Niemand betwist nog dat makelaar Dejan Veljkovic eind vorig seizoen, in maart 2018, geprobeerd heeft om Waasland-Beveren via zijn voorzitter, Dirk Huyck, om te kopen. Dat gebeurde in de aanloop naar de match tegen KV Mechelen, die Malinois met 2-0 won maar voor geel-rood toch uitdraaide op een degradatie uit 1A. Tezelfdertijd won degradatieconcurrent Eupen immers met 4-0 van Excel Mouscron, een doelpuntensaldo waarmee de Oostkantonners in extremis naar de voorlaatste plaats in het klassement wipten.

Een dik jaar later probeert de Geschillencommissie Hoger Beroep van de Koninklijke Belgische Voetbalbond (KBVB) klaarheid te scheppen over die bewuste match in Mechelen en de aanloop ernaartoe. In welke mate werkte KV mee aan de poging tot matchfixing? In welke mate zwichtte Waasland-Beveren? En is er aansprakelijkheid van de clubs, wat een degradatie kan opleveren? Eerstdaags vellen Dirk Thijs, André Deruyver en Rik Ascrawat hun oordeel.

Een stand van zaken aan de hand van zeven vragen en antwoorden.

Als iemand zegt dat sjoemelen een must is, interesseert mij niet met welke intonatie hij dat doet.

Bondsprocureur Kris Wagner

Waarom verwierp de kortgedingrechter het verzoek van KV om de tuchtprocedure bij de KBVB te schorsen tot het strafproces?

De rechter vond vooral dat de rechten van verdediging op dit moment niet geschonden zijn. Volgens haar is het aan de Geschillencommissie Hoger Beroep om de vele procedurele argumenten van de betrokken partijen te behandelen. En vindt een partij dat de commissie daarbij in de fout gaat, dan kan die partij nog in beroep gaan bij het Belgisch Arbitragehof voor de Sport (BAS), aldus de rechter.

Ze verwierp ook het argument dat de Geschillencommissie Hoger Beroep een spoedprocedure hanteert die niet op haar van toepassing is. Ze stelde dat er in het bondsreglement geen specifieke procedure voorzien is voor de Geschillencommissie Hoger Beroep en dat er op dat vlak dan ook geen sprake kan zijn van een schending van dat bondsreglement.

V.l.n.r. André Deruyver, Dirk Thijs en Rik Ascrawat. Zij vellen namens de Geschillencommissie Hoger Beroep een oordeel., BELGAIMAGE
V.l.n.r. André Deruyver, Dirk Thijs en Rik Ascrawat. Zij vellen namens de Geschillencommissie Hoger Beroep een oordeel. © BELGAIMAGE

Hadden de clubs het tijdens hun verdediging bij de KBVB dan over de grond van de zaak?

Dit artikel uit Sport/Voetbalmagazine werd afgesloten vóór de slotpleidooien van maandag en dinsdag. Toen (de bestuurders van) KV Mechelen en Waasland-Beveren vorige week voor het eerst echt mochten pleiten, bleven alle partijen in eerste instantie uitvoerig hameren op procedurekwesties. En drie advocaten pleitten niét over de grond van de zaak.

De procedureproblemen lieten dat niet toe, vond Jan De Man, een van de raadsmannen van Olivier Swolfs, de financieel directeur van Waasland-Beveren. Swolfs was trouwens naast Veljkovic de enige die niet persoonlijk opdaagde in de tuchtprocedure.

Ook Kris Luyckx, de advocaat van Veljkovic, pleitte niet over de grond. Hij zegt dat hij van het federaal parket niet mág praten bij de bond, iets wat KBVB-advocaat Hans Van Bavel bij de kortgedingrechter in twijfel trok. Luyckx wijst naar het spijtoptantenstatuut waarop Veljkovic bij het gerecht mikt; hij hoopt er in ruil voor zijn hele verhaal strafvermindering te krijgen. Die deal moet nog gehonoreerd worden en dat wil Luyckx naar eigen zeggen op geen enkele manier in het gedrang brengen.

