Door de huidige reisbeperkingen woont Roberto Martínez de laatste tijd wel erg veel wedstrijden bij in de bijna lege stadions van de Jupiler Pro League. Wanneer hij thuis komt, stemt hij in zijn living in Waterloo nog vaak af op de late uitzendingen en samenvattingen van buitenlandse competities, op zijn tweede televisiescherm. Waarschijnlijk is hij op die manier gecharmeerd geraakt door de polyvalentie van Pascal Struijk in het Leeds United van Marcelo Bielsa of door het loopvermogen van Adrien Truffert op de flank bij het Franse Rennes.
...

Door de huidige reisbeperkingen woont Roberto Martínez de laatste tijd wel erg veel wedstrijden bij in de bijna lege stadions van de Jupiler Pro League. Wanneer hij thuis komt, stemt hij in zijn living in Waterloo nog vaak af op de late uitzendingen en samenvattingen van buitenlandse competities, op zijn tweede televisiescherm. Waarschijnlijk is hij op die manier gecharmeerd geraakt door de polyvalentie van Pascal Struijk in het Leeds United van Marcelo Bielsa of door het loopvermogen van Adrien Truffert op de flank bij het Franse Rennes. Het zijn geen plotse verliefdheden of toevallige indrukken voor de bondscoach. Bij het laatste interview met dit magazine deelde hij mee dat hij om de twee maanden zo'n honderd mogelijke kandidaten observeert die in aanmerking komen om op een dag deel uit te maken van de Rode Duivels. De namen die nu de ronde doen, zijn het resultaat van een detectieronde die al werd ingezet na het WK 2018 waar België derde werd. Martínez was zich toen al bewust van de lacunes in zijn kern, en met name van de ouder wordende verdediging, waar vooral een gebrek aan goeie linksvoetige verdedigers zich zou gaan aandienen. Wie in België linksvoetig is én verdediger, komt bij wijze van spreken al in aanmerking voor een selectie. Zo kregen de afgelopen tijd tal van spelers - van Joris Kayembe tot Elias Cobbaut, Hannes Delcroix en Jordan Lukaku - al de kans om zich te tonen. De laatste maanden worden ook de namen van Arthur Theate of van Boli Bolingoli al eens genoemd. Het maakt Roberto Martínez duidelijk dat op sommige posities het talent niet aan de bomen groeit. Dat was voorheen ook al zo. Zelfs in tijden van grote weelde trok zijn voorganger Marc Wilmots op een septemberavond in 2015 naar het Sheratonhotel in Porto om er Giannelli Imbula, op dat moment titularis bij het FC Porto van Julen Lopetegui, eraan te herinneren dat hij in Vilvoorde geboren was en dus in aanmerking kwam om bij de Rode Duivels op het middenveld te spelen. Dat idee werd snel opgegeven. Vandaag is Imbula, die zonder club zit, niet langer in beeld. Er werden het voorbije decennium nog heel wat namen gelinkt aan de Rode Duivels omdat ze aantraden in de Belgische jeugdploegen, maar uiteindelijk een andere keuze maakten of niet door de federatie weerhouden werden. Denk aan Mémé Tchité, Steed Malbranque, Andreas Pereira, Onder Turaci of Nabil Dirar, maar ook Omar El Kaddouri die nog met de nationale beloften aantrad, of Mehdi Carcela, die op een dag op weg leek naar de Rode Duivels maar zich toch bedacht en voor Marokko koos. In een verder verleden werd hetzelfde debat gevoerd rond Juan Lozano. Allemaal hadden ze gemeen dat ze in België geboren zijn of hier opgroeiden of zich lieten naturaliseren. Vraag is of Adrien Truffert en Pascal Struijk zich straks bij die lijst voegen, of effectief de trui van de Rode Duivels aantrekken. Volgens de bondscoach is alles nog mogelijk, al wordt het weinig waarschijnlijk geacht dat één van hen op 19 maart nog opgeroepen wordt voor de drie interlands die het begin van de voorbereiding van de Duivels op het komende WK vormen. In een interview dat hij eind vorige week aan La Dernière Heure gaf bevestigde Martínez nochtans de info die Sport/Voetbalmagazine op de website gaf over een contact tussen de Belgische voetbalbond en Adrien Truffert. 'Ja, ik heb hem gevolgd, en ik heb met hem gesproken', aldus de bondscoach. 'Maar erg concreet was het nog niet, het was een eerste kennismaking. Of Adrien deel zal uitmaken van de selectie op 19 maart? Ik denk dat dat nog wat te vroeg is.' Dat is zo, bevestigt Yvon Pouliquen, manager van de speler. Volgens hem dateert het eerste contact tussen beide partijen nog maar van begin deze maand. 'Die dag belde Adrien me om te zeggen dat iemand van de Belgische bond hem had gecontacteerd. Dat pleziert hem, maar hij heeft nog niets beslist in verband met zijn sportieve toekomst. Hij is al drie of vier jaar Frans jeugdinternational, en is net negentien geworden, dus denk ik dat hij nog wat tijd mag nemen om na te denken.' Veel tijd is wat Martínez niet meer heeft, op amper drie maanden voor het EK. Hij houdt rekening met tal van afzeggingen de komende maanden en vergrootte daarom het spectrum van mogelijke kandidaten die in ons land geboren zijn maar om sportieve of andere redenen intussen uitgeweken zijn. De kans is klein dat de Catalaan straks nog een speler oproept die nooit eerder deel heeft uitgemaakt van de kern. Maar het kan wel gezien de bondscoach bij Jérémy Doku te rade is gegaan over de kwaliteiten van Truffert. Hij lijkt alleszins vastbesloten om hem vanaf komende zomer bij de selectie te halen. Het maakt dat het sportieve maar ook ethische denkwerk snel moet gebeuren, wetende dat er kritiek zal komen dat de benadering van de betrokken spelers kan omschreven worden als sportief opportunisme van de federatie, die dat zelf ontkent en benadrukt dat het gaat om spelers die op administratieve basis beschouwd kunnen worden als Belg. Net om die discussie mee in goede banen te leiden en in eigen handen te houden was het Martínez zelf die als een volleerd politicus de laatste weken aangaf wie buiten de gekende namen nog in aanmerking kwam, terwijl men binnen de KBVB besefte dat de interesse voor die spelers ook buiten de eigen landsgrenzen voor ophef zou zorgen. Door te melden dat hij geen oorlog wil tussen de verschillende voetbalbonden, toen de situatie van Pascal Struijk ter sprake kwam, probeerde Martínez de gemoederen te bedaren met zijn Franse en Nederlandse collega, en gaf aan dat 'intussen het hart van Struijk iets meer voor Nederland lijkt te kloppen. Dat respecteren wij, ook al interesseert zijn profiel ons. Ik zal hem straks dus niet oproepen, maar dat wil niet zeggen dat ik het dossier Struijk afsluit.' Martínez geeft de interessante profielen van buiten de landsgrenzen niet op, terwijl hij zich afvraagt hoe hij aan de andere spelers die op die openstaande posities uitgeprobeerd werden uit moet leggen dat ze misschien niet zijn eerste keuze zijn. Een uitleg die wat diplomatie vereist, en een moeilijke evenwichtsoefening vraagt. Kortom: het soort uitdaging waar de bondscoach zich vanaf de eerste dag van zijn mandaat erg bedreven in toonde.