Op een wolk liepen ze bij Genk de afgelopen weken na een meer dan geslaagde seizoenstart op drie fronten, tot een onverwachte nederlaag in Noorwegen de Genkies weer met de voeten op de grond zette. Het was ook niet bepaald een prettige thuiskomst voor de Noorse middenvelder Sander Berge (20), die net als de andere Genkse spelers de afgelopen maanden gegroeid was.
...

Op een wolk liepen ze bij Genk de afgelopen weken na een meer dan geslaagde seizoenstart op drie fronten, tot een onverwachte nederlaag in Noorwegen de Genkies weer met de voeten op de grond zette. Het was ook niet bepaald een prettige thuiskomst voor de Noorse middenvelder Sander Berge (20), die net als de andere Genkse spelers de afgelopen maanden gegroeid was. Groot was Sander Berge (20) al, en nog groter zal hij worden, voorspellen kenners. De Noorse international (11 caps) blijft, anderhalf jaar na zijn debuut in België, nuchter bij al die lof. Die eerste wedstrijd werd door exact 2863 kijkers bijgewoond. Berge, gehaald als opvolger voor de naar Leicester City vertrokken Wilfred Ndidi, herinnert zich die match op Eupen op zaterdag 21 januari 2017 nog. In de eerste helft kwam de ploeg van kersvers Genktrainer Albert Stuivenberg niet in het stuk voor. Bij de rust verving Berge Bryan Heynen. 'Genk had aanvankelijk moeite met de hoge pressing van de thuisploeg, maar met de inbreng van Berge en Schrijvers kantelde de partij', schreef dit blad. Anderhalf jaar later is Genk vooral opgelucht dat Berge nog in Genk is, na een zomermercato waarin zijn naam viel bij Fiorentina, FC Sevilla en Olympique Lyon. Maar aan tafel zit nog steeds een gewone no-nonsense twintigjarige, die voor hij gaat zitten met de glimlach op de foto gaat met een klas schooljongens die op bezoek is in het Genkse stadion.Als jij de journalist was, welke vraag zou je dan aan de voetballer Sander Berge stellen? SANDER BERGE: 'Dat is een moeilijke. ( denkt na) Ik zou vragen: wat is je voornaamste werkpunt? En antwoorden dat mijn kopbalspel nog beter kan. Ik ben een grote sterke jongen, een type dat doelpunten kan maken, met het hoofd en met de voeten. Dus is de uitdaging om daar vooruitgang in te maken, in de afwerking en het efficiënter worden in het voorste derde van het veld.' Je was ooit aanvaller. BERGE: 'Dat klopt, en ik scoorde aan de lopende band. Tot ik een rang naar achter schoof, en dan nog één, tot op de middenveldpositie die ik nu bekleed, waarvan ik voel dat het mijn plek is. Dat gebeurde door mijn groeiproces. Op jonge leeftijd zat ik in een van de beste jeugdteams in Noorwegen, met ploegmaats die twee tot drie jaar ouder waren. Ik was de kleinste, en speelde als nummer tien. In één seizoen maakte ik toen dertig goals. Maar plots begon ik te groeien, in twee jaar werd ik vijftien centimeter groter. Dat verandert je techniek en balbeheersing. Ineens pasten mijn kwaliteiten beter op het middenveld. Liever daar goed uit de voeten kunnen dan op de bank verzeilen als diepe spits, dacht ik. Toen ik bij Asker belandde, de tweedeklasser waar ik speelde voor ik naar Valerengen ging, kreeg ik al snel speelminuten in het eerste elftal, op het middenveld.' Je had ook voor een basketcarrière kunnen kiezen. Je ouders waren basketters. BERGE: 'Mijn broer stond voor hetzelfde dilemma. Allebei speelden we op jonge leeftijd voetbal en basket. Op mijn dertiende koos ik voor voetbal, omdat mijn vrienden voetbalden en omdat het nu eenmaal een grotere sport is in Noorwegen dan basket. Mijn broer maakte de omgekeerde keuze. Maar met mijn genen had ik ook best een basketcarrière