Trainers vallen snel van hun voetstuk. Philippe Montanier werd in het begin van het seizoen geprezen voor de manier waarop hij Standard leidde. Hij keek niet naar namen, maar alleen naar prestaties, er werd snel en fris gevoetbald. Onder hem, zo klonk het, zou Standard weer uitgroeien tot een borrelende vulkaan. Sterker nog, het werd in de strijd om de titel op een gegeven moment zelfs aanzien als een concurrent voor Club Brugge. Standard, zo kon je lezen en horen, had het wel degelijk bij het rechte eind toen het deze Fransman had aangetrokken, hij zorgde in alle opzichten voor een meerwaarde. Nu is hij dus na een vierde opeenvolgende nederlaag ontslagen en blijven er van die lovende woorden niets meer over.
...

Trainers vallen snel van hun voetstuk. Philippe Montanier werd in het begin van het seizoen geprezen voor de manier waarop hij Standard leidde. Hij keek niet naar namen, maar alleen naar prestaties, er werd snel en fris gevoetbald. Onder hem, zo klonk het, zou Standard weer uitgroeien tot een borrelende vulkaan. Sterker nog, het werd in de strijd om de titel op een gegeven moment zelfs aanzien als een concurrent voor Club Brugge. Standard, zo kon je lezen en horen, had het wel degelijk bij het rechte eind toen het deze Fransman had aangetrokken, hij zorgde in alle opzichten voor een meerwaarde. Nu is hij dus na een vierde opeenvolgende nederlaag ontslagen en blijven er van die lovende woorden niets meer over. Trainers worden gemeten aan recente uitslagen, zonder te kijken naar het kader waarin alles zich afspeelt. Bij Standard kan je bijvoorbeeld niet om de smalle kern heen, net zomin als om het gebrek aan stootkracht, ook al werd er voor dit compartiment 12 miljoen euro geïnvesteerd in drie jaar. Sommige dingen, zoals de transferpolitiek, heb je als trainer niet in de hand. Wat hoorde je in het begin van het seizoen bijvoorbeeld niet over Paul Clement, de trainer van Cercle? Hij had met aanvallend voetbal de grijsheid die al jaren rond Cercle hing gebannen, hij serveerde vrij en vrank voetbal en paste door zijn rust en nuchterheid perfect bij de vereniging. Nu zijn een aantal spelers niet meer in vorm en wankelt zijn positie, ook al geeft Cercle de indruk de gelederen te sluiten. Op een kruispunt staat Antwerp nu Ivan Leko allicht naar een Chinese club vertrekt. Het is opmerkelijk dat Antwerp hem daarbij geen strobreed in de weg legt. Omdat ze Leko de kans niet willen ontnemen veel geld te verdienen of omdat ze hem uiteindelijk toch niet aanzagen als de geschikte trainer voor deze club? Voor de 0-3-zege op Waasland-Beveren, anderhalve week geleden, borrelde er na een reeks mindere wedstrijden toch al wat kritiek op. Antwerp heeft een brede selectiegroep, er is veel kwaliteit. En voorzitter Paul Gheysens barst zo van de ambitie dat hij zichzelf dreigt voorbij te hollen. Maar Antwerp heeft ook een moeilijke kleedkamer. Leko is daar goed mee omgegaan. Op zijn manier. Hij is koppig en duldt geen inspraak. Ook niet toen er op een gegeven moment werd opgemerkt dat hij, ondanks zijn brede kern, wel heel weinig roteerde. Terwijl er echt goeie voetballers op de bank zitten. Leko gaat gewoon zijn gang. Dat deed hij ook bij Club Brugge. Met Bas Dost heeft Club Brugge nu de diepe spits binnengehaald waar het al een tijd naar speurde. De Nederlander moet passen in het profiel dat er werd gezocht: geen technisch verfijnde voetballer, verre van zelfs, maar een man van de zestien meter, een rommelaar als het ware, fysiek zeer aanwezig. De beste periode van de 31-jarige Dost ligt allicht achter de rug, hij was bij Eintracht Frankfurt geen basisspeler, maar de Bundesliga valt niet te vergelijken met de Jupiler Pro League. Dost moet echt iets aan Club kunnen toevoegen, net zoals Noa Lang dat met zijn snelheid en beweeglijkheid doet. Een groeidiamant die niet in egoïsme vervalt. Net zoals Charles De Ketelaere. De vraag is nu hoe Philippe Clement zijn ploeg (en middenveld) zal herschikken nu die weer een rij achteruit schuift. Terecht, want De Ketelaere is geen specifieke spits, daarvoor gaat hij te veel naar de bal. Variatiemogelijkheden heeft een trainer nooit genoeg. Een paar weken geleden zocht Clement nog verbeten naar de puzzel om zijn ploeg in mekaar te schuiven. Nu komt er nog een troefkaart bij. En lijkt Club weer de absolute titelkandidaat die het al voor het begin van de competitie was.