half vol of half leeg? Als we het werk van Mbaye Leye bij Standard analyseren, zien we dit: 13 op 18, na een reeks van acht wedstrijden zonder winst. Pessimisten kunnen dat anders bekijken. In dezelfde duels die de Senegalese coach van Standard afwerkte (tegen Waasland-Beveren, Cercle, KV Mechelen, Charleroi, Oostende en Club Brugge) kende zijn voorganger Philippe Montanier geen nederlaag en pakte hij 14 op 18.
...

Als het moment is aangebroken om een balans op te maken, is het belangrijk vanuit welk perspectief je de zaak bekijkt. Is het glas half vol of half leeg? Als we het werk van Mbaye Leye bij Standard analyseren, zien we dit: 13 op 18, na een reeks van acht wedstrijden zonder winst. Pessimisten kunnen dat anders bekijken. In dezelfde duels die de Senegalese coach van Standard afwerkte (tegen Waasland-Beveren, Cercle, KV Mechelen, Charleroi, Oostende en Club Brugge) kende zijn voorganger Philippe Montanier geen nederlaag en pakte hij 14 op 18. De verdedigers van Leye kunnen opmerken dat Club Brugge toen nog niet de pletwals was die het vandaag is, en dat de drukke kalender in januari niet toeliet om hard te werken op training. De verdedigers van Montanier kunnen daar weer tegenover stellen dat zijn Standard ook een indigestie aan wedstrijden te verwerken kreeg, toen de nationale competitie moest worden gecombineerd met de Europa League en dat hij lange tijd niet kon rekenen op Selim Amallah. Diens afwezigheid bij de aftrap leidde ook onder Leye tot puntenverlies. In die zin hebben beide coaches wat gemeen. En nochtans, Standard is de voorbije maand veranderd. We zien het al in de opbouw van doelman Arnaud Bodart. Het lijkt nu voor hem verboden om ballen direct in de middencirkel te droppen. Op bezoek bij KVO vorige woensdag noteerden we niet één lange bal. In de thuismatch tegen de mannen van Alexander Blessin zag dat er nog heel anders uit; toen probeerde hij dat tien keer. 'Onder druk moet je niet lang proberen te spelen', legde Mbaye Leye eerder al uit, met name na de winst tegen Waasland-Beveren. 'Ik wil dat we proberen uit te voetballen door de tweede zone te zoeken.' Standard lokt nu de tegenstander naar zich toe om vervolgens zo de lijnen te breken, vaak via de flank. Op links zien we Maxime Lestienne de ploeg lengte en diepte geven, aan de rechterkant is dat Hugo Siquet. De jonge Belg zoekt dan vaak de voorzet, een wapen dat goed bij hem past. Zijn statistieken zijn indrukwekkend: meer dan 50 procent van zijn voorzetten zijn geslaagd. Leye schenkt meer aandacht aan de bal dan zijn voorganger, is de indruk. Nochtans blijkt uit de statistieken dat het percentage balbezit onder hem is gedaald: van 55 naar 49 procent in wedstrijden tegen dezelfde tegenstander. Misschien heeft dat te maken met het feit dat zijn ploeg sneller op voorsprong kwam in het merendeel van die duels. Opvallend is ook dit: het aantal passes tijdens de wedstrijd blijft min of meer stabiel. Onder Montanier waren dat er 436, onder Leye 435!Het grote verschil lijkt te liggen in de duidelijke lijnen die de opbouw volgt. Een zaak van tactiek, die door velen wordt geapprecieerd, maar ook de limieten van bepaalde spelers blootlegt. Tegenover de hoge, soms verstikkende, druk van Club Brugge probeerden Noë Dussenne en Merveille Bokadi tevergeefs precisie uit hun voetenspel te halen. Beiden hadden een slaagpercentage van minder dan 70 procent in de passen vooruit. Hun positiespel was vaak uitstekend, maar de voeten volgden het plan in het hoofd niet. Wellicht was het dat wat Leye