'Ik vind het belangrijk dat je zolang mogelijk met de jongens voetbalt', zegt Janice Cayman (29), aanvalster van de Franse topclub Montpellier HSC. 'Dat zal je altijd pushen om alles te geven, omdat je mee moet kunnen met hun niveau. Op de topsportschool in Merksem was ik het eerste meisje ooit bij de jongens en dan moet je elke dag uit je comfortzone komen, want het gaat er harder en sneller aan toe dan bij de meisjes. Ik speelde er nog samen met Moussa Dembélé en met Radja Nainggolan, in de tijd dat Radja n...

'Ik vind het belangrijk dat je zolang mogelijk met de jongens voetbalt', zegt Janice Cayman (29), aanvalster van de Franse topclub Montpellier HSC. 'Dat zal je altijd pushen om alles te geven, omdat je mee moet kunnen met hun niveau. Op de topsportschool in Merksem was ik het eerste meisje ooit bij de jongens en dan moet je elke dag uit je comfortzone komen, want het gaat er harder en sneller aan toe dan bij de meisjes. Ik speelde er nog samen met Moussa Dembélé en met Radja Nainggolan, in de tijd dat Radja nog geen enkele tattoo had. (lacht) Daar word je alleen maar sterker van. Voor mij was dat absoluut een hele goeie ervaring, vandaar mijn eerste tip: speel zolang mogelijk met de jongens. Het is een voordeel in vergelijking met meisjes die minder trainen of dat uitsluitend met meisjes doen. Je gaat er sneller van handelen en wordt tactisch veel beter. Voor jongens kan het heel frustrerend zijn als ze een meisje niet voorbij geraken, wat dan weer heel leuk is voor ons. (lacht)'Ik was het wel gewoon van thuis om tussen de jongens te zijn, want ik heb drie broers. We voetbalden altijd samen in de tuin en speelden er onder meer 'de wereldbeker penaltysjotten' met voor de verschillende landen bekers die klaarstonden.'Zeker ook belangrijk: altijd in jezelf blijven geloven. Je kunt wel zelfkritisch zijn, maar dan op een gezonde manier en dus niet om jezelf kapot te maken. Het is superbelangrijk om echt altijd te blijven geloven dat je het kunt of het zult kunnen en daarvoor hard te blijven werken. In het begin op de topsportschool kwam ik uit een blessure aan mijn bekken en was ik alle kracht in mijn rechterbeen kwijt. Ik kon precies geen krop sla meer kapot sjotten. Dat was heel moeilijk, tussen die jongens, maar op den duur begin je je kracht terug te krijgen, voel je je beter en word je almaar sterker.'Tot slot: maak je sterke punten nog sterker. Als je op de flank speelt, is dat bijvoorbeeld blijven trainen op voorzetten. Want als die preciezer worden en tijdens de wedstrijd aankomen, zijn dat telkens serieuze doelkansen. Daar ben ik nu zelf mee bezig én ook met afwerken op doel. Herhaling, herhaling, herhaling. Superbelangrijk! Je moet ook aan je mindere punten werken. Maar als je je sterke punten blijft perfectioneren, zodat die echt heel sterk worden, dan kun je daarmee het verschil maken.'