Eind de jaren tachtig. Ruud Gullit voetbalt voor het Italiaanse AC Milan. Wouter Vandenhaute, nog geen dertig, heeft met hem een afspraak om een interview te maken voor het weekblad Humo. Maar in Milaan zegt Gullit plots geen tijd te hebben voor het gesprek. De Nederlandse sterspeler stapt op een vliegtuig richting Rome. Vandenhaute springt in zijn gehuurde Fiat Panda en scheurt vijfhonderd kilometer naar het zuiden. 's Avonds krijgt hij in de Italiaanse hoofdstad Gullit alsnog voor zijn dictafoon.
...

Eind de jaren tachtig. Ruud Gullit voetbalt voor het Italiaanse AC Milan. Wouter Vandenhaute, nog geen dertig, heeft met hem een afspraak om een interview te maken voor het weekblad Humo. Maar in Milaan zegt Gullit plots geen tijd te hebben voor het gesprek. De Nederlandse sterspeler stapt op een vliegtuig richting Rome. Vandenhaute springt in zijn gehuurde Fiat Panda en scheurt vijfhonderd kilometer naar het zuiden. 's Avonds krijgt hij in de Italiaanse hoofdstad Gullit alsnog voor zijn dictafoon. Vandenhaute komt uit een middenklassegezin. Als zoon van een leraar Nederlands-Duits-esthetica groeit hij op in Huise. Dat boerendorp in de Vlaamse Ardennen contrasteert met de ambitie die in hem bruist. Vandenhaute wil hoog mikken. Want: you might as well win. Als Johan Bruyneel, ex-ploegleider in het wielrennen, dat zinnetje vele jaren later op de cover zet van een boek over zijn poulain Lance Armstrong, herkent Vandenhaute de leuze die ook hem stuwt. Zijn lef en doorzettingsvermogen brengen hem - dictafoon in de aanslag - ook bij Michael Laudrup en Johan Cruijff, de crème de la crème op noppen. Al van kindsaf is Vandenhaute in de ban van de bal. Tijdens zijn tienerjaren kijkt hij op naar Erwin Vandendaele, die in het naburige Gavere woont. Wanneer die in 1974 overstapt naar Anderlecht, tuft de twaalfjarige Vandenhaute al mee met een supportersbus richting Brussel. Zelf gaat hij bij Eendracht Huise sjotten. Kleine Wouter droomt óók van een profcarrière als voetballer. Turnleerkracht is misschien een alternatief. Aan het Leuvense sportkot gaat hij licentiaat lichamelijke opvoeding studeren. Eind de jaren tachtig bijt ook het wielrennen Vandenhaute genadeloos. Hij werkt op dat moment niet enkel voor Humo, maar ook op de sportredactie van de BRT, de voorloper van de VRT. In Het Journaal presenteert hij af en toe de sportbrok. Achter de schermen rijdt Vandenhaute samen met collega's Mark Uytterhoeven en Paul D'Hoore in Zuid-Frankrijk de Tour tegemoet. Hij ontdekt dat hij de sportwereld liefst als liefhebber volgt. Zo knaagt in 1988 ook een Humo-interview waarin hij Georges Leekens, de toenmalige trainer van Anderlecht, doet zweten. Paars-wit ontslaat Leekens een week na de publicatie. 'Iedereen feliciteerde mij toen met mijn stuk, ' zegt Vandenhaute daar tien jaar later over in het weekblad Knack, 'maar ik voelde mij heel slecht. Op dat moment dacht ik: ik ben niet gemaakt voor deze job.' Oók wringen doet de lome saaiheid en sérieux van de BRT. Vandenhaute, Uytterhoeven en nog een paar anderen op de sportredactie, zoals Erik Watté en Jan Huyse, komen aandraven met een mopje hier en een kwinkslag daar. Wanneer de BRT even later in het defensief komt door de lancering van VTM, krijgen Uytterhoeven en Vandenhaute voluit hun kans op TV1, de voorloper van Eén. Met Het Huis Van Wantrouwen overdonderen ze Vlaanderen. De show bulkt van de humor. Uytterhoeven is het creatieve brein, Vandenhaute de sidekick. Het duo wordt rázend populair. Maar Vandenhaute concludeert dat zijn sterktes niet vóór de camera liggen. Hij duikt de luwte in van betaalzender FilmNet. 'Liever dan koning te worden en in een klein speelveld te blijven, leg ik er een speelveld naast en verken ik dat', zegt hij eens. Vandenhaute zet zijn schouders onder het nieuwe kanaal SuperSport en etaleert er zijn neus voor talent. Hij verzamelt rond zich een ploeg met kleppers, onder wie Uytterhoeven, Watté en Huyse.In 1997 richt Vandenhaute een tv-productiehuis op, Woestijnvis. 