Je vindt dat het beter is om samen met jongens te spelen wanneer je jong bent. Waarom?

Tine De Caigny: 'Zolang mogelijk gemengd spelen is positief omdat je door die jongens sterker wordt. Zij hebben een andere fysiek, het spel gaat sneller omdat ze vlugger zijn dan wij. Meisjes kunnen daar alleen maar baat bij hebben tot pakweg hun zestiende.'

'Ik heb dat zo gedaan, het was natuurlijk wat makkelijker met mijn lengte. Wat ook wel leuk was, was dat ik niet het enige meisje was. Ik speelde van mijn zevende tot mijn zestiende samen met Silke Vanwynsberghe, die nu bij Gent zit.'

Zijn jongens competitiever ingesteld?

De Caigny: 'Ze zijn vooral harder in de duels en ook sneller, maar qua mentaliteit zijn er niet altijd verschillen. Hier bij Anderlecht zijn we ook zeer competitief ingesteld, zowel op training als in de match.'

Je speelt in de spits. Aan welke mannelijke aanvaller spiegel je je nu?

De Caigny: (denkt na) 'Ik zou zeggen: Romelu Lukaku. Hij is de beste aanvaller van het moment, dus ik denk dat ik veel van hem kan leren. Hij is ook groot en sterk en kan de bal bijhouden zoals ik dat zou willen. Ik weet dat ik daar nog beter moet in worden. De manier waarop hij zijn lichaam gebruikt - op de been blijven met de rug naar doel, de bal bijhouden tot er iemand aansluit - vind ik heel interessant voor mezelf.'

Had je vroeger ook vrouwelijke rolmodellen?

De Caigny: 'Tot mijn zestiende wist ik niet veel van vrouwenvoetbal, dus had ik niet echt zo iemand. Nu zijn er wel enkele speelsters die ik uitstekend vind, zoals Pernille Harder van Chelsea, die indruk maakte toen we tegen Denemarken speelden in de Algarve Cup (0-4-verlies begin maart, nvdr). En Vivianne Miedema, de goalgetster van Arsenal, speelt een beetje in dezelfde stijl als ik en weet haar lengte goed te gebruiken.'

Lees het volledige interview met Tine De Caigny in de extra dikke kerstspecial van Sport/Voetbalmagazine van woensdag 16 december.

Je vindt dat het beter is om samen met jongens te spelen wanneer je jong bent. Waarom?Tine De Caigny: 'Zolang mogelijk gemengd spelen is positief omdat je door die jongens sterker wordt. Zij hebben een andere fysiek, het spel gaat sneller omdat ze vlugger zijn dan wij. Meisjes kunnen daar alleen maar baat bij hebben tot pakweg hun zestiende.''Ik heb dat zo gedaan, het was natuurlijk wat makkelijker met mijn lengte. Wat ook wel leuk was, was dat ik niet het enige meisje was. Ik speelde van mijn zevende tot mijn zestiende samen met Silke Vanwynsberghe, die nu bij Gent zit.'Zijn jongens competitiever ingesteld?De Caigny: 'Ze zijn vooral harder in de duels en ook sneller, maar qua mentaliteit zijn er niet altijd verschillen. Hier bij Anderlecht zijn we ook zeer competitief ingesteld, zowel op training als in de match.'Je speelt in de spits. Aan welke mannelijke aanvaller spiegel je je nu?De Caigny: (denkt na) 'Ik zou zeggen: Romelu Lukaku. Hij is de beste aanvaller van het moment, dus ik denk dat ik veel van hem kan leren. Hij is ook groot en sterk en kan de bal bijhouden zoals ik dat zou willen. Ik weet dat ik daar nog beter moet in worden. De manier waarop hij zijn lichaam gebruikt - op de been blijven met de rug naar doel, de bal bijhouden tot er iemand aansluit - vind ik heel interessant voor mezelf.'Had je vroeger ook vrouwelijke rolmodellen?De Caigny: 'Tot mijn zestiende wist ik niet veel van vrouwenvoetbal, dus had ik niet echt zo iemand. Nu zijn er wel enkele speelsters die ik uitstekend vind, zoals Pernille Harder van Chelsea, die indruk maakte toen we tegen Denemarken speelden in de Algarve Cup (0-4-verlies begin maart, nvdr). En Vivianne Miedema, de goalgetster van Arsenal, speelt een beetje in dezelfde stijl als ik en weet haar lengte goed te gebruiken.'Lees het volledige interview met Tine De Caigny in de extra dikke kerstspecial van Sport/Voetbalmagazine van woensdag 16 december.