Iké Ugbo (spits, Cercle Brugge) over Simon Mignolet: 'Hij kan zo terug naar de Premier League'

'Hij was voor mij geen onbekende, want ik zag hem verschillende keren aan het werk bij Liverpool. Als je probleemloos kunt meedraaien in de selectie van Jürgen Klopp, dan ben je gewoon een internationale topper. Je kunt hem zelden op echte fouten betrappen. Je merkt dat hij de ervaring uit de Premier League maximaal benut.
...

'Hij was voor mij geen onbekende, want ik zag hem verschillende keren aan het werk bij Liverpool. Als je probleemloos kunt meedraaien in de selectie van Jürgen Klopp, dan ben je gewoon een internationale topper. Je kunt hem zelden op echte fouten betrappen. Je merkt dat hij de ervaring uit de Premier League maximaal benut. ' Mignolet beschikt toch over een soort van aura, een enorm groot zelfvertrouwen. Hij pakte al uit met saves waardoor je toch even met je ogen moet knipperen. Veel doelpunten incasseert hij niet, omdat hij zo dominant aanwezig is tussen de palen. Maar ook in de één-tegen-éénsituaties reageert hij veelal juist. Je moet al heel creatief zijn om Mignolet te verschalken, of rekenen op een stilstaande fase. 'Ik bewonder ook zijn kalmte. Het is geen doelman die veel gesticuleert of zich constant boos maakt op zijn verdedigers. Hij stuurt hen vooral, heel verbaal, en schrikt er ook niet voor terug om ver uit zijn doel te komen wanneer een bal over de defensie wordt gespeeld. 'Zijn voetenspel is ook uitzonderlijk sterk. Het heeft dus weinig zin bij een terugspeelbal op volle snelheid naar hem toe te spurten, want de kans is groot dat je wordt uitgekapt. Je moet heel omzichtig en intelligent reageren en proberen zijn gedachten te lezen. Mignolet is ongetwijfeld een van de beste keepers in de Belgische competitie. Hij kan zelfs probleemloos terugkeren naar de Premier League.' 'Het is een goeie speler. Voor het ogenblik zou ik zelfs zeggen: de enige back in de Pro League die beter is, is Clinton Mata. Maar ik weet nog, toen we tegen elkaar speelden in het begin van het seizoen ( 0-1 voor Charleroi op 8 augustus, nvdr), dat ik hem toen in de problemen bracht door mijn snelheid. Op die dag maakte hij dus niet zo'n geweldige indruk op mij, terwijl ik het nochtans vaak moeilijk heb met linksvoetigen. 'Ik bekijk alle wedstrijden van Brugge op tv en als ik hem zie, denk ik altijd: een groot talent. Maar ik heb meeval: hij doet de anderen pijn, maar mij niet. Daar is hij niet snel genoeg voor! ( lacht) Maar hij is wel erg compleet, hij heeft alles. Een geweldige conditie, een goeie pass en hij is erg solide.' 'Het is een atypische speler. Dat zeg ik tenminste als ik beleefd wil blijven... (lacht) In feite is het de hel om tegenover zo'n speler te staan, een ruwe verdediger die hard op de man speelt. Echt de Zuid-Amerikaanse stijl, energiek, hardnekkig, ideaal dus om ambras mee te maken. (lacht) 'Als aanvaller is dat nog meer frustrerend omdat hij niet alleen stevig is in de duels maar ook technisch sterk. Hij rukt graag mee op, hij heeft daar ook de grote motor en de conditie voor. Zo verplicht hij jou ook om op en neer te lopen. 'In de heenmatch zijn we trouwens met elkaar in aanvaring gekomen, toen we thuis met 0-6 verloren ( de zesde speeldag op 20 september, nvdr). Ik zie het nog voor me. We hebben er al vijf binnengekregen en er komt een lange bal waarbij we in duel gaan. Ik ben hem voor, controleer de bal met de borst en hij geeft me een duw in mijn rug. Bij het vallen laat ik in een reflex mijn voet hangen en ik raak hem op zijn dij. Je kon de afdruk op zijn been zien. Gelukkig voor mij was de match al gespeeld en deed de arbiter geen moeite om de VAR erbij te betrekken. Anders had ik zeker rood gekregen. Maar dat is typisch voor een speler als hij: het is 5-0, ze zitten in een zetel, en toch blijft hij erin vliegen.' 