'S ouf is onverstoorbaar, onverzettelijk. Die zal en moet spelen, al moet hij dóór of over vijf muren. Of al moet hij er weken of maanden voor knokken.' Erik ten Hag, de trainer die de voorbije maanden met een wervelend Ajax Europa veroverde, geraakte er na de eerste wedstrijden van Feyenoord in de Champions League niet over uitgepraat. Het was begin december 2017 en Sofyan Amrabat had in zijn eerste maanden iedereen met verstomming geslagen.

Ik had hem heel graag gehouden bij Feyenoord, maar met de volledige focus. En die was er bij hem niet meer.

Giovanni van Bronckhorst

De grootmacht uit Rotterdam had FC Utrecht vier miljoen euro betaald, maar de toen 21-jarige middenvelder was op geen enkel moment onder de indruk. Voorbeelden genoeg nochtans van jongens die worden bevangen door de mysterieuze Kuipvrees: goed tot heel goed bij een subtopper, maar in de Kuip nergens meer. 'Je ziet dat de extra weerstand die hij soms ondervindt een impuls geeft aan zijn spel.'

Ten Hag wist waarover hij praatte. Toen hij in de zomer van 2015 in de Utrechtse Galgenwaard T1 werd, had Souf een handvol wedstrijden in het eerste elftal op de teller staan. Na een dramatische voorbereiding moest hij van zijn nieuwe trainer bijna wekelijks bij Jong Utrecht opdraven, maar Ten Hag zag een tiener die vastbesloten was om terug te vechten. 'Als je niet speelt en je staat achteraan in de pikorde, dan is dat irritant. Bij tegenslag in het leven kan je twee dingen doen: vechten of vluchten. Ik ben een vechter. Dat deed ik door tijdens de trainingen gas te geven. Ik ging steevast als laatste het veld af, daarna dook ik de gym in om aan mijn lichaam te werken', vertelde hij in Voetbal International.

Verstandige woorden voor iemand die nog twintig jaar moest worden, maar in de Galgenwaard waren ze níét verrast. Hij dartelde er al rond sinds zijn tiende en gold als een jongen met wie je geen problemen kón hebben. Want: vader keek mee. 'Een regime wil ik het niet noemen, maar streng was het wel. Hij zei altijd tegen mij en m'n drie broers: 'Ik wil geen kattenkwaad of politie voor mijn deur.' Weet je wat onze gevoelige snaar was? De woorden: 'Ik ga je vader bellen.' Op school hadden we een Marokkaanse leraar die bijles gaf. Als we al een keer vervelend waren, hoefde hij alleen maar met zijn hand een telefoongebaar te maken en we waren stil. Ik mocht niet eens naar het dorp toe. Mijn vader wilde geen gelazer. Hij was nog jong toen hij naar Nederland kwam, sprak de taal niet, maar heeft met hard werken een keurig bestaan opgebouwd. Dan wil je dat niet laten verzieken door een paar losbandige zoons.'

Structuur en regelmaat

Sofyan Amrabat ontdekt de magie van de bal bij HSV De Zuidvogels. Zijn negen jaar oudere broer Nordin had zich bij het amateurclubje uit Huizen in de belangstelling van Ajax gevoetbald, maar Souf moest naar... de zwemles. 'Ik kon lekker voetballen als kind, alleen moest ik er niet op rekenen dat ik zomaar lid mocht worden van Zuidvogels. Eerst m'n zwemdiploma halen. Mijn vader was een echte diplomajager, hij vond dat zó belangrijk. Nordin speelde bij Ajax in de jeugd, voor veel mensen is dat heel wat, alleen voor mijn vader telde een schooldiploma zwaarder dan dat.'

Nordin werd na een paar seizoenen doorgestuurd bij de Amsterdammers - en zou jaren erna een alternatieve route richting het topvoetbal (PSV, Galatasaray, Málaga...) nemen -, Souf kiest voor een opleiding bij het iets bescheidener FC Utrecht. Structuur en regelmaat vormen de rode draad in het leven van de jongste Amrabat. Amper twaalf jaar en elke morgen 25 minuten op de bus van Huizen naar Hilversum, overstappen op de trein naar Utrecht en dan naar school. Na de lessen met de bus naar Zoudenbalch, de kraamkamer van het Utrechtse voetbal, en na de training het omgekeerde traject. 'Vaak was ik zo moe dat ik meteen ging slapen en mijn wekker vroeg zette om de volgende ochtend nog wat te kunnen studeren.'