kunnen maken.' Was opgroeien in een gezin met topsporters een voor- of een nadeel? BERGE: 'Ik denk: het eerste. Bij ons thuis ging het altijd om de basiswaarden: een goeie ingesteldheid, proberen om de beste teamspeler te worden, werkethos, aardig zijn tegen iedereen. Mijn ouders waren er altijd bij op wedstrijden. Ze stonden bekend om het feit dat ze altijd beleefd bleven, en met beide voeten op de grond, wat er ook gebeurde. Mijn vader benadrukte altijd het belang van fair play. Dat heeft me gevormd tot wat ik vandaag ben: geen moeilijke jongen.' Wat is de belangrijkste les die ze je mee hebben gegeven? BERGE: 'Behandel anderen zoals je graag zelf behandeld wordt. En geniet van wat je doet. Als je niet graag doet waar je mee bezig bent, mis je de drive om beter te worden. Dus: respecteer iedereen, en amuseer je.' Nooit het gevoel gehad dat je leuke dingen in je jeugd moest opofferen voor het voetbal? BERGE: 'Helemaal niet. Ik had niet het soort vrienden dat je mee probeerde te sleuren in het uitgaansleven. Ze waren blij voor mij met wat ik deed. Vandaag zijn we allemaal in verschillende werelden beland. Martin Odegaard, die even oud is als ik, woonde een kwartiertje van ons vandaan. Hij vertrok op zijn vijftiende naar Real Madrid. Vandaag voetbalt hij bij Vitesse. Hij speelde op de positie die ik eerder bekleedde tot ik begon te groeien, als een nummer tien. Ineens belandde hij op zijn vijftiende bij de nationale ploeg, terwijl wij bij de jeugd bleven hangen. In Noorwegen was dat ongezien, zo'n fenomeen.' Wat leer je uit wat hem is overkomen, van de absolute top naar de anonimiteit? BERGE: 'Ik vind het te vroeg om al conclusies te trekken. We zijn allebei nog maar twintig. Ik bedoel: Luka Modric is nu op zijn 33e verkozen tot beste speler van de wereld, maar tot zijn 23e speelde hij nog voor Dinamo Zagreb. Sommigen zijn op hun best op hun 20e, anderen pas op hun 26e. Ik snap ook wat Martin deed. Als Real Madrid je vraagt, is het een risico om neen te zeggen en te hopen dat ze een paar jaar later nog eens bij je langskomen. Soms moet je een stap terugzetten om er twee vooruit te zetten. Kijk naar Mariano Díaz, die samen met Martin bij Real Madrid Castilla speelde, via Lyon terugkeerde en nu bij Real Cristiano Ronaldo moet vervangen. Waarom zou dat niet met Martin kunnen gebeuren?' Had jij in zijn plaats dezelfde keuze gemaakt? BERGE: 'Veel mensen in Noorwegen zijn expert in het achteraf zeggen wat eerst had moeten gebeuren: 'Eigenlijk had hij beter voor Ajax gekozen.' Dat is vandaag makkelijk gezegd, natuurlijk. Hij trainde toch maar elke dag samen met Cristiano Ronaldo en die andere toppers. En bij Castilla heeft hij met Zinédine Zidane gewerkt. Dat maakt je altijd beter.' Wanneer snapte jij dat je niet zomaar een voetballer was, maar dat er meer in zat? BERGE: 'Al vrij snel. Toen ik bij Asker belandde, was de school gedaan om één uur 's middags. Dan kon je kiezen: ofwel drie uur in de studie blijven, of drie uur gaan voetballen bij de club. Ik koos voor het tweede. Die vele extra uren, plus het samenspelen met twee jaar oudere jongens, hebben geholpen. Iedereen die me bezig zag, zei dat ik iets speciaals had. In de vertegenwoordigende teams per provincie had ik mijn plaats.' Je hebt er dus nooit aan gedacht een echte job te leren? BERGE: 'Mijn vader is advocaat. Ik heb aan rechtenstudies gedacht, maar sport stond altijd op nummer één. Voor mijn ouders telde dat ik naar school bleef gaan terwijl ik voor Asker en Valerengen speelde. De combinatie maakte dat ik me beter in mijn vel voelde. Als het