Januari zorgt soms voor frustraties. Bijvoorbeeld bij Benoît Poulain, die ontgoocheld was door de gemiste transfer naar Fulham en het daarbij behorende vette contract. In de nasleep van die lastige wintermaand werd de Franse verdediger eens te meer verraden door de kwetsbaarheid van zijn lichaam, die hem parten speelde toen de eindsprint richting titel moest ingezet worden. De oud-verdediger van KV Kortrijk had geen echte concurrent op de rechterflank van de verdediging en was ook niet verontrust toen Saulo Decarli naar het Venetië van het Noorden kwam. De Zwitser kon in de weinige speeltijd die hij kreeg het etiket van doublure immers niet van zich afschudden.

In de mandekking is Mata bevrijd van de richtlijnen van een zoneverdediging en kan hij zich concentreren op zijn defensieve instinct.

Toen 2018 ten einde liep, Poulain op het appel ontbrak en Club Brugge in alle linies zijn wonden likte, was het Sofyan Amrabat die door Ivan Leko werd gekozen om het verdedigende trio van de uittredende landskampioen te vervolledigen. De middenvelder arriveerde in de zomer, maar kon nooit de bovenhand halen op Mats Rits in een zone waar er veel concurrentie was. Op de voor hem ongewone positie van verdediger kon Amrabat dus toch wat speeltijd vergaren.

In de catacomben van het Jan Breydelstadion circuleerde al de naam van Clinton Mata als mogelijkheid om naast de vaste waarden Stefano Denswil en Brandon Mechele te laten spelen. De Kroatische coach liet zijn Angolese international echter liever op de rechterflank lopen, die sinds zijn aankomst in de zomer voor hem klaar leek te liggen.

In de race naar de titel zou de onregelmatigheid van Dion Cools de Bruggelingen zuur kunnen opbreken. De belofte-international, die de vierde man in de verdediging moest zijn wanneer er werd omgeschakeld vanuit de 3-5-2, kreeg in januari trouwens concurrentie van Ivan Tomecak, die van KV Mechelen was overgekomen. Maar echt werd hij daardoor niet verontrust, want de Kroaat haalde niet het benodigde niveau. Om dat gat in de blauw-zwarte puzzel op te vullen keken staf en bestuur dan naar het profiel van Mata, ook al had die het seizoensbegin gemist door een pubalgie. Toen hij bij Genk speelde, had Mata al indruk gemaakt op de sportief verantwoordelijken van blauw-zwart tijdens play-off 1, toen hij een van de weinige verdedigers was die zich niet lieten ringeloren door de ongrijpbare Anthony Limbombe, een sleutelfiguur van de Brugse titel. Doordat er unanimiteit heerste over Mata's verdedigende kwaliteiten, werd er snel gehandeld op de transfermarkt.

Reconversie in Charleroi

Al toen hij van Eupen naar Charleroi was getrokken, had Clinton Mata de troeven laten bewonderen waardoor men zijn reconversie al kon voorspellen. Bij de Panda's werd hij geregeld als rechtsbuiten opgesteld, maar gaandeweg transformeerde hij tot flankverdediger. Felice Mazzu ging hem, op zijn eigen vraag, als een echte verdediger zien, ondanks de concurrentie van de erg professionele Stergos Marinos.

Door een blessure van de Griek kwam Mata in de ploeg naast Javier Martos, die al snel gecharmeerd was door zijn jonge ploegmaat: 'Toen hij bij ons aankwam, was het een ruwe diamant. Hij had een enorm potentieel, maar vooral een uitzonderlijke mentaliteit en een grote leergierigheid. Wanneer je hem raad gaf over een bepaalde situatie, dan zag je hem dat de dag erop al toepassen. Je mocht er zeker van zijn dat hij het begrepen had en wist hoe hij moest reageren. Dat is een ongewone kwaliteit, een mooi bewijs van wat hij nog in petto had.'