Lange en zware dagen, maar hij haalt zijn diploma (commerciële economie) en scoort ook op Zoudenbalch goede punten. Zijn maatje Bart Ramselaar imponeert met de voeten en zijn spelintelligentie, Amrabat tekent voor power en duelkracht. 'Puur voetballend manifesteerde Sofyan zich minder', getuigde ex-jeugdtrainer Sjors Ultee en de vrees bestaat dat zijn fysiek voordeel op het niveau van de eerste ploeg weg gevlakt zou worden. Dat zag ook Robin Pronk, trainer van de A1, die hem als eerstejaars tot kapitein bombardeert en een rij achteruit duwt.

Sofyan Amrabat legt Théo Bongonda in de luren. Volgens Ivan Leko is de 22-jarige middenvelder 'de gangster die hij nodig had'., BELGAIMAGE
Sofyan Amrabat legt Théo Bongonda in de luren. Volgens Ivan Leko is de 22-jarige middenvelder 'de gangster die hij nodig had'. © BELGAIMAGE

Door hem van aanvallende middenvelder om te scholen tot controleur voor de verdediging zal hij meer verantwoordelijkheid moeten nemen. Ze kijken úren naar beelden en analyseren zijn wedstrijden. Wat waren zijn loopacties zonder bal? Verdedigde hij mee? Pronk prikkelt hem: 'Als je kijkt naar spelers op jouw positie, wat valt dan op?' Dat ze veel loopvermogen en duelkracht hebben, maar dat ze ook aan de bál sterk zijn. De meest leerrijke periode uit zijn nog jonge voetballeven, beseft Amrabat. 'De klassieke spelverdeler van vroeger bestaat niet meer. Ik ben hard gaan trainen en ontwikkelde me langzaam tot een vrij complete middenvelder. Anders red je het niet aan de top.'

Het hele veld

In de herfst van 2013 is hij op het WK een van de uitblinkers van het Marokkaans jeugdelftal (U17), maar ondanks concrete belangstelling van andere clubs tekent hij zijn eerste profcontract in Utrecht. Van zijn broer, overgevlogen uit Istanboel, krijgt hij tijdens de persconferentie drie kussen en een stevige knuffel. 'Hij is completer dan ik. Slimmer ook.'

In november 2014 pakt hij, achttien jaar jong, onder Rob Alflen zijn eerste minuten in de Eredivisie, maar na de komst van Erik ten Hag lijkt zijn carrière even on hold - zes basisplaatsen en vijf korte invalbeurten - te staan. Hij wordt ongeduldig, maar Ten Hag is een believer en spreekt dat ook uit wanneer Bart Ramselaar voor 4,3 miljoen euro aan PSV wordt verkocht. 'Als we een vervanger voor Bart halen, waar laten we Souf dan spelen?'

Zijn kracht, vindt de T1, ligt over de hele lengte van het terrein, zowel links als rechts op het middenveld. Of als flankverdediger. 'Ik voel me een middenvelder en het is wennen als ik achterin speel, maar in ons systeem is dat een positie waarin je de hele flank moet bestrijken', klinkt het na zijn eerste seizoen als basisspeler, waarin hij tekent voor zeven assists. Een minpuntje: Amrabat maakt slechts één doelpunt.

In maart 2017 debuteert hij voor Marokko, een keuze van het hart. Een mooi moment, die avond in Marrakesh, met de onvermijdelijke kwinkslag. 'Het volkslied bezorgde me nog meer kippenvel dan bij Jong Marokko. Of ik meezong? Nee, het is Arabisch, ik deed maar alsof ik de tekst kende, haha... Ik dacht vooral: wauw Souf, hier sta je toch maar even.'

Na het Europees ticket met FC Utrecht is Feyenoord de logische volgende stap, al is er nog interesse van onder meer RB Leipzig, Ajax en... Anderlecht. Met Utrecht had hij al van de Kuip genoten en, zo ondervindt hij, de Rotterdamse club is hem op het lijf geschreven. Maar, geeft Amrabat tijdens zijn voorstelling toe: 'Ik ga hier niet zeggen dat ik als kind al supporter was van Feyenoord, want ik wil niet liegen. Ik keek als jongetje vooral naar mijn grote broer Nordin, die bij PSV speelde. Maar dit stadion, die mensen en technisch directeur Martin van Geel die voor deze transfer heeft gevochten: het klopt allemaal.'