Ten slotte pleitte ook Joris Van Cauter niet over de grond. Hij verdedigt Thierry Steemans, voormalig financieel directeur van KV Mechelen. Steemans is naast Veljkovic een tweede spilfiguur in deze kwestie; het duo onderhield nauwe contacten. Van Cauter wou geen energie verspillen aan het matchfixingluik, omdat Steemans het voetbalwereldje vaarwel heeft gezegd: 'Een schorsing door de KBVB mag voor meneer Steemans levenslang zijn.' Van Cauter was het er vooral om te doen het beeld te ontkrachten waarbij Steemans, die een boekhoudkantoor heeft, voorgesteld wordt als iemand die zich persoonlijk verrijkte bij transfers.

Wat zeiden de partijen die wél over de grond van de zaak pleitten?

Zij pleitten allen onschuldig. Maar ze weerlegden lang niet alle bezwarende elementen. Zo was er het pleidooi van advocaat Frédéric Thiebaut. Hij staat Olivier Somers bij, de hoofdaandeelhouder van KV die in maart 2018 de dagelijkse leiding van de club in handen had.

Thiebaut probeerde zijn cliënt eerst uit de wind te zetten door aan te voeren dat Veljkovic zich weleens ergens durfde te presenteren als gemandateerde van KV terwijl de club van niks wist. Dat klopt; Sport/Voetbalmagazine schreef daar in juni 2016 al over. Maar dit dossier bevat aanwijzingen dat KV deze keer wél op de hoogte was.

Erg belastend voor Somers is de verklaring van Huyck over het beruchte incident vlak na de verdachte wedstrijd. Huyck verklaarde dat Somers hem toen naar het hoofd slingerde: 'Gij hebt geen ballen aan uw lijf, crapuul. De Walen kunnen het wél regelen, en gij...'

Thiebaut erkende dat zijn cliënt 'van zijn oren' was komen maken. 'Maar mogen we dat alstublieft plaatsen onder de ontgoocheling van het oplopen van een degradatie?', vroeg hij. Zéker, dacht de objectieve luisteraar in de zaal, maar waarom dan die specifieke woorden erbij, die toch alludeerden op matchfixing? De leden van de Geschillencommissie Hoger Beroep, wier tussenkomsten erg beperkt waren, stelden de vraag niet.

Nog een erg belastend element, maar dan in Beverse hoek, is het telefoongesprek dat Huyck en Swolfs voerden daags na de 2-0 tegen KV. Daarbij zei Swolfs: 'Voor hetzelfde geld hadden we voluit moeten gaan.' Huyck repliceerde: 'We hadden het beter gedaan, stank voor dank.' De advocaat van Huyck liet die conversatie in zijn pleidooi onbesproken. Vanuit zijn oogpunt was dat een logische keuze, maar dat de Geschillencommissie Hoger Beroep ook daarover geen verduidelijking vroeg, kwam minder logisch over.

Ook Thiebaut, een van de advocaten van Somers, haalde overigens nog een conversatie aan van diezelfde dag na de bewuste match. Hij parafraseerde uit een getapt telefoongesprek - waarin een paar woorden lijken te ontbreken - dat Veljkovic voerde met een journalist van de krant Het Laatste Nieuws. Thiebaut: 'Tijdens het gesprek zegt Dejan dat Moeskroen geld gekregen heeft. Dejan zegt: 'En voilà, Mogi ( Bayat, makelaar, nvdr) gewerkt voor Eupen, geregeld met een paar spelers en Somers wil niet samenwerken. En voilà.'

Thierry Steemans, voormalig financieel directeur van KV Mechelen, zei volgens de bondsprocureur: 'Meesjoemelen is een must, anders hebben we prijs.', BELGAIMAGE
Thierry Steemans, voormalig financieel directeur van KV Mechelen, zei volgens de bondsprocureur: 'Meesjoemelen is een must, anders hebben we prijs.' © BELGAIMAGE

Hoe was de repliek van bondsprocureur Kris Wagner?

Naar zijn normen: sereen en to the point. Deze keer maakte hij een goede indruk. Wagner blijft een man die niet verlegen zit om een opvallende uitspraak, maar daarbij moet gezegd dat de advocaten aan de overzijde zich op dat vlak ook niet onbetuigd hadden gelaten.

Wagner hekelde de urenlange pleidooien over de procedurekwesties. Hij vergeleek die met 'kijken naar een meesterwerk van Rubens en zeggen dat het kader eromheen te weinig blinkt'. De bondsprocureur vond 'regelfetisjisme' en 'letterknechterij' niet op hun plaats. Hij betoogde dat een procedure 'globaal bekeken' eerlijk moet verlopen. En hij zei dat procedureregels volgens hem als finaliteit hebben: de waarheid aan het licht brengen. 'Wanneer die waarheid aan het eind van het parcours het daglicht niet mag zien, begrijp ik dat sommigen van dat parcours liefst een hindernissenparcours maken.'

