Voor het eerst sinds het Bosmanarrest 17 jaar geleden vertonen de lonen van de profspelers in onze eerste klasse een dalende tendens.

Op 15 december zal het 17 jaar geleden zijn dat het arrest-Bosman de voetbalwereld in rep en roer zette. Sindsdien kunnen spelers die einde contract zijn bij een club gaan en staan waar ze willen.

Toenemend belang van makelaars

Zeventien jaar na het arrest noemt secretaris Stijn Boeykens van sportvakbond Sporta het fenomeen van de makelaars ("dat was voordien nauwelijks aanwezig in het profvoetbal") opvallend.

Ook contractstabiliteit wordt een probleem: "Omdat de transferwaarde van spelers vaak groter is dan hun contractwaarde. Clubs proberen ook te voorkomen dat hun waardevolle spelers einde contract geraken."

"Wie ze niet meer willen, zetten ze in de B- of C-kern. Wie wel nog geld kan opbrengen, wordt gedwongen met bepaalde makelaars transfers te doen, onder de dreiging dat ze anders niet meer aan spelen toe komen. Fenomenen als Jordan Remacle, die zelf hun transfer proberen te sturen, zijn eerder uitzonderingen."

Tekengeld

De stijgende spelerslonen na het arrest hebben niet alleen te maken met het arrest zelf, meent Boeykens. "In een eerste fase wel, omdat spelers redeneerden: nu je geen transfersom moet betalen, mag je dat geld aan ons geven."

Rond 1997 werd in eerste een gemiddelde loonsverhoging van 30 procent vastgesteld tegenover twee jaar eerder. De volgende loonsverhogingen hadden volgens Sporta meer te maken met de stijgende tv-gelden. Bij het huidige tv-contract gaat jaarlijks vier keer zoveel geld naar het eersteklassevoetbal dan in de periode voor 2008. In 2009-2010 bedroeg het gemiddelde bruto jaarloon (groepsverzekering inbegrepen) 218.000 euro. In 2010-2011 zakte dat gemiddelde voor het eerst sinds lang, naar 210.000 euro (de cijfers van vorig seizoen zijn nog niet bekend).

Sporta ziet ook hoe tekengelden weer belangrijk worden, sinds in 2007 de wetgeving over de groepsverzekering aangepast werd. "Spelers vinden dat misschien fijn, maar het is vooral voordelig voor de clubs, want op wat een speler ontvangt aan tekengeld, moet geen groepsverzekering meer betaald worden. Tot 2007 was dat wel het geval." (GF)

Voor het eerst sinds het Bosmanarrest 17 jaar geleden vertonen de lonen van de profspelers in onze eerste klasse een dalende tendens. Op 15 december zal het 17 jaar geleden zijn dat het arrest-Bosman de voetbalwereld in rep en roer zette. Sindsdien kunnen spelers die einde contract zijn bij een club gaan en staan waar ze willen.Toenemend belang van makelaarsZeventien jaar na het arrest noemt secretaris Stijn Boeykens van sportvakbond Sporta het fenomeen van de makelaars ("dat was voordien nauwelijks aanwezig in het profvoetbal") opvallend. Ook contractstabiliteit wordt een probleem: "Omdat de transferwaarde van spelers vaak groter is dan hun contractwaarde. Clubs proberen ook te voorkomen dat hun waardevolle spelers einde contract geraken." "Wie ze niet meer willen, zetten ze in de B- of C-kern. Wie wel nog geld kan opbrengen, wordt gedwongen met bepaalde makelaars transfers te doen, onder de dreiging dat ze anders niet meer aan spelen toe komen. Fenomenen als Jordan Remacle, die zelf hun transfer proberen te sturen, zijn eerder uitzonderingen." TekengeldDe stijgende spelerslonen na het arrest hebben niet alleen te maken met het arrest zelf, meent Boeykens. "In een eerste fase wel, omdat spelers redeneerden: nu je geen transfersom moet betalen, mag je dat geld aan ons geven." Rond 1997 werd in eerste een gemiddelde loonsverhoging van 30 procent vastgesteld tegenover twee jaar eerder. De volgende loonsverhogingen hadden volgens Sporta meer te maken met de stijgende tv-gelden. Bij het huidige tv-contract gaat jaarlijks vier keer zoveel geld naar het eersteklassevoetbal dan in de periode voor 2008. In 2009-2010 bedroeg het gemiddelde bruto jaarloon (groepsverzekering inbegrepen) 218.000 euro. In 2010-2011 zakte dat gemiddelde voor het eerst sinds lang, naar 210.000 euro (de cijfers van vorig seizoen zijn nog niet bekend).Sporta ziet ook hoe tekengelden weer belangrijk worden, sinds in 2007 de wetgeving over de groepsverzekering aangepast werd. "Spelers vinden dat misschien fijn, maar het is vooral voordelig voor de clubs, want op wat een speler ontvangt aan tekengeld, moet geen groepsverzekering meer betaald worden. Tot 2007 was dat wel het geval." (GF)