Liverpool pakte dit seizoen zijn eerste landstitel in dertig jaar. Waarom lukte het nu wel? Vele voetbalvolgers zoeken de oorzaak in de verdediging van Jürgen Klopp, met Virgil van Dijk en doelman Alisson als hoofdrolspelers. Sinds hun komst naar Liverpool twee jaar geleden, kan de ploeg eindelijk steunen op een degelijke verdediging met succes in de Champions League en Premier League tot gevolg.

Ook in België zagen we afgelopen jaar hetzelfde gebeuren. Bij Club Brugge werd vooral naar doelman Simon Mignolet gewezen als dé kampioenenmaker dit seizoen en de fans verkozen zelfs verdediger Clinton Mata als beste speler van het jaar. Want iedereen weet toch: "Attack wins you games, defence wins you titles", zoals Sir Alex Ferguson ooit zei. Maar klopt dat wel?

Mythe ontkracht?

Ten eerste is de succescoach van Manchester United een uitzondering op zijn eigen 'regel'. In 4 van zijn 13 kampioenenjaren had hij verre van de beste defensie, maar wel telkens de beste aanval. Ook uit een bredere analyse van de Engelse competitie blijkt de uitspraak van Ferguson meer mythe dan waarheid te bevatten. Sinds het begin van de moderne Premier League in 1992 had de kampioen in 61% van de gevallen ook de beste aanval en slechts 43% van de tijd de beste verdediging. Opvallend daarbij is dat de verdediging de voorbije seizoenen wel aan belang gewonnen heeft. De laatste 16 jaar pakte de beste verdediging 8 keer het kampioenschap (50%), terwijl dat voordien maar 4 op 12 was (33%). Ferguson was dus misschien voor op zijn tijd. Nog belangrijker natuurlijk is het doelpuntensaldo (68%). Als een ploeg offensief én defensief sterk is, heeft het uiteraard meer kans op een titel.

De statistieken van de kampioenen in de Premier League van 1992-2020., Redactie
De statistieken van de kampioenen in de Premier League van 1992-2020. © Redactie

Cijfers van de andere grote Europese competities leveren een meer genuanceerd beeld op. In Spanje bijvoorbeeld won de beste aanval de laatste 20 jaar vaker La Liga dan de beste verdediging. Duitsland en vooral Italië zijn het omgekeerde voorbeeld. De Serie A staat bekend om haar defensieve discipline en dat blijkt ook uit de cijfers. De laatste twee decennia had de kampioen ook 15 keer de beste verdediging, vooral dankzij Juventus dat dit seizoen een einde zag komen aan haar reeks van elf titels met telkens de beste verdediging.

Als we dezelfde oefening doen voor de Jupiler Pro League sinds de competitiehervorming in 2009 lijken wij toch eerder aan te sluiten bij die twee laatste. In slechts 64% van de gevallen haalde de beste aanval ook het kampioenschap binnen. Zowel dit seizoen, waarin AA Gent meer scoorde dan Club Brugge, als vorig jaar, toen blauw-zwart productiever bleek dan kampioen Genk, was dat niet het geval. Opvallend ook: slechts twee keer (18%) had de landskampioen ook de topschutter in haar rangen, telkens bij Anderlecht, met Lukaku in 2010 en Teodorczyk in 2017. Een indicatie dat een succesvol team niet (te veel) mag afhangen van één speler.

De beste verdediging leverde dan weer in 73% van de gevallen de titel op. De laatste vijf seizoenen kenden daarin zelfs slechts één uitzondering (80%), toen Club kampioen speelde onder Ivan Leko in 2018. Ook hier zien we dus dezelfde recente trend als in de Premier League: de verdediging wordt steeds belangrijker. Club Brugge scoorde dit jaar bijvoorbeeld 6 goals minder dan in het vorige reguliere seizoen, maar dankzij een veel betere verdediging pakten ze wel 14 punten meer.

