Mehdi Carcela kan zich nog goed herinneren wanneer zijn carrière een beslissende wending nam: 'In 2011 waren tal van ploegen geïnteresseerd: Arsenal, Marseille, Benfica. In die periode twijfelde ik nog tussen de Rode Duivels en Marokko. Vicente Del Bosque, de bondscoach van Spanje, had mij zelfs voorgesteld om te komen testen bij de U21. Real Madrid heeft toen ongelooflijk veel druk op mij uitgeoefend om voor België of Spanje te kiezen. Dat soort clubs houden er niet van dat hun spelers midden in het seizoen naar de Afrika Cup gaan. De onderhandelingen waren al vergevorderd toen ik mijn ongeluk kreeg.'
...

Mehdi Carcela kan zich nog goed herinneren wanneer zijn carrière een beslissende wending nam: 'In 2011 waren tal van ploegen geïnteresseerd: Arsenal, Marseille, Benfica. In die periode twijfelde ik nog tussen de Rode Duivels en Marokko. Vicente Del Bosque, de bondscoach van Spanje, had mij zelfs voorgesteld om te komen testen bij de U21. Real Madrid heeft toen ongelooflijk veel druk op mij uitgeoefend om voor België of Spanje te kiezen. Dat soort clubs houden er niet van dat hun spelers midden in het seizoen naar de Afrika Cup gaan. De onderhandelingen waren al vergevorderd toen ik mijn ongeluk kreeg.' Enkele maanden daarvoor had Luciano D'Onofrio zijn naam doorgespeeld aan zijn contacten bij Real Madrid. Op een avond hangt Zinédine Zidane zelfs aan de telefoon. Of was dat het werk van een grappenmaker? Op 17 mei 2011, de dag dat hij in aanvaring komt met het gestrekte been van Chris Mavinga, mogen alle plannen hertekend worden - een keerpunt voor Carcela. Tegelijkertijd komt er een einde aan het bewind van Luciano D'Onofrio. Vanaf juni zwaait Roland Duchâtelet de plak. De spanningen tussen de nieuwe sterke man van Standard en de clan Carcela lopen al van in het begin hoog op. Duchâtelet laat meteen voelen dat hij de baas is. 'Nog voor ik een woord had uitgesproken tijdens een persoonlijk onderhoud begreep ik waar hij naartoe wilde', aldus Carcela. 'Hij zei: 'Hier neem ik de beslissingen. Begrepen?' Hij heeft mij op geen enkel moment zin gegeven om te blijven.' Carcela wordt naar de uitgang gedreven, richting Spartak Moskou, maar de uiteindelijke bestemming van de Luikenaar aan het einde van de mercato is Anzji Machatsjkala. De cijfers in zijn contract zijn een veelvoud van het bescheiden salaris dat hij kreeg van Luciano D'Onofrio. De Russische expeditie van Carcela, wiens gezondheidstoestand vragen oproept, draait voornamelijk om geld, zo wordt gezegd. Jaren later staat Carcela nog altijd achter een keuze die volgens hem helemaal te verantwoorden was: 'Ik had na mijn blessure moeite om mijn normale niveau terug te vinden op fysiek en technisch vlak. Ik leek alles verleerd te hebben. Mijn eerste trainingen bij Anzji waren een ramp: al mijn schoten op doel gingen hoog over. Maar er was niemand bij Anzji die mij pushte om snel terug te komen na mijn blessure.' Zijn ploegmaats bij Anzji verdenken Carcela er wel van de boel te hebben belazerd. Hijzelf zit ook met vragen. De weken voor zijn transfer brengt hij zijn vakantie door in Marrakech. Carcela is niet in staat om drie keer na elkaar de bal hoog te houden en dokters raden hem aan om minstens twaalf uur per dag te slapen. 