Eén voor één overliep Wagner alle betrokken partijen en greep hij elementen aan die volgens hem aantonen dat ze wél over de schreef zijn gegaan. In het geval van Steemans citeerde Wagner uit een getapt telefoongesprek dat de voormalige financieel directeur van KV voerde met ene Hugo. Wagner: 'Die Hugo vraagt aan Steemans wat hij denkt over volgende zondag, of er gesjoemeld zal worden. En zo ja, zou hij dan meesjoemelen? Steemans antwoordt dat dit een must is, 'anders hebben we prijs.'' Wagner verwees naar de vele keren dat advocaten hadden beklemtoond hoe belangrijk het is om de taps zelf te kunnen beluisteren, zodat zou blijken met welke intonatie en in welke context dingen gezegd zijn. Wagner: 'Maar met welke intonatie je zegt dat sjoemelen een must is, interesseert mij niet. Die woorden liegen niet.'

Verschillende elementen wijzen er ook op dat betrokkenen zich aan hun gsm paranoïde gedroegen. Wagner deed het denken aan 'maffiapraktijken'. Zo hadden Steemans en Swolfs in maart 2018 veel oog voor het nummer waarmee ze belden, 'want je weet nooit of je getapt wordt'. Wagner: 'Als er niets aan de hand is, zeg je zoiets niet.'

Wagner besloot met een verwijzing naar William Shakespeare, nadat Jan De Man eerder ook al diens toneelstuk Hamlet had aangehaald. De advocaat van Swolfs had gezegd dat hij door alle procedureproblemen al vaak had moeten denken aan het zinnetje: Something is rotten in the state of Denmark. Wagner maakte ervan: ' Something is rotten in these two clubs. ' En wat de aansprakelijkheid van die clubs betreft, is het volgens Wagner van geen tel of de schuldige bestuurders een meerderheid vormen in aantal of in aandelen: 'Dé vraag is of zij binnen de club de feitelijke beslissingsmacht hadden.'

© BELGAIMAGE

Voor ex-Waasland-Beverenspeler Olivier Myny vroeg de bondsprocureur eerst een milde straf omdat die zich bij de KBVB had aangeboden als spijtoptant. Legde Myny belangrijke bekentenissen af?

Toen Jesse De Preter als raadgever/makelaar van de speler die zaak toelichtte, werd duidelijk hoe licht de verklaringen van Olivier Myny wegen. Myny verklaarde eerst aan de onderzoeksrechter dat Thomas Troch, een vennoot van makelaar Walter Mortelmans, hem gebeld had met de vraag om zich in te houden in de verdachte wedstrijd.

Bij de onderzoekscoördinator van de KBVB luidde de verklaring van Myny plots dat hem was gevraagd zich in te houden mocht hij scoren in de bewuste wedstrijd. Ascrawat, lid van de Geschillencommissie Hoger Beroep, greep dat cruciale verschil aan om een eerste keer tussen te komen in de debatten: 'Doet u nu afstand van uw verklaring bij de onderzoeksrechter?' 'Nee, ' antwoordde De Preter vlug in de plaats van Myny, 'zijn verklaring bij de onderzoekscoördinator was gewoon uitgebreider.' De Preter voegde eraan toe dat Myny bij zijn verschijning voor de onderzoeksrechter weinig gegeten en geslapen had.

Voorts legde De Preter uit dat het spijtoptantenstatuut dat Myny aanvroeg 'enkel over de meldingsplicht ging, niet over daden van competitievervalsing'. Toen de Geschillencommissie Hoger Beroep informeerde wat Myny als spijtoptant precies had bijgebracht, luidde het voornaamste antwoord dat hij zijn verklaring van bij de onderzoeksrechter al in een vroeg stadium had bezorgd aan de KBVB-onderzoekscoördinator.

Méér dan wat info rond dat ene, niet-getapte telefoongesprek met Troch gaf Myny niet. En vreemd genoeg hield het kamp-Myny voor de Geschillencommissie Hoger Beroep vol dat er met dat gesprek niks fout was. Maar waarom was hij dan spijtoptant geworden, waarmee hij impliciet had toegegeven dat hij iets had moeten melden?

