Hoe gaat het met Ruud de voetballer?

Ruud Vormer: 'Heel goed, ook al zijn het rare tijden. Mijn evolutie als voetballer hier in Brugge is zeer positief geweest, in een heel andere rol dan vroeger, toen ik nog een nummer zes was. Mooie dingetjes gewonnen, titels, beker, Gouden Schoen. En dat allemaal voor 500.000 eurootjes transfersom (lacht). Fysiek ben ik hier zeker beter geworden, mentaal ook. Voetballend is het hetzelfde gebleven, denk ik.

'Zelfvertrouwen? Had ik altijd wel een beetje, daar is niks aan veranderd. Door iedere wedstrijd te spelen en ervaring op te doen, ga je wel leren doseren. Vroeger was het nog eerder speels, nu is het business. De aanvoerdersband heeft me niet veranderd. Buiten het veld komen wat jongens naar je toe, dat is wel meer dan eerst, maar voor de rest: het is een band hé, je wil toch samen dingen bereiken, winnen.'

Kan je om met kritiek?

Vormer: 'Mag, maar hangt af van wie. Als ik het van mijn vader krijg, accepteer ik het heel snel, omdat hij me kent, de context, de taken. Kritiek in de media hoort erbij. Je kan niet altijd 100 procent zijn, ook al train je en leef je er 100 procent voor. Soms is het moeilijk om de kritiek te lezen, maar ik denk dan: ach, het is niet dat ze het beter kunnen.'

Mag tussendoor de bank al een keer meer, in het kader van rotatie?

Vormer: 'Liever niet, nog steeds niet, ondanks de leeftijd. Dat is zo moeilijk om te accepteren. Ik begrijp de coach, maar ik ben niet moe en dan wil je graag in je ritme blijven.'

Met 25 man in de kern wil iedereen zich graag eens tonen.

Vormer: 'Dat is het. Het hoort erbij, maar het is niet leuk.'

En zou je nog tegen een waterzak schoppen, zoals onder Leko bij een wissel?

Vormer: 'Dat wordt dan zo uitvergroot, hé. Niet meer zo snel, denk ik, daar ben ik iets slimmer in geworden. Maar het was Gent, we stonden gelijk... Je zegt het beter achteraf tegen de coach in de kleedkamer. Maar je zit zo in die wedstrijd en je wil zo graag winnen. Dat fabeltje dat daarna de ronde deed - Leko en Vormer kunnen niet samen - houdt geen steek. Ik denk dat ik met alle trainers wel oké ben. Ik ga niet heel veel dingen vragen, vaak komen ze zelf naar mij. Ik ben echt geen moeilijke voor een coach.'

Lees het volledige interview met Ruud Vormer in Sport/Voetbalmagazine van 4 november.

Hoe gaat het met Ruud de voetballer?Ruud Vormer: 'Heel goed, ook al zijn het rare tijden. Mijn evolutie als voetballer hier in Brugge is zeer positief geweest, in een heel andere rol dan vroeger, toen ik nog een nummer zes was. Mooie dingetjes gewonnen, titels, beker, Gouden Schoen. En dat allemaal voor 500.000 eurootjes transfersom (lacht). Fysiek ben ik hier zeker beter geworden, mentaal ook. Voetballend is het hetzelfde gebleven, denk ik. 'Zelfvertrouwen? Had ik altijd wel een beetje, daar is niks aan veranderd. Door iedere wedstrijd te spelen en ervaring op te doen, ga je wel leren doseren. Vroeger was het nog eerder speels, nu is het business. De aanvoerdersband heeft me niet veranderd. Buiten het veld komen wat jongens naar je toe, dat is wel meer dan eerst, maar voor de rest: het is een band hé, je wil toch samen dingen bereiken, winnen.'Kan je om met kritiek?Vormer: 'Mag, maar hangt af van wie. Als ik het van mijn vader krijg, accepteer ik het heel snel, omdat hij me kent, de context, de taken. Kritiek in de media hoort erbij. Je kan niet altijd 100 procent zijn, ook al train je en leef je er 100 procent voor. Soms is het moeilijk om de kritiek te lezen, maar ik denk dan: ach, het is niet dat ze het beter kunnen.'Mag tussendoor de bank al een keer meer, in het kader van rotatie?Vormer: 'Liever niet, nog steeds niet, ondanks de leeftijd. Dat is zo moeilijk om te accepteren. Ik begrijp de coach, maar ik ben niet moe en dan wil je graag in je ritme blijven.'Met 25 man in de kern wil iedereen zich graag eens tonen.Vormer: 'Dat is het. Het hoort erbij, maar het is niet leuk.'En zou je nog tegen een waterzak schoppen, zoals onder Leko bij een wissel?Vormer: 'Dat wordt dan zo uitvergroot, hé. Niet meer zo snel, denk ik, daar ben ik iets slimmer in geworden. Maar het was Gent, we stonden gelijk... Je zegt het beter achteraf tegen de coach in de kleedkamer. Maar je zit zo in die wedstrijd en je wil zo graag winnen. Dat fabeltje dat daarna de ronde deed - Leko en Vormer kunnen niet samen - houdt geen steek. Ik denk dat ik met alle trainers wel oké ben. Ik ga niet heel veel dingen vragen, vaak komen ze zelf naar mij. Ik ben echt geen moeilijke voor een coach.'Lees het volledige interview met Ruud Vormer in Sport/Voetbalmagazine van 4 november.