Wat houdt de term in?

Een ploeg die hoog druk (in het Engels high press) zet, probeert de tegenstander hoog op het veld het voetballen te beletten, in het zogeheten 'aanvallende derde van het veld'. De term slaat dus niet per se op de intensiteit van de pressing, want die kan ook in een medium of low press hoog zijn. Ook in een omschakelingsmoment kan een ploeg hevig druk zetten, de zogenaamde Gegenpressing, maar dat hoeft daarom niet hoog op het veld te gebeuren.

Een veld onderverdeeld in drie delen: het defensieve deel, het middelste derde en het aanvallende of laatste derde., Redactie
Een veld onderverdeeld in drie delen: het defensieve deel, het middelste derde en het aanvallende of laatste derde. © Redactie

De bedoeling van hoog druk zetten, is om dicht bij de goal van de andere ploeg de bal te heroveren. Meestal om op die manier snel tot kansen te komen, maar het kan even goed zijn om zo snel opnieuw balbezit te verkrijgen en zelf een aanval op te bouwen. In de huidige periode waarin het 'balbezitvoetbal' hoogtij viert, is ook pressing een cruciaal onderdeel geworden van elke tactische voorbereiding. Als je als ploeg het vaakst de bal wil hebben, moet je ook voorkomen dat de tegenstander die makkelijk kan bijhouden.

Technisch gezien bestaat er wel een verschil tussen een hoog 'blok' en hoog druk zetten. Bij een hoog blok staan de spelers al in het laatste derde van het veld en proberen ze het de tegenstander (passief) moeilijk te maken door goed positie te kiezen. Er is pas sprake van een high press wanneer spelers ook actief hun tegenstander onder druk gaan zetten door loopacties. In de praktijk gebeurt dat meestal niet 90 minuten lang, omdat dat fysiek moeilijk vol te houden is, maar past een ploeg de hoge druk toe in bepaalde situaties. Dat hoeft zelfs niet altijd vanuit een hoog blok te gebeuren, ook vanuit een medium blok kan hoog druk gezet worden, waarna heel de ploeg aansluit.

Bij de openingsgoal van Beerschot tegen KVO 'staat' niet heel de ploeg per se hoog, maar zodra de bal slecht wordt ingespeeld, spurtten Noubissi, Pietermaat en Tissoudali op hun tegenstander af. Deze druk in het aanvallende derde van het veld, resulteerde in een vroeg en makkelijk doelpunt voor Noubissi.

Hubert speelt in op D'Arpino, terwijl Pietermaat al onderweg is om hem onder druk te zetten., Eleven Sports
Hubert speelt in op D'Arpino, terwijl Pietermaat al onderweg is om hem onder druk te zetten. © Eleven Sports

Een aantal spelers van OHL staat op de openingsspeeldag bijvoorbeeld regelmatig hoog op het veld gepositioneerd wanneer Eupen opbouwde. Maar op het moment dat doelman De Wolf zijn verdediger aanspeelt, wordt die niet meteen onder druk gezet. Met dit hoog blok probeert OHL de tegenstander te verplichten lang te spelen en niet zozeer de bal rond de grote rechthoek te heroveren.

Poulain wordt niet meteen onder druk gezet door OHL., Eleven Sports
Poulain wordt niet meteen onder druk gezet door OHL. © Eleven Sports

Hoe zet je hoog druk?

Zoals bij de meeste tactische vraagstukken kan een ploeg bij het druk zetten uitgaan van eigen sterkte en een eigen systeem of zich aanpassen aan de tegenstander. In het geval van pressing betekent dat steeds op dezelfde manier druk zetten of aanpassen aan de manier waarop de tegenstander wil opbouwen. Hoe dan ook is de bedoeling altijd om een bepaalde situatie te creëren. Bijvoorbeeld door de tegenstander te verplichten een lange bal te spelen als je kopbalsterke verdedigers hebt of door een voetballend zwakkere rechtsback vrij te laten en wanneer hij aangespeeld wordt met heel de ploeg naar die kant te schuiven om daar druk te gaan zetten. Dat noemen ze in Engels een 'pressing trap'. Je zet als ploeg een val op en lokt de tegenstander daarin.

Op de trainersschool wordt als theoretische basis de W-press in een 4-3-3 aangeleerd, zo genoemd omwille van de vorm die de pressende ploeg aanneemt. Die press kan op verschillende manieren ingevuld worden, maar meestal gebeurt dat zoals hieronder uitgebeeld.

De rode ploeg zet druk door gebruik te maken van de W-press., Redactie
De rode ploeg zet druk door gebruik te maken van de W-press. © Redactie

De nummer 9 van rood zet de keeper onder druk wanneer die de bal heeft en zorgt ervoor dat de passlijn tussen de twee centrale verdedigers van wit (3 en 4) dichtgezet wordt. Zo kan wit niet zomaar het spel naar de andere flank verleggen en kan rood de tegenstander vastzetten op een één flank. Door goed positie te kiezen moet de 9 ook voorkomen dat de verdedigende middenvelder (6) van wit kan worden aangespeeld.