Het verhaal van Myny rammelde langs alle kanten. Wagner besloot het het spijtoptanteninitatief van Myny en zijn adviseur/makelaar uiteindelijk onder de noemer opportunisme te catalogiseren en herzag zijn gevorderde sanctie tegenover de speler; hij eist nu twee maanden schorsing in de plaats van één.

Klopt het dat Wagner ook zijn voorgestelde sanctie tegenover KV Mechelen herzag, dat hij niet langer wil dat die club in 1B blijft en nu een degradatie naar de hoogste amateurklasse voorstelt?

AFC Tubize vraagt die laatste sanctie. De rode lantaarn in 1B hoopt zo zelf niet te moeten degraderen. En Tubize heeft een punt; strikt genomen is KV Mechelen tot 1 juli een 1B-club, de intussen behaalde promotie ten spijt. Bij een definitieve beslissing vóór 1 juli, het scenario waar de KBVB naartoe werkt, betekent 'een reeks zakken' voor KV eigenlijk: degraderen naar de hoogste amateurklasse. Wagner heeft zijn vordering op dat punt niet expliciet herzien, maar wel schriftelijk aangestipt dat de vraag van Tubize niet volkomen onredelijk is.

De Geschillencommissie Hoger Beroep vroeg de federaal procureur 'een afschrift bij te brengen van de tapbeschikking die aanleiding heeft gegeven tot de telefoontaps'. Wat betekent dat?

Deze tuchtprocedure leunt in grote mate op tapstranscripties en -samenvattingen uit het strafonderzoek rond deze zaak. Maar een onderzoeksrechter kan nooit zomaar telefoons afluisteren. De commissie wil via die 'tapbeschikking' checken of daarbij alle regels gevolgd zijn. Volgens sommigen wijst dat erop dat de commissie zich wapent om elementen uit die taps te gebruiken tegen de betrokken clubs, bestuurders en/of makelaars.

De 'crash' van Somers

Bij de procedurepleidooien was de opvallendste tussenkomst er een van Frédéric Thiebaut, die Olivier Somers verdedigt, een van de twee hoofdaandeelhouders bij KV Mechelen. Thiebaut probeerde te illustreren hoe belangrijk het is om te mogen luisteren naar de telefoontaps uit het strafonderzoek. De KBVB-onderzoekscoördinator en de bondsprocureur leunen bij deze tuchtprocedure in grote mate op taptranscripties en uitgeschreven samenvattingen die overhandigd werden door federaal magistraat Eric Bisschop. Tot de geluidsbestanden zelf kregen de bond en de betrokken partijen geen toegang.

Thiebaut vertelde hoe zijn cliënt in het strafonderzoek geconfronteerd werd met stellingen uit een tap waarop de speurders eerst zeiden de stem van Somers te herkennen. Maar het bewuste gesprek zei Somers niets. Uiteindelijk moesten de speurders na heel wat gehakketak toegeven dat ze zich vergist hadden, dat het niet Somers was die op die bewuste tap stond. Thiebaut: 'Toen is meneer Somers gecrasht; hij stond op het punt te bekennen dat hij dat gesprek gevoerd had. Dus neem ons alstublieft niet kwalijk dat wij die taps willen beluisteren.'