goed ging op school, ging ik met extra vertrouwen naar de training. En als het goed ging op het voetbalveld, kwam ik met een goed gevoel naar school.' Hoe ontgoocheld was jij anderhalf jaar geleden toen je bij Genk belandde en niet bij Everton dat je ook wilde? BERGE: 'Een jaar eerder was ik in februari een week op proef geweest bij West Ham. In de zomer hoorde ik dat Everton geïnteresseerd was, maar dat het niet tot een akkoord was gekomen met Valerengen. Dat was even een opdoffer, omdat je in Noorwegen niet zo vaak de kans krijgt om naar een buitenlandse topclub te gaan. Jullie hebben Eden Hazard en Kevin De Bruyne, maar in Noorwegen is Everton al een onwaarschijnlijke bestemming. Mijn managers vertelden me dan van de interesse van Genk en hoe ze hier met jonge spelers werken. Dat leek me wel wat. Niet dat ik de club of de Jupiler Pro League kende. Ik was met de Noorse U16 eens een wedstrijd tegen België gaan spelen in Gent. Daarom zocht ik op of het misschien om die club zou gaan, maar meteen zag ik dat Genk en Gent niet hetzelfde zijn.' Wat vond je het moeilijkste aan de overstap van Noorwegen naar België? BERGE: 'Dat ik ineens op mezelf aangewezen was, want ik woonde thuis tot mijn achttiende. Plots moet je voor jezelf zorgen, in een nieuwe omgeving, een nieuwe cultuur, een andere taal, een team waar je spelers van alle nationaliteiten hebt. Ik snapte meteen dat ik in een grotere club beland was, op een hoger sportief niveau, in een betere competitie. Maar tegelijk gaf me dat meer vertrouwen, want de club verwachtte ook dat ik dat niveau aankon.' Wat is het verschil tussen de Sander Berge die anderhalf jaar geleden in België debuteerde op Eupen, en die van nu? BERGE: 'Ik ben op alle vlakken geëvolueerd. Ik neem meer mijn verantwoordelijkheid op het veld, ik ben meer een leidersfiguur geworden. Mijn passing is verbeterd, ik lees het spel beter en ik kom steeds vaker in de aanvallende zone, voor het vijandelijke doel. Verdedigend ben ik na mijn blessure ook sterker. Ik voel me een slimmere speler. In het begin moest ik de Belgische voetbalcode nog leren. Hier wordt veel belang gehecht aan snelheid, de tegenaanval en fysiek voetbal.' Als er na je vertrek gevraagd wordt wat je bij Genk geleerd hebt, wat zal dan je antwoord zijn? BERGE: 'Genk heeft een goeie manier om jong talent uit verschillende landen door te laten stromen. Ze maken hier van al die diverse spelers één grote familie. Je voelt je hier thuis, maar er wordt ook op een hoog niveau gewerkt. Met deze spelers in een mooi gevuld stadion week na week mogen samenspelen, maakt je beter op jonge leeftijd. Kortom: dit is dé perfecte opstap naar topclubs.' Wat heeft je verrast in Genk of in België? BERGE: 'Toch de kwaliteit van de competitie. Ik wist niet wat ik hier moest verwachten, maar zag al gauw veel goeie voetballers en een aantal sterke ploegen. Ook de voetbalbeleving is groot. Toen ik voor het eerst in het centrum van Genk kwam, vroeg ik me af: is dat de plaats waar ik de komende jaren ga leven? Maar dan kom je op een avond in de Luminus Arena en zitten daar 20.000 begeesterde fans voor een match tegen Anderlecht. Toen dacht ik: wauw. Dat heb je niet in Noorwegen, hoor.' Vind je dit een verdedigend ingestelde competitie, of valt dat nog mee? BERGE: 'Dat is het andere aspect dat me verraste: hoe iedereen zich hier elke week aanpast in functie van de komende tegenstander. Alles wordt tot in de puntjes geanalyseerd, verdedigend én aanvallend. De ene week wordt over het hele veld man tegen man gespeeld, de volgende keer ga je hoog druk