Luisterend naar alle goede raad boekt Clinton Mata progressie en hij wordt zelfs een van de beste Zebra's van het seizoen 2016/17, waarin de Carolo's dankzij hun ijzeren defensie play-off 1 halen. Offensief stellen zijn statistieken weinig voor, maar de flankaanvallers die zijn pad kruisen verlaten doorgaans ontmoedigd het veld na anderhalf uur afzien op hun vleugel. 'Hem uitschakelen is echt heel erg moeilijk', gaat de kapitein van de Zebra's voort. 'Hij heeft een geweldige fysiek, gaat uitstekend het duel in, is sterk en je bent nooit van hem af, altijd komt hij terug.'

Clinton Mata toont zijn verbetenheid in duel met Leandro Trossard van KRC Genk., BELGAIMAGE
Clinton Mata toont zijn verbetenheid in duel met Leandro Trossard van KRC Genk. © BELGAIMAGE

Wanneer Felice Mazzu de weg naar play-off 1 bereidt, stelt hij een driemansverdediging op en krijgt Mata op de flank de voorkeur op Marinos. Er is dan nog geen sprake van om hem in het hart van de verdediging te zetten. Eenzelfde geluid in Genk, waar Albert Stuivenberg en Philippe Clement zelden afwijken van hun viermansverdediging. Terwijl Joakim Maehle langzaam groeit, grendelt Clinton Mata de rechterflank af en herontdekt hij het plezier van vaker op de helft van de tegenstander te kunnen voetballen.

Van PAOK tot Stayen

Hoewel hij Mata aanvankelijk heel de flank voor zijn rekening laat nemen, stelt Leko daar uiteindelijk toch vragen bij. Hij herinnert zich wat hij bij PAOK Saloniki heeft meegemaakt, waar hij samen met zijn vriend Igor Tudor coachte. Daar kon het duo rekenen op een flankverdediger die het uitstekend deed in een viermansdefensie, maar die geen goed rendement meer haalde wanneer er in de verdediging een vijfde man bij kwam. Met z'n vijven krijgt de back de bal doorgaans in een minder comfortabele positie en bevindt hij zich vaker op het voorste derde deel van het veld, waar er weinig ruimte is en de vereisten hoger liggen. Clinton Mata, technisch op zijn gemak maar niet altijd oordeelkundig in zijn voorzetten, haalt niet het verhoopte rendement, al wordt hij daarvoor niet op de korrel genomen door het Brugse publiek. Zijn herhaaldelijk afdweilen van de flank en zijn scherpe verdedigende tussenkomsten passen immers perfect bij de slogan No Sweat No Glory, die de tribunes van Jan Breydel doet daveren.

In de laatste weken van de reguliere competitie neemt de Brugse staf een beslissing. De laatste winterse wedstrijden dienen om het stoutmoedige systeem te laten roderen waarmee de mannen van Ivan Leko de eindsprint aanvatten. Om de verdediging van de tegenstanders te verschalken opteert blauw-zwart voor erg aanvallend ingestelde flanken, met Emmanuel Dennis, Krépin Diatta of Arnaut Danjuma. Achteraan wordt er tegen het offensieve trio van de tegenstander man op man gespeeld. Mechele houdt zich bezig met de vijandelijke spits, vaak ergens aan de middencirkel: een evenwichtsoefening waarbij de minste fout kan leiden tot een doelkans. Naast hem moeten Denswil en Mata de flankaanvallers afstoppen, vaak de sterkste spelers bij de tegenstrever.

Ivan Leko koos voor Mata omdat hij zich het profiel herinnerde van Dakonam Djené, dat op dat van de Angolees lijkt en dat onmisbaar was om het centrale trio van de Truiense verdediging te vervolledigen. De Ivoriaan, die nu in de kijker loopt bij Getafe, dat achter de Spaanse top drie voor een Champions Leagueticket vecht, had al bij STVV dezelfde hardnekkige stijl. Ook Djené is een sterke en dynamische verdediger, die maar moeilijk te passeren valt.

Man tegen man

Aangezien de flankaanvallers hem bijna niet voorbij geraken, is Clinton Mata de ideale man om in het centrale verdedigende trio van Club Brugge te spelen. Van bij de start van de play-offs toonde hij dat hij perfect past in het kostuum dat Ivan Leko voor hem gesneden heeft. Eerst stak hij de onvoorspelbare Jean-Luc Dompé, die voor de Gentse kwalificatie had gezorgd, in zijn achterzak. Een week later beet de aalvlugge Moussa Djenepo zich de tanden stuk op Mata. De Standardspeler zocht wanhopig naar een manier om zich te ontdoen van die Angolese kauwgom, die voortdurend aan zijn schoenen kleefde en verhinderde dat hij met zijn dribbels een doelkans zou creëren.