Niemand betwist nog dat makelaar Dejan Veljkovic eind vorig seizoen, in maart 2018, geprobeerd heeft om Waasland-Beveren via zijn voorzitter, Dirk Huyck, om te kopen. Dat gebeurde in de aanloop naar de match tegen KV Mechelen, die Malinois met 2-0 won maar voor geel-rood toch uitdraaide op een degradatie uit 1A. Tezelfdertijd won degradatieconcurrent Eupen immers met 4-0 van Excel Mouscron, een doelpuntensaldo waarmee de Oostkantonners in extremis naar de voorlaatste plaats in het klassement wipten. Een dik jaar later probeert de Geschillencommissie Hoger Beroep van de Koninklijke Belgische Voetbalbond (KBVB) klaarheid te scheppen over die bewuste match in Mechelen en de aanloop ernaartoe. In welke mate werkte KV mee aan de poging tot matchfixing? In welke mate zwichtte Waasland-Beveren? En is er aansprakelijkheid van de clubs, wat een degradatie kan opleveren? Eerstdaags vellen Dirk Thijs, André Deruyver en Rik Ascrawat hun oordeel. Een stand van zaken aan de hand van zeven vragen en antwoorden. Waarom verwierp de kortgedingrechter het verzoek van KV om de tuchtprocedure bij de KBVB te schorsen tot het strafproces? De rechter vond vooral dat de rechten van verdediging op dit moment niet geschonden zijn. Volgens haar is het aan de Geschillencommissie Hoger Beroep om de vele procedurele argumenten van de betrokken partijen te behandelen. En vindt een partij dat de commissie daarbij in de fout gaat, dan kan die partij nog in beroep gaan bij het Belgisch Arbitragehof voor de Sport (BAS), aldus de rechter. Ze verwierp ook het argument dat de Geschillencommissie Hoger Beroep een spoedprocedure hanteert die niet op haar van toepassing is. Ze stelde dat er in het bondsreglement geen specifieke procedure voorzien is voor de Geschillencommissie Hoger Beroep en dat er op dat vlak dan ook geen sprake kan zijn van een schending van dat bondsreglement. Hadden de clubs het tijdens hun verdediging bij de KBVB dan over de grond van de zaak? Dit artikel uit Sport/Voetbalmagazine werd afgesloten vóór de slotpleidooien van maandag en dinsdag. Toen (de bestuurders van) KV Mechelen en Waasland-Beveren vorige week voor het eerst echt mochten pleiten, bleven alle partijen in eerste instantie uitvoerig hameren op procedurekwesties. En drie advocaten pleitten niét over de grond van de zaak. De procedureproblemen lieten dat niet toe, vond Jan De Man, een van de raadsmannen van Olivier Swolfs, de financieel directeur van Waasland-Beveren. Swolfs was trouwens naast Veljkovic de enige die niet persoonlijk opdaagde in de tuchtprocedure. Ook Kris Luyckx, de advocaat van Veljkovic, pleitte niet over de grond. Hij zegt dat hij van het federaal parket niet mág praten bij de bond, iets wat KBVB-advocaat Hans Van Bavel bij de kortgedingrechter in twijfel trok. Luyckx wijst naar het spijtoptantenstatuut waarop Veljkovic bij het gerecht mikt; hij hoopt er in ruil voor zijn hele verhaal strafvermindering te krijgen. Die deal moet nog gehonoreerd worden en dat wil Luyckx naar eigen zeggen op geen enkele manier in het gedrang brengen. Ten slotte pleitte ook Joris Van Cauter niet over de grond. Hij verdedigt Thierry Steemans, voormalig financieel directeur van KV Mechelen. Steemans is naast Veljkovic een tweede spilfiguur in deze kwestie; het duo onderhield nauwe contacten. Van Cauter wou geen energie verspillen aan het matchfixingluik, omdat Steemans het voetbalwereldje vaarwel heeft gezegd: 'Een schorsing door de KBVB mag voor meneer Steemans levenslang zijn.' Van Cauter was het er vooral om te doen het beeld te ontkrachten waarbij Steemans, die een boekhoudkantoor heeft, voorgesteld wordt als iemand die zich persoonlijk verrijkte bij transfers. Wat zeiden de partijen die wél over de grond van de zaak pleitten? Zij pleitten allen onschuldig. Maar ze weerlegden lang niet alle bezwarende elementen. Zo was er het pleidooi van advocaat Frédéric Thiebaut. Hij staat Olivier Somers bij, de hoofdaandeelhouder van KV die in maart 2018 de dagelijkse leiding van de club in handen had. Thiebaut probeerde zijn cliënt eerst uit de wind te zetten door aan te voeren dat Veljkovic zich weleens ergens durfde te presenteren als gemandateerde van KV terwijl de club van niks wist. Dat klopt; Sport/Voetbalmagazine schreef daar in juni 2016 al over. Maar dit dossier bevat aanwijzingen dat KV deze keer wél op de hoogte was. Erg belastend voor Somers is de verklaring van Huyck over het beruchte incident vlak na de verdachte wedstrijd. Huyck verklaarde dat Somers hem toen naar het hoofd slingerde: 'Gij hebt geen ballen aan uw lijf, crapuul. De Walen kunnen het wél regelen, en gij...' Thiebaut erkende dat zijn cliënt 'van zijn oren' was komen maken. 