De volleybalploeg is uitstekend bezig, maar één zaak remt dit seizoen de opmars van Knack Roeselare: het coronavirus teistert ook het Belgische volleybal. Zoals in alle sporten zijn toeschouwers al een tijd niet meer toegestaan en omdat vrij veel spelers besmet raakten, regent het ook afgelastingen. 'Het virus verspringt van team naar team en verspreidt zich zo over de hele liga', vertelt Tuerlinckx.

Kras dat er zo veel besmettingen zijn, het volleybal is tenslotte geen contactsport.

Hendrik Tuerlinckx: 'We raken elkaar misschien niet aan, maar acties aan het net blijven een risico. In volle inspanning verlies je zweet en speeksel, op een meter van je tegenstander. Ik pleit voor mondmaskers tijdens de match. De grote sportmerken verkopen aangepaste maskers die goed blijven zitten. Bij Roeselare trainen we ermee. Aangenaam is het niet, maar je went eraan.'

Hoe is het om in een lege zaal te spelen?

Tuerlinckx: 'De lastigste matchen zijn die waarin het gemakkelijk gaat. Een blote 0-3 in een lege zaal: niet vanzelfsprekend om dan gefocust te blijven. Tijdens een spannende match neemt je focus het over. Het gebeurt dat ik een punt scoor, me omdraai om te vieren met de fans, en dan pas besef dat er niemand zit.'

Het is traditie dat spelers elkaar na ieder punt kort oppeppen. Vandaag zie je zulke huddles verschrikt uiteenstuiven.

Tuerlinckx: 'Gelukkig is er altijd wel één speler die op tijd doorheeft: 'Ho, mannen, mag niet!' Die peptalks zijn ingebakken. Erg moeilijk om af te leren.

'Het bizarre is: sinds de crisis is onze spelersgroep hechter dan ooit. Bij andere teams schijnt dat ook zo te zijn. Je ziet niemand behalve je ploegmaats en je geniet van ieder menselijk contact.

'Ik ben zo blij dat we opnieuw mogen spelen. De eerste lockdown was een lijdensweg. Je zit thuis, je kunt niks, op de sofa vóél je je spieren wegkwijnen. Dan liever de opofferingen van nu, ook al heb ik mijn ouders of vrienden sinds maart amper gezien.'

Nu zitten we drie jaar zonder titel, dat is te lang voor Knack.'

Hendrik Tuerlinckx

Volgende week organiseert Roeselare een mini-Champions League-toernooi dat op één plek wordt gehouden om reizen tijdens de pandemie te vermijden. Zijn de grote Italiaanse of Poolse clubs blij wanneer ze Knack loten?

Tuerlinckx: 'Dat zou dom zijn, want wij zijn al jaren een vaste waarde in de Champions League. We stunten ieder seizoen minstens één keer tegen een topteam. De Belgische competitie staat niet op het niveau van de Italiaanse, de Poolse of de Russische, maar er passeren hier wel spelers die de absolute top in zich hebben. Ze verkiezen het gewoonweg om eerst te rijpen in België. Het enige verschil tussen Belgische topclubs en de Europese top is geld. Hier wordt even hard getraind en even professioneel gewerkt.'

Roeselare heeft dit seizoen nog niet verloren. Zijn jullie een maatje te groot voor België?

Tuerlinckx: 'Wat een gevaarlijke vraag! Ik zal diplomatisch antwoorden: ik heb het gevoel dat het team versterkt is en heb vertrouwen in een goed seizoen. (lacht)

'We moeten oppassen dat we tegen de lente niet uitgeblust zijn. Dat is de val, hè: vandaag alles winnen en in de play-offs moeten afhaken. Dan sta je nog met lege handen. Greenyard Maaseik wordt opnieuw de grote concurrent.'

De laatste titelwinst van Knack Roeselare dateert intussen al van 2017. Voelt u dat in de club?

Tuerlinckx: 'Druk vanuit het bestuur bestaat niet bij Roeselare. Hier geen voorzitter die woest de kleedkamer binnenstormt of zo, maar de spelersgroep heeft dat niet nodig om hongerig te zijn. Het zijn oude koeien, maar in 2018 is Roeselare bestolen. Dat jaar hadden wij altijd de titel moeten pakken. Ook dit jaar voelden we ons het sterkste team, maar toen werd de competitie afgeblazen zonder kampioen. Nu zitten we dus drie jaar zonder titel. Te lang voor Knack.'