Hij wint meteen de harten van het kritische Feyenoordpubliek én van Giovanni van Bronckhorst, die Feyenoord enkele maanden ervoor naar de eerste titel sinds 1999 heeft geleid en nochtans niet geneigd leek om aan zijn driehoek op het middenveld te sleutelen. Karim El Ahmadi en Tonny Vilhena zijn zekerheden, Jens Toornstra had het seizoen ervoor Dirk Kuyt naar de bank gespeeld en heeft ook een streepje voor. Maar Amrabat knokt zich door het drukke programma van de Rotterdammers toch in de ploeg, vaak zelfs als rechterflankverdediger.

Vanaf december loopt het veel minder. Feyenoord sleept zich door de competitie en de twijfelende T1 grijpt terug naar zijn kampioenendriehoek. Amrabat verbijt zijn ontgoocheling op de bank. De balans is te mager, vindt hij: 19 basisplaatsen, waarvan 6 in de Champions League, en 12 invalbeurten. Hij klopt geregeld aan bij Van Bronkhorst, maar wordt daar niet veel wijzer van. Ook niet na het WK in Rusland, waarin hij alleen in de openingswedstrijd tegen Iran - in de plaats van zijn grote broer - een kwartiertje mag spelen. En wanneer Feyenoord verloren zoon Jordy Clasie opnieuw in de armen sluit, maakte hij eind augustus voor 2,5 miljoen de omgekeerde trip. Jammer, sakkert Van Bronckhorst. 'Ik had hem heel graag gehouden, maar met de volledige focus. En die was er bij hem niet meer.'

Ook in Brugge zijn er aanvankelijk niet meer dan een handvol korte invalbeurten voor Amrabat weggelegd en wanneer blauw-zwart in Deinze - zijn eerste basisplaats - met het schaamrood op de wangen uit de beker wordt gekegeld, verdwijnt hij zelfs een paar weken uit de achttienkoppige selectie. Dat hij niet naar Madrid en Monaco mag mee reizen, hakt er zwaar in, maar amper twee weken later kruipt hij in het Signal Iduna Park van Borussia Dortmund uit de vergeetput. De 22-jarige middenvelder, volgens Ivan Leko 'de gangster die hij nodig had', bikkelt en wroet en loopt - zelfs zonder wedstrijdritme - meer dan twaalf kilometer. Tegen Standard knalt hij zijn eerste Brugse doelpunt tegen de touwen, verbaast hij met een Zidanebeweging en een hakje voor doel, maar is hij vooral de speler die Ten Hag had leren kennen. 'Onverstoorbaar, onverzettelijk. Die zal en moet spelen, al moet hij dóór of over vijf muren.'

