Eerlijk gezegd waren er al enkele aanwijzingen. Het zag er al een tijdje uit als een jubileum, als een carrière die eindigt als een feest wanneer de muziek wordt uitgezet, de politie langskomt en je dwingt om naar huis te gaan. Nochtans kwam voor Steven Defour op 15 oktober een kinderdroom uit en tegelijk duwde hij zijn vervaldatum een eind voor zich uit. Na een zomer zonder club en een niet bepaald overtuigend seizoen bij Antwerp, kreeg de Rode Duivel een 'prestatiegericht' contract bij KV Mechelen, de club van zijn hart.
...

Eerlijk gezegd waren er al enkele aanwijzingen. Het zag er al een tijdje uit als een jubileum, als een carrière die eindigt als een feest wanneer de muziek wordt uitgezet, de politie langskomt en je dwingt om naar huis te gaan. Nochtans kwam voor Steven Defour op 15 oktober een kinderdroom uit en tegelijk duwde hij zijn vervaldatum een eind voor zich uit. Na een zomer zonder club en een niet bepaald overtuigend seizoen bij Antwerp, kreeg de Rode Duivel een 'prestatiegericht' contract bij KV Mechelen, de club van zijn hart. De enige andere contacten die hij in de zomer had, waren met Excel Mouscron en een club in Turkije. Maar dat zou neerkomen op het einde voor een speler die twee jaar geleden nog goed meekon in de Premier League en die in 2017 nog op het lijstje van Roberto Martínez stond. Om te begrijpen hoe Steven Defour al zijn pijlen al verschoten heeft voor hij 33 werd, moet je evenveel van het leven houden als van het voetbal. Defour werd opgeleid bij KV Mechelen, maar speelde er nooit in de eerste ploeg. Hij verliet de club om zich in 2004 aan te sluiten bij KRC Genk. Daar tekende hij een profcontract en zette hij al snel de krijtlijnen uit van een carrière die golfde op het ritme van de contradicties die hem omringden. In februari 2006 zette hij de toon en verklaarde hij dat hij Genk nooit zou verlaten voor een andere club uit de Pro League. 'Uit respect voor Genk.' Vijf maanden later trok hij naar Standard. In 2011 vertelde hij dat het voor hem onmogelijk was om naar Anderlecht te gaan. 'Ik ben één met de supporters van Standard. Ik ben te zeer vergroeid met deze club om naar Anderlecht te gaan.' Drie jaar later werd Defour nochtans de duurste aanwinst in de geschiedenis van paars-wit.Ook dat is Steven Defour. Privé een man uit één stuk, maar in de pers slaat hij al eens een slag in de lucht. Zijn vrienden - en dat zijn er veel - zullen zeggen dat het zijn manier is om zich te beschermen. 'Ook voor mij is hij een vriend', zegt Olivier Renard, zijn ploegmaat toen hij zijn debuut maakte bij de Rouches. 'Maar ik kan ook over hem praten als sportief directeur. Een Steven Defour op je bank hebben, brengt je heel veel bij. Er is niet alleen hetgeen je ziet op het veld, er is ook alles wat daarbuiten gebeurt. Steven is een leider.' Dat we al meteen discussiëren over hetgeen de Rode Duivel een kleedkamer indirect bijbrengt, komt omdat de laatste basisplaats van Steven Defour in de competitie alweer dateert van 6 november 2020 tegen Charleroi. Dat was in een tijd dat KV niet kon winnen. Dat was in een tijd dat Wouter Vrancken Aster Vranckx, Issa Kabore, Igor de Camargo en Steven Defour samen opstelde, en iets minder vaak Onur Kaya. Dat was dus vóór KV de meest sexy invallersbank van de hele Pro League kreeg: de duurste (met Kaboré en Vranckx die respectievelijk aan Manchester City en Wolfsburg werden verkocht voor in totaal 12,5 miljoen euro) én de meest ervaren (met maar liefst 1594 profwedstrijden voor het trio De Camargo, Kaya en Defour). 'We zeggen het vaak: het is eigenlijk een misbruik van de mogelijkheden om zoveel grote spelers op onze bank te hebben zitten', toont Thibault Peyre zich bijna verbaasd én blij dat hij zelf wel titularis is. 'Ik vind het in de eerste plaats wel erg dapper van de coach, want het moet niet gemakkelijk zijn om zulke keuzes te maken. Ik bedoel maar: als je je vergist en enkele slechte wedstrijden na elkaar speelt, kan het snel een probleem worden, want dat zijn spelers met veel invloed.' Maar als we enkele geluiden uit de Mechelse kleedkamer mogen geloven, is het ego van Steven Defour de laatste jaren toch flink gekrompen. 