'Eigenlijk beschouw ik mij als een zeer ondernemend iemand die door een speling van het lot ondernemer is geworden', vat hij die overgang een keer samen. In zijn spoor volgen de SuperSport-kompanen. De eerste Woestijnvisworp wordt het human interestprogramma Man Bijt Hond. Woestijnvis groeit uit tot een broeihaard van creativiteit met een atypische bedrijfscultuur - Vandenhaute loopt er door de gangen op zijn sletsen. Wat volgt, is baanbrekend kwaliteitsamusement, met programma's als De XII Werken, De Mol en In De Gloria. Tussendoor investeert Vandenhaute in een restaurant in Heverlee. Michelin bekroont Couvert Couvert al snel met een ster. 'Als je iets doet, doe het dan goed.' En niet enkel zijn liefde voor een lekker hapje blijft Vandenhaute inspireren, ook die voor het voetbal. In 1999 komt hij in poleposition om manager te worden bij Germinal Beerschot. Maar hij haakt af als blijkt dat Jos Verhaegen de touwtjes er strak in handen wil houden. Een jaar later, weer in Knack, zegt Vandenhaute dat hij blij is dat hij het niet gedaan heeft, omdat er in het voetbal een grote 'grijze zone' is. 'Ik zou er mijn zelfrespect verliezen.' Met Woestijnvis lanceert Vandenhaute Bonanza, een concurrent voor Humo. Maar het weekblad wordt geen succes en vliegt vlug terug de kast in. Wél succesvol is de verlenging van de exclusiviteitsdeal tussen Woestijnvis en de VRT. Dat zet het productiehuis weer in een zetel. Maar als de details van de deal lekken, verdampt de populariteit van Vandenhaute verder. Hard werken en topprogramma's faciliteren wordt in Vlaanderen geapprecieerd, er fiks voor betaald worden iets minder. En wat Vandenhaute in poppolls ook niet helpt: interviews wimpelt hij meestal af. De tegenstand gunt hij liever geen blik in zijn kaarten. De krant De Tijd omschrijft Vandenhaute eens treffend: De mediaondernemer combineert het doorzettingsvermogen van een flandrien, de tactische branie van een pokerspeler en het strategisch inzicht van een schaker. Maar de grote massa gaat hem bestempelen als een kille geldwolf. Wanneer Belgacom in 2005 de tv-rechten van het Belgische eersteklassevoetbal binnenrijft, spreekt het de telecomgroep Woestijnvis aan. Het productiehuis gaat de matchen voorzien van commentaar en bouwt een stevige sportdivisie op. Vandenhaute brainstormt intussen over een toekomstplan voor de wielersport, samen met wielerploegleider Patrick Lefevere. Maar een concreet resultaat levert dat niet op. Vandenhaute beslist dan om zelf in het wielrennen te stappen en overtuigt mediagroep Corelio, die intussen voor 40 procent eigenaar is van de groep boven Woestijnvis, om de Ronde van Vlaanderen en de Omloop Het Nieuwsblad voortaan aan Vandenhaute toe te vertrouwen. Het betekent de start van de vennootschap Flanders Classics, waarin de belangrijkste Vlaamse voorjaarswedstrijden worden gebundeld. Zelf fietst Vandenhaute in zijn vrije tijd met bekende mannen uit het bedrijfsleven, onder wie Karel Van Eetvelt, op dat moment de topman bij Unizo, de Unie der Zelfstandige Ondernemingen. In 2009 snuffelt Vandenhaute een eerste keer aan Anderlecht, dat een nv wordt. Paars-wit leiden is een jongensdroom. Maar de gesprekken blijven zonder gevolg. Met De Vijver Media, de groep boven Woestijnvis, zet hij wel nieuwe stappen: mediagroep Sanoma komt aan boord en brengt Humo mee. Vandenhaute werkt aan een langetermijnplan om gewapend te zijn voor de crossmediale toekomst. Nog in dat kader ruikt hij een unieke kans wanneer de zenders VT4 en VIJFtv in de etalage komen. Eerst vraagt iedereen zich af hoe Vandenhaute de aankoop van die zenders zou kunnen financieren, maar wanneer ook Corelio en Sanoma elk voor een derde van de aandelen evenredig mee springen haalt hij, samen met Watté, toch zijn slag thuis. En Vandenhaute blijft revolutionair uit de hoek komen. Wanneer hij in 2011 het parcours van de Ronde hertekent, trekt hij een kruis over de Muur van Geraardsbergen. Ook verschuift hij de vertrouwde eindstreep naar Oudenaarde. Er wordt een lus gecreëerd waar de wedstrijd meerdere keren passeert. Daar kunnen grote televisieschermen, worstenkramen, bierstands en een vipdorp komen. 