Elke neutrale voetballiefhebber supporterde woensdag voor Ajax. Niet alleen de ploeg van de toekomst, maar ook een schaarse vertegenwoordiger uit een kleinere competitie in de eindfase van de Champions League.
...

Elke neutrale voetballiefhebber supporterde woensdag voor Ajax. Niet alleen de ploeg van de toekomst, maar ook een schaarse vertegenwoordiger uit een kleinere competitie in de eindfase van de Champions League. België kan er slechts van dromen een ploeg te hebben bij de laatste acht van het kampioenenbal. Het is nog nooit gebeurd, terwijl Anderlecht in de jaren 80 maar liefst vier keer zo ver geraakte (twee keer zelfs tot in de halve finales) in Europacup I, de voorloper van de Champions League. We zijn al zo trots als een aap als een van onze teams deze fase van de Europa League haalt. Een prestatie die KRC Genk (in 2017) en Standard (in 2010) realiseerden en waardoor België opklom van de elfde naar de achtste plaats in de coëfficiëntenranglijst. Met dank aan de verdubbeling van het tv-contract (van 36 naar 80 miljoen euro) in het vorige decennium. De tv-rechten van onze Jupiler League halen daarmee al enkele jaren het niveau van die van de Eredivisie. Toch is de financiële slagkracht van de Nederlandse topclubs een flink stuk groter. Onze toppers hebben gemiddeld een budget van 30 à 50 miljoen euro. Ajax en PSV komen in de buurt van 100 miljoen. Beide clubs hebben financieel nog steeds een straat voorsprong omdat zij al in de vorige eeuw een modern en groter stadion bouwden, met alle commerciële mogelijkheden van dien. De stadiondossiers van Club Brugge en Anderlecht lijken daarentegen nog vooral luchtkastelen. Het zal dan ook nog even duren vooraleer ze de sportieve kloof kunnen dichten. De Europese successen van PSV (1/2 finale in 2005 en 1/4de finale in 2007) en Ajax (twee jaar terug verliezend finalist in de Europa League) hebben echter niet alleen met geld te maken. Ajax heeft veertien (jonge) Nederlanders in zijn kern. Tien van hen komen uit de eigen jeugd en de helft is basisspeler. Ter vergelijking: Anderlecht telt zes spelers uit de eigen opleiding en momenteel mag er slechts één (Yari Verschaeren) als een echte basisspeler beschouwd worden. Club Brugge heeft vijf zelf opgeleide jongens in de selectie, maar ook bij de landskampioen is er maar één ( Brandon Mechele) die iedere match in de basis start. Onze clubleiders zullen jammeren dat veel jonge spelers (te) vroeg naar het buitenland trekken en weg zijn voordat ze de leeftijd hebben om in het eerste elftal te spelen. Dat klopt, maar de clubs zijn daar zelf in ruime mate verantwoordelijk voor. Het Nederlandse voetbal heeft het voorbije decennium een dipje gekend, maar produceert weer topvoetballers aan de lopende band. Jonge spelers krijgen er dan ook veel gemakkelijker speelkansen. Bij blessures kiezen zowat alle clubs ervoor om talenten van 17 of 18 jaar een kans te geven in plaats van een of andere obscure buitenlander. Wie talent heeft, krijgt boven de Moerdijk de mogelijkheid om zich te ontwikkelen en heeft geen behoefte om vroeg naar het buitenland te trekken. Bovendien treden de belofteteams van onder andere Ajax en PSV in de Eerste Divisie (tweede klasse) aan, waar ze zich in echte wedstrijden met inzet kunnen voorbereiden op het grote werk. In ons land is er ook geprobeerd om jonge spelers meer speelgelegenheid te geven. De clubs zijn verplicht om zes Belgen (op achttien) op het wedstrijdblad in te vullen. Vaak een zware dobber, met als gevolg dat veel jonge gasten niet uitgeleend worden om ervaring op te doen. En het is evenmin de bedoeling om ze eens voor de leeuwen te gooien. Ze krijgen een contract om op de bank te zitten om aan voldoende Belgen te geraken. Deze maatregel om de eigen jeugd meer speelkansen te gunnen, blijkt dus averechts te werken. De jonge jongens moeten aan de slag in de beloftecompetitie die vrij weinig om het lijf heeft, ook al wordt er geprobeerd de competitie aantrekkelijker te maken. De eigen jeugd krijgt alleen kansen bij clubs uit play-off 2, maar dat zijn eerder veredelde oefenwedstrijden dan echte uitdagingen. Dat we zoveel goede jonge Rode Duivels hebben, is eerder ondanks dan dankzij onze jeugdwerking. Bijna de helft van de huidige generatie kreeg niet toevallig zijn opleiding in ... Nederland.