Door Tom Peeters
...

Door Tom PeetersOndanks de coronacrisis rolde het geld tijdens de zomermercato vlot. We zijn zo gewend geraakt aan monsterbedragen dat niemand zich nog verslikt in z'n koffie wanneer hij leest dat Kai Havertz voor 77 miljoen euro verhuist naar Chelsea of Victor Osimhen, door Charleroi ooit gekocht voor 3,5 miljoen euro, voor 70 miljoen naar Napels. Maar is het wel zo normaal? Nee, vindt Niels Verborgh, sportrechtadvocaat bij Atfield. Meer zelfs, hij betoogt dat het transfersysteem ingaat tegen de Belgische en Europese juridische regels. 'We vinden het pervers dat clubs vóór Bosman dienden te betalen voor contractvrije spelers. Maar de huidige situatie heeft evenzeer perverse trekken.' Verborgh is niet de enige die er zo over denkt. Philippe Piat, topman bij spelersvakbond FIFPro, noemde het systeem ooit 'neigend naar slavernij.' Vier argumenten ter afschaffing van het transfersysteem. 'Op zich is een transfersom niet illegaal', stelt Verborgh. 'Het is een vergoeding voor het beëindigen van een arbeidsovereenkomst.' Problematisch wordt het wanneer die proporties aanneemt die het vrije verkeer van werknemers verhinderen. De sommen liggen in het voetbal veel hoger dan wat de Belgische arbeidswetgeving voorschrijft. 'Bij een transfer heeft een ploeg een budget voor ogen. Het interesseert hen niet hoeveel delen van de taart naar de andere club dan wel de speler gaan. Maar elke euro extra voor de transfersom is een euro die de speler misloopt.' Door het prijskaartje heeft een speler bovendien minder keuze. 'Veel clubs kunnen het loon van Raphael Holzhauser betalen, maar minder clubs kunnen daarbovenop een transfersom leggen.' Verkopende clubs zijn ook geneigd om te kiezen voor transfers waaraan ze zelf het meeste verdienen en hebben zo controle over hun spelers. 'Al is het in de praktijk soms anders, zeker in het geval van topspelers. Sommigen brengen een ziektebriefje binnen als ze niet mogen vertrekken naar de club van hun keuze. Een vorm van rebellie die je in andere sectoren bijna nooit ziet.' Het voorgaande betekent dat het transfersysteem in strijd is met het vrije verkeer van personen. Een afschaffing zou leiden tot hogere spelerslonen. Is dat nodig? Misschien wel. De vetpotten zijn enkel bestemd voor een keur van topspelers, het gros vangt minder. In 2016 rapporteerde FIFPro dat 45 procent van de wereldwijde profs minder dan 815 euro per maand verdient. Vier Spaanse clubs, vier Duitse, drie Engelse, drie Italiaanse, één Franse en één Portugese bekampen elkaar in de achtste finale van de Champions League. De facto is het een gesloten competitie. De reden is simpel: de meest gegoede clubs hamsteren de beste spelers. Economisch gezien vormen zij een kartel, een illegale overeenkomst die de onderlinge concurrentie vermindert. Dat gaat lijnrecht in tegen het Europese mededingingsrecht, de wetten die de concurrentie tussen bedrijven vrijwaren. 'Nochtans beweert de FIFA dat transfers net nodig zijn om middelen te herverdelen', aldus Verborgh. 'Vergelijk het met een waterval: aan de bron zitten de rijke clubs, maar ook de clubs stroomafwaarts profiteren. Volgens studies is evenwel het tegendeel waar.' Twee derde van het door G5-clubs gespendeerde transfergeld gaat naar andere G5-clubs. Slechts een pruts belandt bij kleinere clubs. Met het transfersysteem beoogde de FIFA stabiliteit voor spelers en clubs. In de praktijk, meent Verborgh, bestaat die slechts tot op het moment dat een club wil cashen. 'Doet een speler zijn contract uit, dan heb je als sportdirecteur slecht gewerkt.' Clubs hanteren trucs om hun spelers te laten bijtekenen dan wel oprotten. De dreiging van bank of B-kern. 'Er zijn genoeg voorbeelden van spelers die naar de uitgang worden gepest. Omdat de club een transfersom wil opstrijken, terwijl het voor de speler lucratiever is om pas elders te tekenen wanneer zijn contract afloopt.' Vanuit het standpunt van kleine clubs is het enigszins begrijpelijk. Het gebrek aan solidariteit uit het vorige puntje doet hen op het randje van bankroet opereren. Ze begeven zich op de transfermarkt als op de beurs: goedkoop kopen, duur verkopen. Waardoor spelers per definitie passanten zijn. 'Bekijk de ploegfoto's in jullie competitiespecial en je weet genoeg. Zwitsers onderzoek toont aan dat enkel rijke ploegen een stabiele kern hebben.' Stefan Kesenne, emeritus professor sporteconomie, becijferde dat makelaars jaarlijks 900 miljoen euro uit het voetbal halen. Doordat zij veelal betaald worden door de clubs, gaan ze soms tegen het belang van hun klanten, de spelers, in. 'Sommigen gaan daar ver in', aldus Verborgh. 'Ze verzwijgen aanbiedingen waarin hun commissie te laag ligt.' Een afschaffing van het voor hen zo lucratieve systeem zet makelaars buitenspel. Ook andere uitwassen - witwassen, belastingontduiking, mensenhandel - verdwijnen wanneer de transfermarkt z'n gebrek aan transparantie verliest. Het huidige transfersysteem is een compromis tussen de FIFA, de UEFA en de Europese Commissie. In 2015 diende de FIFPro een klacht in, maar die liet het vallen nadat de FIFA de scherpe kantjes van het systeem vijzelde. Een nieuwe klacht kwam er nog niet. 'Er zijn wel spelers die het systeem in twijfel trokken. De bekendste is Tibor Balog van Charleroi, die in 1998 naar het Europees Hof van Justitie trok. Een dag voordat de advocaat-generaal een advies zou bekendmaken, trok hij zijn zaak in. Naar verluidt deed de FIFA hem een voorstel dat hij niet kon weigeren. Hij won toen Euromillions.' Toch denkt Verborgh dat een nieuwe rechtszaak een prima kans maakt. Als een speler nu doorzet, acht ik de kans zeer groot dat hij uiteindelijk wint. Maar de weg ernaartoe is ellenlang.' De FIFA dicteert de regels en legt zware straffen op voor wie die niet volgt. Het Duitse SV Wilhemshaven weigerde ooit een opleidingsvergoeding te betalen. De club kreeg gelijk van de rechtbank, maar pas na een verplichte degradatie. Een rebellerende speler kan een verbod krijgen om zijn beroep uit te oefenen. Al zal er vroeg of laat een nieuwe Bosman opstaan.'