'Maar mogen we dat alstublieft plaatsen onder de ontgoocheling van het oplopen van een degradatie?', vroeg hij. Zéker, dacht de objectieve luisteraar in de zaal, maar waarom dan die specifieke woorden erbij, die toch alludeerden op matchfixing? De leden van de Geschillencommissie Hoger Beroep, wier tussenkomsten erg beperkt waren, stelden de vraag niet. Nog een erg belastend element, maar dan in Beverse hoek, is het telefoongesprek dat Huyck en Swolfs voerden daags na de 2-0 tegen KV. Daarbij zei Swolfs: 'Voor hetzelfde geld hadden we voluit moeten gaan.' Huyck repliceerde: 'We hadden het beter gedaan, stank voor dank.' De advocaat van Huyck liet die conversatie in zijn pleidooi onbesproken. Vanuit zijn oogpunt was dat een logische keuze, maar dat de Geschillencommissie Hoger Beroep ook daarover geen verduidelijking vroeg, kwam minder logisch over. Ook Thiebaut, een van de advocaten van Somers, haalde overigens nog een conversatie aan van diezelfde dag na de bewuste match. Hij parafraseerde uit een getapt telefoongesprek - waarin een paar woorden lijken te ontbreken - dat Veljkovic voerde met een journalist van de krant Het Laatste Nieuws. Thiebaut: 'Tijdens het gesprek zegt Dejan dat Moeskroen geld gekregen heeft. Dejan zegt: 'En voilà, Mogi ( Bayat, makelaar, nvdr) gewerkt voor Eupen, geregeld met een paar spelers en Somers wil niet samenwerken. En voilà.' Hoe was de repliek van bondsprocureur Kris Wagner? Naar zijn normen: sereen en to the point. Deze keer maakte hij een goede indruk. Wagner blijft een man die niet verlegen zit om een opvallende uitspraak, maar daarbij moet gezegd dat de advocaten aan de overzijde zich op dat vlak ook niet onbetuigd hadden gelaten. Wagner hekelde de urenlange pleidooien over de procedurekwesties. Hij vergeleek die met 'kijken naar een meesterwerk van Rubens en zeggen dat het kader eromheen te weinig blinkt'. De bondsprocureur vond 'regelfetisjisme' en 'letterknechterij' niet op hun plaats. Hij betoogde dat een procedure 'globaal bekeken' eerlijk moet verlopen. En hij zei dat procedureregels volgens hem als finaliteit hebben: de waarheid aan het licht brengen. 'Wanneer die waarheid aan het eind van het parcours het daglicht niet mag zien, begrijp ik dat sommigen van dat parcours liefst een hindernissenparcours maken.' Eén voor één overliep Wagner alle betrokken partijen en greep hij elementen aan die volgens hem aantonen dat ze wél over de schreef zijn gegaan. In het geval van Steemans citeerde Wagner uit een getapt telefoongesprek dat de voormalige financieel directeur van KV voerde met ene Hugo. Wagner: 'Die Hugo vraagt aan Steemans wat hij denkt over volgende zondag, of er gesjoemeld zal worden. En zo ja, zou hij dan meesjoemelen? Steemans antwoordt dat dit een must is, 'anders hebben we prijs.'' Wagner verwees naar de vele keren dat advocaten hadden beklemtoond hoe belangrijk het is om de taps zelf te kunnen beluisteren, zodat zou blijken met welke intonatie en in welke context dingen gezegd zijn. Wagner: 'Maar met welke intonatie je zegt dat sjoemelen een must is, interesseert mij niet. Die woorden liegen niet.' Verschillende elementen wijzen er ook op dat betrokkenen zich aan hun gsm paranoïde gedroegen. Wagner deed het denken aan 'maffiapraktijken'. Zo hadden Steemans en Swolfs in maart 2018 veel oog voor het nummer waarmee ze belden, 'want je weet nooit of je getapt wordt'. Wagner: 'Als er niets aan de hand is, zeg je zoiets niet.' Wagner besloot met een verwijzing