Man tegen man is Mata bevrijd van de richtlijnen in een zoneverdediging, waarin een achterspeler dekking moet geven en een bepaalde ruimte moet controleren. Zo kan hij zich concentreren op zijn defensieve instinct, dat hij al toonde op Mambourg, waar hij week na week de beste linksbuitens van de Jupiler Pro League aan banden legde. Zijn snelheid, zijn kracht en zijn natuurlijk talent voor anticipatie komen hem goed van pas op een positie waar tactische gebreken makkelijk weggegomd worden. Want die sleept hij nog met zich mee doordat hij op een meer offensieve positie werd opgeleid.

Nu hij het vertrouwen krijgt in die nieuwe functie die hem wonderwel bevalt, heeft de Angolees, die zelden scoorde sinds hij in eerste klasse speelde, het begin van de play-offs zelfs al bekroond met een doelpunt. Tegen Gent knalde hij de bal onder de lat van een machteloze Thomas Kaminski. Dat was trouwens al zijn tweede treffer van het seizoen, terwijl hij voordien, in zijn eerste 116 eersteklassewedstrijden, in de Borinage en in Limburg, maar één keer had gescoord. De Brugse lucht heeft Mata duidelijk een metamorfose doen ondergaan.

Van voren naar achter

Zoals veel voetballers die prof zijn geworden op een andere positie, is het als aanvaller dat Clinton Mata zijn eerste schoenen met noppen aanbond, bij de jeugd van FC Battice. Naarmate hij hogerop ging spelen, schoof de Angolese international steeds wat achteruit. Zo kon hij makkelijker de stap zetten naar de eerste klasse.

Bij Eupen, in tweede klasse, speelde Mata ergens tussen de vleugel en de positie van rechtsback. Gewend aan erg aanvallend voetbal miste hij verdedigend instinct en het was daarom dat Felice Mazzu hem aanvankelijk als flankaanvaller uitspeelde op Mambourg. Nadien maakte de coach definitief een vleugelverdediger van hem. Dat gebeurde op vraag van de speler zelf, die zich ervan bewust was dat hij vooruit kon geraken door verder achteruit op het veld te spelen.

Bij Genk speelde hij ook op die positie. Nadien dacht hij een stap voorwaarts te kunnen zetten door de flank te doen in de Brugse 3-5-2, waar de taken vaker die van een middenvelder dan van een verdediger zijn. Uiteindelijk duwden zijn natuurlijke kwaliteiten hem toch in de meest defensieve rol van zijn carrière, in de driemansverdediging van Club Brugge. Een stap achteruit die hem onmiskenbaar hogerop brengt in de hiërarchie van 's lands beste verdedigers.