Lees het volledige interview met de kapitein van Knack Roeselare in Knack van 9 december of in de Plus-zone.

De volleybalploeg is uitstekend bezig, maar één zaak remt dit seizoen de opmars van Knack Roeselare: het coronavirus teistert ook het Belgische volleybal. Zoals in alle sporten zijn toeschouwers al een tijd niet meer toegestaan en omdat vrij veel spelers besmet raakten, regent het ook afgelastingen. 'Het virus verspringt van team naar team en verspreidt zich zo over de hele liga', vertelt Tuerlinckx.Kras dat er zo veel besmettingen zijn, het volleybal is tenslotte geen contactsport.Hendrik Tuerlinckx: 'We raken elkaar misschien niet aan, maar acties aan het net blijven een risico. In volle inspanning verlies je zweet en speeksel, op een meter van je tegenstander. Ik pleit voor mondmaskers tijdens de match. De grote sportmerken verkopen aangepaste maskers die goed blijven zitten. Bij Roeselare trainen we ermee. Aangenaam is het niet, maar je went eraan.'Hoe is het om in een lege zaal te spelen?Tuerlinckx: 'De lastigste matchen zijn die waarin het gemakkelijk gaat. Een blote 0-3 in een lege zaal: niet vanzelfsprekend om dan gefocust te blijven. Tijdens een spannende match neemt je focus het over. Het gebeurt dat ik een punt scoor, me omdraai om te vieren met de fans, en dan pas besef dat er niemand zit.'Het is traditie dat spelers elkaar na ieder punt kort oppeppen. Vandaag zie je zulke huddles verschrikt uiteenstuiven.Tuerlinckx: 'Gelukkig is er altijd wel één speler die op tijd doorheeft: 'Ho, mannen, mag niet!' Die peptalks zijn ingebakken. Erg moeilijk om af te leren.'Het bizarre is: sinds de crisis is onze spelersgroep hechter dan ooit. Bij andere teams schijnt dat ook zo te zijn. Je ziet niemand behalve je ploegmaats en je geniet van ieder menselijk contact.'Ik ben zo blij dat we opnieuw mogen spelen. De eerste lockdown was een lijdensweg. Je zit thuis, je kunt niks, op de sofa vóél je je spieren wegkwijnen. Dan liever de opofferingen van nu, ook al heb ik mijn ouders of vrienden sinds maart amper gezien.'Volgende week organiseert Roeselare een mini-Champions League-toernooi dat op één plek wordt gehouden om reizen tijdens de pandemie te vermijden. Zijn de grote Italiaanse of Poolse clubs blij wanneer ze Knack loten?Tuerlinckx: 'Dat zou dom zijn, want wij zijn al jaren een vaste waarde in de Champions League. We stunten ieder seizoen minstens één keer tegen een topteam. De Belgische competitie staat niet op het niveau van de Italiaanse, de Poolse of de Russische, maar er passeren hier wel spelers die de absolute top in zich hebben. Ze verkiezen het gewoonweg om eerst te rijpen in België. Het enige verschil tussen Belgische topclubs en de Europese top is geld. Hier wordt even hard getraind en even professioneel gewerkt.'Roeselare heeft dit seizoen nog niet verloren. Zijn jullie een maatje te groot voor België?Tuerlinckx: 'Wat een gevaarlijke vraag! Ik zal diplomatisch antwoorden: ik heb het gevoel dat het team versterkt is en heb vertrouwen in een goed seizoen. (lacht)'We moeten oppassen dat we tegen de lente niet uitgeblust zijn. Dat is de val, hè: vandaag alles winnen en in de play-offs moeten afhaken. Dan sta je nog met lege handen. Greenyard Maaseik wordt opnieuw de grote concurrent.'De laatste titelwinst van Knack Roeselare dateert intussen al van 2017. Voelt u dat in de club?Tuerlinckx: 'Druk vanuit het bestuur bestaat niet bij Roeselare. Hier geen voorzitter die woest de kleedkamer binnenstormt of zo, maar de spelersgroep heeft dat niet nodig om hongerig te zijn. Het zijn oude koeien, maar in 2018 is Roeselare bestolen. Dat jaar hadden wij altijd de titel moeten pakken. Ook dit jaar voelden we ons het sterkste team, maar toen werd de competitie afgeblazen zonder kampioen. Nu zitten we dus drie jaar zonder titel. Te lang voor Knack.'Lees het volledige interview met de kapitein van Knack Roeselare in Knack van 9 december of in de Plus-zone.