Er was onlangs heel wat te doen over de wisselvallige prestaties van Jordan Lukaku bij de Rode Duivels. Iedereen herinnert zich ook nog de moeilijke match van Jason Denayer tegen Wales in de kwartfinales van het EK. En in een wedstrijd met minder belang, vriendschappelijk tegen Italië op 13 november 2015, had Pedro Cavanda slechts 66 minuten nodig om zijn laatste hoop op een selectie voor het EK te begraven.
...

Er was onlangs heel wat te doen over de wisselvallige prestaties van Jordan Lukaku bij de Rode Duivels. Iedereen herinnert zich ook nog de moeilijke match van Jason Denayer tegen Wales in de kwartfinales van het EK. En in een wedstrijd met minder belang, vriendschappelijk tegen Italië op 13 november 2015, had Pedro Cavanda slechts 66 minuten nodig om zijn laatste hoop op een selectie voor het EK te begraven. Het shirt van de nationale ploeg doet enigszins dienst als een soort waarheidstest. Want waar je zou kunnen zeggen dat onder de druk van een interland de echte leiders opstaan, is het omgekeerde ook waar en kunnen de minuten die (te) lang op de grasmat worden doorgebracht uitgroeien tot echte trauma's. Voor de sterkste schouders betekent het niet meer dan een accident de parcours, maar voor degenen die niet de ervaring hebben van een Franky Van der Elst of een Bertrand Crasson, betekent het dat ze weer in de anonimiteit verdwijnen. Sommigen koesteren twintig jaar na de feiten nog wrok, terwijl anderen besloten hebben om er maar eens mee te lachen. Maar allen zijn ze zich ervan bewust: een blunderpartij bij de nationale ploeg betekent - in tegenstelling tot een minder match in clubverband - een publieke vernedering.'Ik wist die avond snel dat er wat aan de knikker was. Maar er was gewoon niks aan te doen. Ik zat niet in de match en Marc Overmars was veel beter. Zo gaat het in het voetbal: de ene keer ben je de hamer, de andere keer het aambeeld. Er is enerzijds wat je ziet, en anderzijds wat er gebeurt. Niet te vergeten: heel de voorbereiding speelden we 4-4-2 en twee dagen voor de match tegen Nederland werd het opeens 3-5-2. Ik stond op mijn flank alleen tegenover Arthur Numan en Overmars, zonder enige rugdekking. Het is bijna een mirakel dat we 25 minuten lang de nul wisten te houden. In elk geval had Georges Leekens gelijk dat hij me verving, want ik vond het juiste ritme niet. 'Nadat Eric Deflandre in mijn plaats kwam, ging het beter, maar dat kwam zeker ook doordat Lorenzo Staelens, die in de rol van een klassieke libero speelde, hem ter hulp kwam. Niettemin kan ik weinig zeggen om me te verdedigen. Je had die avond een brommertje nodig om Marc Overmars bij te houden. Elke keer dat hij een trucje uithaalde, was ik gezien. In de rug gepakt, in snelheid gepakt, het gebeurde allemaal. Verschrikkelijk! Maar ook Vital Borkelmans beleefde een lastig avondje op de andere flank tegen Clarence Seedorf. 'Natuurlijk ben je na zo'n match ontgoocheld, zit je in zak en as en slaap je die nacht niet, vanwege de hele context: een WK, Stade de France... Het blijft de slechtste herinnering uit mijn carrière. Gelukkig hadden we een goeie groep, met Enzo Scifo, Danny Boffin, Marc Wilmots en Philippe Vande Walle, die me direct gesteund hebben. Het ergste was nog de reactie van Leekens die me voor de volgende match tegen Mexico influisterde: 'Maak je geen zorgen. Als Eric blundert, dan kom jij er weer in.' Een rare manier om de zaken te bekijken... In elk geval realiseerde ik me wel dat het WK er voor mij op zat. Ik heb trouwens altijd een ingewikkelde verhouding gehad met de nationale ploeg.' 