'Ik had gedacht dat ik in de derby vaker rechtstreeks met hem geconfronteerd ging worden, maar Stefano speelde iets meer vanuit het centrum van de defensie. Daar is hij volgens mij toch op zijn best, door zijn precieze inspeelpass en het goed bewaren van het overzicht. Het was de eerste keer dat ik tegen hem aantrad en hetgeen me meteen opviel, was hoe groot hij wel is. Daarmee bedoel ik niet enkel zijn gestalte, maar ook zijn persoonlijkheid. Er stond iemand op het veld met uitstraling, die door zijn ervaring bijzonder rustig overkwam. Dat zal ongetwijfeld te maken hebben met zijn verleden bij Ajax, waar ze van jongs af aan leren om wat bluf te tonen. 'In de rechtstreekse duels was hij fysiek fel en stevig. Een beest! ( lacht) Daarom was ik tevreden dat ik daar diep in de aanval niet te vaak moest opduiken. Ik zag ook meteen dat zijn technisch vermogen en balvastheid heel goed zijn, waardoor hij nagenoeg nooit in de problemen komt. Stefano is heel leep, ongetwijfeld meegekregen tijdens zijn passage in Italië bij Genoa, waardoor hij gemakkelijk een foutje uitlokt. Hij speelt het gewiekst. Onderschat ook zijn snelheid niet. Het was jammer dat hij niet wat vaker echt op de linkerflank kwam, want daar had ik graag eens een stevig sprintje getrokken tegen hem.' 'Het is een tegenstander die er altijd kort opzit. Je geraakt nooit echt van hem af en hij werpt bij de duels zijn volle gewicht in de schaal. Anders gezegd: met iemand als Clinton ben je nooit klaar. Verdedigend reageert hij altijd goed op mijn dribbels. Ik heb al twee of drie keer tegen hem gespeeld en ik moet zeggen: dat was nooit plezant. Tegen zo'n speler moet je heel je technische arsenaal benutten. 'Het is dus vooral door je goed op te stellen dat je hem in de problemen kunt brengen. Ideaal is om een beetje van hem af te spelen, om de ruimte in zijn rug te benutten, aangezien hij vaak mee gaat aanvallen. Zijn snelheid en explosiviteit zijn echt indrukwekkend, zowel verdedigend als aanvallend. Hij kan altijd uitbreken op de flank om een manmeersituatie voor zijn ploeg uit te lokken. 'Een namiddag of een avond tegenover Clinton staan, dat is meestal geen prettig moment. Hij is niet bepaald mijn favoriete tegenstander. Eigenlijk heb ik nog niet echt een oplossing gevonden om hem écht in moeilijkheden te brengen.' ' Brandon is iemand speciaal voor mij. Hij is de eerste verdediger die me bewust maakte van het niveauverschil tussen 1A en 1B. We speelden begin juli vriendschappelijk tegen Club en verloren met 4-1. Niet uitzonderlijk eigenlijk, alleen raakte ik geen bal. Want Brandon is niet alleen groot en sterk maar ook slim. Ik kwam er toen echt niet aan te pas en dus wist ik: als ik een stap hoger wil zetten, zal ik mijn spel moeten veranderen, de ploeg iets anders bijbrengen, me aan dat soort spelers aanpassen. 'Nu, gelukkig speel je niet elke week tegen een Brandon Mechele. Maar wat ik het meest aan hem bewonder, is dat hij klasse heeft. Hoe venijnig ik op het veld ook kan zijn, met Brandon zal ik dat nooit doen, want hij verdient respect. We hebben nooit meer dan twee of drie minuten met elkaar gesproken op het veld, maar je voelt dat het een mooie mens is. Geen trash talking met hem, dat zou geen zin hebben.' 'Ik heb het geluk gehad dat het vaak onze meest vooruitgeschoven middenvelder of onze aanvallers waren die met hem te maken kregen. Je hebt je handen vol aan hem. Hij is echt indrukwekkend. Hij heerst op het veld, hij staat echt stevig op zijn benen. Bovendien heeft hij het geluk dat hij kan rekenen op veel spelers met enorme kwaliteiten die vóór hem spelen, wat de ideale omstandigheden schept waarin hij zijn kwaliteiten kan benutten. Omdat Brugge een soort handbal speelt, kan hij voortdurend in duel gaan. Ze zetten veel druk wanneer ze de bal verliezen en als je die verovert is het lastig om er één tegen één uit te komen. Hij en Mats Rits doen niks liever dan verdedigende omschakeling. 'Bovendien heeft Eder goeie voeten. Anders zou hij natuurlijk niet op dat niveau spelen. Om een belangrijke speler te worden bij Club, moet je technische bagage koppelen aan duelkracht en uithoudingsvermogen. Philippe Clement kennende kiest hij tussen Eder en Mats in functie van de tegenstander en de vorm van het moment. Ik vind hen gelijkwaardig. Uiteindelijk is dat een luxeprobleem voor Club: ze hebben twee waardevolle spelers voor één positie.' 