Januari zorgt soms voor frustraties. Bijvoorbeeld bij Benoît Poulain, die ontgoocheld was door de gemiste transfer naar Fulham en het daarbij behorende vette contract. In de nasleep van die lastige wintermaand werd de Franse verdediger eens te meer verraden door de kwetsbaarheid van zijn lichaam, die hem parten speelde toen de eindsprint richting titel moest ingezet worden. De oud-verdediger van KV Kortrijk had geen echte concurrent op de rechterflank van de verdediging en was ook niet verontrust toen Saulo Decarli naar het Venetië van het Noorden kwam. De Zwitser kon in de weinige speeltijd die hij kreeg het etiket van doublure immers niet van zich afschudden. Toen 2018 ten einde liep, Poulain op het appel ontbrak en Club Brugge in alle linies zijn wonden likte, was het Sofyan Amrabat die door Ivan Leko werd gekozen om het verdedigende trio van de uittredende landskampioen te vervolledigen. De middenvelder arriveerde in de zomer, maar kon nooit de bovenhand halen op Mats Rits in een zone waar er veel concurrentie was. Op de voor hem ongewone positie van verdediger kon Amrabat dus toch wat speeltijd vergaren. In de catacomben van het Jan Breydelstadion circuleerde al de naam van Clinton Mata als mogelijkheid om naast de vaste waarden Stefano Denswil en Brandon Mechele te laten spelen. De Kroatische coach liet zijn Angolese international echter liever op de rechterflank lopen, die sinds zijn aankomst in de zomer voor hem klaar leek te liggen. In de race naar de titel zou de onregelmatigheid van Dion Cools de Bruggelingen zuur kunnen opbreken. De belofte-international, die de vierde man in de verdediging moest zijn wanneer er werd omgeschakeld vanuit de 3-5-2, kreeg in januari trouwens concurrentie van Ivan Tomecak, die van KV Mechelen was overgekomen. Maar echt werd hij daardoor niet verontrust, want de Kroaat haalde niet het benodigde niveau. Om dat gat in de blauw-zwarte puzzel op te vullen keken staf en bestuur dan naar het profiel van Mata, ook al had die het seizoensbegin gemist door een pubalgie. Toen hij bij Genk speelde, had Mata al indruk gemaakt op de sportief verantwoordelijken van blauw-zwart tijdens play-off 1, toen hij een van de weinige verdedigers was die zich niet lieten ringeloren door de ongrijpbare Anthony Limbombe, een sleutelfiguur van de Brugse titel. Doordat er unanimiteit heerste over Mata's verdedigende kwaliteiten, werd er snel gehandeld op de transfermarkt. Al toen hij van Eupen naar Charleroi was getrokken, had Clinton Mata de troeven laten bewonderen waardoor men zijn reconversie al kon voorspellen. Bij de Panda's werd hij geregeld als rechtsbuiten opgesteld, maar gaandeweg transformeerde hij tot flankverdediger. Felice Mazzu ging hem, op zijn eigen vraag, als een echte verdediger zien, ondanks de concurrentie van de erg professionele Stergos Marinos. Door een blessure van de Griek kwam Mata in de ploeg naast Javier Martos, die al snel gecharmeerd was door zijn jonge ploegmaat: 'Toen hij bij ons aankwam, was het een ruwe diamant. Hij had een enorm potentieel, maar vooral een uitzonderlijke mentaliteit en een grote leergierigheid. Wanneer je hem raad gaf over een bepaalde situatie, dan zag je hem dat de dag erop al toepassen. Je mocht er zeker van zijn dat hij het begrepen had en wist hoe hij moest reageren. Dat is een ongewone kwaliteit, een mooi bewijs van wat hij nog in petto had.' Luisterend naar alle goede raad boekt Clinton Mata progressie en hij wordt zelfs een van de beste Zebra's van het seizoen 2016/17, waarin de Carolo's dankzij hun ijzeren defensie play-off 1 halen. Offensief stellen zijn statistieken weinig voor, maar de flankaanvallers die zijn pad kruisen verlaten doorgaans ontmoedigd het veld na anderhalf uur afzien op hun vleugel. 'Hem uitschakelen is echt heel erg moeilijk', gaat de kapitein van de Zebra's voort. 