zetten en een andere keer sta je tegen een muur van tien man die zich voor eigen doel ingegraven heeft. Je ontmoet zo veel verschillende stijlen dat je je wel moet aanpassen. In Scandinavië speel je ploeg tegen ploeg, hier heb je vaak de indruk dat je één tegen één speelt. Dat was even wennen, maar nu vind ik het fantastisch, dat duel met je rechtstreekse tegenstander. Als je hem uitschakelt, heb je plots ruimte en gaat er een siddering door het stadion. In topvoetbal vandaag wordt het verschil tussen de beste en de op één na beste gemaakt door de rechtstreekse duels. Je persoonlijke duels leren winnen maakt je een betere voetballer.' Vorig seizoen lukte dat niet. In plaats van mee te doen voor de titel was het tot het laatste moment krasselen voor een Europees ticket. Wat leer je daaruit? BERGE: 'De les van vorig jaar is dat je altijd met een plan de wedstrijd moet aanvatten, en in jezelf moet geloven. Als je vaak verliest, word je bang om op het veld te komen en durf je daar niets te ondernemen. Nu is niemand nog bang om risico in zijn spel te stoppen, omdat we niet meer denken aan wat er verkeerd kan gaan. Vertrouwen is het allerbelangrijkste in sport. Als je met de mentaliteit van schooljongens op een speelplaats de wedstrijd aanvat, plus een goed plan én respect voor de tegenstander besef je dat voetbal niet altijd ingewikkeld moet zijn.' Wat is de verdienste van Philippe Clement in dit succesverhaal? BERGE: ' Philippe is goed in het niet té moeilijk maken van voetbal. Hij trekt duidelijke lijnen en houdt iedereen gefocust, terwijl hij je toch voldoende vrijheid gunt. Je krijgt een plan mee, maar je kan bepaalde zaken nog zelf invullen, je voelt je niet opgesloten. Hij is ook erg goed in het samenhouden van het team. Hij laat iedereen, ook wie geen basisplaats heeft, zich thuis voelen in deze ploeg.' Jij bleef, terwijl het de ganse zomer gonsde van transfergeruchten. Kon je dat makkelijk van je afzetten of was je daar erg mee bezig? BERGE: 'Mijn voordeel is mijn entourage en waar ik vandaan kom. Ik vond die interesse meer een blijk van waardering, een bevestiging dat ik op de goeie weg ben. Verder was ik daar niet mee bezig. Wat ook hielp, was dat we meteen goed startten in de competitie en in de Europa League, steeds beter gingen voetballen en ik tot mijn tevredenheid vaststelde dat ook de andere elders gegeerde talenten bleven. Als je prijzen wil winnen, heb je een team nodig dat een paar jaar samen blijft.' Jij hoort de laatste tijd alleen maar complimenten. Wil je ook niet eens horen dat je iets niet goed doet? BERGE: 'Dat valt wel mee. Ik praat vooral met mijn ouders en mijn begeleiders en die hebben het meer over wat nog beter kan dan over hoe goed ik wel ben. Mijn ingesteldheid is om niet te gaan zweven, of om diep te vallen wanneer het minder gaat. Waar het mij om gaat, is: wat kan ik nog beter doen? En hoe? De kunst is om het evenwicht te bewaren, niet te veel mee te gaan in de euforie of in de ontgoocheling. Anders word je gek.' Men voorspelt dat jij zeker de top haalt, alleen is nog niet duidelijk in welke competitie dat zal zijn. Welk soort voetbal zou na Genk het best bij je passen? BERGE: 'Dat is een goeie vraag. Ik vraag me dat zelf ook voortdurend af. Ik ben een middenvelder die graag de bal heeft, maar ik kan ook de job zonder bal uitvoeren. Uiteindelijk wil je ergens naartoe waar je belangrijk kan zijn. De volgende stap moet er dus één zijn naar een club waar ik met mijn kwaliteiten iets kan aanvatten. Ik wil niet naar een bepaald land, het mag om het even welke competitie zijn.'