'Er was een slechte sfeer in de groep. Jaloezie, weinig mentaliteit, en alles zat ook tegen. Geen goed moment om te debuteren in de nationale ploeg, maar op mijn 32e was dat een unieke kans die ik met twee handen moest grijpen. Ik heb dat niet gedaan en bij de eerste goal van Darijo Srna ga ik duidelijk in de fout. Ik verwachtte een voorzet, maar hij schoot met de buitenkant van de voet. Dat was een flinke klap, want alle ogen waren voor de match al op mij gericht, als nieuweling. Dat ik in een moeilijke periode zat met Excelsior Mouscron, maakte het er niet gemakkelijker op. 'Als dan dat eerste tegendoelpunt al na tien minuten valt, dan voel je je slecht en verantwoordelijk, maar het was niet zo dat mijn handen opeens begonnen te beven, want ik had tenslotte al zowat 250 matchen in eerste klasse gespeeld. Ik denk dat het nog wel goed had kunnen komen als we een van de kansen hadden benut om gelijk te maken, maar we zijn uiteindelijk met z'n allen ten onder gegaan. Ik denk niet dat ik me bij de andere drie tegengoals iets te verwijten had - misschien bij de laatste - maar het kwaad was geschied. 'Na zo'n match heeft het geen zin om met de trainer te praten, zelfs niet met je medespelers. De sfeer was trouwens zo verziekt dat de groep ervoor gekozen had om al dezelfde avond naar België terug te vliegen. Het is zonder twijfel de slechtste herinnering uit mijn carrière. Nu, het voordeel van zo'n slechte ervaring is dan weer dat ik me als keeperstrainer gemakkelijk in de plaats van die jongens kan stellen. Na een blunder of een slechte match is het belangrijk om die zo snel mogelijk te vergeten.' 'Tegen Turkije was die eerste goal van Hakan Sükür mijn fout. Daar ben ik me altijd van bewust geweest. Maar de analyse die men daarvan gemaakt heeft, was niet correct. Men zei dat ik niet scherp genoeg had gereageerd, maar de enige fout die ik in die actie maakte, was dat ik de bal liet botsen. Dat was de verkeerde keuze, want Sükür was op volle snelheid. Op zulke momenten wil je onder de grond kruipen, maar ik wist dat dat geen oplossing was. Na de rode kaart ben ik van het veld gegaan en heb ik me direct verontschuldigd bij Robert Waseige. Nadien heb ik ervoor gekozen om op alle vragen van de journalisten te antwoorden. Ik wou de gevolgen onder ogen zien, want weglopen haalt niks uit, en ik moet zeggen dat ik trots ben dat ik zo gereageerd heb, dat ik mijn waardigheid behouden heb. Dat neemt niet weg dat ik nog geregeld met die beelden geconfronteerd word. Gelukkige spaart mijn familie me wat. Ik heb de beelden nog niet op een groot scherm te zien gekregen bij een verjaardagsfeestje... (lacht) 'Op dat EK was ik al 35, bijna 36, en had ik een dertigtal interlands gespeeld, waaronder één WK, maar ik was eerlijk gezegd nog niet van plan om mijn internationale carrière stop te zetten. Ik denk ook niet dat dat nodig geweest was zonder die twee fouten, de rode kaart en de vier matchen schorsing die ik kreeg. Maar nu was het natuurlijk over en uit. De Rode Duivels hadden mij niet meer nodig en ik had geen zin meer in de druk om de nummer een van België te zijn. Wat wel jammer is, is dat ik vaak denk: ik had beter nog voor dat EK kunnen stoppen. Of je het nu wilt of niet: mijn verleden bij de nationale ploeg zal daar altijd wat door overschaduwd blijven. Op dat moment zelf was het voor mij persoonlijk best zwaar. Na het EK ben ik met vakantie vertrokken met mijn familie. Ik had er nood aan om me wat te isoleren, wat afstand te nemen van het voetbal. En ik ben er wel fier op dat ik het snel achter mij heb kunnen laten. Eind augustus kwalificeerde ik me met Anderlecht tegen FC Porto voor de Champions League, waarin we dat seizoen groepswinnaar werden en de tweede ronde haalden.' 