'Het duurde vier tot zes maanden voor alles in de juiste plooi viel. Daarna had ik nog een half jaar nodig voor ik conditioneel in orde was, want ik moest medicatie blijven nemen.' Carcela begeeft zich enkel op matchdagen naar Machatsjkala, de hoofdstad van de Russische deelrepubliek Dagestan, en zit de rest van de tijd in Moskou. Daar proeft hij van de geneugten van de Russische grootstad. Het kind van Droixhe zit plots aan dezelfde tafel als Roberto Carlos en Zinédine Zidane en maakt kennis met de Moskouse jetset. Een wereld waar ijdeltuiterij en oppervlakkigheid de norm zijn. Eén man zal voorkomen dat Carcela door het lint gaat en zichzelf verloochent: Samuel Eto'o. 'Hij is wellicht de belangrijkste persoon die ik in mijn carrière heb ontmoet', bekent Carcela. 'Ik ben van nature onbaatzuchtig. Samuel heeft mij geleerd om minder cadeaus uit te delen, mijn talent te accepteren en mezelf ter discussie te stellen. Hij is een grote broer die mij overlaadt met tips. Als iemand met zo'n carrière advies geeft, moet je gewoon luisteren en zwijgen. Ik ben nochtans niet het type dat naar zijn ploegmaats luistert.' De liefde is wederzijds. De wereldberoemde Kameroener is in het verleden tal van hoogbegaafde spelers tegengekomen, maar raakt gecharmeerd door het talent van de jonge Luikenaar. 'Mehdi heeft bakken talent', vertelt Eto'o. 'Eén op één is hij niet van de bal te zetten. Hij doet mij soms denken aan Lionel Messi, die ook vrij gemakkelijk een speler kan uitschakelen. Volgens mij heeft Medhi het potentieel om een héél grote speler te worden.' En dat heeft hij te weinig kunnen tonen bij Anzji. Heimwee knaagt zijn zelfvertrouwen beetje bij beetje weg. Het heen-en weergereis van zijn broer en neef verandert daar niets aan. Hij wil terug naar het oude nest, terug naar de Vurige Stede waar hij kind aan huis is. Carcela krijgt zijn zin. Met zijn uitpuilende bankrekening, Louboutincollectie en luidruchtige Chevrolet Camaro heeft hij de allure van een popster. Maar het Luikse voetvolk kraait van de pret. Zelfs de onaantastbare Roland Duchâtelet moet een traan wegpinken wanneer Sclessin zich met passie overgeeft aan zijn local hero. Om de linkspoot terug te halen heeft de Limburgse miljonair wel diep in de buidel moet tasten: Carcela wordt op slag een van de best betaalde spelers van het land. Het is niet meer dan fair. Twee jaar eerder werd hij door de Rouches voor bijna 10 miljoen euro verkocht en nu konden ze hem gratis ophalen bij Anzji. Carcela beweert dat hij volwassen is geworden dankzij zijn periode aan het Russische front. Hij is niet meer de nukkige en temperamentvolle tiener die al eens uit de bocht ging. Letterlijk en figuurlijk. In zijn beginperiode bij Standard heeft hij op weg naar het trainingscentrum ooit zijn kleine Fiat tegen een rotonde gemanoeuvreerd. De weg lag er spiegelglad bij en hij verloor de controle over het stuur. De twee ploegmaats die hem toen zijn gaan oppikken, waren getuige van een vermakelijk tafereel: Carcela leunde achterover in de auto en zat een liedje van Barry White te kwelen. Typisch Carcela. 'Het is een jongen met een innemende persoonlijkheid', aldus Christophe Dessy, ex-directeur van de jeugdopleiding op Standard. 'Maar hij heeft een moeilijke jeugd gehad en daardoor was hij soms de weg kwijt. Ik weet dat de club hem op een bepaald moment buiten wilde gooien. Maar de stommiteiten die hij heeft begaan, beletten niet dat hij door iedereen geapprecieerd werd. Van de kinesisten tot de ploegafgevaardigden. Een van hen, Tony Rosset, begroette hij telkens met de bijnaam Tony Montana. 'Ik heb veel stoten uitgehaald in mijn eerste periode bij Standard en ik heb van niets spijt', zegt Carcela. 