De ploeg met het beste doelpuntensaldo wordt in België bovendien quasi zeker kampioen. In 11 edities slaagde enkel het AA Gent van Hein Vanhaezebrouck in 2015 erin de landstitel te pakken zonder het beste doelsaldo (Club Brugge deed beter). Specialiseren in één van de twee domeinen is dus niet echt een goed idee. Afgelopen seizoen had Anderlecht bijvoorbeeld de derde beste verdediging, maar door het gebrek aan kwaliteit voorin eindigde Paars-wit pas achtste.

De statistieken van de kampioenen in de Jupiler Pro League sinds 2009/10., Belga Image
De statistieken van de kampioenen in de Jupiler Pro League sinds 2009/10. © Belga Image

Een voor de hand liggende verklaring zou kunnen zijn dat het Belgische format met play-offs de competitie zo bijzonder maakt. Aangezien de beste ploegen onderling nogmaals tegen elkaar spelen, zou er een sterkere relatie kunnen zijn tussen de doelpunten en de eindrangschikking. Maar dat blijkt niet uit de cijfers. De percentages van beste aanval (55%) en verdediging (64%) na de reguliere competitie zijn vergelijkbaar met de play-offs en de ploeg.

En voor de degradatiestrijd?

Dus als je echt moet kiezen, is het dan best om in te zetten op de aanval of de verdediging? Dat hangt er eigenlijk vanaf wat je wil bereiken. Als je niet wil verliezen, is geen doelpunt tegenkrijgen volgens statistische studies 33% meer waard dan zelf een goal scoren. Als je wil winnen, hebben een vermeden doelpunt en een gemaakt doelpunt dezelfde waarde. Anders gezegd: als een ploeg vooral verdedigend goed staat, zal ze minder vaak verliezen, maar heeft ze meer kans om punten te laten liggen tegen zwakke tegenstanders. Als een ploeg vooral aanvallend sterk is, zal het makkelijker matchen winnen tegen mindere clubs, maar heeft ze meer kans om te verliezen tegen gelijkwaardige tegenstanders.

Daarom is het voor ploegen in degradatienood vooral belangrijk om een degelijke verdediging te hebben en hoeven ze niet zozeer over een spits te beschikken die meer dan 10 goals maakt om erin te blijven, zoals vaak geloofd wordt. De slechtste aanval degradeerde in België slechts 27% van de tijd sinds de competitiehervorming. In 2017 toen Westerlo laatste eindigde bijvoorbeeld, scoorde Lokeren zelfs 9 doelpunten minder dan de Kemphanen. Door een veel betere verdediging eindigde Lokeren wel op een veilige 11de plek. De zwakste verdediging moest meer dan de helft van de tijd (55%) een reeks zakken.

Maar ook hier valt een recente trend op. De laatste 5 seizoenen degradeerde de zwakste verdediging slechts 2 keer (40%), terwijl dat in de 6 jaar voordien wel 4 keer gebeurde (67%). Voor ploegen onderin lijkt het belang van de verdediging dus af te nemen, terwijl die voor de topclubs net toeneemt.

De statistieken van de degradant in de Jupiler Pro League sinds seizoen 2009/10., Redactie
De statistieken van de degradant in de Jupiler Pro League sinds seizoen 2009/10. © Redactie

Duurdere verdedigers

In totaliteit blijft in België vooral de verdediging belangrijk om zowel bovenin, als onderaan het klassement succes te boeken. Daarmee wordt het cliché van de Jupiler Pro League als lastige, gesloten competitie nogmaals bevestigd. Maar ook in andere competities groeit het belang van de verdediging om prijzen te pakken de laatste jaren gestaag.

