Sinds hij met zijn gezondheid sukkelt, hoor je hem niet meer. Een gemis want George Kessler had altijd prachtige verhalen. Weinig trainers die in korte tijd zo hun stempel op een club drukten als deze Nederlandse Duitser. Zijn zucht naar een bijna extreme vorm van organisatie liep als een rode draad door zijn carrière. Kessler trok dusdanig strakke disciplinaire lijnen dat hij constant de grenzen van het redelijke leek te overschrijden. In de periode dat hij bij FC Köln werkte, zei doelman Toni Schumacher dat bij Kessler zelfs de vliegen in de keuken in dezelfde richting vlogen. Hij vond dat een compliment.

In een lange carrière werkte George Kessler bij vier Belgische clubs: Anderlecht, Club Brugge, Standard en twee keer bij Antwerp. Ontelbaar zijn de anekdotes die zijn loopbaan kruiden. Toen Anderlecht op trainingskamp naar het Nederlandse Papendaal moest en de bus te laat was, liet hij een hoop taxi's aanrukken. Die arriveerden uiteindelijk samen met de bus. Kessler liet een lege bus achter de taxi's rijden en zorgde ervoor dat de busmaatschappij alles betaalde.

Toen hij bij Club Brugge onder de indruk was van een mooi bureau, vroeg hij wie in dat bureau zat. Michel Van Maele, de burgemeester en sterke man van de club, werd hem gezegd. 'Vanaf nu niet meer', zei Kessler met gladgestreken gezicht. En palmde het bureau in. En toen de voorzitter van FC Köln hem, voor een Europese wedstrijd in Portugal, vroeg of hij met de spelersbus mocht meegaan naar een training, had Kessler daar geen bezwaar tegen. Er zou om zeven uur worden vertrokken. Eén minuut voor zeven zat iedereen in de bus, behalve de voorzitter. Stipt om zeven uur zei Kessler tegen de chauffeur dat hij mocht vertrekken. Op dat moment ging de deur van het hotel open en kwam de voorzitter afgestormd. Jammer voor hem, maar het was te laat. Zeven uur is zeven uur.

Overal waar George Kessler kwam ging hij op dezelfde manier aan het werk. Hij organiseerde en stimuleerde, hij boetseerde en corrigeerde. Vaak bleek hij zijn tijd ver vooruit. Hij was het die bij Anderlecht het idee ontwikkelde om loges te bouwen, maar voorzitter Constant Vanden Stock werd zo rood als een kreeft toen hij hem dat voorlegde. Twaalf jaar later kwamen de loges er toch. Het vermogen om vooruit te denken miste Kessler vaak in de clubleiding. Zoals bij Antwerp, waar Kessler een nieuw stadion wilde laten bouwen, naar het model van de AmsterdamArena. Hij had alles goed becijferd. Maar de club durfde het niet aan.

George Kessler heette geen groot tacticus te zijn, al vindt hij zelf dat hij ook op dat vlak zijn tijd twintig jaar vooruit was. Alleen, zei hij, voelde hij nooit de behoefte om die kennis te etaleren. Altijd presenteerde Kessler zich als een heer van rang en stand. Hij bewoog zich graag in de betere kringen en kreeg in zijn driejarige ambtsperiode bij Hertha BSC Berlin de naam Sir George.

Volgende maandag wordt George Kessler 87 jaar.

Sinds hij met zijn gezondheid sukkelt, hoor je hem niet meer. Een gemis want George Kessler had altijd prachtige verhalen. Weinig trainers die in korte tijd zo hun stempel op een club drukten als deze Nederlandse Duitser. Zijn zucht naar een bijna extreme vorm van organisatie liep als een rode draad door zijn carrière. Kessler trok dusdanig strakke disciplinaire lijnen dat hij constant de grenzen van het redelijke leek te overschrijden. In de periode dat hij bij FC Köln werkte, zei doelman Toni Schumacher dat bij Kessler zelfs de vliegen in de keuken in dezelfde richting vlogen. Hij vond dat een compliment.In een lange carrière werkte George Kessler bij vier Belgische clubs: Anderlecht, Club Brugge, Standard en twee keer bij Antwerp. Ontelbaar zijn de anekdotes die zijn loopbaan kruiden. Toen Anderlecht op trainingskamp naar het Nederlandse Papendaal moest en de bus te laat was, liet hij een hoop taxi's aanrukken. Die arriveerden uiteindelijk samen met de bus. Kessler liet een lege bus achter de taxi's rijden en zorgde ervoor dat de busmaatschappij alles betaalde.Toen hij bij Club Brugge onder de indruk was van een mooi bureau, vroeg hij wie in dat bureau zat. Michel Van Maele, de burgemeester en sterke man van de club, werd hem gezegd. 'Vanaf nu niet meer', zei Kessler met gladgestreken gezicht. En palmde het bureau in. En toen de voorzitter van FC Köln hem, voor een Europese wedstrijd in Portugal, vroeg of hij met de spelersbus mocht meegaan naar een training, had Kessler daar geen bezwaar tegen. Er zou om zeven uur worden vertrokken. Eén minuut voor zeven zat iedereen in de bus, behalve de voorzitter. Stipt om zeven uur zei Kessler tegen de chauffeur dat hij mocht vertrekken. Op dat moment ging de deur van het hotel open en kwam de voorzitter afgestormd. Jammer voor hem, maar het was te laat. Zeven uur is zeven uur.Overal waar George Kessler kwam ging hij op dezelfde manier aan het werk. Hij organiseerde en stimuleerde, hij boetseerde en corrigeerde. Vaak bleek hij zijn tijd ver vooruit. Hij was het die bij Anderlecht het idee ontwikkelde om loges te bouwen, maar voorzitter Constant Vanden Stock werd zo rood als een kreeft toen hij hem dat voorlegde. Twaalf jaar later kwamen de loges er toch. Het vermogen om vooruit te denken miste Kessler vaak in de clubleiding. Zoals bij Antwerp, waar Kessler een nieuw stadion wilde laten bouwen, naar het model van de AmsterdamArena. Hij had alles goed becijferd. Maar de club durfde het niet aan.George Kessler heette geen groot tacticus te zijn, al vindt hij zelf dat hij ook op dat vlak zijn tijd twintig jaar vooruit was. Alleen, zei hij, voelde hij nooit de behoefte om die kennis te etaleren. Altijd presenteerde Kessler zich als een heer van rang en stand. Hij bewoog zich graag in de betere kringen en kreeg in zijn driejarige ambtsperiode bij Hertha BSC Berlin de naam Sir George.Volgende maandag wordt George Kessler 87 jaar.