naar William Shakespeare, nadat Jan De Man eerder ook al diens toneelstuk Hamlet had aangehaald. De advocaat van Swolfs had gezegd dat hij door alle procedureproblemen al vaak had moeten denken aan het zinnetje: Something is rotten in the state of Denmark. Wagner maakte ervan: ' Something is rotten in these two clubs. ' En wat de aansprakelijkheid van die clubs betreft, is het volgens Wagner van geen tel of de schuldige bestuurders een meerderheid vormen in aantal of in aandelen: 'Dé vraag is of zij binnen de club de feitelijke beslissingsmacht hadden.' Voor ex-Waasland-Beverenspeler Olivier Myny vroeg de bondsprocureur eerst een milde straf omdat die zich bij de KBVB had aangeboden als spijtoptant. Legde Myny belangrijke bekentenissen af? Toen Jesse De Preter als raadgever/makelaar van de speler die zaak toelichtte, werd duidelijk hoe licht de verklaringen van Olivier Myny wegen. Myny verklaarde eerst aan de onderzoeksrechter dat Thomas Troch, een vennoot van makelaar Walter Mortelmans, hem gebeld had met de vraag om zich in te houden in de verdachte wedstrijd. Bij de onderzoekscoördinator van de KBVB luidde de verklaring van Myny plots dat hem was gevraagd zich in te houden mocht hij scoren in de bewuste wedstrijd. Ascrawat, lid van de Geschillencommissie Hoger Beroep, greep dat cruciale verschil aan om een eerste keer tussen te komen in de debatten: 'Doet u nu afstand van uw verklaring bij de onderzoeksrechter?' 'Nee, ' antwoordde De Preter vlug in de plaats van Myny, 'zijn verklaring bij de onderzoekscoördinator was gewoon uitgebreider.' De Preter voegde eraan toe dat Myny bij zijn verschijning voor de onderzoeksrechter weinig gegeten en geslapen had. Voorts legde De Preter uit dat het spijtoptantenstatuut dat Myny aanvroeg 'enkel over de meldingsplicht ging, niet over daden van competitievervalsing'. Toen de Geschillencommissie Hoger Beroep informeerde wat Myny als spijtoptant precies had bijgebracht, luidde het voornaamste antwoord dat hij zijn verklaring van bij de onderzoeksrechter al in een vroeg stadium had bezorgd aan de KBVB-onderzoekscoördinator. Méér dan wat info rond dat ene, niet-getapte telefoongesprek met Troch gaf Myny niet. En vreemd genoeg hield het kamp-Myny voor de Geschillencommissie Hoger Beroep vol dat er met dat gesprek niks fout was. Maar waarom was hij dan spijtoptant geworden, waarmee hij impliciet had toegegeven dat hij iets had moeten melden? Het verhaal van Myny rammelde langs alle kanten. Wagner besloot het het spijtoptanteninitatief van Myny en zijn adviseur/makelaar uiteindelijk onder de noemer opportunisme te catalogiseren en herzag zijn gevorderde sanctie tegenover de speler; hij eist nu twee maanden schorsing in de plaats van één. Klopt het dat Wagner ook zijn voorgestelde sanctie tegenover KV Mechelen herzag, dat hij niet langer wil dat die club in 1B blijft en nu een degradatie naar de hoogste amateurklasse voorstelt? AFC Tubize vraagt die laatste sanctie. De rode lantaarn in 1B hoopt zo zelf niet te moeten degraderen. En Tubize heeft een punt; strikt genomen is KV Mechelen tot 1 juli een 1B-club, de intussen behaalde promotie ten spijt. Bij een definitieve beslissing vóór 1 juli, het scenario waar de KBVB naartoe werkt, betekent 'een reeks zakken' voor KV eigenlijk: degraderen naar de hoogste amateurklasse. Wagner heeft zijn vordering op dat punt niet expliciet herzien, maar wel schriftelijk aangestipt dat de vraag van Tubize niet volkomen onredelijk is. De Geschillencommissie Hoger Beroep vroeg de federaal procureur 'een afschrift bij te brengen van de tapbeschikking die aanleiding heeft gegeven tot de telefoontaps'. Wat betekent dat? Deze tuchtprocedure leunt in grote mate op tapstranscripties en -samenvattingen uit het strafonderzoek rond deze zaak. Maar een onderzoeksrechter kan nooit zomaar telefoons afluisteren. De commissie wil via die 'tapbeschikking' checken of daarbij alle regels gevolgd zijn. Volgens sommigen wijst dat erop dat de commissie zich wapent om elementen uit die taps te gebruiken tegen de betrokken clubs, bestuurders en/of makelaars.