En dat is ook te merken op de transfermarkt. De afgelopen zomer stonden er met Matthijs De Ligt (Juventus), Harry Maguire (Mancheter United) en Lucas Hernández (Bayern) drie verdedigers in de top 10 van duurste transfers. Tien jaar geleden bestond de lijst enkel uit aanvallende spelers, op verdedigende middenvelder Xabi Alonso na (van Liverpool naar Real). Pep Guardiola bijvoorbeeld staat erom bekend de afgelopen jaren meer geld uit te geven aan zijn defensie dan aan nieuwe aanvallers (Cancelo, Mendy, Laporte, Stones, Walker, Ederson, Rodri,...). En ook bij Liverpool is de verdediging van Jürgen Klopp duurder dan zijn beruchte aanvalstrio. Maar natuurlijk hebben verdedigers naast hun defensie taken ook meer dan ooit een belangrijke offensieve bijdrage.

De Belgische clubs hebben die klik ook gemaakt. AA Gent kocht deze en vorige zomer samen 1 doelman, 9 verdedigers en 3 verdedigende middenvelders, vooral met de al aanwezige offensieve kwaliteit in het achterhoofd. Bij Anderlecht kregen verdediger Luckassen en linksachter Bogdan Michailitsjenko deze zomer een hogere prioriteit dan een nieuwe spits. Kampioen Club Brugge kocht vorig jaar met David Okereke en Michael Krmencik wel vervangers voor Wesley, maar investeerde ook zwaar in zijn defensie met Mignolet (7 miljoen euro), Deli (2,5 miljoen), Kossounou (3,8 miljoen), Ricca (3 miljoen), Balanta (2,4 miljoen) en de huur van Sobol. Racing Genk betaalde na de titel dan weer veel geld om het vertrek van hun sterspelers voorin op te vangen, maar focust zich nu vooral op de verdediging met de aankoop van een nieuwe links- en rechtsback, samen goed voor 8 miljoen euro. En zo kunnen we nog wel even doorgaan.

Kortom, in de Belgische competitie lijkt een stevige verdediging de eerste stap, of het nu is om de degradatie te vermijden of om mee te doen voor de prijzen. Het zijn dus zeker niet alleen de doelpunten van de sterspelers die voor succes zorgen. Natuurlijk zal je om kampioen te worden ook altijd over een meer dan degelijke aanval moeten beschikken. Maar hoe beter je verdediging, hoe meer je gemaakte doelpunten zullen opleveren.