'Hij heeft een geweldige fysiek, gaat uitstekend het duel in, is sterk en je bent nooit van hem af, altijd komt hij terug.' Wanneer Felice Mazzu de weg naar play-off 1 bereidt, stelt hij een driemansverdediging op en krijgt Mata op de flank de voorkeur op Marinos. Er is dan nog geen sprake van om hem in het hart van de verdediging te zetten. Eenzelfde geluid in Genk, waar Albert Stuivenberg en Philippe Clement zelden afwijken van hun viermansverdediging. Terwijl Joakim Maehle langzaam groeit, grendelt Clinton Mata de rechterflank af en herontdekt hij het plezier van vaker op de helft van de tegenstander te kunnen voetballen. Hoewel hij Mata aanvankelijk heel de flank voor zijn rekening laat nemen, stelt Leko daar uiteindelijk toch vragen bij. Hij herinnert zich wat hij bij PAOK Saloniki heeft meegemaakt, waar hij samen met zijn vriend Igor Tudor coachte. Daar kon het duo rekenen op een flankverdediger die het uitstekend deed in een viermansdefensie, maar die geen goed rendement meer haalde wanneer er in de verdediging een vijfde man bij kwam. Met z'n vijven krijgt de back de bal doorgaans in een minder comfortabele positie en bevindt hij zich vaker op het voorste derde deel van het veld, waar er weinig ruimte is en de vereisten hoger liggen. Clinton Mata, technisch op zijn gemak maar niet altijd oordeelkundig in zijn voorzetten, haalt niet het verhoopte rendement, al wordt hij daarvoor niet op de korrel genomen door het Brugse publiek. Zijn herhaaldelijk afdweilen van de flank en zijn scherpe verdedigende tussenkomsten passen immers perfect bij de slogan No Sweat No Glory, die de tribunes van Jan Breydel doet daveren. In de laatste weken van de reguliere competitie neemt de Brugse staf een beslissing. De laatste winterse wedstrijden dienen om het stoutmoedige systeem te laten roderen waarmee de mannen van Ivan Leko de eindsprint aanvatten. Om de verdediging van de tegenstanders te verschalken opteert blauw-zwart voor erg aanvallend ingestelde flanken, met Emmanuel Dennis, Krépin Diatta of Arnaut Danjuma. Achteraan wordt er tegen het offensieve trio van de tegenstander man op man gespeeld. Mechele houdt zich bezig met de vijandelijke spits, vaak ergens aan de middencirkel: een evenwichtsoefening waarbij de minste fout kan leiden tot een doelkans. Naast hem moeten Denswil en Mata de flankaanvallers afstoppen, vaak de sterkste spelers bij de tegenstrever. Ivan Leko koos voor Mata omdat hij zich het profiel herinnerde van Dakonam Djené, dat op dat van de Angolees lijkt en dat onmisbaar was om het centrale trio van de Truiense verdediging te vervolledigen. De Ivoriaan, die nu in de kijker loopt bij Getafe, dat achter de Spaanse top drie voor een Champions Leagueticket vecht, had al bij STVV dezelfde hardnekkige stijl. Ook Djené is een sterke en dynamische verdediger, die maar moeilijk te passeren valt. Aangezien de flankaanvallers hem bijna niet voorbij geraken, is Clinton Mata de ideale man om in het centrale verdedigende trio van Club Brugge te spelen. Van bij de start van de play-offs toonde hij dat hij perfect past in het kostuum dat Ivan Leko voor hem gesneden heeft. Eerst stak hij de onvoorspelbare Jean-Luc Dompé, die voor de Gentse kwalificatie had gezorgd, in zijn achterzak. Een week later beet de aalvlugge Moussa Djenepo zich de tanden stuk op Mata. De Standardspeler zocht wanhopig naar een manier om zich te ontdoen van die Angolese kauwgom, die voortdurend aan zijn schoenen kleefde en verhinderde dat hij met zijn dribbels een doelkans zou creëren. Man tegen man is Mata bevrijd van de richtlijnen in een zoneverdediging, waarin een achterspeler dekking moet geven en een bepaalde ruimte moet controleren. Zo kan hij zich concentreren op zijn defensieve instinct, dat hij al toonde op Mambourg, waar hij week na week de beste linksbuitens van de Jupiler Pro League aan banden legde. Zijn snelheid, zijn kracht en zijn natuurlijk talent voor anticipatie komen hem goed van pas op een positie waar tactische gebreken makkelijk weggegomd worden. Want die sleept hij nog met zich mee doordat hij op een meer offensieve positie werd opgeleid. Nu hij het vertrouwen krijgt in die nieuwe functie die hem wonderwel bevalt, heeft de Angolees, die zelden scoorde sinds hij in eerste klasse speelde, het begin van de play-offs zelfs al bekroond met een doelpunt. Tegen Gent knalde hij de bal onder de lat van een machteloze Thomas Kaminski. Dat was trouwens al zijn tweede treffer van het seizoen, terwijl hij voordien, in zijn eerste 116 eersteklassewedstrijden, in de Borinage en in Limburg, maar één keer had gescoord. De Brugse lucht heeft Mata duidelijk een metamorfose doen ondergaan.