SPEELDAG 5 VAN PLAY-OFF 1 1. Dieumerci Mbokani (Anderlecht) : bewees in het Jan Breydelstadion nog maar eens dat hij een voorhoed op zichzelf is. Had in de tweede helft misschien nog meer kunnen scoren, maar hij miste wel de kansen die hij eerst zélf had afgedwongen.

2. Sergio Padt (AA Gent) : niemand spreekt nog over Jorgacevic. De Nederlandse keeper van Gent toont dat iemand met zijn lengte ook reflexen kan hebben.

3. Silvio Proto (Anderlecht) : greep tegen Club Brugge gepast in als het nodig was. De meest constante man dit seizoen. Vormt met zijn precieze uittrappen richting Mbokani zelfs een extra offensief wapen voor Anderlecht.

4. Mémé Tchité (Standard) : was tot zijn blessure de beste man op het veld. Leidde zijn ploeg naar een 0-2 voorsprong, maar zag dat zijn ploegmaats die bonus in de tweede helft weggaven.

5. Kevin De Bruyne (Racing Genk) : de man van het seizoenseinde raakte tegen Standard de eerste twintig minuten moeilijk op gang, maar demonstreerde nadien nog maar eens zijn klasse.

SPEELDAG 5 VAN PLAY-OFF 1 1. Dieumerci Mbokani (Anderlecht) : bewees in het Jan Breydelstadion nog maar eens dat hij een voorhoed op zichzelf is. Had in de tweede helft misschien nog meer kunnen scoren, maar hij miste wel de kansen die hij eerst zélf had afgedwongen. 2. Sergio Padt (AA Gent) : niemand spreekt nog over Jorgacevic. De Nederlandse keeper van Gent toont dat iemand met zijn lengte ook reflexen kan hebben. 3. Silvio Proto (Anderlecht) : greep tegen Club Brugge gepast in als het nodig was. De meest constante man dit seizoen. Vormt met zijn precieze uittrappen richting Mbokani zelfs een extra offensief wapen voor Anderlecht. 4. Mémé Tchité (Standard) : was tot zijn blessure de beste man op het veld. Leidde zijn ploeg naar een 0-2 voorsprong, maar zag dat zijn ploegmaats die bonus in de tweede helft weggaven. 5. Kevin De Bruyne (Racing Genk) : de man van het seizoenseinde raakte tegen Standard de eerste twintig minuten moeilijk op gang, maar demonstreerde nadien nog maar eens zijn klasse.