Ruim dertig jaar was Jan Wauters het boegbeeld van de toenmalige VRT-radio, een scherpe waarnemer die als een van de allereerste journalisten vraagtekens plaatste bij alles wat er in de sport gebeurde.

Meer dan wie ook bediende Jan Wauters zich van de onuitputtelijke rijkdom van de taal. Niemand zal hem op dat vlak ooit evenaren. Bij heldhaftige momenten trilde zijn stem van ontroering en schilderde hij gedetailleerd en soms pathetisch alles af wat zich voor zijn ogen afspeelde.

Maar nooit leidde dat tot de blinde adoratie waaraan sommigen zich in deze tijd wel eens willen bezondigen. Wauters vond dat de journalist altijd de tijd moest nemen om te reflecteren. Dat deed hij, kritisch en soms stekelig en altijd gedreven door een soort innerlijke onrust. Ergernis, zei hij vaak, is de brandstof van de journalist.

Jan Wauters bouwde op de radio een ijzersterke sportredactie rond zich. Hij was streng en veeleisend. Hij kon er niet tegen dat er in iemands uitspraak dialect te horen viel. Wauters was een voetbalman en een wielerliefhebber. De Ronde van Frankrijk verslaan was voor hem een jaarlijks hoogtepunt.

Hij volgde de Tour 25 keer en was vanaf de motor een bevoorrechte getuige. Ook toen beschreef hij wat hij zag, zijn elektriserende stem vermengde zich met schellende autoclaxons en het gebrul van de renners, het hoorde bij de zomer. Wauters wilde zien waar het zweet liep. Toen het hectische van deze wedstrijd hem steeds meer begon te wurgen, haakte hij af.

Hij heeft zijn stempel gedrukt op de sportjournalistiek, Jan Wauters. Hij ergerde zich aan de evoluties, aan de hype, aan de vervlakking, aan het gebrek aan beoordelingsvermogen en nuance, aan journalisten die niet meer worden gecorrigeerd en ook niet meer in staat zijn zichzelf te corrigeren, aan televisieprogramma's die zogenaamd wilden verbreden maar die hij pure verplatting noemde.

Zijn pensioen bracht hem tot rust. Misschien had het ergens ook iets bevrijdend want Jan Wauters werd een beetje moe van zijn eigen mening. Maar toch volgde hij de sport nog steeds op de voet en bleef hij zijn mening geven. Verhelderend en verdiepend als altijd, soms knorrig, maar altijd gefundeerd en goed onderbouwd. Zoals hij dat ook deed, vlak voor zijn dood, in het televisieprogramma Phara dat nooit zou worden uitgezonden. In de tv-studio kreeg Jan Wauters na afloop een hartaanval waarvan hij niet meer zou herstellen.

Ruim dertig jaar was Jan Wauters het boegbeeld van de toenmalige VRT-radio, een scherpe waarnemer die als een van de allereerste journalisten vraagtekens plaatste bij alles wat er in de sport gebeurde. Meer dan wie ook bediende Jan Wauters zich van de onuitputtelijke rijkdom van de taal. Niemand zal hem op dat vlak ooit evenaren. Bij heldhaftige momenten trilde zijn stem van ontroering en schilderde hij gedetailleerd en soms pathetisch alles af wat zich voor zijn ogen afspeelde. Maar nooit leidde dat tot de blinde adoratie waaraan sommigen zich in deze tijd wel eens willen bezondigen. Wauters vond dat de journalist altijd de tijd moest nemen om te reflecteren. Dat deed hij, kritisch en soms stekelig en altijd gedreven door een soort innerlijke onrust. Ergernis, zei hij vaak, is de brandstof van de journalist.Jan Wauters bouwde op de radio een ijzersterke sportredactie rond zich. Hij was streng en veeleisend. Hij kon er niet tegen dat er in iemands uitspraak dialect te horen viel. Wauters was een voetbalman en een wielerliefhebber. De Ronde van Frankrijk verslaan was voor hem een jaarlijks hoogtepunt. Hij volgde de Tour 25 keer en was vanaf de motor een bevoorrechte getuige. Ook toen beschreef hij wat hij zag, zijn elektriserende stem vermengde zich met schellende autoclaxons en het gebrul van de renners, het hoorde bij de zomer. Wauters wilde zien waar het zweet liep. Toen het hectische van deze wedstrijd hem steeds meer begon te wurgen, haakte hij af.Hij heeft zijn stempel gedrukt op de sportjournalistiek, Jan Wauters. Hij ergerde zich aan de evoluties, aan de hype, aan de vervlakking, aan het gebrek aan beoordelingsvermogen en nuance, aan journalisten die niet meer worden gecorrigeerd en ook niet meer in staat zijn zichzelf te corrigeren, aan televisieprogramma's die zogenaamd wilden verbreden maar die hij pure verplatting noemde.Zijn pensioen bracht hem tot rust. Misschien had het ergens ook iets bevrijdend want Jan Wauters werd een beetje moe van zijn eigen mening. Maar toch volgde hij de sport nog steeds op de voet en bleef hij zijn mening geven. Verhelderend en verdiepend als altijd, soms knorrig, maar altijd gefundeerd en goed onderbouwd. Zoals hij dat ook deed, vlak voor zijn dood, in het televisieprogramma Phara dat nooit zou worden uitgezonden. In de tv-studio kreeg Jan Wauters na afloop een hartaanval waarvan hij niet meer zou herstellen.