Als een spits bij Waasland-Beveren één belangrijke kwaliteit moet hebben, dan is het wel een onwankelbaar geloof. Want de ballen die hij krijgt aangespeeld, omzetten in kansen is soms even lastig als de toppen van de Himalaya beklimmen. En vaker moet hij achter de verdedigers aan lopen dan dat hij de kans krijgt om hén zijn hielen te tonen. 'De sterkte van Michael Frey is de manier waarop hij voor de ploeg werkt', vertelde zijn ploegmaat en landgenoot Leonardo Bertone enkele maanden geleden. De Zwitser, een zomeraankoop van Brian Priske, is een strijdende spits.
...

Als een spits bij Waasland-Beveren één belangrijke kwaliteit moet hebben, dan is het wel een onwankelbaar geloof. Want de ballen die hij krijgt aangespeeld, omzetten in kansen is soms even lastig als de toppen van de Himalaya beklimmen. En vaker moet hij achter de verdedigers aan lopen dan dat hij de kans krijgt om hén zijn hielen te tonen. 'De sterkte van Michael Frey is de manier waarop hij voor de ploeg werkt', vertelde zijn ploegmaat en landgenoot Leonardo Bertone enkele maanden geleden. De Zwitser, een zomeraankoop van Brian Priske, is een strijdende spits. De stijl van Frey doet soms wat aan rugby denken. Ellebogen en schouders gebruiken en spelers wegduwen in die zone van het veld waar je alleen kunt hopen op enkele meters terreinwinst, enkele seconden voorsprong of eventueel een overtreding. Waardevolle gevechten voor de mannen van de Freethiel, maar ze werden ook opgemerkt door Antwerp, dat voor dit seizoen meer energie in huis wilde halen. Meer nog dan de topschutter van Waasland-Beveren was Frey immers ook zijn beste krijger. Naast het karuur van een kleerkast en een snedige sprint beschikt de Zwitserse aanvaller over een relatief compleet gamma aan kwaliteiten. Hij kan zijn mannetje staan met de rug naar doel, maar ook ruimte zoeken in de rug van een verdediging. Hij is sterk, maar niet onhandig wanneer hij zijn vizier moet richten: hij had vorig seizoen een van de beste afwerkingspercentages in eerste klasse. En dat allemaal in een ploeg die niet in staat was om hem de goals op een schoteltje aan te bieden, want Aboubakary Koita ondernam vaker een persoonlijke actie dan dat hij een goeie pass verstuurde. Omdat Frey vaak het verschil moest maken voordat hij hulp kreeg, en altijd tegenover een meerderheid aan tegenstanders, is het een vraagteken of hij minder afval in zijn spel zal hebben naarmate hij betere ballen krijgt. Zijn profiel staat op de Bosuil alleszins in schril contrast met dat van Dieumerci Mbokani, die zeker zijn gelijke niet kende als het ging om onmogelijke ballen te benutten, maar op verdedigend vlak nogal afwezig was. In het voetbal van Priske moet een diepe spits absoluut energiek zijn en op papier lijkt zijn casting dus logisch. Het valt nog wel af te wachten hoe Frey zich uit de slag zal trekken wanneer een bescheiden tegenstander de Great Old opwacht aan zijn eigen grote rechthoek. De Zwitser lijkt namelijk altijd meer op zijn gemak wanneer hij met de bal aan de voet zijn tegenstanders omver kan kegelen op weg naar de goal. Een smalle gang is minder handig wanneer er een kleerkast door moet.