In ons land wordt talent doorgaans vrij vroeg geselecteerd. 'En dat gebeurt voornamelijk op basis van prestaties', zegt Joric Vandendriessche , die op 1 juni zijn job als topsportcoördinator bij Voetbalfederatie Vlaanderen en als nationaal jeugdtrainer bij de KBVB laat staan om sportief coördinator bij SV Zulte Waregem te worden.

Op eliteniveau is bij de U14 zelfs 75 procent van de spelers geboren in de eerste jaarhelft

'Doordat het talent doorgaans al vroeg op basis van prestaties wordt gerekruteerd, worden 'besmettende factoren' zoals het effect van de geboortemaand in stand gehouden. Dat betekent dat er meer kinderen worden geselecteerd die vroeg op het jaar geboren zijn dan laat op het jaar. Op eliteniveau is bij de U14 zelfs 75 procent geboren in de eerste jaarhelft. Hoe meer we in een prestatieomgeving komen, hoe meer uitgesproken deze scheefverdeling wordt. Dat komt omdat wie vroeg op het jaar geboren is, gemiddeld genomen iets groter en sterker is en verder staat in zijn ontwikkeling dan de anderen. Deze spelers bieden meer kans om op korte termijn een wedstrijd of een competitie te winnen, maar de vraag is: zijn dit ook de grootste talenten op lange termijn?'

Een ander fenomeen is dat van de laatrijpe spelers: voetballertjes met een achterstand in biologische leeftijd. Ook zij zijn vatbaar voor die vroege selectie op basis van prestaties. Bij de nationale jeugdploegen werden in 2008 onder impuls van Bob Browaeys de Future-teams opgestart om ook laatrijpe spelers optimale ontwikkelingskansen en succesbeleving op topniveau te kunnen aanbieden.

Studies leren ons dat relatief gezien meer spelers die laat in het kalenderjaar geboren zijn én ook laatmatuur zijn, de top halen dan spelers die vroeg in het kalenderjaar geboren zijn en vroegmatuur zijn

'Studies leren ons dat relatief gezien meer spelers die laat in het kalenderjaar geboren zijn én ook laatmatuur zijn, de top halen dan spelers die vroeg in het kalenderjaar geboren zijn en vroegmatuur zijn', weet Vandendriessche. 'Dat is omdat ze hun fysieke achterstand vaak moeten compenseren met een verhoogde mentale weerbaarheid, met een groot leervermogen en met het nemen van correcte en snelle beslissingen op en naast het veld.'

Het vraagt inzicht en expertise om 'high performers' te onderscheiden van 'high potentials

Hij haalt als voorbeelden Dries Mertens,Yannick Carrasco, Thomas Vermaelen, Marouane Fellaini en Sven Kums aan. "Ook Thibaut Courtois is een mooi voorbeeld van een laatrijp profiel', aldus Vandendriessche. 'Toen hij vijftien was, waren er op de topsportschool en in zijn club veel twijfels. Maar zijn topattitude hield hem overeind. In het Engels heet dit een 'whispering talent'. Maar laat je dergelijke jongens vallen, omdat er op dat moment krachtiger jongens beter presteren, dan deemsteren die waardevolle profielen weg in de anonimiteit. Het vraagt inzicht en expertise om op die leeftijd de grote talenten, die op dat moment 'high performers' zijn maar niet doorbreken op latere leeftijd, te onderscheiden van 'high potentials' met de potentie om de top te kunnen bereiken.

De meest uitdagende periode tijdens de jeugdopleiding is de fase dat de jeugdspeler doorstroomt naar de B-kern en finaal naar de A-kern, besluit Vandendriessche. 'Junior turning into senior player. De mentale weerbaarheid wordt dan enorm uitgedaagd en opgetraind. Laatmature en later op het jaar geboren spelers overleven deze transitfase makkelijker door de 'struggle for life' die ze al moesten voeren. Verder is het cruciaal om als club een vertrouwensomgeving te creëren waarbij 'high potentials' maximale doorontwikkelingskansen krijgen. Het individuele proces voorop!'

In ons land wordt talent doorgaans vrij vroeg geselecteerd. 'En dat gebeurt voornamelijk op basis van prestaties', zegt Joric Vandendriessche , die op 1 juni zijn job als topsportcoördinator bij Voetbalfederatie Vlaanderen en als nationaal jeugdtrainer bij de KBVB laat staan om sportief coördinator bij SV Zulte Waregem te worden.'Doordat het talent doorgaans al vroeg op basis van prestaties wordt gerekruteerd, worden 'besmettende factoren' zoals het effect van de geboortemaand in stand gehouden. Dat betekent dat er meer kinderen worden geselecteerd die vroeg op het jaar geboren zijn dan laat op het jaar. Op eliteniveau is bij de U14 zelfs 75 procent geboren in de eerste jaarhelft. Hoe meer we in een prestatieomgeving komen, hoe meer uitgesproken deze scheefverdeling wordt. Dat komt omdat wie vroeg op het jaar geboren is, gemiddeld genomen iets groter en sterker is en verder staat in zijn ontwikkeling dan de anderen. Deze spelers bieden meer kans om op korte termijn een wedstrijd of een competitie te winnen, maar de vraag is: zijn dit ook de grootste talenten op lange termijn?'Een ander fenomeen is dat van de laatrijpe spelers: voetballertjes met een achterstand in biologische leeftijd. Ook zij zijn vatbaar voor die vroege selectie op basis van prestaties. Bij de nationale jeugdploegen werden in 2008 onder impuls van Bob Browaeys de Future-teams opgestart om ook laatrijpe spelers optimale ontwikkelingskansen en succesbeleving op topniveau te kunnen aanbieden.'Studies leren ons dat relatief gezien meer spelers die laat in het kalenderjaar geboren zijn én ook laatmatuur zijn, de top halen dan spelers die vroeg in het kalenderjaar geboren zijn en vroegmatuur zijn', weet Vandendriessche. 'Dat is omdat ze hun fysieke achterstand vaak moeten compenseren met een verhoogde mentale weerbaarheid, met een groot leervermogen en met het nemen van correcte en snelle beslissingen op en naast het veld.' Hij haalt als voorbeelden Dries Mertens,Yannick Carrasco, Thomas Vermaelen, Marouane Fellaini en Sven Kums aan. "Ook Thibaut Courtois is een mooi voorbeeld van een laatrijp profiel', aldus Vandendriessche. 'Toen hij vijftien was, waren er op de topsportschool en in zijn club veel twijfels. Maar zijn topattitude hield hem overeind. In het Engels heet dit een 'whispering talent'. Maar laat je dergelijke jongens vallen, omdat er op dat moment krachtiger jongens beter presteren, dan deemsteren die waardevolle profielen weg in de anonimiteit. Het vraagt inzicht en expertise om op die leeftijd de grote talenten, die op dat moment 'high performers' zijn maar niet doorbreken op latere leeftijd, te onderscheiden van 'high potentials' met de potentie om de top te kunnen bereiken. De meest uitdagende periode tijdens de jeugdopleiding is de fase dat de jeugdspeler doorstroomt naar de B-kern en finaal naar de A-kern, besluit Vandendriessche. 'Junior turning into senior player. De mentale weerbaarheid wordt dan enorm uitgedaagd en opgetraind. Laatmature en later op het jaar geboren spelers overleven deze transitfase makkelijker door de 'struggle for life' die ze al moesten voeren. Verder is het cruciaal om als club een vertrouwensomgeving te creëren waarbij 'high potentials' maximale doorontwikkelingskansen krijgen. Het individuele proces voorop!'