De flankspelers (7 en 11) van rood nemen positie tussen de centrale en de vleugelverdedigers (2 & 3 en 4 & 5). Op het moment dat de bal ingespeeld wordt naar bv. 3 moet 11 hem meteen onder druk zetten. Eén van de middenvelders, in dit geval de 10, moet dan meteen doorgaan op de witte 2 en de andere middenvelder (8) moet de witte 6 gaan dekken. De andere flank blijft 'open', omdat het quasi onmogelijk is om onder druk zo'n diagonale bal te trappen.

Natuurlijk blijft dit, zoals alle tactische plannen, een theoretisch verhaal. In een wedstrijd zullen spelers altijd zelf beslissingen moeten maken in een fractie van een seconde. Als coach kan je enkel hopen dat ze op dat moment denken aan de richtlijnen en principes die je hen meegeeft.

Daarom zullen weinig coaches elke week een heel andere manier van pressen vragen aan spelers. Meestal worden er kleine accenten veranderd naargelang de tegenstander. KV Mechelen zette eind vorig seizoen bijvoorbeeld vaak druk met één spits geholpen door middenvelder Aster Vranckx, die de '6' van de tegenstander het spelen moest beletten. Tegen Anderlecht paste coach Wouter Vrancken nog een paar details aan.

KV Mechelen zet druk wanneer Anderlecht probeert op te bouwen van achteruit., Eleven Sports
KV Mechelen zet druk wanneer Anderlecht probeert op te bouwen van achteruit. © Eleven Sports

Zo schoof Schoofs vaak ver mee met Sambi Lokonga als die de bal laag kwam vragen en kreeg rechtsbuiten Hairemans de opdracht tussen Cobbaut en Sardella te gaan staan, maar vol druk te zetten op de centrale verdediger (en de doelman) wanneer zij aan de bal kwamen. Zo werd het 'vierkant' van Anderlecht vastgezet door vier spelers van Malinwa. Op het moment van druk zetten, moesten respectievelijk verdediger Kaboré (rechts) of flankaanvaller Storm (links) doorschuiven naar hun back. Dat geldt in feite ook voor de rest van de ploeg. Wanneer er hoog druk gezet wordt, moet iedereen volgen om de ruimte tussen de linies beperkt te houden en ontstaat er vaak quasi mandekking over het hele veld. Met alle defensieve risico's van dien.

In de komende wedstrijden zal KV wellicht grotendeels op dezelfde manier druk zetten, zodat het ook voor de spelers zelf herkenbaar blijft. Maar toch zal Vrancken steeds kleine aanpassingen doen om de tegenstander het voetballen te beletten. Geen enkele ploeg kan zich tegenwoordig permitteren de tegenstander zomaar zijn zin te laten doen. Al is hoge pressing zeker niet de enige manier. Maar dat is weer stof voor een andere les.

