Na tien jaar in Engeland is Simon Mignolet (32) goed gesetteld in West-Vlaanderen; het lijkt er qua mentaliteit hard op Limburg, signaleert hij. De doelman van Club Brugge mag er niet aan denken mocht hij nu nog in Engeland zitten, met alle beperkende reis-, quarantaine- en coronamaatregelen. Het was vroeger al niet evident om vrienden en familie te zien, laat staan nu.
...

Na tien jaar in Engeland is Simon Mignolet (32) goed gesetteld in West-Vlaanderen; het lijkt er qua mentaliteit hard op Limburg, signaleert hij. De doelman van Club Brugge mag er niet aan denken mocht hij nu nog in Engeland zitten, met alle beperkende reis-, quarantaine- en coronamaatregelen. Het was vroeger al niet evident om vrienden en familie te zien, laat staan nu. Bovendien is de familie inmiddels uitgebreid met een zoon, Lex, en om zijn vrouw daarbij zo goed mogelijk te helpen, is het leven in de Jupiler Pro League net iets makkelijker dan in de Premier League. Mignolet: 'In Engeland zat ik gemiddeld drie dagen per week op hotel. De verste verplaatsing nu is daar een korte.' Je nam een risico door naar ons land terug te keren, maar na anderhalf jaar kun je tevreden terugblikken, zowel sportief als privé. Simon Mignolet: 'Als je van een dusdanig niveau komt, denkt men snel dat je alles gaat oplossen. Ik heb dat ook bij mijn voorstelling gezegd: verwacht niet meer dan mijn taak is. Ik ben heel erg blij dat me het scenario van andere Rode Duivels die zijn teruggekeerd niet is overkomen: Chadli, Defour, Lombaerts, Mirallas, zelfs Vincent... Mensen keken naar hen met een vergrootglas, om ze te bekritiseren. 'Ook als ik een misser maak, staat het vergrootglas erop. Iedereen spreekt nu nog van de fout die ik maakte in de beker tegen Zulte Waregem, maar wanneer ik fouten zoek bij andere doelmannen, zullen er weinig zijn bij wie je daarvoor anderhalf jaar moet teruggaan. Dat wil ik zo lang mogelijk vasthouden. 'Tijdens de winterbreak sprak men plots over 'mijn mindere periode'. Ik vroeg naar verduidelijking en het bleek te gaan over de match tegen Dortmund. Bij één goal kon ik beter doen, ja, en na de wedstrijd heb ik dat zelf direct aangegeven. Maar hoe kun je spreken over een mindere periode als het gaat over één fase? Dat was de valkuil bij mijn terugkeer, maar ik ben blij die te hebben vermeden.'Ook van de ploeg vonden we dat ze een mindere periode doormaakte. Mignolet: 'In het begin van het seizoen was het voor iedereen aanpassen. Al die lege stadions... Wij hebben niet alleen op Jan Breydel maar ook op verplaatsing de steun van veel supporters en daar hadden we het in het begin moeilijk mee. Maar: in die 'mindere periode' haalden we wel evenveel punten als onze tegenstanders. Zij zijn op dat niveau gebleven, wij hebben met onze goeie reeks het verschil kunnen uitbouwen.' Jullie hebben recent de rechtstreekse duels met de ploegen onder jullie gewonnen. Mignolet: 'Dat hadden we eerder ook al gedaan. De punten die we lieten liggen, waren tegen de minder grote tegenstanders. Zelfs een kleine tegenslag, zoals een achterstand in een topper, kan de mindset nu niet veranderen. De mentaliteit op dat vlak is erg gegroeid. Dat heeft met ervaring te maken, maar ook met de spelers die erbij zijn gekomen. Vorig jaar was de as ervaren, maar speelden toch wat meer jongeren. Nu is er ervaring doorheen de hele groep.' Ook meer evenwicht is onze indruk, met wat extra spelmakers. Mignolet: 'We creëren meer kansen, en dan scoor je makkelijker. Met Bas Dost hebben we nu ook iemand die ze binnen legt, terwijl Noa Lang en Charles De Ketelaere de ballen goed aanbrengen. Dat is ons grootste succes: het gevaar kan van alle kanten komen. Vorig seizoen moesten Ruud Vormer of Hans Vanaken bij wijze van spreken alles creëren en waren clean sheets belangrijker. Nu voetballen we vrijer. ' Veel Belgen, veel Nederlanders. Is er ook gezocht naar een andere identiteit? Mignolet: 'Dat denk ik niet. De Nederlanders passen wel bij het huis, Ruud en Bas zijn niet de 'typische' Nederlanders, voor zover dat cliché al bestaat. Allemaal hardwerkende jongens, zelfs Noa, die het moet hebben van de actie maar ook zijn werk in de omschakeling doet. En Stefano Denswil kent het huis. De voertaal blijft overigens Engels. Er zullen altijd jongens zijn die geen Nederlands spreken.' Voelen jullie dat jullie te sterk zijn voor België? Mignolet: 'Neen. Het eerste deel van het seizoen heeft dat aangetoond. Wel hebben we een brede kern, zeker nu, en dan zie je dat wij gemakkelijker met een druk schema kunnen omgaan dan andere ploegen. Dit is een ritme waarin wij al twee jaar zitten.' Wat heeft corona jou geleerd? Mignolet: 'Dat ik nog zo lang mogelijk wil doorgaan. De lockdown in het voorjaar heeft me dat nog eens duidelijk gemaakt. Dat gevoel had ik ook al bij Liverpool, vandaar de beslissing om naar hier te komen. Spelen, en dat samen kunnen vieren met fans, familie en vrienden doe ik heel graag. 