Liverpool pakte dit seizoen zijn eerste landstitel in dertig jaar. Waarom lukte het nu wel? Vele voetbalvolgers zoeken de oorzaak in de verdediging van Jürgen Klopp, met Virgil van Dijk en doelman Alisson als hoofdrolspelers. Sinds hun komst naar Liverpool twee jaar geleden, kan de ploeg eindelijk steunen op een degelijke verdediging met succes in de Champions League en Premier League tot gevolg.Ook in België zagen we afgelopen jaar hetzelfde gebeuren. Bij Club Brugge werd vooral naar doelman Simon Mignolet gewezen als dé kampioenenmaker dit seizoen en de fans verkozen zelfs verdediger Clinton Mata als beste speler van het jaar. Want iedereen weet toch: "Attack wins you games, defence wins you titles", zoals Sir Alex Ferguson ooit zei. Maar klopt dat wel?Mythe ontkracht?Ten eerste is de succescoach van Manchester United een uitzondering op zijn eigen 'regel'. In 4 van zijn 13 kampioenenjaren had hij verre van de beste defensie, maar wel telkens de beste aanval. Ook uit een bredere analyse van de Engelse competitie blijkt de uitspraak van Ferguson meer mythe dan waarheid te bevatten. Sinds het begin van de moderne Premier League in 1992 had de kampioen in 61% van de gevallen ook de beste aanval en slechts 43% van de tijd de beste verdediging. Opvallend daarbij is dat de verdediging de voorbije seizoenen wel aan belang gewonnen heeft. De laatste 16 jaar pakte de beste verdediging 8 keer het kampioenschap (50%), terwijl dat voordien maar 4 op 12 was (33%). Ferguson was dus misschien voor op zijn tijd. Nog belangrijker natuurlijk is het doelpuntensaldo (68%). Als een ploeg offensief én defensief sterk is, heeft het uiteraard meer kans op een titel. Cijfers van de andere grote Europese competities leveren een meer genuanceerd beeld op. In Spanje bijvoorbeeld won de beste aanval de laatste 20 jaar vaker La Liga dan de beste verdediging. Duitsland en vooral Italië zijn het omgekeerde voorbeeld. De Serie A staat bekend om haar defensieve discipline en dat blijkt ook uit de cijfers. De laatste twee decennia had de kampioen ook 15 keer de beste verdediging, vooral dankzij Juventus dat dit seizoen een einde zag komen aan haar reeks van elf titels met telkens de beste verdediging. Als we dezelfde oefening doen voor de Jupiler Pro League sinds de competitiehervorming in 2009 lijken wij toch eerder aan te sluiten bij die twee laatste. In slechts 64% van de gevallen haalde de beste aanval ook het kampioenschap binnen. Zowel dit seizoen, waarin AA Gent meer scoorde dan Club Brugge, als vorig jaar, toen blauw-zwart productiever bleek dan kampioen Genk, was dat niet het geval. Opvallend ook: slechts twee keer (18%) had de landskampioen ook de topschutter in haar rangen, telkens bij Anderlecht, met Lukaku in 2010 en Teodorczyk in 2017. Een indicatie dat een succesvol team niet (te veel) mag afhangen van één speler.De beste verdediging leverde dan weer in 73% van de gevallen de titel op. De laatste vijf seizoenen kenden daarin zelfs slechts één uitzondering (80%), toen Club kampioen speelde onder Ivan Leko in 2018. Ook hier zien we dus dezelfde recente trend als in de Premier League: de verdediging wordt steeds belangrijker. Club Brugge scoorde dit jaar bijvoorbeeld 6 goals minder dan in het vorige reguliere seizoen, maar dankzij een veel betere verdediging pakten ze wel 14 punten meer. De ploeg met het beste doelpuntensaldo wordt in België bovendien quasi zeker kampioen. In 11 edities slaagde enkel het AA Gent van Hein Vanhaezebrouck in 2015 erin de landstitel te pakken zonder het beste doelsaldo (Club Brugge deed beter). Specialiseren in één van de twee domeinen is dus niet echt een goed idee. Afgelopen seizoen had Anderlecht bijvoorbeeld de derde beste verdediging, maar door het gebrek aan kwaliteit voorin eindigde Paars-wit pas achtste.Een voor de hand liggende verklaring zou kunnen zijn dat het Belgische format met play-offs de competitie zo bijzonder maakt. Aangezien de beste ploegen onderling nogmaals tegen elkaar spelen, zou er een sterkere relatie kunnen zijn tussen de doelpunten en de eindrangschikking. Maar dat blijkt niet uit de cijfers. De percentages van beste aanval (55%) en verdediging (64%) na de