'Hetgeen ik me vooral herinner van die België-Nederland, is dat het waarschijnlijk gemakkelijker was om mij te vervangen dan Marc Degryse. Je moet weten: ik stond in mijn zone tegenover Michael Reiziger, Seedorf, Aaron Winter en Edgar Davids en liep me te pletter terwijl Degryse ernaar stond te kijken. 'Voor de match had Wilfried Van Moer gezegd dat hij me in de basis wilde zetten, ook al speelde ik niet veel bij mijn club. Hij vroeg me of ik daar klaar voor was en ik zei dat ik me goed voelde. Zo werd ik linksback, achter Marc Degryse. Het probleem was dat Marc voor zichzelf speelde in plaats van zich in te spannen voor de ploeg. Maar ik was vooral kwaad op Van Moer, omdat ik op mijn 22e wél doorhad wat er moest gebeuren. Maar het was niet aan mij om tegen Degryse te zeggen dat hij mee moest verdedigen. Ik heb nooit geweten wat er scheelde met Van Moer. Zag hij het tactisch gewoon niet, of had hij niet genoeg invloed om zijn keuzes op te leggen aan Degryse? 'Ik had graag gehad dat Wilmots me kwam helpen. Ik was graag in de plaats geweest van Deflandre die op zijn flank de steun had van Willy, maar neen, ik moest het met Degryse doen... Toen ik in de 35e minuut vervangen werd door Nico Van Kerckhoven, kon ik Degryse wel wurgen, maar ik heb gezwegen. Ik ben naar de kleedkamer gegaan, heb gedoucht en van de rest van de match herinner ik me niks meer. Ik zou zelfs niet kunnen zeggen wat het resultaat was, zo gedegouteerd was ik. Men heeft gezegd dat die match de oorzaak was dat ik niet geselecteerd werd voor het WK'98, maar dat klopt niet. Georges Leekens heeft een tijdje geleden in Sport/Voetbalmagazine gezegd hoe de vork in de steel zat. Op een stage in Marokko had ik de hand geschud van Emmanuel Petit, Thierry Henry en David Trezeguet, mijn ploegmaats bij Monaco. Volgens Leekens getuigde dat van een gebrek aan groepsgevoel. Daarom heeft hij naar het schijnt Vital Borkelmans meegenomen.' 'Ik heb maar één slechte match gespeeld met de Rode Duivels, maar die achtervolgt me twintig jaar later nog altijd! (lacht) Neen, serieus, die België-Spanje blijft een nare herinnering, niet alleen vanwege mijn eigen prestatie, maar ook omdat die match definitief de deur sloot naar het EK'96. Ik weet nog dat ik die avond enorm veel gelopen heb en bijzonder afgezien heb tegen een kleine Spanjaard met Braziliaanse roots (Renato, nvdr). Hoe meer de match vorderde, hoe meer balcontroles ik miste en hoe meer passes de mist in gingen. Al snel begon het publiek te fluiten. Ik wou dat de match gedaan was, ik zie me nog naar het scorebord kijken met het gevoel dat de tijd stilstond. Ik bevond me op het veld, maar ik had er geen zin meer in, ik wilde alleen dat het voorbij zou zijn. 'Dat ik die avond al 33 jaar was, maakte eigenlijk de beslissing om met de nationale ploeg te stoppen wat gemakkelijker. Op je 23e kun je niet gaan lopen, maar op je 33e en met drie WK's op je palmares ligt dat anders. Enkele dagen na de match heb ik Paul Van Himst gebeld om te zeggen dat ik stopte en dat het nu aan de jongeren was, zoals Johan Walem. Ik was zo gedegouteerd door de reacties van het publiek dat ik me niet kon voorstellen dat ik ooit nog voor de Rode Duivels zou spelen (uiteindelijk zou hij drie jaar later zijn comeback maken onder Georges Leekens, nvdr). 'Enkele minuten na de match kwam mijn zoon met een vriendje in tranen de kleedkamer binnen - ik heb nooit begrepen hoe ze daar geraakt waren. Dat ik mijn zoon van dertien zag huilen om wat hij negentig minuten lang over zijn vader had gehoord, dat blijft het ergste moment uit mijn carrière. Je kunt over mijn prestatie van die avond zeggen wat je wilt, maar zo'n haat tegenover mij heb ik nooit meer meegemaakt.'Martin Grimberghs