Wat houdt de term in?Een ploeg die hoog druk (in het Engels high press) zet, probeert de tegenstander hoog op het veld het voetballen te beletten, in het zogeheten 'aanvallende derde van het veld'. De term slaat dus niet per se op de intensiteit van de pressing, want die kan ook in een medium of low press hoog zijn. Ook in een omschakelingsmoment kan een ploeg hevig druk zetten, de zogenaamde Gegenpressing, maar dat hoeft daarom niet hoog op het veld te gebeuren.De bedoeling van hoog druk zetten, is om dicht bij de goal van de andere ploeg de bal te heroveren. Meestal om op die manier snel tot kansen te komen, maar het kan even goed zijn om zo snel opnieuw balbezit te verkrijgen en zelf een aanval op te bouwen. In de huidige periode waarin het 'balbezitvoetbal' hoogtij viert, is ook pressing een cruciaal onderdeel geworden van elke tactische voorbereiding. Als je als ploeg het vaakst de bal wil hebben, moet je ook voorkomen dat de tegenstander die makkelijk kan bijhouden. Technisch gezien bestaat er wel een verschil tussen een hoog 'blok' en hoog druk zetten. Bij een hoog blok staan de spelers al in het laatste derde van het veld en proberen ze het de tegenstander (passief) moeilijk te maken door goed positie te kiezen. Er is pas sprake van een high press wanneer spelers ook actief hun tegenstander onder druk gaan zetten door loopacties. In de praktijk gebeurt dat meestal niet 90 minuten lang, omdat dat fysiek moeilijk vol te houden is, maar past een ploeg de hoge druk toe in bepaalde situaties. Dat hoeft zelfs niet altijd vanuit een hoog blok te gebeuren, ook vanuit een medium blok kan hoog druk gezet worden, waarna heel de ploeg aansluit. Bij de openingsgoal van Beerschot tegen KVO 'staat' niet heel de ploeg per se hoog, maar zodra de bal slecht wordt ingespeeld, spurtten Noubissi, Pietermaat en Tissoudali op hun tegenstander af. Deze druk in het aanvallende derde van het veld, resulteerde in een vroeg en makkelijk doelpunt voor Noubissi.Een aantal spelers van OHL staat op de openingsspeeldag bijvoorbeeld regelmatig hoog op het veld gepositioneerd wanneer Eupen opbouwde. Maar op het moment dat doelman De Wolf zijn verdediger aanspeelt, wordt die niet meteen onder druk gezet. Met dit hoog blok probeert OHL de tegenstander te verplichten lang te spelen en niet zozeer de bal rond de grote rechthoek te heroveren.Hoe zet je hoog druk? Zoals bij de meeste tactische vraagstukken kan een ploeg bij het druk zetten uitgaan van eigen sterkte en een eigen systeem of zich aanpassen aan de tegenstander. In het geval van pressing betekent dat steeds op dezelfde manier druk zetten of aanpassen aan de manier waarop de tegenstander wil opbouwen. Hoe dan ook is de bedoeling altijd om een bepaalde situatie te creëren. Bijvoorbeeld door de tegenstander te verplichten een lange bal te spelen als je kopbalsterke verdedigers hebt of door een voetballend zwakkere rechtsback vrij te laten en wanneer hij aangespeeld wordt met heel de ploeg naar die kant te schuiven om daar druk te gaan zetten. Dat noemen ze in Engels een 'pressing trap'. Je zet als ploeg een val op en lokt de tegenstander daarin. Op de trainersschool wordt als theoretische basis de W-press in een 4-3-3 aangeleerd, zo genoemd omwille van de vorm die de pressende ploeg aanneemt. Die press kan op verschillende manieren ingevuld worden, maar meestal gebeurt dat zoals hieronder uitgebeeld.De nummer 9 van rood zet de keeper onder druk wanneer die de bal heeft en zorgt ervoor dat de passlijn tussen de twee centrale verdedigers van wit (3 en 4) dichtgezet wordt. Zo kan wit niet zomaar het spel naar de andere flank verleggen en kan rood de tegenstander vastzetten op een één flank. Door goed positie te kiezen moet de 9 ook voorkomen dat de verdedigende middenvelder (6) van wit kan worden aangespeeld. De flankspelers (7 en 11) van rood nemen positie tussen de centrale en de vleugelverdedigers (2 & 3 en 4 & 5). Op het moment dat de bal ingespeeld wordt naar bv. 3 moet 11 hem meteen onder druk zetten. Eén van de middenvelders, in dit geval de 10, moet dan meteen doorgaan op de witte 2 en de andere middenvelder (8) moet de witte 6 gaan dekken. De andere flank blijft 'open', omdat het quasi onmogelijk is om onder druk zo'n diagonale bal te trappen.Natuurlijk blijft dit, zoals alle tactische plannen, een theoretisch verhaal. In een wedstrijd zullen spelers altijd zelf beslissingen moeten maken in een fractie van een seconde. Als coach kan je enkel hopen dat ze op dat moment denken aan de richtlijnen en principes die je hen meegeeft. Daarom zullen weinig coaches elke week een heel andere manier van pressen vragen aan spelers. Meestal worden er kleine accenten veranderd naargelang de tegenstander. KV Mechelen zette eind vorig seizoen bijvoorbeeld vaak druk met één spits geholpen door middenvelder Aster Vranckx, die de '6' van de tegenstander het spelen moest beletten. Tegen Anderlecht paste coach Wouter Vrancken nog een paar details aan.Zo schoof Schoofs vaak ver mee met Sambi Lokonga als die de bal laag kwam vragen en kreeg rechtsbuiten Hairemans de opdracht tussen Cobbaut en Sardella te gaan staan, maar vol druk te zetten op de centrale verdediger (en de doelman) wanneer zij aan de bal kwamen. Zo werd het 'vierkant' van Anderlecht vastgezet door vier spelers van Malinwa. Op het moment van druk zetten, moesten respectievelijk verdediger Kaboré (rechts) of flankaanvaller Storm (links) doorschuiven naar hun back. Dat geldt in feite ook voor de rest van de ploeg. Wanneer er hoog druk gezet wordt, moet iedereen volgen om de ruimte tussen de linies beperkt te houden en ontstaat er vaak quasi mandekking over het hele veld. Met alle defensieve risico's van dien. In de komende wedstrijden zal KV wellicht grotendeels op dezelfde manier druk zetten, zodat het ook voor de spelers zelf herkenbaar blijft. Maar toch zal Vrancken steeds kleine aanpassingen doen om de tegenstander het voetballen te beletten. Geen enkele ploeg kan zich tegenwoordig permitteren de tegenstander zomaar zijn zin te laten doen. Al is hoge pressing zeker niet de enige manier. Maar dat is weer stof voor een andere les.