Als je tegen Bosniërs, Kroaten of Serviërs speelt, dan zie je dat die de oorlog hebben meegemaakt. Bij ons daarentegen is het in die tijd vaak Club Med. Daar kan ik echt niet tegen.

De trainingen zijn bijzonder licht, niet te vergelijken met wat ik in Duitsland dagelijks voor de kiezen krijg. En als in Hamburg of München een speler durft te klagen dat een medemaat hem wat te hard getackeld heeft, dan zet de coach hem wel op zijn plaats: 'Doe in het vervolg je scheenbeschermers aan!'

Wanneer we na een training met de Duivels naar de kleedkamer gaan, dan zijn velen tevreden: 'We hebben hard gewerkt vandaag.' We hebben een uurtje rondgewandeld, ja, het leek nergens naar maar ze hebben de indruk dat ze alles gegeven hebben. Het was alsof ze een vriendschappelijke wedstrijd voorbereidden in plaats van een kwalificatiematch.

Ik kan mijn ogen niet geloven. Soms wissel ik een blik met Timmy Simons. Sinds hij weg is uit België weet hij wat het is om door te gaan tot je bijna moet overgeven. We knipogen naar elkaar, waarmee we willen zeggen: 'Hoe is het mogelijk... Hoe wil je nu dat we ons op die manier kwalificeren?'

En dan zijn er nog al die uitspattingen op het vlak van discipline. Er zijn dagen dat ik niet geloof wat ik zie. Spelers die te laat komen, bijvoorbeeld, vanwege de files zeggen ze. Het zijn altijd dezelfde. Of gsm's die overgaan terwijl de trainer ons toespreekt, soms zelfs in de kleedkamer. Wie zoiets overkomt moet champagne betalen en er wordt niet meer over gesproken.

Maar ik durf me niet voor te stellen wat er zou gebeurd zijn als er in de tijd van Robert Waseige een gsm zou gerinkeld hebben in de kleedkamer. Die kerel had voor de hele groep de bolwassing van zijn leven gekregen.

Wanneer we op het veld komen, zijn er soms geen ballen. De jonge speler die de zak met ballen moest meenemen was het vergeten... En dan maar lachen.

In eender welke grote ploeg staat bij de maaltijd niemand op om zich te bedienen vooraleer de kapitein een teken geeft. Bij de Duivels doen ze maar op. Jongeren die gaan opscheppen van zodra ze er zin in hebben.

Ik kijk dan eens naar Simons en dan hebben we zin om uit te vliegen. Bij momenten vraag ik me af of het wel de moeite loont om mijn tijd te verdoen, om voor dit zootje ongeregeld de goede trainingen bij mijn club te missen.

Lees deze week meer fragmenten in Sport/Voetbalmagazine. De biografie verschijnt voorlopig alleen in het Frans.

Als je tegen Bosniërs, Kroaten of Serviërs speelt, dan zie je dat die de oorlog hebben meegemaakt. Bij ons daarentegen is het in die tijd vaak Club Med. Daar kan ik echt niet tegen. De trainingen zijn bijzonder licht, niet te vergelijken met wat ik in Duitsland dagelijks voor de kiezen krijg. En als in Hamburg of München een speler durft te klagen dat een medemaat hem wat te hard getackeld heeft, dan zet de coach hem wel op zijn plaats: 'Doe in het vervolg je scheenbeschermers aan!' Wanneer we na een training met de Duivels naar de kleedkamer gaan, dan zijn velen tevreden: 'We hebben hard gewerkt vandaag.' We hebben een uurtje rondgewandeld, ja, het leek nergens naar maar ze hebben de indruk dat ze alles gegeven hebben. Het was alsof ze een vriendschappelijke wedstrijd voorbereidden in plaats van een kwalificatiematch. Ik kan mijn ogen niet geloven. Soms wissel ik een blik met Timmy Simons. Sinds hij weg is uit België weet hij wat het is om door te gaan tot je bijna moet overgeven. We knipogen naar elkaar, waarmee we willen zeggen: 'Hoe is het mogelijk... Hoe wil je nu dat we ons op die manier kwalificeren?' En dan zijn er nog al die uitspattingen op het vlak van discipline. Er zijn dagen dat ik niet geloof wat ik zie. Spelers die te laat komen, bijvoorbeeld, vanwege de files zeggen ze. Het zijn altijd dezelfde. Of gsm's die overgaan terwijl de trainer ons toespreekt, soms zelfs in de kleedkamer. Wie zoiets overkomt moet champagne betalen en er wordt niet meer over gesproken. Maar ik durf me niet voor te stellen wat er zou gebeurd zijn als er in de tijd van Robert Waseige een gsm zou gerinkeld hebben in de kleedkamer. Die kerel had voor de hele groep de bolwassing van zijn leven gekregen. Wanneer we op het veld komen, zijn er soms geen ballen. De jonge speler die de zak met ballen moest meenemen was het vergeten... En dan maar lachen. In eender welke grote ploeg staat bij de maaltijd niemand op om zich te bedienen vooraleer de kapitein een teken geeft. Bij de Duivels doen ze maar op. Jongeren die gaan opscheppen van zodra ze er zin in hebben. Ik kijk dan eens naar Simons en dan hebben we zin om uit te vliegen. Bij momenten vraag ik me af of het wel de moeite loont om mijn tijd te verdoen, om voor dit zootje ongeregeld de goede trainingen bij mijn club te missen.Lees deze week meer fragmenten in Sport/Voetbalmagazine. De biografie verschijnt voorlopig alleen in het Frans.