'S ouf is onverstoorbaar, onverzettelijk. Die zal en moet spelen, al moet hij dóór of over vijf muren. Of al moet hij er weken of maanden voor knokken.' Erik ten Hag, de trainer die de voorbije maanden met een wervelend Ajax Europa veroverde, geraakte er na de eerste wedstrijden van Feyenoord in de Champions League niet over uitgepraat. Het was begin december 2017 en Sofyan Amrabat had in zijn eerste maanden iedereen met verstomming geslagen. De grootmacht uit Rotterdam had FC Utrecht vier miljoen euro betaald, maar de toen 21-jarige middenvelder was op geen enkel moment onder de indruk. Voorbeelden genoeg nochtans van jongens die worden bevangen door de mysterieuze Kuipvrees: goed tot heel goed bij een subtopper, maar in de Kuip nergens meer. 'Je ziet dat de extra weerstand die hij soms ondervindt een impuls geeft aan zijn spel.' Ten Hag wist waarover hij praatte. Toen hij in de zomer van 2015 in de Utrechtse Galgenwaard T1 werd, had Souf een handvol wedstrijden in het eerste elftal op de teller staan. Na een dramatische voorbereiding moest hij van zijn nieuwe trainer bijna wekelijks bij Jong Utrecht opdraven, maar Ten Hag zag een tiener die vastbesloten was om terug te vechten. 'Als je niet speelt en je staat achteraan in de pikorde, dan is dat irritant. Bij tegenslag in het leven kan je twee dingen doen: vechten of vluchten. Ik ben een vechter. Dat deed ik door tijdens de trainingen gas te geven. Ik ging steevast als laatste het veld af, daarna dook ik de gym in om aan mijn lichaam te werken', vertelde hij in Voetbal International. Verstandige woorden voor iemand die nog twintig jaar moest worden, maar in de Galgenwaard waren ze níét verrast. Hij dartelde er al rond sinds zijn tiende en gold als een jongen met wie je geen problemen kón hebben. Want: vader keek mee. 'Een regime wil ik het niet noemen, maar streng was het wel. Hij zei altijd tegen mij en m'n drie broers: 'Ik wil geen kattenkwaad of politie voor mijn deur.' Weet je wat onze gevoelige snaar was? De woorden: 'Ik ga je vader bellen.' Op school hadden we een Marokkaanse leraar die bijles gaf. Als we al een keer vervelend waren, hoefde hij alleen maar met zijn hand een telefoongebaar te maken en we waren stil. Ik mocht niet eens naar het dorp toe. Mijn vader wilde geen gelazer. Hij was nog jong toen hij naar Nederland kwam, sprak de taal niet, maar heeft met hard werken een keurig bestaan opgebouwd. Dan wil je dat niet laten verzieken door een paar losbandige zoons.' Sofyan Amrabat ontdekt de magie van de bal bij HSV De Zuidvogels. Zijn negen jaar oudere broer Nordin had zich bij het amateurclubje uit Huizen in de belangstelling van Ajax gevoetbald, maar Souf moest naar... de zwemles. 'Ik kon lekker voetballen als kind, alleen moest ik er niet op rekenen dat ik zomaar lid mocht worden van Zuidvogels. Eerst m'n zwemdiploma halen. Mijn vader was een echte diplomajager, hij vond dat zó belangrijk. Nordin speelde bij Ajax in de jeugd, voor veel mensen is dat heel wat, alleen voor mijn vader telde een schooldiploma zwaarder dan dat.' Nordin werd na een paar seizoenen doorgestuurd bij de Amsterdammers - en zou jaren erna een alternatieve route richting het topvoetbal (PSV, Galatasaray, Málaga...) nemen -, Souf kiest voor een opleiding bij het iets bescheidener FC Utrecht. Structuur en regelmaat vormen de rode draad in het leven van de jongste Amrabat. Amper twaalf jaar en elke morgen 25 minuten op de bus van Huizen naar Hilversum, overstappen op de trein naar Utrecht en dan naar school. Na de lessen met de bus naar Zoudenbalch, de kraamkamer van het Utrechtse voetbal, en na de training het omgekeerde traject. 'Vaak was ik zo moe dat ik meteen ging slapen en mijn wekker vroeg zette om de volgende ochtend nog wat te kunnen studeren.' Lange en zware dagen, maar hij haalt zijn diploma (commerciële economie) en scoort ook op Zoudenbalch goede punten. Zijn maatje Bart Ramselaar imponeert met de voeten en zijn spelintelligentie, Amrabat tekent voor power en duelkracht. 'Puur voetballend manifesteerde Sofyan zich minder', getuigde ex-jeugdtrainer Sjors Ultee en de vrees bestaat dat zijn fysiek voordeel op het niveau van de eerste ploeg weg gevlakt zou worden. Dat zag ook Robin Pronk, trainer van de A1, die hem als eerstejaars tot kapitein bombardeert en een rij achteruit duwt. Door hem van aanvallende middenvelder om te scholen tot controleur voor de verdediging zal hij meer verantwoordelijkheid moeten nemen. Ze kijken úren naar beelden en analyseren zijn wedstrijden. Wat waren zijn loopacties zonder bal? Verdedigde hij mee? Pronk prikkelt hem: 'Als je kijkt naar spelers op jouw positie, wat valt dan op?' Dat ze veel loopvermogen en duelkracht hebben, maar dat ze ook aan de bál sterk zijn. De meest leerrijke periode uit zijn nog jonge voetballeven, beseft Amrabat. 