'In het systeem dat Brugge tegenwoordig hanteert, heeft hij een eenvoudige rol: de bal recupereren en hem zo snel mogelijk inspelen. 'Maar zijn sterkte is dat hij hoger op het veld werd gevormd en dat hij daar dus nog wat van overgehouden heeft. Hij heeft een goeie balbehandeling en hoeft maar even aan de bal te zijn om de ploeg ervan te laten profiteren. Bij balverlies is het een echte ambetanterik, hij blijft je opjagen, alsof hij drie longen heeft. Ook qua positiespel is hij intelligent. Dus ik of een andere nummer 8 weten wat gedaan: je moet hem beletten om zijn spel te ontwikkelen, hem dwingen om kort te spelen. Want als je hem de tijd geeft om zich te organiseren, dan wordt Club Brugge al snel onbespeelbaar.' 'Ik vind hem niet bepaald de technisch sterkste verdediger van de competitie, maar in het duel, op atletisch vlak, is het wat anders. Wat mij vooral opvalt is dat hij op zijn twintigste al speelt als een ouwe rot. Zijn positiespel is uitstekend. Hij kleeft je ook negentig minuten lang op de huid. Typisch zo'n beenharde verdediger, een beetje gemeen, die geen woord tegen je zegt. Dat maakt het nog frustrerender. Hij zegt niks, maar hij duwt en trekt aan je shirt. Hij is altijd daar, als een schaduw. Hij doet zijn job, en dat respecteer ik, maar voor een aanvaller is het echt de hel.' 'Ze hadden me gewaarschuwd voor Ruud, dus ik wist dat ik een moeilijke match tegemoet ging. Hij is immers heel ervaren, ook in de Champions League, en gaat stevig in de duels. Kortom, zo'n match waarvan je weet dat je er echt zult moeten staan. 'Over het algemeen - en zeker bij balverlies - moet je maximaal anticiperen bij hem. Je moet sneller kijken dan hij. Vormer en Vanaken zwerven vaak naar de flank, dus je moet hen volgen maar er ook op letten dat je het spel niet te ver opentrekt. 'Het lastige is dat hij, van zodra je de bal krijgt, meteen in duel gaat en je verplicht om in een fractie van een seconde een beslissing te nemen. Zo word je automatisch gedwongen om een groot risico te nemen. Ikzelf ben van nature vrij rustig aan de bal, dus mij stoort dat zo niet, maar laten we zeggen dat je toch net iets creatiever moet zijn dan anders.''Bas Dost is een vrij complete spits. Op het eerste gezicht een grote speler, een typische targetman zou je denken. We waren vooraf gebriefd dat hij erg goed was, maar hij bleek nog beter. Wat me vooral opviel, was hoe beweeglijk hij is, technisch onderlegd ook. En vooral: hij speelde erg simpel. Ik schrok toch van zijn impact, ik had die niet zo groot verwacht. Natuurlijk blijft zijn grote sterkte het gemak waarmee hij goals maakt, maar mij blijft vooral bij hoe beweeglijk hij in de zestien meter is. Ook met een goal tegen ons: hij vertrekt achter Van den Buijs en komt er toch nog net voor, net op het juiste moment om te scoren. 'Voor zijn komst was Club al een vrij complete ploeg. Met hem erbij hebben ze een speler die hen toelaat op verschillende manieren aanvallend te voetballen. Hij voelt ook aan hoe hij tegen verschillende spelers moet aantreden. Ik had het gevoel dat hij tegen mij niet meteen de kopduels opzocht. Niet dat hij de duels schuwde, maar hij gaat de duels op het juiste moment in de goeie omstandigheden aan. Een hele slimme speler, die ook enorm positief coachte naar zijn medespelers toe, dat viel me ook op. En hij gebruikt zijn lichaam heel goed. Misschien is hij op dit moment wel de meest complete spits in België.' 'Met László Bölöni pasten we jarenlang mandekking toe. Vaak was ik degene die zich met Hans moest bezighouden. Het kan misschien vreemd klinken, maar hij is zeker niet de moeilijkste speler in de Pro League om te schaduwen. Hij is immers geen kleine, snelle jongen die overal loopt. 