bedoelde, toen hij op de persconferentie na de wedstrijd verklaarde dat de technische capaciteiten van zijn manschappen niet beantwoordden aan de uitdaging waar Club Brugge hen voor stelde. In tegenstelling tot zijn voorganger probeert Leye minutieus het werk aan de bal te verzorgen. Montanier legde in zijn trainingen vaak de klemtoon op de defensieve positionering. Aan de offensieve omschakeling werd veel minder aandacht besteed, tot grote verrassing van de Luikse beleidsbepalers die zich bij hun beslissing om de Normandiër aan te werven vooral baseerden op die omschakelingspatronen die ze zagen als een van de constanten in zijn carrière. Voor definitieve conclusies is het nog veel te vroeg. Leye is amper een maand aan de slag. Daarin kreeg hij een kalender voor de voeten die zo druk was dat hij onmogelijk trainingen kon voorzien die een direct effect zouden hebben op het wedstrijdverloop. Maar: het nieuwe Standard geeft toch al enige tendensen aan. En die lijken niet direct mee te vallen voor Mehdi Carcela. Of beter gezegd: die lijken anders uit te vallen dan de rol die Leye voor Carcela in gedachten had toen hij de sportieve werking in handen nam. Een paar dagen voor de eerste wedstrijd van 2021 stuurde Standard Carcela nog naar de pers. Met de groeten van de nieuwe trainer. Die maakte hem basisspeler én aanvoerder tegen Waasland-Beveren en Cercle, maar liet hem vervolgens op de bank in het duel tegen KV Mechelen, ten voordele van Michel-Ange Balikwisha die twee keer beslissend was en mocht blijven staan tegen Charleroi. Intern hoor je dat de houding van het nummer tien al leidde tot spanningen. Sommigen stellen zijn professionalisme in vraag, maar merken vooral dat zijn prestaties niet meer voldoende zijn. Zijn laatste doelpunt dateert inmiddels van 31 januari 2020. Heeft Carcela het krediet dat ook Leye hem aanvankelijk gaf, nu al opgebruikt? Zondag zagen we hem opwarmen maar wellicht heeft de nonchalance waarmee dat gebeurde, de staf niet zeer gelukkig gemaakt. Die evolutie staat in schril contrast met de veelbelovende progressie die Balikwisha maakt: vier keer beslissend in zes wedstrijden. Hij lijkt geconcentreerder op zijn offensieve taken dan onder Montanier, die vooral de aandacht vestigde op zijn capaciteiten om druk te zetten. Ook in Brugge kreeg hij weer een grote kans. Het onderstreept nog maar eens dat hij op het goeie moment in de zone van de waarheid kan opduiken. Na de match in Oostende loofde Leye al het werk van zijn twee youngsters, Balikwisha en Siquet, die de wedstrijd volmaakten op de rechterflank, in de zone van Ari Skúlason. Het stelde Standard uiteindelijk in staat om in extremis nog een punt te pakken via Bokadi, maker van drie doelpunten in januari. Scoren deden ook Amallah en Balikwisha. Leye toen: 'We hebben gereageerd met jongeren die samen geen dertig wedstrijden in de Pro League speelden.' Lof, met zorg gekozen. Ook dat valt op: na de nederlaag in Brugge bleef Mbaye Leye positief, om de good mood die op Sclessin lijkt te regeren, te bewaren. Want op het einde van zijn eerste maand lijkt dat de voornaamste metamorfose: het mentale. Standard gedraagt zich, eens op het veld, niet langer als een kandidaat voor de degradatie. Het laat zich niet meer domineren door zijn tegenstander in balverlies, en probeert, eens in balbezit, coherent en verticaal te voetballen. De club lijkt, eindelijk, de juiste weg te hebben gevonden en kan nu het gaspedaal induwen, om straks één van de vier plaatsen in play-off 1 naar zich toe te trekken.