'Een keuze voor platte commercie boven traditie', sakkert het Vlaamse wielermilieu. Met de lancering van de zenders VIER en VIJF gaat het in de startmaanden goed fout. De VRT en VTM steken een tand bij, terwijl Woestijnvis moeilijk aardt in een commerciële omgeving. Bovendien blijkt het een titanenklus om een hele zender te vullen en volgt de kijker ook niet. Vandenhaute holt achter de feiten aan. Sommigen verkneukelen zich. Zo ook Koen Meulenaere, die bij De Tijd de karikaturale rubriek Kaaiman vult. Elk jaareinde presenteert Meulenaere daarin een overzicht van 'markante quotes'. In 2014 pent hij een uitspraak neer van komiek Philippe Geubels: 'Ik dacht dat Wouter Vandenhaute mij had gevraagd om een programma te maken voor de VIER-kijkers. Maar het was voor de vier kijkers.'Vandenhaute belandt in de perfecte storm. De verkoop van tv-advertenties loopt weer achteruit, Humo blijft kwakkelen, het blijkt niet evident om een financiële hefboom op de Ronde te zetten én de Amerikaanse release van de film Loft, die ook bij Woestijnvis zit, flopt. De Vijver Media zit verlegen om geld. De onderlinge relaties binnen het bedrijf komen op scherp. Sanoma zoekt de uitgang. Maar weer slaat Vandenhaute vanuit een schijnbaar verloren positie terug. Hij smeedt een alliantie met Telenet. De kabelgroep wordt voor de helft eigenaar van De Vijver Media. Het belang van Vandenhaute en Watté verwatert tot 25%. De nieuwe constellatie blijkt echter niet wendbaar genoeg voor de grote, nieuwe uitdagingen in de tv-sector. Intussen zoekt Anderlecht een nieuwe meerderheidsaandeelhouder. Vandenhaute is weer getriggerd, maar kan op zijn eentje niet genoeg geld bijeenschrapen. Hij zet een één-twee op met Paul Gheysens, de topman van Antwerp, die ook naar Anderlecht lonkt, maar hun entente strandt. Even later raakt Vandenhaute betrokken bij een groep investeerders die een bod wil doen op de club. Tot eenieders verbazing gaat echter Marc Coucke met Anderlecht aan de haal. Vandenhaute is teleurgesteld, maar komt op tv grappiger uit de hoek dan ooit tevoren. In het satirische programma De Ideale Wereld, nog zo'n parel uit de Woestijnvisbuik, is er een sketch met woordvoerder Lander Cobbaert. Op de achtergrond steekt Vandenhaute een karton in de lucht waarop is gekribbeld: Coucke is kaka. Drie maanden later wordt Telenet voor 100 procent eigenaar van De Vijver Media. Vandenhaute blijft als voorzitter van de raad van bestuur betrokken. Hij zegt dat zijn jobinhoud onveranderd is. Terwijl het nieuwe VIER op zijn poten valt en Woestijnvis weer vervelt tot een productiehuis, gaat Vandenhaute wel zijn neus nadrukkelijker naar de sportbusiness richten. ' Boys will be boys', zegt hij eens. 'Als het jongetje in mij dood is, dan is het niet meer plezierig.' Want: 'De leukste competitie is die met jezelf.' Met Bob Verbeeck van sportbedrijf Golazo creëert hij De Ronde voor recreanten. Daarnaast legt hij via Flanders Classics de hand op de acht veldritten van de Superprestige en springt hij in het digitale sportmarketingbedrijf Sporthouse Group. Ook ziet Vandenhaute wel wat in de snelgroeiende consultancy-industrie rond topvoetballers. In mei 2018 richt Vandenhaute Let's Play op, samen met Peter Smeets, ex-begeleider van jonge Anderlechtspelers, en Bob Claes, voormalig algemeen directeur bij Standard. Let's Play wil jonge spelers 'van a tot z begeleiden' en krijgt klanten als Youri Tielemans, Benito Raman en Vadis Odjidja. Officieel 'steunt' Vandenhaute het project enkel 'vanop de achtergrond', maar de buitenwereld brandmerkt hem voortaan als 'makelaar', als iemand die dus niet mag betrokken zijn bij het beleid van een club. Eind 2019 duikt de naam van Vandenhaute op in het kader van een mogelijke overname van Roda JC, een club die in de Nederlandse tweede klasse flirt met het failliet. Maar begin 2020 raakt bekend dat hij 'extern adviseur' wordt bij Anderlecht. Hij zal er raad geven aan zijn fietsmaat Van Eetvelt, die CEO wordt, en aan Coucke. De Tijd in 2011: 'Vandenhaute is een manager die een visie op de lange termijn combineert met tactische zetten en wisselende allianties. Zijn bondgenoten van vandaag kunnen morgen zijn tegenstanders zijn.' En vice versa dus. Vandenhaute zelf, in 2015 tegenover de krant De Standaard: 'We maken onszelf wijs dat het leven een doordacht parcours loopt, maar eigenlijk is het gewoon een hoop zottigheid bij elkaar.'