Silvio Proto kan nipt een huilbuil vermijden wanneer zijn allerlaatste match voor Anderlecht ter sprake komt. Alsof hij zijn vertrek bij Anderlecht nog niet helemaal verwerkt heeft. Maar het hoofdstuk Anderlecht, waar hij de titels aan elkaar reeg, is verplichte kost wanneer we de beste doelman van de laatste twee decennia spreken.
...

Silvio Proto kan nipt een huilbuil vermijden wanneer zijn allerlaatste match voor Anderlecht ter sprake komt. Alsof hij zijn vertrek bij Anderlecht nog niet helemaal verwerkt heeft. Maar het hoofdstuk Anderlecht, waar hij de titels aan elkaar reeg, is verplichte kost wanneer we de beste doelman van de laatste twee decennia spreken. De dag voor het interview stond Proto in doel in de bekerwedstrijd tegen Cremonese, een club uit de Serie B. Sinds zijn transfer naar Lazio in de zomer van 2018 heeft hij amper gespeeld - dit seizoen zit hij aan drie duels - maar hij wist waar hij aan begon toen hij de deal sloot met de Romeinen. Zijn rol zou zich beperken tot stand-in en gids voor de jonge Albanees Thomas Strakosha. De rest van de tijd mag hij vanop de bank zijn ploegmaats observeren. De afgelopen maanden was hij getuige van het heerlijke parcours van Lazio in de Serie A: van eind oktober tot nu boekte het vijftien wedstrijden zonder nederlaag op rij. Die reeks werd enkel onderbroken door de Supercup tegen Juve eind december. De plaats van de afspraak met Silvio Proto ligt op enkele honderden meters van zijn huis, ten noorden van de Italiaanse hoofdstad, niet ver van het trainingscentrum van Lazio. Proto opteert niet toevallig voor het restaurant van een golfclub, want met golf heeft hij een nieuwe passie gevonden. 'Ik ben toevallig met golf begonnen toen ik bij Olympiacos speelde', aldus de doelman. ' Guillaume Gillet heeft aan mijn kop staan zeuren. Hij wilde absoluut dat ik het uittestte. Ik probeerde nog tegen te pruttelen: 'Golf is een sport voor bejaarden.' Nu vraag ik mij af waarom ik er geen tien jaar geleden mee begonnen ben. Je moet tot de laatste hole geconcentreerd blijven want je kan het hele parcours verpesten indien het misgaat aan de 18e hole. Vergelijk het met een doelman die in de laatste seconde van een match een enorme blunder begaat.' Ik heb mij laten vertellen dat deze site de Open van Italië ontvangt. SILVIO PROTO: 'Ik heb de laatste editie in oktober bijgewoond. Ik ben toevallig Nicolas Colsaerts tegen het lijf gelopen toen hij aan het trainen was en we hebben lang met elkaar staan praten. Daarna heb ik ook een babbeltje kunnen slaan met Thomas Pieters en Thomas Detry. ' Je ligt nog anderhalf jaar onder contract. Wil dat zeggen dat je je carrière bij Lazio zal beëindigen? PROTO: 'Geen idee. Ik word 37 in mei, maar ik voel mij op fysiek vlak nog top. Ik zal op het einde van volgend seizoen een balans opmaken. Misschien stop ik wel... Ik heb in mijn carrière zoveel prijzen gewonnen dat ik er niet rouwig om zou zijn, mocht het morgen plots gedaan zijn. Ik moet nergens spijt van hebben.' Er moet toch iets zijn dat je altijd hebt willen doen en nog niet gedaan hebt? PROTO: 'Nee. Toen ik in België speelde, kreeg ik de vraag of ik geen zin had om naar het buitenland te gaan. Uiteindelijk ben ik per toeval in Griekenland beland. Die stap heeft mijn carrière gered. Ik ben niet zeker dat ik bij Oostende mijn contract zou hebben uitgediend. Ik was nog maar 35 jaar, maar ik zou wellicht definitief gestopt zijn. Ik was er niet meer gelukkig - het vele pendelen begon tegen te steken. Ik had een huis gekocht aan de kust, maar ik verkoos om regelmatig terug naar huis te keren in Waals-Brabant om bij mijn vrouw en drie kinderen te zijn. En er werd mij een project beloofd dat niet van de grond kwam. Toen ik de kans kreeg om te vertrekken, ben ik weggegaan. Ik heb mij nooit lekker in mijn vel gevoeld in Oostende. Ik moet wel erkennen dat ik bijlange niet mijn niveau heb gehaald van bij Anderlecht - daar ga ik niet over liegen - en dat had deels te maken met het gebrek aan druk. Terwijl ik net druk nodig heb om goed te presteren. Werd er niet