reguliere competitie zijn vergelijkbaar met de play-offs en de ploeg.En voor de degradatiestrijd?Dus als je echt moet kiezen, is het dan best om in te zetten op de aanval of de verdediging? Dat hangt er eigenlijk vanaf wat je wil bereiken. Als je niet wil verliezen, is geen doelpunt tegenkrijgen volgens statistische studies 33% meer waard dan zelf een goal scoren. Als je wil winnen, hebben een vermeden doelpunt en een gemaakt doelpunt dezelfde waarde. Anders gezegd: als een ploeg vooral verdedigend goed staat, zal ze minder vaak verliezen, maar heeft ze meer kans om punten te laten liggen tegen zwakke tegenstanders. Als een ploeg vooral aanvallend sterk is, zal het makkelijker matchen winnen tegen mindere clubs, maar heeft ze meer kans om te verliezen tegen gelijkwaardige tegenstanders. Daarom is het voor ploegen in degradatienood vooral belangrijk om een degelijke verdediging te hebben en hoeven ze niet zozeer over een spits te beschikken die meer dan 10 goals maakt om erin te blijven, zoals vaak geloofd wordt. De slechtste aanval degradeerde in België slechts 27% van de tijd sinds de competitiehervorming. In 2017 toen Westerlo laatste eindigde bijvoorbeeld, scoorde Lokeren zelfs 9 doelpunten minder dan de Kemphanen. Door een veel betere verdediging eindigde Lokeren wel op een veilige 11de plek. De zwakste verdediging moest meer dan de helft van de tijd (55%) een reeks zakken. Maar ook hier valt een recente trend op. De laatste 5 seizoenen degradeerde de zwakste verdediging slechts 2 keer (40%), terwijl dat in de 6 jaar voordien wel 4 keer gebeurde (67%). Voor ploegen onderin lijkt het belang van de verdediging dus af te nemen, terwijl die voor de topclubs net toeneemt.Duurdere verdedigersIn totaliteit blijft in België vooral de verdediging belangrijk om zowel bovenin, als onderaan het klassement succes te boeken. Daarmee wordt het cliché van de Jupiler Pro League als lastige, gesloten competitie nogmaals bevestigd. Maar ook in andere competities groeit het belang van de verdediging om prijzen te pakken de laatste jaren gestaag. En dat is ook te merken op de transfermarkt. De afgelopen zomer stonden er met Matthijs De Ligt (Juventus), Harry Maguire (Mancheter United) en Lucas Hernández (Bayern) drie verdedigers in de top 10 van duurste transfers. Tien jaar geleden bestond de lijst enkel uit aanvallende spelers, op verdedigende middenvelder Xabi Alonso na (van Liverpool naar Real). Pep Guardiola bijvoorbeeld staat erom bekend de afgelopen jaren meer geld uit te geven aan zijn defensie dan aan nieuwe aanvallers (Cancelo, Mendy, Laporte, Stones, Walker, Ederson, Rodri,...). En ook bij Liverpool is de verdediging van Jürgen Klopp duurder dan zijn beruchte aanvalstrio. Maar natuurlijk hebben verdedigers naast hun defensie taken ook meer dan ooit een belangrijke offensieve bijdrage.De Belgische clubs hebben die klik ook gemaakt. AA Gent kocht deze en vorige zomer samen 1 doelman, 9 verdedigers en 3 verdedigende middenvelders, vooral met de al aanwezige offensieve kwaliteit in het achterhoofd. Bij Anderlecht kregen verdediger Luckassen en linksachter Bogdan Michailitsjenko deze zomer een hogere prioriteit dan een nieuwe spits. Kampioen Club Brugge kocht vorig jaar met David Okereke en Michael Krmencik wel vervangers voor Wesley, maar investeerde ook zwaar in zijn defensie met Mignolet (7 miljoen euro), Deli (2,5 miljoen), Kossounou (3,8 miljoen), Ricca (3 miljoen), Balanta (2,4 miljoen) en de huur van Sobol. Racing Genk betaalde na de titel dan weer veel geld om het vertrek van hun sterspelers voorin op te vangen, maar focust zich nu vooral op de verdediging met de aankoop van een nieuwe links- en rechtsback, samen goed voor 8 miljoen euro. En zo kunnen we nog wel even doorgaan.Kortom, in de Belgische competitie lijkt een stevige verdediging de eerste stap, of het nu is om de degradatie te vermijden of om mee te doen voor de prijzen. Het zijn dus zeker niet alleen de doelpunten van de sterspelers die voor succes zorgen. Natuurlijk zal je om kampioen te worden ook altijd over een meer dan degelijke aanval moeten beschikken. Maar hoe beter je verdediging, hoe meer je gemaakte doelpunten zullen opleveren.