Het duurde even voor de Gentse voetbalfan gewend raakte aan zijn nieuwe stadion. Dat was ook zo voor het bestuur.

Louwagie: "AA Gent is nog op zoek naar zijn identiteit in de Ghelamco Arena. Zo'n grote aanpassing vergt nu eenmaal wat tijd. Vergeet niet dat de mens een gewoontedier is. Ik heb dat zelf ondervonden. Vroeger had ik een vaste routine voor elke wedstrijd, die tot op de minuut getimed was. Plots moet je gaan zoeken hoe je alles opnieuw moet invullen. Tijdens de eerste thuiswedstrijden merkten we dat we met heel het bestuur wat verloren liepen in ons eigen stadion. Nu valt alles stilaan in zijn plooi en begint dat thuisgevoel toe te nemen."

Geen thuisvoordeel

De manager van KAA Gent bedenkt in het interview met Sport/Voetbalmagazine dat de nieuwe arena zijn ploeg ook enkele punten kostte. "Elke ploeg die naar hier komt plooit zich dubbel om wat te rapen, terwijl onze ploeg een tijd zoekende was. In het begin was er dus geen sprake van een thuisvoordeel. Dat maakt deel uit van de groeipijnen waar we door moeten, maar het is op zich volstrekt normaal."

"Wie denkt dat je tegelijk een stadion en een topploeg kan bouwen, kent niet veel van voetbalmanagement. Kijk naar Arsenal, die spelen nu pas opnieuw mee voor de titel. Of naar Lille, Vitesse en Servette Genève, voorbeelden genoeg. Ik bekijk het positief: wij hebben het lastigste achter de rug. Alle Belgische ploegen die willen bouwen, moeten daar nog door."

Einde van de Spaanse invasie

Louwagie komt ook nog even terug op het einde van de Spaanse invasie bij AA Gent. Melli en López zijn intussen weer vertrokken, Arzo en Cendros verkommeren in de B-kern. Hoe evalueert de CEO hun inbreng?

"Ze hebben ons iets gegeven, maar niet wat ik ervan verwacht had", is Louwagie eerlijk. "Aan Melli hebben we uiteindelijk de beste zaak gedaan, bij de anderen was het te weinig. We hebben ons verkeken op de Spaanse markt: het niveauverschil tussen de Spaanse top en de jongens die voor ons haalbaar waren, eerder tussen Primera en Segunda División in, is te groot gebleken. In die zin onderschat men de Belgische competitie soms."

(JD)

Het duurde even voor de Gentse voetbalfan gewend raakte aan zijn nieuwe stadion. Dat was ook zo voor het bestuur. Louwagie: "AA Gent is nog op zoek naar zijn identiteit in de Ghelamco Arena. Zo'n grote aanpassing vergt nu eenmaal wat tijd. Vergeet niet dat de mens een gewoontedier is. Ik heb dat zelf ondervonden. Vroeger had ik een vaste routine voor elke wedstrijd, die tot op de minuut getimed was. Plots moet je gaan zoeken hoe je alles opnieuw moet invullen. Tijdens de eerste thuiswedstrijden merkten we dat we met heel het bestuur wat verloren liepen in ons eigen stadion. Nu valt alles stilaan in zijn plooi en begint dat thuisgevoel toe te nemen."Geen thuisvoordeelDe manager van KAA Gent bedenkt in het interview met Sport/Voetbalmagazine dat de nieuwe arena zijn ploeg ook enkele punten kostte. "Elke ploeg die naar hier komt plooit zich dubbel om wat te rapen, terwijl onze ploeg een tijd zoekende was. In het begin was er dus geen sprake van een thuisvoordeel. Dat maakt deel uit van de groeipijnen waar we door moeten, maar het is op zich volstrekt normaal." "Wie denkt dat je tegelijk een stadion en een topploeg kan bouwen, kent niet veel van voetbalmanagement. Kijk naar Arsenal, die spelen nu pas opnieuw mee voor de titel. Of naar Lille, Vitesse en Servette Genève, voorbeelden genoeg. Ik bekijk het positief: wij hebben het lastigste achter de rug. Alle Belgische ploegen die willen bouwen, moeten daar nog door."Einde van de Spaanse invasieLouwagie komt ook nog even terug op het einde van de Spaanse invasie bij AA Gent. Melli en López zijn intussen weer vertrokken, Arzo en Cendros verkommeren in de B-kern. Hoe evalueert de CEO hun inbreng?"Ze hebben ons iets gegeven, maar niet wat ik ervan verwacht had", is Louwagie eerlijk. "Aan Melli hebben we uiteindelijk de beste zaak gedaan, bij de anderen was het te weinig. We hebben ons verkeken op de Spaanse markt: het niveauverschil tussen de Spaanse top en de jongens die voor ons haalbaar waren, eerder tussen Primera en Segunda División in, is te groot gebleken. In die zin onderschat men de Belgische competitie soms."(JD)