'Na mijn eerste comeback bij Standard heb ik besloten het Luikse uitgaansmilieu de rug toe te keren. Het leek mij dus beter om het centrum van Luik te mijden en naast het trainingscomplex te wonen. Veel mensen hebben van mij geprofiteerd, maar vandaag weet ik wie mijn echte vrienden zijn. Mijn team is compleet. Het is een soort zaalvoetbalploeg zonder wisselspelers.' Een van de vast titularissen in Team Carcela is William Vainqueur, die in het seizoen 2014/15 afscheid neemt van zijn makker en naar Dynamo Moskou trekt. Anderlecht was er toen in geslaagd om acht punten op Standard goed te maken en de titel te pakken. 'Ik was knock-out na die verloren titel', aldus Vainqueur. 'Om alles te kunnen verteren, heb ik aan Mehdi voorgesteld om snel een vakantie te boeken. Twee weken later spookte het seizoen nog door mijn hoofd. Ik sprak er Medhi over aan. 'Besef je dat we de titel hebben weggegeven?' Weet je wat hij geantwoord heeft? 'Man, hou je mond!' ...' Ook Adrien Trebel behoort tot de vriendenkring van Carcela. 'Mijn eerste dagen in Luik heb ik op hotel doorgebracht. Mehdi is te weten gekomen waar ik logeerde en hij zei: neem je spullen en kom maar bij mij. Ik heb zijn familie ontmoet en toen heb ik ontdekt waar het bij hem echt om draait. Er is niets belangrijkers in zijn leven dan zijn vader, moeder, broer en zus. Voetbal is voor hem amusement. Hij hecht evenveel belang aan een partijtje vijf tegen vijf met zijn vrienden als aan een competitiematch op het hoogste niveau.' Zijn speelsheid op het veld speelt hem soms parten. Om hem af te stoppen, halen de tegenstanders vaak de zeis boven. Zoals op 9 december 2013 bij OH Leuven. Bjorn Ruytinx fluistert Carcela toe dat hij hem in tweeën zal breken en houdt woord. De beenhouwer van OHL plant zijn noppen in de linkerenkel en verplettert in één beweging ook de hand van de Marokkaanse international. Carcela staat recht en velt zijn belager met een vuistslag. Wanneer Carcela lucht krijgt dat zijn entourage en de club een klacht willen indienen, gaat hij zelf op de rem staan: 'Ik ben bereid Ruytinx te vergeven.' Een jaar later is er een verzoening in de maak tijdens het gala van de Gouden Schoen. Voor het oog van enkele fotografen stapt Ruytinx gedecideerd op Carcela af, maar die laatste herkent hem niet en negeert hem zonder er zelf bewust van te zijn. Vier jaar eerder was Olivier Deschacht hetzelfde overkomen in discotheek Carré. Carcela krijgt van een vriend de vraag of hij Deschacht herkent. 'Neen, wie is dat?', was het onschuldige antwoord van de aanvaller. Zijn black-outs worden hem niet kwalijk genomen door zijn vrienden. 'Ik ben goed geplaatst om te zeggen dat Mehdi een speciale kerel is', vertelt Christian Benteke, die zijn boezemvriend al kent vanaf zijn twaalf jaar. 'Eerst en vooral omdat hij de eerste speler is uit Droixhe die kon doorbreken bij Standard. In de jeugd moest hij nooit moeite te doen om beter te zijn dan de rest. Iedereen legde hem in de watten: zijn ouders, broers en vrienden. Zelfs de trainers durfden hem niet aan te pakken. Hij heeft het in zich om in een grote Europese competitie te spelen, maar hij is zijn eigen grootste vijand. Hij moet zelf de klik maken voor het te laat is. Ik heb wel gemerkt dat hij zich geliefd moet voelen en zijn entourage in de buurt moet hebben om goed te presteren. In Luik houdt iedereen van hem. Eigenlijk is het onmogelijk om hem te haten.'