42 jaar is hij nu, maar Nastja Ceh lijkt nog geen haar veranderd. Bij Club Brugge won de middenvelder, die in 2001 overkwam van het Sloveense Maribor, twee titels en twee bekers. In 2005 vertrok hij naar het Oostenrijkse Austria Wien.

Je hebt in een interview eens verteld dat je bij Maribor zoveel vrijheid kreeg dat je tijdens de wedstrijd een biertje had kunnen bestellen. Was je er zo eentje?

Nastja Ceh: 'Dat was een grap, want in het begin was het zo helemaal niet. Ik heb me eerst moeten bewijzen voor ik twee keer op rij verkozen werd tot beste speler van de Sloveense competitie.'

'Ik kreeg ook in Brugge veel vrijheid vanaf mijn tweede seizoen daar. Bij mijn aankomst daarentegen heb ik niet veel gespeeld. De coach (Trond Sollied, nvdr) zei me dat ik geduld moest oefenen. Hij was altijd rustig... (bootst hem na) Hij ging zitten, trok een blikje bier open en zei keer op keer lijzig: 'Jouw moment komt nog wel.''

'Hij kwam over de brug na de goal die ik maakte tegen Sjachtar Donetsk (beslissend voor de kwalificatie voor de Champions League in 2002, nvdr). Tot dan trainde ik als een gek, want ik wilde tonen waartoe ik in staat was. Nadien ben ik niet meer uit de vijftien verdwenen.'

'Nu begrijp ik dat wel: ik moest me aanpassen aan het spel, dat toch wel anders was. Het was een grote stap van Slovenië naar België. Indertijd begreep ik niet waarom Sollied me niet liet spelen. Vandaag kan ik stellen dat hij de beste coach was die ik in mijn loopbaan heb gekend. Onder hem speelde Club echt goed. Iedereen wist wat hij moest doen op het veld, alles ging automatisch. Nu ik zelf trainer ben, reproduceer ik zestig tot zeventig procent van wat hij deed. Enfin, ik zeg niet tegen mijn spelers dat hun moment nog wel zal komen...' (lacht)

Als je er nu, vijftien jaar later, op terugblikt, kun je dan antwoorden op de vraag: had je samenspel met Alin Stoica kunnen werken?

Ceh: (lacht) 'Sollied liet ons samen spelen, dus ja zeker? Ik speelde op het middenveld graag samen met Gaëtan Englebert en Timmy Simons, omdat die gasten wisten hoe ze me moesten helpen. Dat waren goeie vrienden. Soms wou Alin alleen zijn eigen spel spelen en werkte hij niet genoeg voor de ploeg. Het was wel een vriendelijke jongen. Een beetje vreemd, maar zeker geen kwaaie...' (lacht)

'Zijn karakter verschilde nogal van het onze, hij was nogal teruggetrokken in de groep. Trond Sollied verwachtte meer van hem. En hij wist wat hij deed: we werden twee keer kampioen en in één seizoen maakten we honderd goals (eigenlijk 96, in 2002/03, nvdr). Wat kun je dan verkeerd zeggen over Trond? Niks.'

Lees hier het volledige interview met Nasta Ceh.

© BELGAIMAGE
42 jaar is hij nu, maar Nastja Ceh lijkt nog geen haar veranderd. Bij Club Brugge won de middenvelder, die in 2001 overkwam van het Sloveense Maribor, twee titels en twee bekers. In 2005 vertrok hij naar het Oostenrijkse Austria Wien.Je hebt in een interview eens verteld dat je bij Maribor zoveel vrijheid kreeg dat je tijdens de wedstrijd een biertje had kunnen bestellen. Was je er zo eentje?Nastja Ceh: 'Dat was een grap, want in het begin was het zo helemaal niet. Ik heb me eerst moeten bewijzen voor ik twee keer op rij verkozen werd tot beste speler van de Sloveense competitie.''Ik kreeg ook in Brugge veel vrijheid vanaf mijn tweede seizoen daar. Bij mijn aankomst daarentegen heb ik niet veel gespeeld. De coach (Trond Sollied, nvdr) zei me dat ik geduld moest oefenen. Hij was altijd rustig... (bootst hem na) Hij ging zitten, trok een blikje bier open en zei keer op keer lijzig: 'Jouw moment komt nog wel.'' 'Hij kwam over de brug na de goal die ik maakte tegen Sjachtar Donetsk (beslissend voor de kwalificatie voor de Champions League in 2002, nvdr). Tot dan trainde ik als een gek, want ik wilde tonen waartoe ik in staat was. Nadien ben ik niet meer uit de vijftien verdwenen.''Nu begrijp ik dat wel: ik moest me aanpassen aan het spel, dat toch wel anders was. Het was een grote stap van Slovenië naar België. Indertijd begreep ik niet waarom Sollied me niet liet spelen. Vandaag kan ik stellen dat hij de beste coach was die ik in mijn loopbaan heb gekend. Onder hem speelde Club echt goed. Iedereen wist wat hij moest doen op het veld, alles ging automatisch. Nu ik zelf trainer ben, reproduceer ik zestig tot zeventig procent van wat hij deed. Enfin, ik zeg niet tegen mijn spelers dat hun moment nog wel zal komen...' (lacht)Als je er nu, vijftien jaar later, op terugblikt, kun je dan antwoorden op de vraag: had je samenspel met Alin Stoica kunnen werken? Ceh: (lacht) 'Sollied liet ons samen spelen, dus ja zeker? Ik speelde op het middenveld graag samen met Gaëtan Englebert en Timmy Simons, omdat die gasten wisten hoe ze me moesten helpen. Dat waren goeie vrienden. Soms wou Alin alleen zijn eigen spel spelen en werkte hij niet genoeg voor de ploeg. Het was wel een vriendelijke jongen. Een beetje vreemd, maar zeker geen kwaaie...' (lacht) 'Zijn karakter verschilde nogal van het onze, hij was nogal teruggetrokken in de groep. Trond Sollied verwachtte meer van hem. En hij wist wat hij deed: we werden twee keer kampioen en in één seizoen maakten we honderd goals (eigenlijk 96, in 2002/03, nvdr). Wat kun je dan verkeerd zeggen over Trond? Niks.'Lees hier het volledige interview met Nasta Ceh.