'Privé heeft corona me geleerd dat we van geluk mogen spreken dat we in een land wonen waarin we nog relatief veel dingen konden doen. Ik denk vaak aan mensen die in kleine huizen wonen, het moeilijk hebben en op mekaar gepakt zitten. Wij konden gelukkig nog rondwandelen. Je moest jezelf opnieuw uitvinden om je bezig te houden, sociaal gezien. 'Ik zit in de twee sectoren die de meeste klappen kregen: de evenementensector, met het voetbal, en de horeca met mijn koffiebar. Corona heeft er een rem op gezet, maar ons tegelijk ook de tijd gegeven om nieuwe dingen te zoeken. Het heeft ons duidelijk gemaakt dat kijken naar een voetbalwedstrijd niet hetzelfde is als die ook meebeleven. De televisie toonde onze matchen en de media schrijven nog over ons, maar voor de fan is dat niet de manier om voetbal te beleven...' Corona heeft ons ook geleerd hoe jullie tekeer gaan op een veld: wie de bleiters zijn die schreeuwend over het veld rollen als ze worden aangetikt en wie de mekkeraars. Mignolet: 'Als jullie dit mekkeren noemen... sorry, ik heb al heel wat anders gezien en gehoord. Ik kan nu niet gaan zeggen wat in Engeland door de scheidsrechter werd geroepen en ik breek hier geen lans voor schelden, maar ik kom uit een land waar die even vaak richting mij iets riep als omgekeerd. 'We zijn volwassenen onder mekaar; als we respect voor mekaar tonen, mag dat in het heetst van de strijd. Achteraf zand erover en verder. Wanneer ik elke keer persoonlijk neem wat Ruud in zijn taaltje roept, dan houdt het op.' Wat corona ons ook leerde, is jouw coachende rol. Voortdurend geef je aanwijzingen. Mignolet: 'Ik heb nooit anders gedaan. Het enige verschil is dat jullie het nu horen. Voetbal is een vak en zoals in elk ander vak moet er over een idee worden nagedacht. Het maakt niet uit wie, maar een coach, of iemand op het veld, moet die instructies meegeven.' Is dat voor jou een manier om gefocust te blijven? Mignolet: 'Neen. Ik doe het omdat ik de ervaring heb en omdat men weet dat het helpt. Daarmee heb ik het team sinds mijn komst het meeste geholpen. In de omschakeling en op spelhervattingen zijn wij het meest kwetsbaar en het is mijn taak om iedereen dan georganiseerd te krijgen. Op die momenten is dat veel belangrijker dan in het 'normale' spel; daarin zullen we niet zo snel uit mekaar worden gespeeld. 'Ik ben veel meer bezig met het voorkomen van dat soort fases dan met schoten op doel af te weren. Het is beter, of makkelijker, om iets te vermijden. Misschien - en nu leg ik het wat egoïstisch uit - staat er bij mij maar één ding voorop: mijn job makkelijker maken. Ik zie de bal liever niet komen, dan dat ik hem uit de winkelhaak moet duwen.' Wij krijgen toch het gevoel: hier is een coach in wording aan het werk. Mignolet: 'Daar heeft het totaal niks mee te maken. Een coach moet het geheel vormen en ervoor zorgen dat er goed wordt gevoetbald, dat er een organisatie staat. Hij moet de ploeg opstellen, helpen spelers scouten, spelers overtuigen om te komen. Wat ik doe is eigenlijk alleen mijn job makkelijker maken. Ploegmaats moeten dat wel accepteren. Gezien mijn leeftijd en status heb ik het op dat vlak makkelijker dan een doelman die aan zijn tweede of derde seizoen bezig is. En na verloop van tijd beseffen de spelers ook dat de informatie hen helpt en vragen ze er om. Odilon Kossounou zegt voor elke wedstrijd letterlijk: ' Parles bien!' Hetzelfde met Fede Ricca. Mijn voordeel is dat ik wat talen spreek, Engels, Frans, Spaans. 