'De klassieke spelverdeler van vroeger bestaat niet meer. Ik ben hard gaan trainen en ontwikkelde me langzaam tot een vrij complete middenvelder. Anders red je het niet aan de top.' In de herfst van 2013 is hij op het WK een van de uitblinkers van het Marokkaans jeugdelftal (U17), maar ondanks concrete belangstelling van andere clubs tekent hij zijn eerste profcontract in Utrecht. Van zijn broer, overgevlogen uit Istanboel, krijgt hij tijdens de persconferentie drie kussen en een stevige knuffel. 'Hij is completer dan ik. Slimmer ook.' In november 2014 pakt hij, achttien jaar jong, onder Rob Alflen zijn eerste minuten in de Eredivisie, maar na de komst van Erik ten Hag lijkt zijn carrière even on hold - zes basisplaatsen en vijf korte invalbeurten - te staan. Hij wordt ongeduldig, maar Ten Hag is een believer en spreekt dat ook uit wanneer Bart Ramselaar voor 4,3 miljoen euro aan PSV wordt verkocht. 'Als we een vervanger voor Bart halen, waar laten we Souf dan spelen?' Zijn kracht, vindt de T1, ligt over de hele lengte van het terrein, zowel links als rechts op het middenveld. Of als flankverdediger. 'Ik voel me een middenvelder en het is wennen als ik achterin speel, maar in ons systeem is dat een positie waarin je de hele flank moet bestrijken', klinkt het na zijn eerste seizoen als basisspeler, waarin hij tekent voor zeven assists. Een minpuntje: Amrabat maakt slechts één doelpunt. In maart 2017 debuteert hij voor Marokko, een keuze van het hart. Een mooi moment, die avond in Marrakesh, met de onvermijdelijke kwinkslag. 'Het volkslied bezorgde me nog meer kippenvel dan bij Jong Marokko. Of ik meezong? Nee, het is Arabisch, ik deed maar alsof ik de tekst kende, haha... Ik dacht vooral: wauw Souf, hier sta je toch maar even.' Na het Europees ticket met FC Utrecht is Feyenoord de logische volgende stap, al is er nog interesse van onder meer RB Leipzig, Ajax en... Anderlecht. Met Utrecht had hij al van de Kuip genoten en, zo ondervindt hij, de Rotterdamse club is hem op het lijf geschreven. Maar, geeft Amrabat tijdens zijn voorstelling toe: 'Ik ga hier niet zeggen dat ik als kind al supporter was van Feyenoord, want ik wil niet liegen. Ik keek als jongetje vooral naar mijn grote broer Nordin, die bij PSV speelde. Maar dit stadion, die mensen en technisch directeur Martin van Geel die voor deze transfer heeft gevochten: het klopt allemaal.' Hij wint meteen de harten van het kritische Feyenoordpubliek én van Giovanni van Bronckhorst, die Feyenoord enkele maanden ervoor naar de eerste titel sinds 1999 heeft geleid en nochtans niet geneigd leek om aan zijn driehoek op het middenveld te sleutelen. Karim El Ahmadi en Tonny Vilhena zijn zekerheden, Jens Toornstra had het seizoen ervoor Dirk Kuyt naar de bank gespeeld en heeft ook een streepje voor. Maar Amrabat knokt zich door het drukke programma van de Rotterdammers toch in de ploeg, vaak zelfs als rechterflankverdediger. Vanaf december loopt het veel minder. Feyenoord sleept zich door de competitie en de twijfelende T1 grijpt terug naar zijn kampioenendriehoek. Amrabat verbijt zijn ontgoocheling op de bank. De balans is te mager, vindt hij: 19 basisplaatsen, waarvan 6 in de Champions League, en 12 invalbeurten. Hij klopt geregeld aan bij Van Bronkhorst, maar wordt daar niet veel wijzer van. Ook niet na het WK in Rusland, waarin hij alleen in de openingswedstrijd tegen Iran - in de plaats van zijn grote broer - een kwartiertje mag spelen. En wanneer Feyenoord verloren zoon Jordy Clasie opnieuw in de armen sluit, maakte hij eind augustus voor 2,5 miljoen de omgekeerde trip. Jammer, sakkert Van Bronckhorst. 'Ik had hem heel graag gehouden, maar met de volledige focus. En die was er bij hem niet meer.' Ook in Brugge zijn er aanvankelijk niet meer dan een handvol korte invalbeurten voor Amrabat weggelegd en wanneer blauw-zwart in Deinze - zijn eerste basisplaats - met het schaamrood op de wangen uit de beker wordt gekegeld, verdwijnt hij zelfs een paar weken uit de achttienkoppige selectie. Dat hij niet naar Madrid en Monaco mag mee reizen, hakt er zwaar in, maar amper twee weken later kruipt hij in het Signal Iduna Park van Borussia Dortmund uit de vergeetput. De 22-jarige middenvelder, volgens Ivan Leko 'de gangster die hij nodig had', bikkelt en wroet en loopt - zelfs zonder wedstrijdritme - meer dan twaalf kilometer. Tegen Standard knalt hij zijn eerste Brugse doelpunt tegen de touwen, verbaast hij met een Zidanebeweging en een hakje voor doel, maar is hij vooral de speler die Ten Hag had leren kennen. 'Onverstoorbaar, onverzettelijk. Die zal en moet spelen, al moet hij dóór of over vijf muren.'