'Hij dringt zich niet op, hij kent zijn rol', vertelt zijn ouwe ploegmaat Igor de Camargo. 'Ik denk dat hij altijd wil spelen, maar hij kent ook zijn lichaam. Iedereen kent natuurlijk zijn palmares en iedereen respecteert hem daarom, maar hij zet zichzelf niet boven de groep. En een palmares beschermt je uiteraard niet tegen allerlei fysieke kwaaltjes. Of tegen de concurrentie.' En die is best groot op het Mechelse middenveld: van Joachim Van Damme over Aster Vranckx tot Rob Schoofs. Dat maakt dat er eind februari zelfs nog over de top vier gesproken wordt. Dat maakt dat een dertiger op zijn retour niet zomaar cadeautjes krijgt. 'We moeten daarover niet rond de pot draaien', vat Onur Kaya bondig samen. 'Dat Steven vandaag bij Mechelen zit, komt door zijn blessures. En dat hij niet speelt bij Mechelen, dat komt ook door zijn blessures. Anders zou zo'n speler nooit naar hier komen.' Een harde maar terechte conclusie over een speler wiens laatste volledige seizoen al dateert van 2015/16 bij Anderlecht. Vijf jaar geleden maakte Defour dus nog het mooie weer met het Sporting van Besnik Hasi. Op dat ogenblik speelde Faris Haroun, die destijds in Limburg in hetzelfde gastgezin verbleef als Defour, onopvallend bij het Cercle van Frederik Vanderbiest in de middenmoot van 1B. Diezelfde Faris Haroun verwees Steven Defour vorig jaar bij Antwerp naar de bank. 'Nochtans, ' zegt Haroun, 'toen er enkele jaren geleden een oordeel werd geveld over de generatie die op de Olympische Spelen van 2008 aantrad, verschenen er artikels in de kranten waarin stond dat ik afgeschreven was. Maar dat is voetbal, uitgestoken handen, deuren die open en dicht gaan en een beetje geluk.' Veel geluk heeft Steven Defour de laatste jaren niet gekend. Maar dat verklaart niet alles. Een blik op zijn jonge jaren in Luik en nadien in Portugal is veel meer verhelderend. 'Het schijnt dat hij nogal de reputatie van fuifbeest had', aldus Thibaut Peyre. 'Ik weet daar niets van, ik kende hem niet in die tijd. Natuurlijk heb ik weleens verhalen gehoord over zijn levenswandel, maar als ik hem nu vraag wat hij de vorige dag heeft gedaan, dan zegt hij me altijd dat hij thuis gebleven is. Ik denk echt dat hij tot rust gekomen is.' 'Dat klopt. Ik denk dat hij tegenwoordig de bloemetjes niet meer buitenzet. Integendeel, tegenwoordig herinnert zijn lichaam hem eraan dat hij dat in het verleden wél gedaan heeft', vertelt ons een andere dertiger uit de Pro League. Van een slechte reputatie ontdoe je je niet zo gemakkelijk. Er is altijd wel iemand die je op je vergissingen uit het verleden wijst. 'Ten tijde van zijn transfer naar Porto hadden we een afspraak met het Portugese bestuur om zeven uur', zo vertelde makelaar Paul Stefani in september met enige bitterheid aan het magazine Eddy. 'Steven kwam daar om halfnegen dronken binnen, met de smoes dat hij een afspraak had gehad met een sponsor, waar natuurlijk niks van waar was. Op een andere dag kreeg ik telefoon van de patron van een bar in Ninove waar veel Anderlechtspelers naartoe gingen. "We hebben uw speler aangetroffen terwijl hij op een tafel de liefde aan het bedrijven was en alles is gefilmd." Hij dreigde alles op het internet te zetten als hij geen grote som geld kreeg. Uiteindelijk is het door de bemiddeling van een gemeenschappelijke kennis niet zover gekomen. 'Nog op een andere keer was ik samen met hem in Saudi-Arabië, met het oog op een toekomstige transfer. De sjeik had een meisje voor hem geregeld en hij zei meteen tegen mij: "Paul, ik wil absoluut naar hier komen, dat is hier het paradijs, de zon, de vrouwen, het geld..." Het is vanwege dat soort zaken dat Steven zijn carrière verknoeid heeft. Hij was voortdurend uit vorm.' Anderen vellen een minder streng oordeel en spreken vooral van een buitengewoon talent en een vroegrijpheid die verklaart waarom zijn lichaam, dat de dertig gepasseerd is, stilaan de vlag strijkt. 