gewonnen? Dat was niet erg. Dat klimaat heeft een invloed gehad op mijn motivatie.' Hoe zal je leven na je profcarrière eruitzien? PROTO: 'Dat moet ik nog bekijken. Ik heb mij nog niet afgevraagd wat ik wil doen. Ik leef een beetje van dag tot dag en ik wacht af wat het leven voor mij in petto heeft... Ik ben niet op één bepaald ding gefocust. Ik heb een paar projecten lopen in de immobiliënsector en ik ben aan een trainerscursus begonnen in België. Het is te zeggen: ik volg afstandsonderwijs. De syllabussen liggen thuis en de opleiding gebeurt online. We gaan vaak op afzondering en in de plaats van series te bekijken op Netflix doe ik aan zelfontwikkeling. Tijdens de internationale break keer ik terug naar België om examens af te leggen. In december heb ik als praktijkexamen twee trainingen gegeven aan jeugdspelers van Olympic Charleroi en ik vond het leuk om te doen. Maar ik garandeer niemand dat ik sowieso trainer zal worden. Het is niet meteen mijn prioriteit, ik zie het eerder als een opportuniteit.' De lezers van Sport/Voetbalmagazine hebben jou uitgeroepen tot beste doelman van de laatste twintig jaar. Vind je dat een logische uitslag? PROTO: 'Als ik ja antwoord, zal ik verwaand overkomen... Maar gezien mijn palmares is deze uitverkiezing toch gewettigd. Nee? Bij Anderlecht was ik mij niet bewust van mijn niveau. Ik zat in mijn bubbel. Pas toen ik België achter mij had gelaten, begreep ik dat mijn verrichtingen uitzonderlijk waren. Ik zou het abnormaal durven noemen. Vandaag verwijt ik mezelf dat ik niet genoeg genoten heb van wat ik bij Anderlecht bereikt hebt. De reddingen, de overwinningen, de titels... Er zijn van die momenten die je moet grijpen en ik heb dat onvoldoende gedaan. Ik legde mezelf veel druk op omdat ik geen recht had op een misstap. Zo dacht ik er tenminste over. Ik had schrik dat dat ene moment van verslapping mij parten zou spelen.' Zie je een andere doelman die meer dan jij de titel van beste doelman van de laatste twintig jaar verdiende? PROTO: 'Er zijn een aantal keepers die in hun carrière een constante hebben gelegd in hun prestaties. Ik denk bijvoorbeeld aan Vedran Runje, die tweede werd toen ik voor het eerst de prijs van Doelman van het Jaar kreeg. En dan heb je ook nog Thibaut Courtois, Simon Mignolet en Sinan Bolat. Maar als je het bekijkt over een lange periode en rekening houdt met mijn palmares, dan heb ik mijn prijs niet gestolen.' Hoeveel echte vriendschappen zijn er ontstaan dankzij het voetbal? PROTO: 'Ik zou het liever omschrijven als 'bijzondere ontmoetingen'... Eerst met Mbo Mpenza, dan Thomas Chatelle, die mijn ogen heeft geopend over tal van dingen, en ten slotte Guillaume Gillet. Mijn andere goede maatjes bij Anderlecht waren Jonathan Legear, Olivier Deschacht en Daniel Zitka. Maar de gast met wie ik het meeste gemeen heb is Alexandre Bryssinck. We zijn peter van elkaars kinderen. Ik moet ook Hannu Tihinen vermelden. Hij heeft wellicht mijn carrière bij Anderlecht gevrijwaard.' Leg dat eens uit? PROTO: 'We moeten teruggaan naar mijn eerste wedstrijd in de Champions League tegen Betis. De dag ervoor werden Zitka en ik bij Frank Vercauteren geroepen en stelde hij ons de vraag. 'Wie speelt er morgen?' We stonden daar verdwaasd naar elkaar te kijken van: wat voor onzin vertelt hij? Hij is toch de trainer? Ik zei dat ik wilde spelen en Zitka zei precies hetzelfde. En Vercauteren pikte mij eruit. Na twee minuten kreeg ik een terugspeelbal. De bal stuiterde op, ik miste mijn controle, via een aanvaller van Betis en de paal kwam de bal terug in het spel waarna een tweede aanvaller een atoomschot loste dat Tihinen wist te blokkeren. Die redding was zo miraculeus dat ik nog altijd niet weet hoe hij het gedaan heeft. Die fase schudde mij wakker waarna alle ballen pakte. We verloren met 1-0, maar ik kon weinig doen aan dat doelpunt. Ik kreeg een plek in het Champions League-elftal van de week en dat heeft mij gelanceerd. Ik mag er niet aan denken wat er gebeurd zou zijn mocht Tihinen die bal niet tegengehouden hebben. Misschien had