'Maar het is wel zo - zeker omdat hij niet één kwaliteit heeft die erboven uitsteekt en hij erg compleet is - dat je altijd heel aandachtig moet blijven met hem. Je moet hem overal volgen, want waar hij zich ook bevindt op het veld, hij kan altijd voor gevaar zorgen. Je mag hem de kans niet geven om rond te kijken, want hij leest het spel heel goed. Het is geen Vormer, die graag diep gaat, of een Verschaeren of Benavente die het verschil maken met een dribbel. Neen, Hans creëert meer vanop een afstand, hij heeft soms maar één blik nodig om in actie te schieten. Hij leest het spel sneller dan de anderen, dus je moet hem daar de tijd niet voor geven.' 'Ik weet dat ik een zeer slechte avond beleefd heb met hem... ( lacht) Nee, serieus, er is me iets opgevallen. Het jaar voordien had ik nog het beeld van de adolescent aan het eind van zijn groei. Rank en slank, nogal frêle. Maar opeens kreeg ik een volwassene tegenover mij. En ik kan je verzekeren dat hij nog maar weinig had van de magere spits op wie ik dacht te moeten verdedigen. Dat bracht me even in de war. Toen ik die mooie babyface voor me zag, dacht ik: amai, in Brugge kweken ze nogal spieren. Precies of er tien centimeters waren bij gekomen. Maar het waren geen centimeters, het waren spieren. Het was echt imposant. 'Dat geeft hem meteen de allure van een echte aanvaller, die de bal kan afschermen met zijn lichaam. Maar enkele dagen ervoor zag ik hem nog linksback spelen en dat deed hij ook prima. 'De moeilijkheid voor mij op dat moment, was dat hij heel de tijd afhaakte, omdat hij geen echte 9 is. Hij speelde eerder als een nummer 10. Je moet dan opletten dat je je niet laat meelokken en ruimte laat vallen. Maar dat is gemakkelijker gezegd dan gedaan, je laat je toch vangen. Hij heeft ons het leven zuur gemaakt. Hij versnelde drie keer en telkens deed het pijn. Ik denk dat hij alles heeft om een grote carrière te maken.' 'In het systeem van de coach moeten we het 'probleem' van de flankaanvaller met tweeën oplossen. In onze laatste confrontatie met Club Brugge ( 0-1 voor Gent op 20 december, nvdr) betekende dat dus dat ik zo goed mogelijk moest communiceren met Andreas Hanche-Olsen om te weten hoe en waar we hem moesten nemen. Want over het algemeen is het de bedoeling van een flankspeler die aanvalt tegen een 3-5-2, zoals Okereke tegen ons, om de ruimte te vinden die wordt vergeten tussen de wingback en de rechtse centrale verdediger. 'Het is vervelend om te verdedigen tegen een speler die zo snel is als Okereke. Het voordeel is dan weer dat als je tegen Brugge speelt, je elke speler al kent voor de theorieles begint. Je weet dat de sterkte van Okereke, als rechtsvoetige op links, is dat hij voortdurend naar binnen komt. Onze taak, als verdedigers, is om hem te verplichten op de flank te blijven en een voorzet te trappen met zijn slechte voet. Als je daarin slaagt, krijg je een gemakkelijkere match. Als het niet lukt, dan zal het je beste dag niet zijn.' 'Ik had er onlangs een heel ferme kluif aan. Hij kan naar binnen draaien, buitenom gaan, heeft zo'n korte draaicirkel, een versnelling ook. En hij is technisch sterk. Bovendien krijgt hij een vrije rol, wat het extra moeilijk maakt.'Ik heb me voorbereid door, naast de teamtalk, ook individueel veel beelden te bekijken. Onze videoanalist had er een pak klaargezet en verder is het eenvoudig hé: op YouTube staat genoeg. 'Het bijkomende probleem bleek voor de rust ook het mee oprukken van Sobol en daarna Denswil. Dan moet je ook nog eens kiezen. Hem opvangen met een dubbele dekking is een optie, maar ik heb zelf meegetraind met de A-ploeg in Brugge, als belofte, en ook onder Philippe Clement: in Brugge hebben ze zoiets niet liever. De man in vorm laten ze daar graag wat in de picture, zodat anderen kunnen profiteren. Als je twee man plakt op een speler, speel je hen in de kaart. 'Een andere optie is hem kort dekken, maar dan moet je opletten voor die draaicirkel, of wat steviger aanpakken en proberen in te spelen op zijn emoties. Hem zo uit zijn concentratie halen. Maar momenteel zit hij in zo'n flow dat er weinig af te stoppen valt.'