Het gebeurt niet zo vaak dat trainers de eer aan zichzelf houden. Dan verliezen ze veelal hun ontslagpremie, de prijs die ze krijgen voor de onzekerheid en de doorstane stress. Maar soms wordt er wel veel incasseringsvermogen gevraagd. Zoals nu bij de Duitse bondscoach Joachim Löw, na de historische blamage van de Mannschaft in Spanje.
...

Het gebeurt niet zo vaak dat trainers de eer aan zichzelf houden. Dan verliezen ze veelal hun ontslagpremie, de prijs die ze krijgen voor de onzekerheid en de doorstane stress. Maar soms wordt er wel veel incasseringsvermogen gevraagd. Zoals nu bij de Duitse bondscoach Joachim Löw, na de historische blamage van de Mannschaft in Spanje. Joachim Löw lijkt nu wel de grootste kluns in de trainersgilde te zijn. Na veertien jaar in dit ambt is hij de controle over de spelersgroep kwijtgeraakt. Het bleek in Spanje toen het systeem in duigen viel na het eerste doelpunt. Löw stelde dat op de persconferentie vast. Alsof hij zich daarmee wilde verdedigen. Het is een excuus waar trainers vaak naar grijpen. Frank Vercauteren bijvoorbeeld zei in het begin van zijn trainerscarrière na een verloren wedstrijd geregeld dat de opdrachten niet waren uitgevoerd. Zonder zich af te vragen of die instructies niet te hoog gegrepen waren of wel duidelijk genoeg waren overgebracht. Het kan niet anders of Joachim Löw moet voelen dat het tussen hem en de spelers niet meer klikt. Wie dan een sterke persoonlijkheid heeft, stuurt aan op een afscheid. Alleen: wat is het alternatief? Löw verdient drie miljoen euro per jaar. Financieel is hij al lang onafhankelijk, maar toch laat je zo'n bedrag niet gemakkelijk vallen. Want wat moet hij dan gaan doen? Trainers leggen naast voetballers op een dusdanige manier de focus op hun sport dat er voor hen amper iets anders is in het leven. Het verklaart ook waarom zoveel sporters het in deze coronatijden zo moeilijk hebben. Volgens een studie die in Californië aan de universiteit van Stanford werd gedaan, kampen 23 procent van de sporters met gevoelens van angst die neigen naar een depressie omdat hun leven geen inhoud meer heeft. Slechts weinigen willen daarover praten. De kunst van bestuurders is om trainers op het juiste moment het juiste contract te geven. Los van de emotie van het moment. Ze moeten weten wat er leeft en niet vervallen in kortzichtigheid. Zo werd bijvoorbeeld de overeenkomst van Marc Wilmots al te snel verlengd nadat hij de Rode Duivels voor het WK had geplaatst. Hetzelfde gebeurde met Löw nadat hij met Duitsland in 2014 wereldkampioen werd, onder meer na een 7-1-zege in de halve finale tegen Brazilië. Geen enkele club in België gaf zijn trainer zoveel vertrouwen als Zulte Waregem aan Francky Dury. Hij kreeg in 2013 een tienjarig contract dat later met nog een jaar werd verlengd, tot medio 2024. Dury heeft natuurlijk zijn verdiensten, maar intussen spartelde zijn club al verschillende keren door moeilijke periodes. Dury is slim genoeg om te weten dat het voor hem steeds complexer wordt om na al die lange jaren de spelers nog te verrassen. Ook al worden er ieder seizoen opnieuw transfers gedaan die de spelerskern verfrissen. Maar met zijn overeenkomst zit hij safe. Het is zijn verzekering. Hij denkt er niet aan die zelf te beëindigen. Trainers worden vaak te snel opgehemeld, hun werk wordt niet altijd even goed gekaderd. Zouden ze nu bijvoorbeeld bij Beerschot overwegen om Hernán Losada in de roes van de successen zo lang mogelijk aan de club te binden? Marc Degryse noemde de Argentijn vorige week in een interview een toekomstige toptrainer. Natuurlijk verdient Losada alle lof voor de attractieve manier waarop hij Beerschot laat voetballen, maar hoe zal er over hem geoordeeld worden bij een mindere periode? Terwijl het eigenlijk maar om één zaak gaat: of de filosofie van een trainer in een club past. Dan kan je ook in een mindere periode een contract verlengen. Zoals Manchester City met Pep Guardiola deed.