'Ik meen dat ik hier al in twee dingen belangrijk ben geweest. Niet door ballen te pakken; dat kan elke doelman. Wél door te zorgen voor rust en stabiliteit. Bij problemen in de opbouw weten mijn teamgenoten dat ze een bal aan mij kwijt kunnen, ook in moeilijke situaties probeer ik een oplossing te vinden. En ik zorg er ook voor dat het georganiseerd staat en er minder kansen zijn voor de tegenstander dan voordien.' De ontwikkeling van Kossounou staat wat in de schaduw van die van Lang of De Ketelaere, maar is eigenlijk even spectaculair. Mignolet: 'Dat is altijd zo met verdedigers, zoals dat ook bij doelmannen het geval is. Odilon kwam jong en zonder opleiding naar Europa. Hij heeft snelheid, lichaamsbouw, kopspel, de fysiek van een topverdediger... Wat hij nu moet leren is op technisch vlak de juiste pas te geven, de juiste controle te hebben en zijn lichaam goed verdedigend te gebruiken. Tactisch moet hij het positiespel goed lezen, waar moet hij staan om de bal te ontvangen en hoe ervoor zorgen dat de tegenstander hem niet onder druk zet? Dat pikt hij op korte tijd heel snel op. Als hij dit doorzet, heeft hij het potentieel om in Europa een topverdediger te worden. Ik steek vaak het meest energie in zijn coaching, omdat hij mijn werk makkelijker kan maken. Ook Brandon Mechele heeft veel stappen gezet, vooral technisch in de opbouw, zodat Club Brugge niet enkel verdedigend sterk is, maar ook op dat vlak. Men kan vaak wat neerbuigend over Brandon doen. De enige stap die hij nog moet maken, is leiderschap op zich nemen.' Straks is er de dubbele ontmoeting met Kiev. De voorbije twee seizoenen stopte het Europees in deze fase, in Salzburg en bij Manchester United. Heb je nu een beter gevoel? Mignolet: 'Het is in deze fase belangrijk dat we ook het eerste deel van het Europese luik in de analyse meepakken. Vorig seizoen hebben we geen slechte Champions League gespeeld, maar ontbrak het ons aan efficiëntie. We waren in de wedstrijd vaak de evenknie, maar haalden niet veel punten. Dat was nu anders.' De kwaliteit van de tegenstander ook. Lazio of Real... Mignolet: 'Niet akkoord. Kijk naar Lazio in de competitie. Ik zie weinig verschil. Maar soit, maakt nu niet uit, wat ik wil zeggen is: als je met tien man in Lazio tot de laatste seconde vecht om door te stoten in de Champions League, heb je stappen gezet. 'Vorig seizoen volgde Manchester United, nu lootten we Kiev. Het is ginds -17, dat zijn omstandigheden die net iets anders zijn, maar er zijn in deze Europa League ploegen tegen wie we ons kunnen meten en Kiev is er zo eentje. Met deze mature ploeg zitten we in een betere situatie dan vorig jaar. 'De mindset is niet meer: we zullen wel zien. Dat was hij al niet in de Champions League. We hebben direct gezegd: 'We hebben een kans', en die hebben we ook gegrepen, denk ik. Dat verhaal wil ik nu doortrekken in de Europa League, met meer stootkracht dan vorig jaar.' Was je teleurgesteld na de Gouden Schoen? Mignolet: 'Neen, waarom? Ik ben toch uitgeroepen tot Doelman van het Jaar.' Je kreeg niet de hoofdprijs. Mignolet: 'Ik weet hoe het werkt. Vijf briefjes om in te vullen: coach, belofte, doelpunt, doelman en Gouden Schoen. Bij de belofte vul je Charles in. Bij het doelpunt dat van Hans. De coach is Clement en als doelman zet je Mignolet. Blijft dat laatste briefje over en dan denken velen: gaan we nu wéér iemand van Brugge nemen? 'Ik stond uiteindelijk op vier, Charles op vijf, Clinton Mata even verder, en dan Ruud en Hans. De punten werden verdeeld, waarbij clean sheets of het voorkomen van doelpunten nooit zal worden gequoteerd zoals een doelpunt of een assist.' Zolang het intern maar wordt gewaardeerd. Mignolet: 'Voilà. En dat gebeurt hier. Na één jaar beloonde Club me direct met een contractverlenging tot 2025. Ik moet mezelf nu blijven pushen en niet alleen mijn individuele prestatie op een hoog niveau houden, maar ook de collectieve.' De as is stabiel én ervaren. Is dat het geheim van het succes? Mignolet: 'Het enige pad dat in België mogelijk is, is dat van een verkopende club. Je kunt hier niet leefbaar zijn door spelers aan te kopen of op te leiden en die te houden. En dan geef jij terecht aan dat de centrale as de steunpilaren zijn. De buitenkanten mogen en kunnen dan geld opbrengen, zoals Noa, of Krépin Diatta die je kunt verkopen voor de waarde die jij bepaalt. En daar zit nog groeimarge in.' Is dat het verschil met andere ploegen? KRC Genk verkocht na de titelviering de as. Anderlecht ook. Dat terug opbouwen kost tijd. Mignolet: 'Wat wij hebben, is de ideale situatie. Clubs proberen financieel gezond te blijven en moeten soms kiezen.' Tot slot: je bent naast voetballer ook zakenman. Wanneer krijgen we Twenty Two Coffee in alle steden van België? Mignolet: 'We zijn er mee bezig. Corona zorgt voor veel problemen in onze sector, maar waar problemen zijn, liggen ook uitdagingen. Wie weet? Geïnteresseerde partijen mogen ons altijd contacteren, maakt niet uit waar ze zijn gevestigd.'