Vercauteren de dag erna gezegd dat ik mijn laatste match had gespeeld voor Anderlecht. Er stond in die periode heel wat op het spel. Ik zat in een tweestrijd verwikkeld met Zitka en de club had er enkele moeilijke jaren opzitten met zijn doelmannen. De druk was gewoon enorm.' Toen je bij Oostende zat heb je ooit gezegd dat je je carrière bij Anderlecht zou willen afsluiten. Wat kwam er bij jou op toen Marc Coucke, met wie je een conflict had, Anderlecht kocht? Liep het spoor Anderlecht toen dood? PROTO: 'Voilà, zo dacht ik erover. Vanaf die dag ben ik mijn rouwproces begonnen. Nu heb ik de bladzijde omgedraaid. Maar tot vandaag blijf ik erbij dat de reactie van Coucke niet oké was toen mijn vertrek bij Oostende vaststond. Ik verdiende het niet om zo behandeld te worden.' Heb je nooit gedacht dat Coucke misschien een streep zou trekken onder jullie affaire? PROTO: 'Ik denk het niet. Vorige zomer heb ik de bevestiging gekregen dat zijn standpunt ten opzichte van mij niet veranderd was. Ik liep rond met een kleine enkelblessure en van de staf van Lazio kreeg ik de toelating om mij rustig voor te bereiden in België. Ik heb een bericht gestuurd naar Michael Verschueren om te vragen of ik op Neerpede mocht trainen. Hij heeft mijn bericht gelezen, maar er nooit op gereageerd. Ik neem het hem niet eens kwalijk, hij was misschien bang dat Coucke het slecht zou opnemen mocht hij mij in het oefencomplex kruisen. Bon, ik heb van niets spijt. Alles gebeurt om een reden. Uit elke situatie tracht ik het positieve te halen. Ik heb onwaarschijnlijk veel geluk dat mijn kinderen drietalig zijn. En dat zou niet het geval zijn, wanneer ik in Oostende was gebleven. Wel, de taalvaardigheid van de kinderen vind ik onbetaalbaar. In Griekenland en hier in Italië zitten ze op een school waar de lessen in het Engels worden gegeven en ze spreken ook Italiaans. Ik denk wel eens: had ik maar heel mijn carrière bij Anderlecht doorlopen. Maar nu zit ik bij een mooie Italiaanse club en dat ervaar ik als een geschenk.' Moet je op dezelfde manier leven en werken wanneer je weet dat je amper zal spelen? PROTO: 'Er is een groot verschil: ik moet mezelf niet meer opjagen. En ik heb afstand genomen van mijn bijgeloof. Geloof mij: ik was heel bijgelovig. De dag voor de match at ik altijd hetzelfde. Kip, pasta en salade. Dat is gedaan. Ik had kleine tics waar ik niet fier op ben en die ik dus niet zal benoemen. Achteraf gezien was ik een idioot. Die dingen vreten echt aan jou. Je wordt er extra gestresseerd van en die extra stress heb je alleszins niet nodig. Mijn bijgeloof maakte mij nerveus. Op sommige wedstrijddagen was ik zo overspannen dat ik mijn veters niet kon binden. Ik had ook last van mijn rug, maar de pijnscheuten verdwenen op wonderbaarlijke wijze van zodra de match op gang werd gefloten. In mijn beste jaren, toen ik haast kon vliegen, kon ik de dag voor de match soms niets slapen. Ik kom tot het besef dat de stress een uitwerking had op mijn gedrag. Mijn angsten maakten van mij een andere man en daardoor kwam ik soms hautain en pretentieus over. Ik werd zelfs een dikke nek genoemd. In het heetst van de strijd was ik simpelweg mezelf niet meer. Toen ik Anderlecht verliet, ben ik met al die zaken gestopt.' Is je passie voor het voetbal verminderd? PROTO: 'In het begin van mijn carrière was voetbal een hobby. Ik kan nu niet meer zeggen dat ik er nog helemaal weg van ben. Het is mijn job. Punt. Als ik de keuze heb tussen een partijtje golf en een training, dan kies ik voor het eerste. Van zodra je inziet hoeveel inspanningen je moet leveren om elke keer in topvorm te zijn, dan verdwijnt de passie vanzelf. Maar het belet mij niet om altijd alles te geven wat ik in mij heb. Een voorbeeld? Ik ben tijdens de feesten nooit verdikt. Zelfs geen gram. Ik ging anderhalf uur op een nuchtere maag lopen om niet aan te komen. Ik deed het niet uit liefhebberij, het is een vorm van toewijding ten aanzien van mijn sport en mijn job. Aan de voetballer die zich met plezier afbeult, kan ik maar een ding zeggen: proficiat.'