'Een ander goed voorbeeld is Eden Hazard', denkt onze jonge dertiger uit de Pro League. 'Die heeft misschien niet de bloemetjes buitengezet, maar net als Steven brak hij al op erg jonge leeftijd door. Wat je vaak hebt met van die wonderkinderen is dat ze wat minder hard werken dan de anderen. Jammer genoeg zijn het dikwijls degenen met de meeste kwaliteiten die het minst ijverig zijn. Er komt een leeftijd waarop je dat fysiek moet bekopen.' Is Steven Defour vandaag nog de Gouden Schoen waard die hij aan het eind van zijn adolescentie kreeg? Dat zou wat te snel voorbijgaan zijn aan het feit dat achter het ruwe talent van een speler die destijds unaniem werd omschreven als zeer compleet, ook een soldaat schuilt die veel spelers één tegen één uit de wedstrijd kan houden. 'Ik denk niet dat je de carrière van Steven Defour kunt samenvatten door alleen maar over techniek te spreken', bevestigt Faris Haroun. 'Steven heeft zonder de bal altijd iets van een pitbull gehad, die er stevig in vliegt. Hij was altijd beide. Fysiek en techniek. Dus ja, als je je altijd 250 procent geeft, dan komt er een moment dat de machine stokt.' De vraag begon de laatste maanden meer en meer te knagen: wat zou het echte hoogtepunt geweest zijn van de man met 52 selecties bij de nationale ploeg zonder die spierscheuringen, dijbeenproblemen, schouderblessures en kuitverrekkingen? En dan vergeten we nog de belangrijkste: een gebroken voetbeentje dat hij opliep in 2009 tegen ... KV Mechelen. 'Vóór die wedstrijd was ik nooit geblesseerd geweest', voerde hij ter verdediging aan in de krant Le Soir op 5 december. 'Ik had zeker niet het etiket een breekbare speler te zijn. Misschien dat mijn carrière er zonder die breuk anders had uitgezien. (...) In de winter, als het koud is, heb ik nog vaak pijn aan die voet. Vóór die blessure ging ik direct het veld op om te trainen. Sindsdien moet ik een uur voor de training oefeningen beginnen te doen als ik wil dat mijn lichaam naar behoren functioneert. Ook de knieblessure bij Burnley heeft me afgeremd op een moment dat ik op weg was naar het WK in Rusland. Dat was een zware klap.' Bijna drie maanden eerder toonde de voormalige golden boy van de jaren 2000 zich erg oprecht toen hij zei: 'De enige waarheid is dat ik een speler ben van de duels en dat mijn lichaam al enorm heeft afgezien. Als ze twee keer in je knie snijden en twee keer in je kuiten dan zegt je lichaam niet: bedankt. Iedereen die fysiek helemaal in orde is, kan tot zijn 37 of 38 jaar voetballen, maar dat zal niet voor mij zijn weggelegd. Door al die kwaaltjes ben ik sneller dan verwacht gedwongen om keuzes te maken. Binnenkort volgen er allicht nog...' De raadselachtige Steven Defour. Eerder dan een nachtbraker zou hij dus een fragiel juweeltje zijn, bijna aan zijn eind. 'Ik denk dat, op een bepaald moment, blessures te maken hebben met geluk', zegt Onur Kaya. 'Ik was zelf ook geen harde werker toen ik jong was. Ik weet nog dat ik me op de trainingen in Nederland niet al te moe maakte. Maar ik ben nooit zo weinig geblesseerd geweest als na mijn 30e. Ik denk dat daar geen peil op te trekken valt. Er zijn wat dat betreft geen regels.' Of misschien toch: de regels die men zichzelf oplegt. De Belgische Turk, die binnenkort 35 wordt, zou goed op weg zijn om nog een laatste jaar contract aangeboden te krijgen bij de Maneblussers. Dat is alleszins de wens van Wouter Vrancken, een coach die de toegevoegde waarde kent van een speler die weinig presteert maar die een reële impact heeft op de groep. Het lot van Steven Defour zou volgens de laatste berichten moeilijker te voorspellen zijn. 'Uiteraard heb ik al met KV gesproken', zegt hij. 'En binnen afzienbare tijd zou alles moeten geregeld zijn. Ik denk in elk geval dat je op een bepaald moment toch moet stoppen. Dat is iets waar ik al mee in mijn hoofd gezeten heb. Het zijn discussies die al plaatsgevonden hebben, dus spreekt het voor zich dat ik daarover nadenk. Maar goed, we zullen op het einde van het seizoen wel zien hoe mijn lichaam zich voelt.'